De toekomst is magie in een geklonterde elektrobloem

Is het maar zo simpel dat het leven op deze wereld enkel uit nullen en enen bestaat. Dat er alleen maar goed en slecht is. Zwart en wit en geen legio tussentinten grijs. Dat het zo eenvoudig is als dan en zo niet dan wel. Is het niet dit dan is het dat. Kan het niet linksom dan maar rechtsom. Gewoon simpel twee mogelijkheden, twee keuzes, overzichtelijk om een stroomschema mee op te bouwen. Een voortgang van het leven, de tijd.

Maar zo eenvoudig is het in wezen ook, in beginsel. Alleen wij, jij en ik, de mensen hebben de stroming vol gezet met draaikolken en rotsblokken. Met oneindige lussen en veel mitsen en maren. Daardoor is het leven wel meer kleurrijk geworden. Want toen de mens het ja en nee van de schepping doorbrak en de godheid moest ingrijpen werd de wereld verrijkt met een regenboog. Buiten het paradijs bleek de aarde veel kleurrijker, speelser, verleidelijker. Het betekent echter wel dat we niet eindeloos van dat leven mogen genieten.

Niet vallen in een zwart gat

Dat de cijferreeks groter is dan nul en één, O en I, houdt in dat het eindig is. Hoewel we almaar door kunnen tellen, zover dat het overzicht kwijt is. Dat het ons verstand te boven gaat, want er is meer tussen hemel en aarde dan dat wij begrijpen. Maar we zullen niet in een eeuwigdurende lus terecht komen, de knoop is altijd te ontwarren. Niet vallen in een zwart gat, er is altijd licht aan het eind van de tunnel.

Tegenwoordig lijkt het er op dat ons geheugen op hol is geslagen, dat de harde schijf te vol is voor simpelheid. We slaan door en raken oververhit. We moeten terug naar de nullen en de enen, naar het eenvoudige inzicht van oorzaak en gevolg. Terug naar de basis, if-then en if-then-else. Zo simpel als wat.

In zijn bundel “elektrobloem” laat poëet/illustrator Daniël Labruyère zien dat het leven gelijk is aan een wiskundige staartdeling. Schijnbaar onoplosbaar, maar voor wie de sleutel van het x en y slot heeft – positief en negatief, teller en noemer, kwadraat en eenheid, coördinaten en diagonalen – kan de formule tot uitkomst brengen. Wie het algoritme doorziet kan het leven simpel tot een einde brengen.

Daniël Labruyère, dichtbundel, Uitgeverij crU

Met “elektrobloem” debuteert deze beeldend kunstenaar als dichter. De bundel is dan ook doorweven met beeltenissen om de tekst te versterken. Maar de woorden hebben geen megafoon nodig, ze spreken zonder versterking al duidelijke taal. En de tekeningen kunnen zonder de verzen gaan, hoewel er een titel achtige zin in handschrift staat bijgeschreven. Een ‘er was eens’ met een fleurig slot, maar geen lang en gelukkig leven. Het zet het beeld op de plaats waar geen interpretatie meer mogelijk is. In dit geval blijkt het een beeldtekst, een strip met een lyrische verduidelijking ofwel een gedicht letterlijk beeldend weer gegeven.

Luchtig wonderlijk verhaal

De poëzie is even doordacht geformuleerd als dat de formule tot een resultaat komt. In de wiskundige berekening lijkt het over Aken en Keulen te gaan, maar vele wegen leiden naar Rome. Goed becijferen en calculeren, plussen en minnen, vermenigvuldigen en delen geeft uiteindelijk een juiste oplossing. In de woorden maakt Labruyère niet zo’n omhaal. De zinnen gaan recht op het doel af, de regels volgen een axiomatische lijn. De geponeerde stellingen hebben geen bewijs nodig. Het is zoals geschreven staat. De tekeningen vormen daarbij een speelse vertelling over elektronica, het levenssap van alles met een stekker. Losjes in beeld gezet. Het resultaat van het menselijk brein, getekend met de hand en niet via elektronische weg. De mens is fantasierijker dan de computer, zo blijkt eens te meer. Een luchtig wonderlijke verhaal over het laten ontstaan van plantaardig leven via een printplaat. Het zijn imiteren en verbeteren. De elektrobloem van Labruyère bestaat uit half gesmolten toetsen. Samengeklonterde eenheden tot een meervoudig kunstmatig wezen. De mens gekloond voor het leven eeuwig, maar de uitkomst is niet altijd de som der delen.

Daniël Labruyère, dichtbundel, Uitgeverij crU

Niet alles kan elektronisch geregeld. De mensenhand is noodzakelijk een en ander te sturen. Tot op het punt de kloon de macht grijpt. Voor nu knipt en plakt de dichter een moodboard nog. “Een temporaal project in mijn frontale vortex.” De mogelijkheden van de hersenen worden optimaal benut: plannen, beslissen, impulsbeheersing – zo niet als dan wel, if-then-else, ik reguleer mijn bezieling. “Oren als muizen. / Ogen als uilen. / Een wolvenneus.”

Massa heeft geen snelheid

De schier eindeloze staartdeling dartelt tussen tekst en beeld in de bundel. Het geeft de uitgave een eigenaardig karakter, als is het een proefschrift – een kladblok – om al schetsend en proberend via omwegen tussen cijferreeksen en termen, voorwaarden en bepalingen tot een welluidende stelling te komen. “Wij zijn geen sterrenreizigers. Massa heeft geen snelheid.” Is dat het resultaat, relatief gezien. Het leven is betrekkelijk. Bestaat oneindig niet, is eeuwig een onzinnig woord. Labruyère zet mij, zonder het te weten, tot diep nadenken zo dat het mijmeren en filosoferen raakt. “Ik stop een stopcontact in mijn mond / en mijn hoofd begint te gloeien”. Dat dus.

Daniël Labruyère, dichtbundel, Uitgeverij crU

Alles lijkt beheersbaar, maar wanneer de spiegel de wolk breekt worden mensen gammastralen en stroomstoten, en vouwt de wereld zichzelf in als een hologram. Het leven is een kunstmatig zijn. Het zijn een beeldend wezen: “de sterren pakken een .rar bestand uit”. Zijn we straks enkel nog plaatjes die in een .gif tot leven komen? De boodschap van de dichter lijkt zo zwart als de elektrobloem op de omslag van zijn bundel is. En er valt ook weinig te lachen, maar wel smaakvol te genieten. Want waar een eenvoudig lichaam uit transitiemodulatie superpositioneel perplext ontstaat geurt de elektrobionische bloem. “De zon komt op in het oosten en ik red / de wereld met mijn espresso.” De toekomst is magie. Het is een magische bundel, maar ook niet zo mysterieus dat het onbegrijpelijk is. Het abstracte leven is er geformuleerd in een exacte wetenschap. Hoe verward en raadselachtig we ons leven wel aanvoelen, zo eenvoudig en logisch is het uit te schrijven in nullen en enen. “Ik ben en ik denk; wij zijn straks. Zijn! / Wij zijn straks en dan ben ik wellicht niet.”

Elektrobloem. Tekst en illustraties Daniël Labruyère. Uitgeverij crU, 1e druk 2022.

Daniël Labruyère, dichtbundel, Uitgeverij crU

Comments

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *