De stilte valt me in bij Yves Beaumont

In december vorig jaar stuurde Yves Beaumont mij zijn toen onlangs verschenen boek “Anthology” als recensie-exemplaar. Kort daarop nog in diezelfde maand schreef ik er een artikel over. Nu in juli dit jaar hangt werk van Beaumont in Galerie MUGA onder dezelfde titel: Anthology. Het boek is een bloemlezing van zijn werk door de jaren 2017 tot 2024. De tentoonstelling is dan een keuze uit deze jaren. Een dwarsdoorsnede van de collectie dus, zodat mijn boekbespreking de lading van het overzicht in Museum Heerenveen met gemak zal dekken. Maar het is te makkelijk mijn bespreking hier als kunstrecensie opnieuw te plaatsen. Voor mijn gevoel maak ik me er dan als een jantje van leiden van af. Om er dus niet met de pet naar te gooien bezocht ik na de vernissage van de expositie de tentoonstelling opnieuw, om er stil bij te vallen en de beeltenissen kalm op me in te laten werken.

Yves Beaumont woont in het pittoreske Oostende aan zee, maar wendt zich daar wel vanaf en laat de blik in zijn werk meest dwalen over het weidse Vlaamse land. De schilder kan mij in Friesland, tussen meren en bossen, middels schilderijen deelgenoot maken van de ervaring zoals dat met licht schijnt te zijn. En die beleving binnen is imponerend, om niet te zeggen overdonderend anders dan mijn ondervinding buiten. Daarnaast bezoekt hij wel het noordland en laat het licht schijnen over wadden en deelen. Ik val daarbij stil in de galerie. De werkelijkheid van Beaumont neemt mijn gedachten in bezit. De sfeer vervliegt er niet, de stemming blijft zwaar hangen. Het is near zoals de Friezen zeggen, broeierig. Als op een tropisch warme dag. De hitte zindert tussen de verftoetsen. Kan geen kant op. Bliksem en donder zal de lucht klaren. Zoals op de eerste scheppingsdag. Tohoe wa bohoe. Woest en ledig, onherbergzaam en verlaten. Maar niet zo godvergeten en grimmig als op die eerste scheppingsdag. Een weidse stilte als in een gedicht van Willem Barnard. Niets denken, enkel overdenken. Mijmeren. Maar nu nog kan het er drukkend zijn, tempert emotie positief het blikveld. Heldert de gedachte dan het bevroren moment op wanneer ik inkijk en doorzie.

Lichtwaarneming

Deze Vlaamse kunstenaar schaart zich in de reeks landschapschilders. Maar niet op de klassieke manier is hij schilder van het landschap. Zijn velden zijn geen realiteit, hij laat niet zien wat is maar zoals de waarheid aanvoelt, zoals hij deze ervaart. In zijn welhaast abstract gepenseelde omgeving herken ik bossen, de wouden van de Ardennen. Bij hem naast de deur, terwijl ik het moet doen met het minder weelderige Oranjewoud of het meer tot de verbeelding sprekende Drents-Friese Woud. Met hem deel ik de liefde voor bossen, waar tussen de boomtoppen door het licht de vormen maakt.

Zijn lichtwaarneming piekt echter niet helder tussen boomkruinen door. Het is een nevelig schijnsel, een mistig besef. Het is de ziel van het licht dat in zijn werken schijnt. De essentie van straling, schijnsel zonder overbodige helderheid. Het werk stemt daardoor zachtmoedig triest. Dat lijkt een paradox, een schijnbaar lichtelijke tegenstrijdigheid. Het omschrijft echter de emotie die mij overkomt bij het zien van de schilderijen zoals gepresenteerd in Museum Galerie Heerenveen. Met een minimum aan motieven weet Beaumont een maximum aan sfeer te scheppen op de onbevlekte huid van het doek. Het vlak is uitgestorven; de schilder maakt het ongevulde veld bewoonbaar voor de geest door met wat modder aan een kwastje een figuratie te scheppen.

De inspiratie is het landschap

Het gaat Beaumont echter niet om de figuratie, maar in zijn werk is het licht van belang. Ik zie wel sparren in composities, maar het is het warme licht dat straalt langs takken en naalden. Het licht maakt de vorm, de bomen zijn de restvormen waarin ik de figuur herken. De onderschildering geeft de compositie kleur. Werkend van donker naar licht blijft de huid levendig en vol van kleur. De onderschildering zet de toon, toont de gelaagdheid van het werk. Want onderhuids speelt het zich af, zoals de diepzee de kern maar nauwelijks aan de oppervlakte prijsgeeft. Het is een idee, een gevoel dat er meer is dan het zichtbare. De beschouwer moet door de laag heen kijken om de kracht te ervaren. Onder het uiterlijk van de schildering ligt de essentie van het landschap besloten. Het landschap op die plek, daar. Maar niet eenduidig, het is inwisselbaar. Of herkenbaar als de verten van Vlaanderen en tegelijkertijd de vergezichten in Friesland. Het kan van daar zijn en schijnt van hier, en andersom.

De inspiratie is het landschap. De vlakten in Vlaanderen en de velden in Friesland. Het heeft voor hem eenzelfde uitstraling, een eendere beleving. De emotie steekt voor hem in de atmosfeer, de lucht boven de horizon. De aarde daaronder is slechts de kapstok voor dat gevoel, om het beeld tastbaar te maken en grijpbaar te houden. Het is niet de werkelijke wereld die hij uitdrukking geeft, maar dit is wel de ingeving, de bezieling. De bron waaruit hij put. Zijn landschap is een afgeleide van de werkelijkheid. Het is de beleving die hij een vorm geeft. Als voorbeeld geef ik zijn vertaling van de Wadden hierbij. Dat onderdeel van een drieluik is, een drietal beelden zoals ik mij Friesland voorstel: vlak maar kleurrijk onder de oppervlakte. Een eenvoudig landschap met een meervoudige uitdrukking. Dit is het nabeeld op het netvlies wanneer de ogen worden gesloten. Het oog ziet het landschap, de geest slaat een beeld op en de gedachte herinnert zich een vorm. Die herinnering geeft Beaumont opnieuw een beeld, een vorm die dus herinnert aan de werkelijkheid.

Anthology. Tentoonstelling schilderijen van Yves Beaumont bij Museum Galerie Heerenveen (Galerie MUGA), Minckelersstraat 11 in Heerenveen. Van 29 juni tot en met 17 augustus 2025.

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *