Het wereldgemiddelde aan klanken in woorden uitgeschreven

Het is helemaal niet zo gek om je hoofd eens helemaal leeg te maken. Niet met meditatie of mindfulness of ander hoog gegrepen zweverig hulpmiddel. Gewoon normaal woorden van je af schrijven. Alles wat maar aan woordbeeld in je opkomt. Wat je kunt bedenken, dus wat er in je hoofd zit en is opgeslagen. Want hoe langer ik leef des te meer klanken heb ik opgevangen en onbewust bewaard. Ben ik veel bereist, heb ik nogal wat van de wereld gezien, dan zijn er wezensvreemde en buitenlandse klanken binnen gekomen. Die hebben alle een plek gevonden in laatjes en kastjes, op plankjes en schapjes van mijn bovenkamer. Het hoofd zit er vol mee en soms staan de hersenen op springen, moet het eruit.

Harry van Doveren is op zo’n punt in het leven geraakt dat zijn hoofd leeg moet. Om als dichter nog melodieus lopende poëzie te kunnen maken, hebben eerst de woorden en klanken die in de weg zitten een uitgang moeten vinden. Dat heeft geresulteerd in de bundel “Wereldgemiddelde”. Zelf zegt hij hierover: ‘Om volledig geconcentreerd te kunnen schrijven aan een roman is het nodig om de gaande dingen van de dag aan de kant te zetten. Het vuile tafeltje moet eerst opgeruimd alvorens er gewerkt kan worden. Deze bundel is het resultaat daarvan. Drijven op klank en stoppen zo gauw het denken de kop op steekt.

Iets dat er niet is

Voor de lezer is het geen fastfood, maar krachtvoer. Geen makkelijk verteerbare kost, want nu is mijn hoofd nog meer gevuld met woorden die mij voorheen compleet onbekend waren. Het is een (over)belastend boekje derhalve.

Niet alleen schrijft Van Doveren bekende woorden op, ook zitten er in zijn hoofd klanken die op woorden lijken wanneer ze op papier staan. De woorden hebben geen betekenis als zodanig en zijn onbewust opgeborreld uit het bewustzijn. Ik koppel betekenis aan klank, maar die bedoeling is er niet, de schrijver heeft er geen inhoud aan gegeven. In het abstracte verhaal zoek ik zin en reden, maar ik moet het aanvaarden als non-informatie zonder meer om het te begrijpen. Zoals het in een abstract schilderij niet om de betekenis van de voorstelling gaat, maar om de kleurcompositie, de kleurklank. De vlakken en lijnen kun je bezien als vlakken en lijnen zonder er iets achter te zoeken, omdat dat iets er niet is. De manier waarop de vlakken en lijnen in de compositie staan laat mij automatisch denken over betekenis en aan voorstelling. Mijn beleving in de verbeelding. Aldus vergaat het de woorden en letters van Harry Van Doveren ook. In zijn compositie “Wereldgemiddelde” merk ik vertrouwde klanken op, woorden waarmee ik op de hoogte denk te zijn. Ik moet weten wat de betekenis achter de woorden is om er een vinger achter te krijgen, het te begrijpen. Mijn verstand zet me daartoe aan. Maar dat hoeft helemaal niet. Het is niets en daarmee alles.

Kop noch staart

Als mens communiceren we met elkaar door klanken over en weer te maken. Voor degene die de klanken kennen zijn het woorden en is het een taal. We hebben ons (aan)geleerd daarvan lopende zinnen en uitdrukkingen te maken en die te begrijpen. Voor ons lijkt het Chinees bijvoorbeeld een reeks onherkenbare klanken waar kop noch staart aan te vinden is. Maar een Germaanse taal klinkt ons dan weer wel bekend in de oren, terwijl het oor overzee er geen touw aan vast kan knopen.

Harry van Doveren, Uitgeverij crU

Zo heeft Van Doveren dus klanken opgeschreven. Met letters in woorden. Losse woorden. Een hele reeks die grafisch correct in een enkele kolom op de pagina zijn gezet. Het schijnt eerst een ondoordringbare muur, een dikke brei van woorden. Maar wanneer ik me er op concentreer en me de blik dwing orde te scheppen in de chaos, komen er bekende woorden boven drijven.

Klanken zijn universeel

De woorden staan op zichzelf. Zonder betekenis, zonder verleden. In het hier en nu. Ik lees en hoor de klank die zich in mijn mondholte vormt en uitstoot. Mijn verstand moet op nul, want het gaat alleen om de toon. Ik kan er geen betekenis aan hechten, hoewel dat wel is ingebakken door opvoeding en onderwijs. Het is niet gemakkelijk de verbeelding bij een woord uit te schakelen. Maar om het wereldgemiddelde te begrijpen moet dat wel. Lukt me dat, dan versta en begrijp ik voortaan elke wereldtaal. Komen die klanken me bekend voor, zonder oorsprong en verleden te kennen en het stoffelijke dan wel emotionele figuur voor ogen te hebben. Klanken zijn universeel, begrip komt in de situatie: waarom hoor ik deze klank nu en hier.

Het heet een dichtbundel te zijn, maar de fervente lezer van poëzie zal dit boekje ver van zich afgooien en ergens achterin de boekenkast wegschuiven. Later op de rommelmarkt vind ik het terug. Al bladerend blijkt dat dit meer is dan poëzie, van een hoger goed dan het rijmende gedicht. Dat Van Doveren alleen deze bundel heeft vol geschreven om zijn hoofd leeg te maken, daarmee zou ik hem tekort doen. Want wil niet iedere schrijver dat. Schrijft de schrijver een boek uit om het hoofd schoon te maken van de gedachten. Om dit stukje te schrijven raken mijn gedachten niet uitgedacht, ik grijp naar het papier om de bedenksels neer te zetten en er later een leesbaar verhaal van te maken. Het blijft rondspoken zolang totdat de laatste punt is gezet. Van Doveren heeft achter ieder woord een punt gezet. Zo dat is eruit. Opgeschoond. Af. Weg. Verlost. Korte woorden, nauwelijks meer dan twee lettergrepen. Geen samengestelde klanken. Even een doorbreking van de stilte. Het is goed de tekst in de bundel luidop te lezen. Dan komen de klanken binnen en vormen de woorden zich. Dan blijkt dat de woorden niet zomaar zo zijn afgedrukt. Er zit wel degelijk een bedachte gedachte achter. Hardop lezend blijkt dat er ritme is, dat klanken bij elkaar passen, dat het een groot meerstemmig koor is. Dat ieder woord in deze immense compositie juist klinkt en niets uit de toon valt of vals klinkt. De kracht overrompelt. Komt als een tsunami, een vloedgolf over me heen. Ik zwem tegen de stroom in en kom strijdend boven. Het is een hele kluif, maar met een goede smaak.

Dichtbundel “Wereldgemiddelde”, poëzie met prozaïsche narede van Harry van Doveren. Uitgeverij crU, 2020.

Harry van Doveren, Uitgeverij crU

Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *