Buitenkant krijgt van binnenkant, uitdrukking ontvangt indruk

Leven groeit om ons heen als een huid.’ De eerste zin van Molly Drake’s gedicht “The Shell”. Natuurlijk, wij – jij en ik als mensen – zitten in onze huid. Het vel dat ons zijn bijeen houdt, de bescherming waarbinnen ons bestaan kan zijn. Het is niet de schelp waarin we ons kunnen terug trekken. Wanneer we bang zijn of even niet buiten willen zijn, even in ons zelf zijn. De slak heeft een slijmerige huid in het harde huis. De oester heeft een zacht vel in het harde omhulsel. De schelp beschermt, zoals de huid beveiligt en de tere binnenkant afschermt voor dreiging van buiten. Om de buitenste verlatenheid buiten te sluiten, de dreiging te weren. Is losjes vertaald de tweede zin, die mooier klinkt in de taal waarin het is geschreven.

Want de oorsprong is altijd mooier dan het namaak, de gekopieerde realiteit. Want dat is de kunst, het overdoen van de werkelijkheid, het herleven – een blauwdruk van de waarheid. Pas wanneer de binnenkant gaat meespreken, het gevoel een waarde krijgt, kan het afgietsel meer mooi zijn dan de vorm. Kan de kunst meer origineel en waar zijn in vergelijking met de bron, de inspiratie, het beginsel. Dan krijgt de buitenkant een dimensie van de binnenkant. Bij de expositie en het boek, waarin de samenwerking tussen kunstenaars Brigitte Picavet en Cindy Woudenberg tot uiting komt, werkt dat zo: ‘Buitenkant krijgt van Binnenkant’.

Afwenden van zorg en ontevredenheid

Terug naar die poëtische uitdrukking van Drake is het de dreiging van buiten die moet worden bezworen. Is de huid, is de schelp, de schaal van het ei, een veilige haven, een vesting. “For if we clearly mark the furthest deep, / We should be dead long years before the grave.” We moeten ons afwenden van zorgen en ontevredenheid om de duisternis van buitenaf onze blik niet te laten vertroebelen en verwarren. Er zijn er, volgens Drake, die de schaal breken, de schil scheuren en door het gat naar buiten kijken. “And through this cruel slit, / Stare out across the cinders of the world.” Ze kijken naar binnen en naar buiten, dicht ze. Leren zichzelf kennen en daarbij teveel andere dingen daarnaast. Maar zo werkt dat nu eenmaal. De taal zegt het zo mooi, in woorden klinkt het zo fijn. Maar is het een holle frase of is het verholen waarheid.

Het is niet eenvoudig je af te keren van de werkelijkheid, je ogen te sluiten voor de realiteit. Ook van binnen wordt leven bedreigd, de dreiging komt niet altijd van buiten. Is het dat wat Drake wil zeggen? Blijf je zelfgenoegzaam het leven in je persoonlijke bubbel leven zal je nooit het echte leven kennen. Treed buiten de cocon, breek de schelp, en bekijk jezelf zoals anderen jou zien, zoals de wijde wereld jou in je veilige web ziet. Dan leer jij je eigen ik kennen, doorgronden wat er binnen jou veilige dop leeft. Want de schelp hoort geen pantser te zijn, kan wel een schild zijn om je weerbaar op te stellen. Maar de ogen kunnen niet gesloten zijn voor wat er buiten de schelp om je heen gebeurd. Naast wat jezelf bent zul je dan helaas ook van alles weten wat daaromheen gebeurd. Het sterkt je en maakt jou wie je bent.

Werken laten samengaan

Het gedicht siert het binnenwerk van de uitgave dat een omkeerboek is. Sla je het open bij Brigitte Picavet kom je het tegen. Verbeeldt de kunstenaar de woorden en houdt zij de blanke huid voor haar ontklede lichaam, een schil(d) voor de naakte waarheid. Van deze kant benader ik de wereld van de kunst poëtisch, word ik vergeestelijkt het werk van Picavet ingeleid. Van de andere kant, dus de zijde van Cindy van Woudenberg, verantwoorden beide kunstenaars zich eerstens voor het feit dat zij hun werken laten samengaan. Samen optrekken in het proces van overleggen, leren van elkaar, de ander niet beïnvloeden maar sterker maken. Buiten de schelp treden en elkaar in de ogen kijken. Niet zichzelf opsluiten in het veilige atelier om het eigen ding te doen. De schil breken en tussen de sintels van de wereld – the cinders of the world, een steen te zien blinken. Niet door deze te slijpen ontstaat een diamant naar jou hand, het is al een juweel van zichzelf die jij kunt betasten en doorvoelen. Het tot je nemen werkt van beide kanten, want ook jij bent voor de ander die steen tussen de sintels zoals jij die ander hebt gezien. Door samen de kunst te laten optrekken in inspiratie, uitwerking en resultaat wordt deze opwaarts gestuwd. Er lijkt geen overeenkomst te zijn, maar er is een relatie in denken en beschouwen. Denken over het leven, beschouwen van het zijn.

Platte vlak in de ruimte

Picavet brengt het platte vlak in de ruimte door, zoals ze dat zelf noemt, sculpturen van woorden te maken. Uit boeken beeldhouwt zij een object, waarin nog wel letters zijn te herkennen. Letters die zinnen vormen, maar waaruit het verhaal is verknipt en verlijmt. De oorsprong heeft plaats gemaakt voor een nieuwe taal, de taal van het beeld. Het is naar de letter gesproken geen houwen van een beeld wat Picavet doet. Zij knipt en plakt zich een weg door bestaand materiaal, dat ooit door een ander als uitgave ter wereld is gekomen. Het boek als zodanig is vrijwel onherkenbaar, de papieren vormen zich naar de hand van de kunstenaar. Het worden zelfstandige objecten die uit de boekenkast vallen, een tegendraadse vertelling hebben. Het woord heeft de oorspronkelijke betekenis verloren, het is onderdeel van het kunstwerk. Heeft niets meer te zeggen, maar spreekt daardoor honderduit. Het enkele nog zichtbare woord of de zin is uit de context gevallen en leidt een eigen leven binnen de sculptuur.

Ruimte in het platte vlak

Van Woudenberg brengt ruimte in het platte vlak. Hoewel het lijkt alsof zij de huid in beeld brengt, de buitenkant, is dit het innerlijk wezen dat haar boeit. Door de taal van het lichaam drukt zij gevoelens uit op papier. De huid is dat waaraan anderen ons herkennen, door deze te plooien en te kleuren communiceren wij met de buitenwereld. Het innerlijk zijn kan niet letterlijk worden verbeeldt. Kan enkel uitdrukking vinden in abstracte figuratie. Het is dat wat Van Woudenberg doet, met realisme een abstract gevoel uitdrukken. Met herkenbare vormen emotie in beeld brengen. Gebaren vastleggen, mimiek registreren. Niet de tijd is bevroren, niet de tekens van het lichaam zijn onderkoeld. De tijd loopt juist door in het werk, het is geen moment – de tik van stilstand van de secondewijzer. Over de vloeibare emotie van het lichaam is het exacte handgebaar gezet; de tekening danst over de schildering. De hand krijgt als werktuig ruim aandacht in dit kunstig spel.

Werk in gesprek

In de uitgave minder maar in de tentoonstelling meer is het werk in gesprek. Zelf kan ik door het lezen van de tekst en het zien van de foto’s mij een beeld vormen. Het werk fluistert mij dan in een dimensie waarin zicht en rede samenkomen de vertelling in. Verschillend van uitdrukking maar ontstaan vanuit een zelfde gedachte. Brigitte Picavet en Cindy van Woudenberg vonden elkaar in die fysieke tegenstelling doordat de gedachte erachter overeenkwam. Buitenkant krijgt van Binnenkant is daarom door die benadering niet zo’n vreemde titel. Het is het innerlijk dat zich laat duiden in het uiterlijk. Wat de mensen aan mij zien en van mij zien komt door de werking van het geestelijk binnen. De aansturing van mimiek en houding is altijd van binnenuit. Daarom citeer ik tot slot een strofe uit het boek. Een tekst die naast het beeld van tegemoetkomende handen gaat, geven en ontvangen – die handeling samen is één. “Ik bied mijn kwetsbare innerlijk niet aan voor de achteloze blik. / Van veraf zie je niet, kom dichterbij, kijk goed, en volg de sporen / die ik voor je heb achtergelaten. / En als je me vindt, kun je me wiegen in de plassen van pigment.

Buitenkant krijgt van Binnenkant. Brigitte Picavet / Cindy van Woudenberg. Uitgave bij de tentoonstelling in Kulturele Evenementen Groep (KEG Expo) te Schijndel, 2023.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *