Er zijn kunstenaars muzikant. Beperken zich niet slechts tot een enkele kunstuiting, maar wenden meer instrumenten aan om zich te manifesteren. Er zijn muzikanten kunstenaar. Acteurs ontdekken op latere leeftijd dat ze redelijk verdienstelijk schilderen. Dat wisten ze hun hele werkbare leven al, maar lieten het ene het andere verdringen of juist niet. Iedere artiest kan van meerdere markten thuis zijn om een rechtgeaarde kunstenaar te heten. Zich niet richten op één vaardigheid, maar zich geïnspireerd toeleggen op meerdere kunstzinnige vlakken. Niet iedereen met dezelfde kwaliteit, er is nu eenmaal kaf onder het koren. De meest vruchtbare korrels worden op natuurlijke wijze geschift van de grote gemene deler. De echte Kunstenaar die muzikant of acteur is, of schrijver, staat zich daar niet op voor. Het is een gave die gedeeld wordt om niet, gewoon omdat het moet. Een heilig moeten.
En is een kunstenaar dan muzikant of andersom, want wat is er eerder de kip of het ei, dan zoek ik in beide uitingen een overeenkomst. Is de klank te vinden in het beeld, het beeld in de klank. Of staat de klank lijnrecht tegenover het beeld. Laat de kunstenaar als muzikant andere inspiraties toe. Is de klank een uitvlucht op het beeld. Hoor ik het beeld terug in de muziek, zijn de noten tonen voor de klankkleur van het schilderij, de tekening of het beeldhouwwerk. Vind ik de sfeer van de muziek terug in het gevoel bij het beeld. Is de muzikale compositie een echo van de kunstige creatie. Spiegelen beide uitingen zich of staan deze juist als tegenpolen van elkaar.

Luistermuziek
In de nummers op de cd van FRITS, Mute King, verbeeld ik mij het aanschouwelijk vermogen van de muzikale kunstenaars te horen. De songs zijn zodanig gearrangeerd dat ik in de orkestratie van de diverse instrumenten beeltenissen voor ogen krijg. In het landschap van geluiden doemen beelden op, zoals uit de mist figuren verschijnen. Je moet er moeite voor doen, de ogen scherp stellen om door de lage wolken te kijken. Het gehoor aanscherpen om beelden voor ogen te krijgen. De muziek van FRITS is geen behang, het is luistermuziek. Je gaat er voor zitten, niet om het als achtergrond weg te wuiven. Het omgeeft je, het is alsof ik in de studio bij de opnames aanwezig ben. Of dat de band bij mij in de kamer staat te spelen. Zo vriendelijk eigen en herkenbaar persoonlijk is de muziek. Het neemt me op in het landschap van klanken. Over de velden klinkt een gezongen tekst die aandacht verdient om te begrijpen, te vatten en te ervaren.
Iedere song is een genot om naar te luisteren, door de eenvoud die uit de klanken spreekt. Het heeft een gedragen karakter, een welhaast plechtstatige aard. Na meerdere keren beluisteren beklijft het en kan ik de woorden welhaast meezingen. Hoewel de instrumentatie beperkt is weten de heren daar toch een doorwrocht werk uit te arrangeren. Met hulp van de vierde man bij het oorspronkelijke trio komen andere klanken naar voren, als uit een harmonica of een voorgeprogrammeerd toetsenbord. En weet de toetsenman een aardige staal aan diverse sounds uit zijn keyboard te toveren. Gesteund door een creatieve slagwerker, die niet enkel knap het ritme vasthoudt maar ook virtuoze loops voortbrengt, kabbelt het gitaarspel voort om zo nu en dan in een solo uit te barsten. Maar nergens pakt iemand of iets de boventoon, neemt meer de aandacht dan de rest. Niet dat het klankveld daardoor een stroperige brij wordt, een ondoordringbare kost, de muzikanten weten het geluid namelijk open te houden. Open zoals de kunst van de heren dat aan de oppervlakte is, duiken zij met de muziek de diepte in. En ik laat me met plezier onderdompelen.

Autonome vormen
In handen van toetsenist René Korten is zijn afgebeelde compositie onderweg. De compositie als in een schilderij. In de stilstand van het gekaderde linnen of het vel papier is beweging op te merken, een spanning te voelen in de verf. De composities laten zich niet eenvoudig omschrijven. Korten’s schilderijen spreken in hun veelkleurigheid en vormentaal voor zich. Behoeven geen uitleg. Het zijn zelfstandige afbeeldingen, autonome vormen, die buiten de werkelijkheid staan en daardoor zo wonderlijk echt lijken. Uit de verf laat Korten een valse realiteit ontstaan. Het is er niet, want het is natuurlijk alleen maar modder op een doek. Maar het lijkt toch te bestaan, als afbeelding van een onderbewustzijn dat verbanden legt met onbestaanbare elementen en realistische details.
Daarnaast zijn de geschilderde landschappen van gitarist en bassist Frank Anderson realistisch, geven meer de werkelijkheid weer. Althans een gedachte realiteit, een gedroomde werkelijkheid. Die wel handvaten geeft alsof deze ergens waarheid zijn en op een moment beleefd kunnen worden. Uitgaande van het zijn abstraheert Anderson zijn beelden gaande langs de weg van de kunst. Hij groeit als het ware uit de werkelijkheid in zijn eigen waarheid. De fotorealistische vogelvrienden kunnen zo op hun vlerken vervliegen en verdwijnen in het niets van het kleurenspel. Zo lost mijn gedachte op in het klanklandschap van FRITS, want vocalist, gitarist en slagwerker Paul François weet er in zijn studio een enerverende mix van de afzonderlijke delen van te maken. Op zijn manier is hij ook landschappelijk beeldend, niet in de ruimte van het vlak maar in het vlak van de ruimte. In dat geschapen landschap ben ik graag.

Buiten grenzen plaatsen
Waarom haal ik de beeldende kunst van Korten en Anderson bij deze muzikale uiting? Welnu, om te schetsen dat beide richtingen in sound samenvallen. De muziek van FRITS is beeldend, zoals een kunstenaar dat enkel kan laten beleven. Want diep in zijn hart is François ook nog telkens de beeldenaar die hij was toen de heren elkaar op de Tilburgse kunstacademie troffen en besloten ook in de muziek tot figuratie te komen. Past die muziek in een hokje? Is kunst sowieso op de plek in een vak? Voor de beschouwer is het daarmee meer eenvoudig te verstaan en te begrijpen, wanneer de kunstzinnige uiting ergens onder geschaard kan worden. Dat je kunt zeggen het is expressionisme of kubisme, het is rock of jazz. In dit geval behoudt ik me het recht voor zowel de kunst van de heren als de muziek van de groep buiten grenzen te plaatsen. Het verdient een eigenzinnig adres in het landschap van het uiten.
Bij de figuratieve muziek is de beeldende kunst terug te vinden op de cd-hoes van Mute King. Niet een werk van Korten of Anderson zelf, hoewel dat best stemmig op de plek zou zijn geweest. De groep heeft kunstenaar Arno Kramer verzocht zijn gedachten over de muziek te laten gaan en met een passende illustratie te komen. De beeltenis is niet de vlag waaronder het werk gaat. De tekening is een autonome vertaling van de inhoud. Het behoeft geen uitleg, zoals geen enkel kunstbeeld op zichzelf toelichting nodig heeft. Je moet het ondergaan, woordloos ervaren, stil luisteren en genieten. De stomme koning zijn in het landschap van FRITS.
FRITS, mute king. Frank Anderson, Paul François, René Korten (& Ruud Verploegen). Hoestekening Arno Kramer. Eigen uitgave, 2023.

Geef een reactie