Ordening. Het zoeken van regelmaat in structuren. Het vinden van rasters en patronen. Dat is waar het tekenwerk en de fotografie van Carrie Meijer over gaan. Met de rotring inktpen zet zij langs horizontale en verticale lijnen op papier regelmatige samenstellingen op. Afgemeten, maar niet uitgemeten. Het klopt niet altijd op elke vierkante centimeter. De lijnen kruisen, de vlakken schuren. Want een perfecte tekening die aan alle zijden klopt en van iedere kant past en in evenwicht is, die is saai. Foutloos is doods en eentonig. Een afwijking houdt het beeld spannend en brengt gevoel in het werk. De impressie is meer interessant wanneer er iets niet aan deugt of in klopt. Het geeft reden het nader te onderzoeken. De mogelijke fout te ontdekken, als je al van een euvel kunt spreken.
Karakterfout verheven tot volmaaktheid
Heeft Meijer de regelmaat gevonden, dan ontregelt ze die ordening bewust door afwijkingen en schijnbare mankementen toe te voegen. Aangebrachte ontregelde verbindingen zorgen voor een haperend ritme, een verbroken raster, een vernield traliewerk. Ook roert ze als het ware door de lijnen en vlakken zodat rimpelingen in het oppervlak ontstaan. Echter die ontordening zorgt voor een nieuwe regelmaat. De imperfectie is een volledigheid op zich. Want een weeffout kan onzichtbaar worden, een manco niet opgemerkt, een flater juist kunst zijn. De tekeningen van Carrie Meijer verheffen de karakterfout tot volmaaktheid. De vergissing is opzet. Het zijn geen menselijke composities, maar juist natuurlijke schakelingen en vervlechtingen. De geconstrueerde leefwereld, waarin de mens zekerheid zoekt door de omgeving correct te ordenen, wordt onder invloed van tijd en aantasting door de natuur afgebroken en ontregelt. De natuur houdt de wereld speels en leefbaar. Carrie Meijer maakt haar werk luchtig en vitaal.

Meijer laat door die moedwillige leemte openingen vallen, zodat de rangschikking interessant blijft. Juist doordat de coördinatie wegvalt blijf ik gebiologeerd kijken om mijn ogen te laten wennen aan de imperfectie. Door die afwijkingen te ontdekken zie ik andere ordeningen ontstaan. Hoewel de vormentaal gebrekkig van uitspraak is, klinkt de stem toch welluidend. Blijkt er toch structuur in de vrij opgezette rasters te zitten. Alleen die regelmaat is van een andere orde. De wanorde heeft wel degelijk een rangorde. De strepen, lijnen, vlakken en cirkels – eigenlijk het hele arsenaal aan mathematische figuren en wiskundige vormen, hebben een speelse rangschikking en zijn voortdurend een variatie op het eens bedachte thema. Gevarieerd zoals de leefomgeving een bonte afwisseling heeft voor wie de blik daarvoor opent en de ogen de kost geeft.

Op weg door de omgeving heeft Carrie Meijer de fotocamera in de aanslag. Voortdurend op haar hoede om bestaande structuren en ontstane ordeningen te ontdekken. Hiervan maakt ze foto’s, licht daarvan details uit om de beoogde constructie meer duidelijk in beeld te brengen. Haar fotoarchief is inmiddels omvangrijk, net als haar tekenmappen uitpuilen. Beide vakgebieden beoefent Meijer afzonderlijk. Het is niet zo dat het ene inspiratie is voor het andere. Of het andere invloed krijgt op het ene. Maar bladerend door de mappen en grasduinend in de foto’s ziet ze overeenkomsten tussen tekening en foto. Blijken er opeens mooie combinaties mogelijk.

Tekeningen en foto’s ontstaan los van elkaar. Tekeningen worden niet gemaakt naar aanleiding van de foto’s. Het werkproces is niet van elkaar afhankelijk. Alleen de rasteridee draagt ze in gedachten met zich mee, de geest is bezig met het laten ontstaan van de gehavende ordeningen. Dat gegeven werkt uiteraard wel door in het bemerken en onderscheiden van de ordeningen onderweg in de dagelijkse gang. Dat je opeens een beeld aantreft dat al in conceptie aanwezig was en dat als zodanig dus herkent wordt. Het een werkt toch door in het ander, hoewel de mate van gelijkvormigheid pas achteraf scherp gezien wordt. Onbewust beïnvloedt dat elkaar hoe dan ook.

De gemaakte combinaties van fotografie en tekenwerk heeft Carrie Meijer gebundeld in een drietal magazines. De boekwerkjes zijn op liggend A4-formaat, landscape, zodat de combinatie foto en tekening goed tot uiting komt. Ze noemt het combineren van het bestaande beeld en de getekende ordening mixing and matching: mengen en passen. De overeenkomsten zijn wonderlijk, de gelijkenissen soms bizar. Bladerend door de boekjes valt een verwantschap niet telkens meteen te herkennen. Maar door beter te beschouwen, aandachtig te kijken, merk ik de harmonie en ontdek de parallellen. Het is als het oplossen van een cryptogram. Eerst moet ik in de omschrijvingen voor de puzzel een consensus vinden, mee kunnen gaan in de denkwijze van de samensteller. Hoe heeft deze gedacht de cryptische omschrijving voor een bepaald woord op te stellen. Weet ik die, heb ik daar een vinger achter, dan kan ik het diagram in een rap tempo invullen. Zo dien ik in de mixing & matching de gedachtegang van Carrie Meijer te doorvoelen voordat ik mee kan in haar gemaakte combinaties. Net als dat ik een liefhebber ben van het cryptogram boven de kruiswoordpuzzel, zo kijk ik graag naar het werk van deze kunstenaar.
mixing & matching no.01, no.02, no.03. CM13 photographs / drawings. Uitgave in eigen beheer Carrie Meijer, 2022.

Leave a Reply