Het is zijn droom om als museumdirecteur topstukken van de rampzalig verdwenen Italiaanse steden Pompeï en Herculaneum naar het Drentse Assen te halen. De Romeinse steden uit de klassieke oudheid die jammerlijk onder lava en as ten onder gingen spreken heden ten dage en nu al enkele eeuwen tot de verbeelding. De tragedie die zich daar aan de voet van de Vesuvius in het jaar 79 na Chr. heeft afgespeeld is ongekend en staat in verhouding met de aardbevingen in Turkije en Syrië. In een enkele dag werd een hele regio nabij Napels van de aardbodem geveegd. Zo leek dat althans. De omgeving aan de voet van de vulkaan richting de zee werd bedolven door lavastromen en asregens na de allesverwoestende uitbarsting van de Vesuvius.
In 1974, bijna 1900 jaar later, bezoekt Harry Tupan de grote Pompeï-tentoonstelling in het Haags Gemeentemuseum. De dan 16 jarige knaap is erg onder de indruk van wat hij ziet en leest, en besluit om in een museum te gaan werken, later als hij groot is. Nu is hij algemeen directeur van het Drents Museum en haalt zelf een omvangrijke Pompeï-tentoonstelling binnen. Met daarbij een uitgebreide catalogus, de 12e in een serie Archeologie in dat museum. De uitgave “Sterven in schoonheid” vertelt over de wereld van Pompeï en Herculaneum. Steden waarvan de inwoners op 25 oktober 79 worden verrast door de vulkaan, die de dagen daarvoor zich al aankondigde met gerommel en met lichte bevingen. De mensen gingen er daarom vanuit dat er weer een aardbeving zat aan te komen, zoals 16 jaar daarvoor was gebeurd. Veel van de toen ingestorte huizen en gebouwen waren inmiddels gerestaureerd of was men nog doende met de wederopbouw van de stad. Maar dat de vulkaan op uitbarsten stond daar had men geen rekening mee gehouden. Het overviel hen en alles met hen.

Romeinse beschaving op dat moment
Binnen een dag waren vrijwel alle bouwwerken, was de hele stad, waren die totale steden, aan het oog onttrokken. Alle leven binnen- en buitenshuis werd bedolven onder een dikke laag as en lava. Aan de in hoog tempo naar beneden razende stroom oververhit gesteente uit het binnenste van de aarde was geen ontkomen. Het slokte alles op wat het onderweg tegenkwam, totdat het werd gestuit door het water van de zee en stolde. Maar toen was al een hele beschaving bedolven en vernietigd. Want het is nauwelijks voor te stellen welk een drama zich heeft afgespeeld. Mensen werden levend gekookt, gezandstraald door de gloeiend hete aswolk en levend ontvleesd. Van het verloop van de ramp en de totale paniek is een enkel ooggetuigenverslag bewaard gebleven, dat ons nu inzicht geeft in de omvang van het natuurgeweld.
In het boek en de tentoonstelling “Sterven in schoonheid” is echter niet die memorabele dag in oktober 79 het onderwerp. Die gebeurtenis is wel leidraad waar omheen een en ander is gezet en geschreven. Maar het gaat veeleer om wat er voorafging aan die dag. Door de vondsten gedaan tijdens opgravingen, die al in de 19e eeuw zijn begonnen, kan een goede indruk worden gegeven van de Romeinse beschaving op dat moment. Want Pompeï is nu een zeldzame plek waar de tijd is stil gezet en waar dus de cultuur niet door latere ontwikkelingen is vernietigd. Alle andere steden zijn verandert en mee gegaan in de tijd met verschillende zienswijzen en beleving. De tijd bleef stil staan op 25 oktober 79, de wijzers van de wereldklok wezen die dag aan als ijkpunt van de beschaving van dat moment. Over die schoonheid gaat het boek, die esthetiek maakt de tentoonstelling fraai aanschouwelijk.

Het leven van dat moment gereconstrueerd
In diverse bijdragen van ter zake kundigen beschrijft het boek de pracht van Pompeï waar kunst op elke straathoek kon worden aangetroffen. Men koesterde schoonheid in die dagen, het gaf een bepaalde status van leven aan. Kunst was ter verrijking van het aanzien en de positie. Kunst stond ten dienste van de opdrachtgever, maar bezat al wel de kracht om de beschouwer te emotioneren.
Door de opgravingen worden de huizen en gebouwen bloot gelegd en kan stukje bij beetje het leven van dat moment worden gereconstrueerd. De vondsten werden door de jaren heen gerubriceerd, beschreven en vastgelegd. Opvallend is dat welhaast nergens particulieren of schatgravers en goudzoekers de archeologische vindplaatsen hebben verstoord zodat er bijna niets ongewild vernietigd of bewust kwijt gemaakt is.
Pas later is het toerisme op gang gekomen en nog aldoor trekken Pompeï en Herculaneum duizenden mensen per jaar. Dat noopt tot het veilig stellen van de klassieke gebouwen en oude straten, want al die toeschouwers oefenen een enorme druk uit op de steden die daar bij lange na niet op berekend zijn. Om Pompeï en omstreken ook voor de toekomst en volgende generaties te behouden en zichtbaar te laten zijn is een conserveringsplan opgezet. Veel van de schatten zijn opgeslagen in musea en aldaar te bezichtigen. In de verwoeste steden zelf kan de toerist rondlopen en de sfeer proeven van de Romeinse schoonheid van weleer. In het boek wordt de lezer meegenomen in een fictieve rondleiding die kan gemaakt worden doordat opgravingen stratenplannen en huizenconstructies hebben zichtbaar gemaakt vanonder de soms wel 12 meter dikke laag gestolde lava.

Getuige van de schoonheid
Naar Assen zijn een groot aantal beelden en sieraden getransporteerd die normaal gesproken al een plek in een Italiaans museum waren toebedeeld. Aan de hand van die stukken kan de bezoeker van het Drents Museum zich vergapen aan al die door de eeuwen heen bewaard gebleven schoonheid. Want de lava en de as hebben het leven vernietigd maar de materiële zaken vrijwel ongeschonden gelaten. Algemeen bekend zijn de afgietsels van menselijke lichamen, personen die door de uitbarsting zijn overvallen en niet konden vluchten. In de laatste beweging zijn zij bevroren, mens zowel als dier en plant. Maar de stenen huizen, de marmeren beelden, de sieraden – eigenlijk al het uiterlijk vertoon – is onder de dikke laag versteende lava vrijwel ongeschonden bewaard gebleven. Zo kunnen wij nu getuige zijn van de schoonheid, maar ook de goed verzorgende staat waarmee de Pompejanen en de Herculaneeën zich omringden. Ondermeer de badhuizen, de sportscholen, de tempels, de theaters, het forum en de markthal straalden een hoogconjunctuur uit. De wanden van de gebouwen werden met aangename taferelen beschilderd. Beeldhouwwerken toonden volmaakte lichamen of althans de lijven zoals deze de schoonheid van dat moment uitstraalden. De gulden snede van de menselijke anatomie. Mozaïeken kregen een theatraal karakter mee. Alle elementen om de inwoners te behagen. En ons nu, amper 2000 jaar later, nog telkens bevalen en aanspreken.
Sterven in schoonheid. De wereld van Pompeï en Herculaneum. Diverse auteurs. Uitgave Drents Museum Assen / Waanders uitgevers Zwolle, 2022.



Geef een reactie