Was het de armste provincie van Nederland, een achtergebleven gebied? Een geïsoleerde landstreek waarvan de woeste gronden langzaam aan werden ontgonnen in verschillende kolonisatieprojecten. In de veenkoloniën werd het land ontgonnen, afgegraven en gecultiveerd. Daardoor ontstonden fraaie uitzichten, weidse blikken en intieme plekken. Drenthe werd bij uitstek een gebied voor kuddes schapen die de heidevelden grasloos houden. Doordat het minder in trek was voor industrialisatie bleef het enigszins achter in de financiële weelde die het westen van Nederland kent. Maar wel is het daarom nu een rijke provincie wat betreft natuur en landschap, flora en fauna. Het is er goed toeven en toeren, per auto of op de fiets. En ook is het best wandelen over de heide en door het bos. Toeristen en dagjesmensen die van betrekkelijke rust houden en de schoonheid van de natuur weten te waarderen vinden Drenthe.
De tijd lijkt er stil gezet. Natuurlijk gaat de Drentse bevolking mee in de vaart der volkeren. Maar laat ruimte voor de natuur. Mens en dier kunnen hier goed samen en naast elkaar leven. Niet ieder ongerept stukje natuur of braakliggend terrein wordt opgevuld met stenen en staal. De natuur kan de gang gaan zonder al te veel sturing van de mens.
Uitgestrekte landstreken
Voor de fotograaf is het bij uitstek een wonderschone omgeving. Ook de meest tot de verbeelding sprekende allochtoon vond dat. Om zijn techniek in het schilderen van landschappen en figuren te toetsen verbleef Vincent van Gogh drie maanden op aanwijzing en voorspraak van zijn vrienden in de deze provincie. Hij had oog voor de schoonheid van het landschap, maar zag ook de armoede langs veen en op de heide. Drenthe inspireert kunstenaars. En Drenthe is fotogeniek. Het landschap is karakteristiek voor de romantische inborst van de natuur. Landstreken liggen er uitgestrekt bij, als een fotomodel op een sofa. Plaatjes schieten heeft altijd succes, want iedere compositie is telkens goed geschoten. Maar zoals Karin Broekhuijsen de omgeving ziet en vastlegt is toch ongekend. Natuurlijk, voor diverse platen hoef je alleen maar de lens te ontspannen, maar dan wel op het juiste moment en de meest geschikte plek. De landerijen en bosjes, heidevelden en vennen, zijn van nature al van een weelderige luister. Je wordt er als vanzelf lyrisch van, maar een open blik en een trefzeker inzicht verhogen de sfeer.


Het platenboek DRENTHE stelt zichzelf voor met Drentse poëzie van Martijje. Het omschrijft waar het in dit boek om draait: “Kom en kiek met mij, ‘k loat je ’t zien deur mien ogen”. Ik kijk met fotograaf Broekhuijsen door haar lens en zie alle kanten van haar provincie. Niet alleen wandelt zij over de velden en door de bossen, ook laat ze de menselijke bedrijvigheid van stad en land zien. Maar wel telkens met eenzelfde uitstraling. Overgoten met een bepaalde heimwee naar hoe het was en Drenthe nog altijd is. Ze noemen Karin Broekhuijsen de fotografische chroniqueur van Drenthe. Haar leven en werken is deze provincie. Voor dag en dauw gaat ze op pad om de mensen te ontwijken en de ongerepte natuur vast te leggen. Die tijd van de dag is af te zien aan meerdere van haar foto’s, de nevel trekt over water en strekt zich uit langs het veld. In die voelbare rust ontdekt ze van alles door haar lens en komt ze parels in de omgeving tegen. De arend met muis in volle vlucht, de reiger bij hooglanders, de spiedende kikkerogen en gespitste eekhoornoren. Het zijn kersen op de taart.
Robuust en origineel
Broekhuijsen laat de pracht en praal van natuurlijk Drenthe zien. Maar sluit de ogen niet voor de menselijke bezigheden. De dieren op het land, de fietsers over de paden, het open luchtspel, radiotelescopen, snelwegen, het paasvuur, de kalkovens. Ze stapt over de drempel van het museum over striptekenaar Jan Kruis, bekijkt het onkuise interieur van de muzikale boerderij van Harry Muskee, ziet de nostalgisch bevroren oudheid in het dorp Orvelte. Ieder facet wordt in deze uitgave bekeken. En beschreven, want elk hoofdstuk, ieder thema in de provincie, kent een inleiding op de verzamelde afbeeldingen. Robuust en origineel, Bij de tijd en authentiek, Ruimteluisteren en roofvogels – zo maar wat titels uit het boek. Een voorwoord van gedeputeerde Henk Brink en tekstuele vertalingen naar de Engelse taal en de Duitse spraak maken van het boek een toeristische folder voor de provincie. Het is bijna te mooi om waar te zijn, maar kijk zelf maar het is zoals het is. De hunebedden, de schapen, de heide, het ven, de bospaden. In alle jaargetijden. De kou van de winter, de groei in de lente, de bloei van de zomer en de hemelse kleuren in de herfst. De winterse dauw zet zich van de kou vast als rijp op struik en tak, gras en verdorde bloem. De zomerse nevel wordt al snel verdrongen door het zonlicht dat snel de hemel beklimt.


Eigenlijk zijn voorjaar en najaar bij uitstek de seizoenen om dat schilderachtige schemerlicht te pakken. Voordat de mist zich terugtrekt in de walkant, de natuur nog rust ademt. De atmosfeer in afwachting is van de dag. Het komt allemaal voorbij. En nergens staat de zon hoog aan de hemel. Steeds is de sfeer van vroeg in de morgen en laat op de avond gepakt. Het interval van nacht naar dag, licht naar donker. Waarin het licht de natuur betoverd, de schemer zorgt voor geheimzinnigheid. En doorbreekt de mens dan deze rust, dan blijft de sfeer in de platen van Broekhuijsen gemoedelijk. Alles kan naast elkaar leven daar in Drenthe. En de fotograaf weet het juiste moment op de specifieke plek te vinden. Onbekende plekjes, geheimzinnige plaatsen, waaraan ik zomaar voorbij ga zonder ze te zien of op te merken. Broekhuijsen leert mij het onderbelichte Drenthe kennen.
Is er sprake van hightech, dan omhult nevel de scherpe kantjes. Drenthe heeft geen scherpe kantjes, alles is er rond in figuurlijke zin. Een prachtig boek, kortom, voor de Drent die zijn eigen provincie maar al te goed kent, zeker voor de Nederlander die de landstreken wil verkennen en uitgelezen voor de mensen van verder weg om de schoonheid van hier te beleven. De uitgave is karakteristiek gebonden in een omslag met de paarse kleur van heide. Paars, de kleur tussen warm rood en koud blauw tegenover oplichtend geel. Drenthe heeft het, allemaal. Het zit in de genen van de provincie. Het DNA is paars. Want wie aan Drenthe denkt ziet schapen op het heideveld. Daar waar het leven (nog) goed is.
Uitgave DRENTHE, door de lens van Karin Broekhuijsen. Met tekstbijdragen van Reinout van den Born en Grieta Spannenburg. Uitgeverij Koninklijke van Gorcum, 2020.


Geef een reactie