Een man, een vrouw en een hond. Ieder heeft een eigen gedachte van elkaar bij het samenzijn. De vrouw is gek op de hond, die vindt op zijn beurt dat hij bijna de baas is. En de man vindt het allemaal maar niks, dat wildebeest. Met deze rolverdeling start de uitgave STABIJ, maar eerst komt de hoofdpersoon in beeld – in een streep zonlicht, stil hoopje zwart wit. Of zoals het gedrukt staat: “mids de sinnebaan / swart-wyt eilân / ûnbeweechlik”. Want het in hard kaft gebonden boekje staat tussen de Friestalige boeken. De stabij is tentslotte een Fries hondenras: de stabijhoun. Stabijs zijn zelfstandig, onderzoekend, waaks en jagen graag. Het is een ras dat naadloos bij de Friezen past: eigenwijs, koppig en eigenzinnig.
Gemengde techniek op papier
STABIJ bevat teksten van Douwe Kootstra. Korte verhalen die het karakter van de hond schetsen. Een buitenhond voor het boerenerf, van oorsprong. Een maatje voor het leven, die graag de eigen gang gaat met een half oog de baas in de gaten houdend. De aanhankelijkheid komt tot uiting in de trouwe tekeningen van Tjibbe Hooghiemstra. Hij portretteert zijn eigen stabij Skelte en later Liv in gemengde techniek op papier. Meestentijds een impressie in houtskool, later aangevuld met verf en collage elementen. Vrijwel voortdurend in liggende rustende houding, want komt er beweging dan is het niet te houden nauwelijks te registreren.
Meer dan vlugschrift
Stabijs zijn, precies als alle andere honden staand in hun ras, net mensen en niets menselijks is hen vreemd om de aandacht van de mens te krijgen. De oren peilen de ruimte, de ogen zoeken de blik. Zodra er contact is volgt er actie. Vanuit het liggende niets explodeert de hond om te spelen of aan de lijn uit te gaan. Door verhalen van Kootstra krijgen dieren menselijke trekjes. In de fabelachtige vertellingen zetten ze een beeld op en smeden snode plannen. Het is zoals de fabel is, een moraliserend verhaal met pratende dieren als handelende personen. Een gefantaseerd verhaal, maar zeker geen kletspraat. Het heeft karakteristieke kanten naar de aard van ons mensen bestaan. Om dat uit de zinnen te halen moeten de woorden goed gespeld. STABIJ lijkt een handzaam boekje om op een verloren achternamiddag onder het bereiden van de warme maaltijd ter afleiding even snel door te lezen. Maar het is meer dan een vlugschrift, het heeft diepere gronden zoals de hoofdpersoon in tekst en beeld sensitief is.
Een bijzondere hond, die stabij
Het zal je maar gebeuren. Heb je een stabij een paar dagen op bezoek, omdat de baas op reis is en geen mede-reiziger kan gebruiken op dat moment. Tsjimke is uiteraard van harte welkom. Krijgt een batterij aan eten, lekkernijen en speeltjes mee. En een gebruiksaanwijzing. Dus het kan niet mis gaan. Alles gaat op rolletjes, want de hond is volgzaam en luistert goed ook naar de vreemde stem. Kan zelfs even los buiten lopen, achter de weg gegooide stok aan. Tsjimke maakt geen misbruik van het vertrouwen van de tijdelijke baas. Tot in de ruigte van het veld een ree zijn pad kruist. Al snel is de hond met lange lijn en al uit het zicht verdwenen. Douwe worstelt zich door stekelige struiken en modderige slootjes en schreeuwt zich de longen uit zijn lijf. Uiteindelijk draait de stabij zich met de lijn vast rond een rietpol. Maar de schrik zit er goed in. Voor schrijver en lezer, die dit avontuur met ingehouden spanning doormaken. Het is en blijft een bijzondere hond, die stabij.
En dan is er nog het recept voor roggebrood. Er is een heel winkelschap aan hondenvoer voorradig, in allerlei soorten en merken van droog tot nat voor pup tot seniorhond. Maar Tsjimke, als oprecht diepfriese stabij, heeft een voorkeur voor Fries roggebrood. Want waarom zal een hond iedere dag brokjes eten? Om zelf deze lekkernij te maken somt Kootstra de ingrediënten op noteert het maakproces in negen stappen. Lekker ite!

De tekeningen van Hooghiemstra zijn geen illustraties bij de verhalen van Kootstra. Het zijn geen visuele toelichtingen, in het getekende vind ik geen elementen van de tekst terug. Niet anders dan dat het expressieve afbeeldingen zijn van de hoofdpersoon in het boek. Door Tjibbe kunnen we onomstotelijk vaststellen om welk soort hond het gaat in de korte verhalen van Douwe. Deze verhalen zijn ook niet geschreven op de tekeningen. De ene uitdrukking staat los van de andere, maar kan zoals ze in druk zijn samengegaan niet meer uit elkaar getrokken worden. Lees ik de verhalen zie ik Skelte en Liv zo voor me, zoals uitgebeeld door Hooghiemstra. Kijk ik naar de tekeningen komt de vertelling over Tsjimke en de fabeldieren in mijn gedachte naar boven.
In STABIJ zijn de twee kunstvormen, geschreven tekst en getekend beeld, samen gevoegd. Als handboek voor de liefhebber, en als reisgids door de wereld van de stabij. De hond van het boerenerf. Een ras waar de Fries trots op is, net als dat paard en die koe. En zoals het kaft vermeldt als reclame: “De miks fan byld en tekst makket STABIJ ta in bysûnder boek. Gjin hûneboek yn de klassike sin mar in oade oan de minske yn it bist.” En daar is geen woord Frans bij.
STABIJ, tekeningen Tjibbe Hooghiemstra, verhalen Douwe Kootstra. Uitgeverij Bornmeer Noordboek, 2021.

Geef een reactie