Korte verhalen met wendbaar plot

Hij is een verhalenverteller. Maar geeft zichzelf niet veel tijd het verhaal te vertellen. Is het een heldere blik of een haastige concentratie. Schrijver, dichter en muzikant Nyk de Vries getroost zich niet veel woorden om zijn punt te maken. In een kleine bundel op A6 formaat, zojuist verschenen bij de Afûk en in minimale vormgeving van Monique Vogelsang, zijn 27 korte verhalen van hem opgenomen. Zijn beste werk of zoals dat in het Fries hoort “It bêste fan: Humor út de Wâlden”.

De Wâlden, de Wouden, een soort van Fryske belt, een Bosk Belt. Een streek in het oosten van Friesland met een eigen karakter, ruwweg lopend van de bossen en zandgronden in het zuiden tot op de weilanden en de klei in het noorden van de provincie. De wâldpiken, heidepiken of klaaiklûten, terphippers of dreechpraters – op diverse manieren staan ze onder de plaatselijke bevolking gekscherend bekend. Het is een bijzonder volkje, zoals iedere landstreek ongewone mensen kent. Vanwege die aparte aard staan ze alom bekend op het platteland elders, en niet altijd op een even positieve manier.  Maar goed, daar gaat het hier nu niet over.

Vreemde wendingen

Nyk de Vries heeft een opmerkzaam oog en een scherpe pen. De gewone gangbare voorvallen in de normale wereld, zoals de Friese Wouden dat zijn, worden rechtuit door hem beoordeeld. Zo openhartig als een wâldpyk van nature is, recht voor de raap. Zonder blikken of blozen, zonder omhaal. En dus in en met weinig woorden. Zo zijn ook de verhalen van De Vries opgebouwd. Want waar zal hij zich voor schamen, hij vertelt gewoon waar het op staat. Zijn jeugd in de streek.

En steeds heeft ieder kort verhaal, want verhaaltje klinkt dan weer zo geringschattend, een vreemde wending. Wanneer je denkt dat je leest wat er staat en het linksom zal gaan, gaat het plot juist rechtsaf. In enkele zinnen weet Nyk de Vries een handeling duidelijk neer te zetten. Ik weet direct wat hij meent, zie de bezigheid meteen voor me. En het is dan in de bundel ook nog eens in beeld duidelijk gemaakt. Tekenaar Willie Darktrousers aka Emiel Joormann heeft bij de woorden punctueel een illustratie gemaakt. Zo gaat de humor uit de Wouden nog meer leven.

Het is een beeldend schrijven. Een film in woorden. Met een zuivere opbouw die er in enkele zinnen staat. Maar dan in de laatste woorden komt er een draai in de voorstelling. Zo zoals bijvoorbeeld een schrijver als Roald Dahl een slinger aan zijn korte verhalen kon geven, dat ik onverlet op het verkeerde been sta bij het lezen. De Vries is zowel dichter als muzikant, daardoor kan hij de woorden op papier laten klinken. Elk verhaal is een compositie en kan een lied zijn, ik tik mijn voet als het ware ritmisch mee bij het lezen.

Het praat van de straat

De verhalen van De Vries zijn niet kort, deze zijn ultrakort. Als een tekenaar, niet Willie, weet hij in enkele lijnen het onderwerp neer te zetten. Schetsmatig bijna. Maar niet abstract. De werkelijkheid is weleens aangedikt, zo lijkt het. Maar de wâldpyk houdt wel van grote woorden, grootspreken en bluffen. Hoewel hij weinig woorden nodig heeft, dus. Het is de taal van de velden, het praat van de straat. Nyk de Vries houdt het wel laagdrempelig, althans wanneer je de Friese taal machtig bent. Dat is eigenlijk het enige obstakel. Helaas is die taal ook weer niet te vertalen in enige andere taal, want het Frysk heeft de eigen uitdrukkingen en onvertaalbare woorden. Het zou veel aan kracht verliezen, dan. Dus op naar de Afûk voor de cursus Fries, om de unieke blik van Nyk de Vries niet te missen.

Verhalenbundel “Humor út de Wâlden, it bêste fan Nyk de Vries”. Geïllustreerd door Willie Darktrousers. Uitgave Afûk, 2021.

Nyk de Vries, Wille Darktrousers, Afûk, verhalen

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *