Onwillekeurig probeert het oog houvast te vinden. Poogt de blik figuratie te ontdekken in het abstract aangereikte beeld. Maar eigenlijk gaat het in de mij voorliggende bundel GRENZELING van Sven Staelens alleen maar om het kijken zonder te kennen. Als lezer moet ik evenwel moeite doen het woord te lezen in een vrijwel onleesbaar lettertype. Hierover later meer, daar ik eerstens door de beelden een verhaal vermoed, zonder de vormgeving van de taal te doorzien. Maar zie ik dan opeens wat ik lees, weet ik ineens de letters. Dat is zo’n euforisch moment, als wanneer ik de oplossing van een cryptische vraagstelling ontdek nadat ik me er dagen op blind gestaard heb.
De woorden zijn typografisch in de beelden gezet. Het vergt dus gedegen bestudering om uit dit mysterieuze schrift een leesbare taal te cijferen. Maar het oog zoekt dus houvast, de blik ontdekt gaandeweg een handvat en ziet een kapstok, een ingang. Is eenmaal het alfabet adequaat geletterd dan kan de poëzie van Sven Staelens gelezen worden. Het is een doorzien om het schrift te doorzien. Deze uitgave is daarom geen vlugschrift om even op een verloren achternamiddag bij de thee door te nemen. Het is zaak van concentratie, een aandachtig zien om voluit te kijken. Of zoals de dichter in zijn voorwoord helder schrijft: “… gooi alles open. De grenzen van de taal, opdat we haar niet dreigen te verliezen. De grenzen van de verbeelding, omdat een open blik de enige is waardoor we echt kunnen kijken.”
Wat is menselijk en waar houdt menselijkheid op
GRENZELNG heet een bundel te zijn in de categorie poëzie. Het wordt als zodanig ook aangeboden in de Poëzieweek 2022 van uitgeverij crU – het poëziefonds voor axiomatische poëzie van dichter/uitgever Nanne Nauta. Maar het werk dat auteur Sven Staelens ervan heeft gemaakt houdt het midden tussen woord en beeld, spraak en grafiek, werkelijkheid en fantasie, nuchter en emotioneel. Met een universeel onleesbare taal. Het is gesproken en opgeschreven, je ogen zien wat je oren wel horen maar niet verstaan. Onleesbare kreten, een onduidelijke stem. In schrift even onnavolgbaar als de onbekende spraak. Het is Chinees voor mij, it’s Double Dutch, graecum est non legitur, welhaast lorem ipsum.
Grenzeling is dus de naam. Onder die titel bestudeert Staelens de impact van onnatuurlijke barrières en nodigt mij uit om grenzen open te gooien. Uit mijn vakje te komen, mijn comfortzone achter me te laten. Ik vind mijn persoonlijke beperking in het kennen, het beheersen van de zichtbaarheid. Staelens zoekt zijn eigen taalgrenzen, de kaders van de spraak. Die grenzeloze spraak loopt letterlijk als rode draad door het beeld. De tekende dichter tast af en onderzoekt grenzen, wat is leesbaar en wat is dat niet. “Wat is leefbaar en wat is dat niet”, voegt hij in een videoboodschap daaraan toe (https://youtu.be/RSGTnhcOf0g). “Wat is menselijk en waar houdt menselijkheid op.” Want vooral is GRENZELING bedoelt om een indringende blik te werpen op misstanden rond migratie.

Het veelzijdige figuur de grenzeling in het gefantaseerde beeldverhaal loopt tegen obstakels aan. Muren rond zichzelf opgetrokken als bescherming. Barricades door anderen geplaatst om de grenzen zoekende grenzeling te kaderen, tot het uiterste te dwingen in het eigen vak cq op het eigen land te blijven. Grenzen door de overheid bepaald om alles in de voor hen juiste banen te kunnen leiden. Schuttingen tussen mensen om vooroordelen te behouden en bewaken. Heggen bepalen het mijn en dijn. Deuren met sloten waarvan de sleutel meestentijds kwijt is (geraakt).
Grafische beelden ondertiteling gedrukte woorden
In de bundel maakt Staelens voor zijn verhaal gebruik van bewerkte afbeeldingen en tekeningen. Een deel van de tekst is geschreven in asemisch schrift. De in tekstballonnen gedrukte ‘hanepoten’ hebben geen betekenis anders dan dat ze een emotie uitdrukken. De spraak is fluisterend zacht en schreeuwend luid, hoorbaar en leesbaar maar onverstaanbaar en onbegrijpelijk. De tekst in de vertelkaders is helder Nederlands, maar staat evenwel in een lettertype dat moeilijk te ontcijferen valt. De cryptische omschrijvingen vragen heldere oplossingen, die hun illustratie vinden in de tekeningen. Deze grafische beelden zijn de ondertiteling van de gedrukte woorden.

Dat woord van de grenzeling is een beeldtaal, die spraak een uitgeschreven onzegbaar verhaal. Letters die communiceren met grafische elementen rondom. In het schrift van de grenzeling bestaat geen grens tussen beeld en woord. Schepper Staelens zet de grenzeling m/v niet in een hokje, heeft geen vooroordeel en laat hem/haar niet zwemmen in een eigen wereld. In beeld lijkt de grenzeling een vluchteling te zijn, die op drift is geraakt door beperkingen. Overal vindt hij/zij zijn/haar grenzen, op geen enkele mat staat ‘welkom’. Hij/zij gaat daadwerkelijk het gevecht aan met het onmenselijke in de mens, de grens van de mens. Met de wil om eenstemmigheid te bereiken, het opengooien van de grenzen. In een schijnbaar harmonieuze wereld passen echter geen zonderlingen, geen uitzonderingen op de regel. Die heersende regel waar een ieder democratisch mee akkoord is gegaan. De grenzeling als symbool voor de stateloze zwerver. Weggegaan om ergens aan te komen, maar nergens plek vindt omdat de grenzen te dicht en de zeeën te hoog zijn.
Grenzeling, beelddichtbundel van Sven Staelens. Uitgeverij crU, 2022.

Geef een reactie