Linda Overzee, één van de dames van de band verwoordt het heel goed: “Iedereen koestert die Supersister-tijd als iets bijzonders, omdat het puur uit passie is ontstaan. Er zat geen enkel idee bij van ‘wij gaan een grote band worden’, of zoiets. Het was nul marketing, puur passie, onbevangenheid. Dat is het allermooiste wat er is. Dan ben je muziek aan het maken die je wil maken, en dan verras je jezelf de hele tijd. Je hebt geen idee wat je aan het doen bent, maar het gaat gewoon en het neemt je mee, mensen pakken het op en het overkomt je. (…) uiteraard krijgt dat een plek in je hart, je vergeet dat nooit, het is eigenlijk een beetje magisch.”
Experiment en creativiteit
Supersister, een bijzondere Nederlandse band. Een beetje vergeten vandaag de dag, maar destijds – begin jaren 70 van de vorige eeuw – de tijd vooruit in experiment en creativiteit. Zoals het kunstenaars betaamt, twee stappen vooruit op de massa. Een voortrekkersrol. De muzikale vriendengroep werd toendertijd vergeleken met The Soft Machine of The Mothers van Frank Zappa. Gewoon om de band in een vakje te kunnen plaatsen, maar de muziek van Supersister is niet te vangen en nergens in een stroming onder te brengen. Het geluid is uniek, mede door de inbreng van keyboardspeler Robert Jan Stips. Zijn creatieve muzikaliteit heeft ook nu nog een breed bereik en is voor ieder experiment in. Maar ook de dwarsfluit van Sacha van Geest zette de toon en maakte de sfeer.

Je kunt verslingerd raken aan die muziek, alles willen weten over het hoe en waarom, van makers en uitvoerders. Je bent fan, zoals dat dan heet. Je vindt het fantastisch wat op planken en plaat is gezet. Fred Baggen is zo’n fan die het naadje van iedere kous wil weten. Vooral de kous van deze mannen van Supersister. Maar om zijn boek over de Nederlandse muziekgroep te lezen hoef ik niet persé fan te zijn – het maakt het begrip voor de ins en outs echter wel handzamer. Het boek met als ondertitel “looking back, naked” laat zich niet in een enkele avond uitlezen, dat hoeft natuurlijk ook niet. De bijna 990 pagina’s tellende biografie houdt je voor wat betreft schrijftrant en uitvoering wel aandachtig bij de les. Het is alsof je meereist in hun tourbus, op de achterbank, naar weer een ander optreden, weer een volgende repetitie. Samen met Robert Jan, Sacha, Ron en Marco lacht om hun studentikoze humor. Die grappen zitten ook in hun muziek beluister ik op de bij het boek horende cd, een soort van bootleg met rariteiten uit studio en van podium, onuitgewerkte demo’s en nieuwe songideeën. Underground in de ideale wereld.
She was naked
Baggen is in het diepe gesprongen van wel en wee van de eerste progrock groep van Nederland. In het diepste diepe, maar hij weet zich staande te houden. Alle inside information van de band komt aan bod. Maar enkel zakelijk en professioneel, het privéleven wordt maar amper aangestipt. Het is derhalve geen boulevardboek, maar een serieuze muziekbiografie. Die bestrijkt een halve eeuw. Van voorzichtige stappen op het terrein van de muziek tot het professionele veld waar de mannen nu al dan niet in verzeild zijn geraakt. Vooral Robert Jan wordt in zijn doen en laten op muziekgebied gevolgd, omdat hij toch het brein is achter de groep en het geweten blijft van de popmuziek in Nederland. De eerste obscure bandjes in de jaren 60 van de vorige eeuw. Totdat een orkest wordt gevormd dat de voorloper is van Supersister en zich beweegt op de alternatieve en voor die tijd experimentele toer. Daaruit ontstaat dan Supersister dat vooral een uitlaatklep is voor de muzikale ideeën van de heer Stips. De groep maakt een relatief korte maar hevige tijd van aandacht in de muziekscene door, met als meest tot de verbeelding sprekende single “She was naked”. Met die kleine hit zette de band zich meteen stevig neer in het circuit. Ze bleef trouw aan de eigen ideeën, zoals Linda Overzee in het citaat hierboven al verwoordt.

Voor het boek heeft Fred Baggen de bandleden gesproken, en de mensen die nauw met de band in contact stonden zoals manager, producer en roadies. Omdat de interviews pas veel later dan het zijn van de groep werden afgenomen, en er helaas twee leden van de band noodgedwongen te vroeg uit het leven moesten stappen, kreeg Baggen ook nog de vriendinnen dan wel vrouwen te spreken. Het is zodoende een compleet overzicht geworden van een bijzondere band, waarin iedere naad van de kous is omschreven. Het boek heeft een prettige opbouw en blijft tot het eind interessant en goed leesbaar. Het is een boek om in één adem uit te lezen, hoewel het dan een lange adem is. Maar de tekst bindt me aan de uiteenzetting met een indeling als van een driedubbel elpee, een album met vele nummers die goed te beluisteren zijn. Met teksten die me terugvoeren naar toen en vertellen over hoe het was. Het ontstaan van de diverse opnamen geperst op vinyl. De optredens in binnen- en buitenland. De grote podia en de kleine zalen. Informatie die onder een laag stof raakten, maar door Baggen glanzend zijn opgepoetst. De teksten worden dikwijls onderbroken door geciteerde woorden van bandleden en aanverwanten, die hun kijk op de gang van zaken uitleggen. Een groot aantal foto’s uit diverse archieven geven daarnaast een levendig beeld van voor en achter de scvhermen. De tweede druk, die ik onder ogen kreeg, is licht herzien en aangevuld.

Na het opsplitsen van de band vanwege meningsverschillen over de koers in de muziek, wordt een nieuwe band onder dezelfde naam gevormd. Maar uiteindelijk houdt deze ook geen stand en ieder gaat een eigen weg in scene en circuit. Vooral Robert Jan Stips blijft aan de top en zet zijn toon in diverse samenstellingen. Voorzichtig wordt gedacht aan een reünie, maar de tijd haalt de groep in. Het boek eindigt daarom met de echo’s van Supersister en kan Fred Baggen een en ander afronden met een omvangrijke literatuur- en bronnenoverzicht, lijsten van muziekuitgaven en een woord van dank aan die mensen die enthousiast hebben meegewerkt aan het maken van deze muziekbiografie. Supersister, een groep die in gedachten een superband blijft. In het boek kijk ik terug.
Biografie Supersister: looking back, naked. Fred Baggen. Aldus Boek Compagnie, 2021.

Geef een reactie