De dromen van Deborah Poynton zijn bedrog

De compositie “Castle”, met olieverf op board geschilderd in 2019, karakteriseert wat mij betreft uitstekend het werk van Deborah Poynton. Door een geopend raam zie ik mijn groene wereld, de tuin in zonlicht – mijn paradijs, terwijl ik me in een schouwspel van gedroomde werkelijkheid bevindt. De kamer daar is behangen met een ijzig berglandschap waarin een gracieus kasteel zijn torens in de lucht steekt. Een dik gordijn is van voor het raam weggeschoven waardoor ik mijn buiten zie. Zelf zegt ze over haar schilderijen: “Het is een membraan tussen wat we denken dat echt is en wat werkelijk echt is. Het is een pek zonder woorden, een toneel, een schuilplaats, een spiegel, een tuin.”

Dat wat Deborah Poynton schildert lijkt de werkelijkheid, maar het is het niet. De bloemen en planten, de dieren en mensen, zijn zo nauwkeurig echt en fotografisch waar in beeld gebracht dat het pijn doet aan de ogen en een eng onbehaaglijk gevoel geeft. Poynton maakt foto’s van onderdelen uit het leven die ze samenbrengt in een schilderij. De foto’s gebruikt ze als model voor haar olieverven. Er ontstaat een collage van attributen die normaal gesproken niet bij elkaar horen of passen. Maar juist in de composities van Poynton rijmen deze alle treffend.

Deborah Poynton, Drents Museum, WBOOKS
Castle, 2019, olieverf op board, 50 x 35 cm.

Verpletterende indruk

In het jaar 2021, van juli tot en met oktober, liet het Drents Museum als eerste een grote museale solopresentatie van haar werk in Nederland zien in de tentoonstelling “Deborah Poynton, Beyond Belief”. En inderdaad algemeen directeur Harry Tupan vond het niet te geloven dat haar werk hier nog niet ontdekt was. Maar ook vindt hij het werk onvoorstelbaar, waar hij door een Duitse verzamelaar op werd geattendeerd. Zijn interesse was meteen gewekt bij het zien van een afbeelding en Tupan toog naar Kaapstad om de galerie die het werk van Poynton vertegenwoordigd te bezoeken. Zijn reis was niet voor niets geweest, schrijft hij in het voorwoord van de catalogus bij de tentoonstelling in Assen: “Grote, monumentale werken, geschilderd in een realistische en vlotte trant sierden de muren van de galerie en maakten een verpletterende indruk.”

Ontregelt

De tentoonstelling heb ik niet bezocht, ik moet het met het boek doen. Maar ik kan me voorstellen dat de monumentale werken waarin je als het ware kunt binnenstappen een emotionele ervaring is. Zo’n gewaarwording als reizigers die nu in Leeuwarden uit de trein stappen en niet op het stationsplein terecht komen maar in een dynamisch bos. De erfenis van culturele hoofdstad is Arcadia. Bosk is een kunstenaarsproject waarbij het bos van ruim 1200 bomen door de stad trekt. Een werkelijkheid die niet kan bestaan. De boel mooier en leefbaarder maakt, ontregelt, veranderingen aanjaagt. Dat is was het werk van Deborah Poynton ook met mijn wezen doet, het ontregelt mijn zien.

Het werk wringt en maakt het kijken ernaar ongemakkelijk. De beschouwer voelt zich voyeur wanneer Poynton onbeschaamd het naakte lichaam van zowel de vrouw als de man ten tonele voert. Eigenlijk wil ik wegkijken, omdat ik iets denk te zien wat niet voor mijn blik bestemd is. Maar ik mag er zeker wel getuige van zijn, van de confrontatie met de expliciete beeldtaal van deze kunstenaar. Het roept een merkwaardige soort spanning op, het is een surrealistische wereld. Een omgeving die werkelijkheid lijkt, maar het niet is. Een compositie die wel rijmt, maar geen poëtische voorstelling is.

Illusie

De kunstenaar laat zich inspireren door de natuur en door het landschap. Er is dan ook veel groen in de werken te zien. Groen dat aandachtig is afgebeeld, soms zelfs enigszins volume heeft alsof je het zo kunt plukken en op de vaas zetten. Maar het is niet met schoonheid verbeeld, er zijn dorre blaadjes aan en gebroken takjes. Net zoals het naakt niet gephotoshopt is, maar alle moedervlekjes, sproeten en varices zichtbaar blijven. Het maakt het beeld nog meer werkelijk, terwijl het dat feitelijk niet wil zijn. Poynton wil een illusie schilderen en elke beschouwer een eigen perceptie daarin geven.

Deborah Poynton, Drents Museum, WBOOKS
Land of Cockaigne 2, 2011, olieverf op doek, 200 x 250 cm.

Ze gebruikt modellen als figuranten in haar samengestelde werelden. Ze spelen een rol, het schilderij is het podium. De figuren samen geplaatst, ze hebben nauwelijks contact met elkaar, maken een nieuwe werkelijkheid. De realiteit van het acteren, het spel spelen dat een script heeft en een dramatische beschrijving is van het leven dat ik leef. Eigenlijk tekent Poynton een parabel. Ze grijpt in haar werk ook terug op kunstenaars uit het verleden, die een verhaal, boodschap of moraal in hun werk legden. Deborah kopieert niet, maar verklaart deze werken in haar werk. Zo verschijnt er wel een schilderij in een schilderij. En gebruikt ze houdingen of plaatsingen van lichamen die kunnen worden teruggevoerd op bestaande klassieke schilderijen. Maar ze houdt zich verre van dat verhaal, die boodschap of deze moraal – de beschouwer maakt zelf dat verhaal wel door en in de combinatie van figuren en voorwerpen.

Deborah Poynton, Drents Museum, WBOOKS
Little Girl Lost 2, 2018, olieverf op doek, 85 x 110 cm

Door de composities een titel te geven probeert Poynton evenwel dat verhaal bij mij een richting in te sturen. Ze wil mij misleiden, me op een verkeerd been zetten. Me dat bedenkend denk ik haar in het atelier te zien zitten achter de ezel waarop onaf werk staat, zich verkneukelend bij de gedachte wat haar publiek daar nu weer van zal vinden. Voor Poynton zelf namelijk is er geen verhaal, het is allemaal bedrog – het is niets. Ze wil contact met mij maken, haar figuren kijken me recht aan; lijken me iets te willen zeggen, een spiegel voor te houden. De werken zijn daardoor heel intiem, dat roept wrevel op. Ik voel me ongemakkelijk, het lijkt allemaal zo echt. Beelden die realiteit weerspiegelen, maar leeg zijn van betekenis, dat is de kern van wat Poynton schildert lees ik in de uitgave “Beyond belief” in de bijdrage van kunsthistoricus Karlijn de Jong. Voor Poynton zijn de schilderijen vensters waardoor ze het leven beschouwd. En ik kijk met haar mee, over haar schouder als het ware, die denkbeeldige waarheid in.

Deborah Poynton, Drents Museum, WBOOKS
Home Away from Home (detail), 2019, olieverf op doek, 190 x 1150 cm.

In haar bijdrage beaamt kunsthistoricus Mads Damsbo dit: “Elk schilderij is als een magisch venster. Je kunt er zowel doorheen kijken als een andere wereld zien. Toch is het ook als een spiegel, een verontrustende weerkaatsing van de werkelijkheid waarin we ons bevinden.” Beide auteurs geven mij inzicht in het leven van Deborah Poynton en de het tot stand komen van de diverse werken. Wat haar geschiedenis is en op welke manier haar dat heeft gevormd als kunstenaar. En de werkwijze van het samenstellen en uitwerken van geziene beelden. De uitgave is een rijk geïllustreerd boekwerk, want haar werk moet gezien worden meer dan er over gelezen zal zijn. De schilderijen die alle in het Drents Museum getoond werden zijn in het boek afgedrukt. In de catalogus heeft de kunstenaar zelf bij een aantal werken een uitleg geschreven. Ik ervaar dat als spijtig, omdat de magie van het werk dan toch enigszins verdwijnt. Wel is het fascinerend om inzicht in haar denkwijze te krijgen, maar eigenlijk zeggen de beelden meer dan de vele woorden.

Deborah Poynton, Beyond Belief. Voorwoord Harry Tupan. Auteurs Karlijn de Jong, Mads Damsbo, Deborah Poynton. Drents Museum / WBOOKS, 2021.

Deborah Poynton, Drents Museum, WBOOKS

Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *