Clemens van den Brink licht een tip van de sluier op

The middle of nowhere, of in goed Nederlands een of ander godvergeten gat. Het bestond al langer, zelfs van voor de middeleeuwen, maar in het begin van de 19e eeuw werd het echt op de kaart gezet. Veenhuizen. Een landstreek in het veen tussen het Friese Oosterwolde en het Drentse Assen, waar zich ooit al eens enkele boeren hadden gevestigd in de hoop er goede grond te vinden. De filantroop Generaal Johannes van de Bosch zag er een geschikte plek in om er zijn liefdadigheid te botvieren. Hij stichtte er in 1818 een zogenoemde kolonie om mensen die langs de rand van de maatschappij stonden, zoals landlopers en bedelaars, er een onderkomen te bieden. Om ze een volwaardig leven te geven kregen ze zorg en gingen werken op het land. Grond die rondom de huizen in het veen ontgonnen moest worden, om goede grond te worden.

Eerst waren het die “nietsnutten” die nut kregen in Veenhuizen. Later, toen de armoede meer naar de achtergrond gedrongen werd, kreeg het dorp een bijzondere plek op de kaart van Nederland. Het werd een bajesdorp, een plek waar mensen met een criminele inborst voor korte of lange duur gedwongen onderdak vonden. Veenhuizen staat ook nu nog te boek als gevangenisdorp. Hoewel vandaag de dag het complex voor een groot deel als museum is ingericht om de unieke plek die Veenhuizen in de geschiedenis inneemt ook in de toekomst te bewaren, want Veenhuizen boeit. Nog altijd.

Laagdrempelige geschiedschrijving

Dat heeft Clemens van den Brink ook gedacht toen hij aan zijn trilogie over Veenhuizen als bajesdorp begon: de verhalen moeten bewaard blijven en dus opgetekend worden voordat de mensen die er werkten en leefden er niet meer zijn. Een bijzonder stukje historie in de vaderlandse geschiedenis. Van den Brink opent deuren die voor mij gesloten blijven. Althans voor zolang ik niet dronken achter het stuur ga zitten of in de nacht met breekijzer en zaklamp op pad ga. Want nog altijd is een deel van Veenhuizen een goede plek voor de mensen die straf verdienen.

Voor zijn laagdrempelige geschiedschrijving heeft Van den Brink gesprekken met bewaarders en bewaarden. Veenhuizen was een gesloten boek, met zware kettingen eraan en hangsloten waarvan weinigen een sleutel hadden. Wat achter gesloten deuren in Veenhuizen gebeurde moest daar blijven. Er werd niet over gesproken. Maar Bankenbosch, Esserheem en Norgerhaven waren en zijn een open gevangenis, dat wil zeggen dat gevangenen werk deden buiten de muren, op het land rondom het dorp of in de tuinen van gevangenispersoneel. Eerder deden de arme sloebers van de kolonie dat, min of meer als straf of stichtelijke opvoeding.

Veenhuizen, Clemens van den Brink. bajesverhalen

Maar wanneer dan bewaarders met pensioen waren gegaan mochten ze een boekje open doen. Van den Brink nam die verhalen op in zijn boeken, drie in totaal – tot nu toe, want er is zoveel te vertellen over Veenhuizen. Daarmee geeft hij inzicht in het reilen en zeilen van deze gevangenis, verhalen om met rode oortjes te lezen. Grappige momenten, sappige ogenblikken en zware tijden, treurige dagen. Vooral worden pogingen van gevangenen om uit te breken, het vrije leven tegemoet, beschreven. De delinquenten bleken erg creatief in het laten verdwijnen van zichzelf om in geen velden of wegen rondom meer op te duiken. Maar meestal was het een onbegonnen actie, want wat of wie in Veenhuizen is zal in Veenhuizen blijven.

Historie van Veenhuizen

Het is een tip van de sluier die Van den Brink oplicht. Een spannende avonturenroman. Ik hang aan zijn lippen en zit op het puntje van mijn stoel, daarom. Grote namen als de ontvoerders van Heineken, de meesterkraker Aage M. en de aan lager wal geraakte bokser Henk L. nemen noodgedwongen een kijkje in het noorden van Drenthe. Artiesten die te diep in het glaasje keken. Maar ook onbekende personen die even de weg kwijt zijn en opnieuw op de rails gezet moeten worden.

Naast deze verhalen vanachter de gevangenismuren schrijft Clemens van den Brink gedetailleerd over de historie van Veenhuizen. Hoe het is ontstaan, hoe het zich ontwikkelt door de jaren heen en hoe het er nu voorstaat met het dorp. Een interessante geschiedschrijving van een bijzonder dorp. Want het neemt – nog altijd – een unieke plaats in, dat dorp in Drenthe. Sowieso is de provincie al een buitenbeen in Nederland. Voorheen de armste landstreek met uitgestrekte heidevelden en donkere bossen. Een plek om te pionieren, te ontdekken, als zendingsgebied. Vincent van Gogh trok ooit de provincie in omdat het leven daar goedkoper zou zijn. Hij verbleef er relatief kort, maar het maakte een onuitwisbare indruk op de schilder. Het landleven inspireerde hem tot het maken van tal van schilderijen en tekeningen. Zo verbleven de meeste delinquenten ook maar kort in Veenhuizen, maar het zal indruk op hen hebben gemaakt. Veenhuizen is en was niet zomaar een gevangenis, een plek waar de deur dicht en op slot ging. Het open karakter gaf hen stof tot nadenken en lucht om te ademen.

Veenhuizen, Clemens van den Brink. bajesverhalen

Clemens van den Brink laat zijn verhalen in eerste instantie afdrukken in de plaatselijke courant van zijn woonplaats Oosterwolde, maar bundelt de losse artikelen later tot een boek. Een geschiedenis, aangevuld met verhalen van direct betrokkenen. Dat levert nieuwe verhalen op, bajesverhalen. In 2018 bestond wat voorheen een kolonie van de Maatschappij tot Weldadigheid was, 200 jaar. Aanleiding om een boek te schrijven waarin die twee eeuwen gedetailleerd worden uitgetekend. Zo ontstaat een derde deel, is er een trilogie. Een boeiende reeks boeken over bajesdorp Veenhuizen. In woord en beeld een prachtige uitbreiding van de documenten in het gevangenismuseum waar verhalen worden vertelt over verpaupering, misdaad en straf. De omslagen van de boeken sieren de karakteristiek van het gevangeniswezen door Dimitri Jansma in beeld gebracht. In de boeken zijn zwartwit foto’s afgedrukt uit de oude doos en nieuwe opnamen van de auteur zelf. Het is een smaakvolle trilogie voor wie inzage wil in het gesloten Veenhuizen. En een waardevolle herinnering voor hen die er ooit noodgedwongen verbleven.

Trilogie “Bajesverhalen Veenhuizen”, “Veenhuizen van onder de pet” en “De geheimen van bajesdorp Veenhuizen, 1818 – 2018”. Auteur Clemens van den Brink. Uitgave in eigen beheer, 2020.

Veenhuizen, Clemens van den Brink. bajesverhalen

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *