Zocht Marije Bouman eerder met haar werk grenzen op die een niemandsland omzoomden. Een omgeving waar niemand is en waar de sterveling geen weet van heeft. Alleen de mens die niet rationeel kijkt maar met gevoel beschouwt, kan er kennis van nemen. De landschappen van toen leefden in grensgebieden. Pasteltinten zweefden mijmerend over de composities. Deze beeldden geen concrete zaken af, maar maakten abstracties om in een wendbare gedachte tot werkelijkheid te worden. En nog steeds is de rust en de stilte van dat abstracte terrein in haar huidige werk te vinden. In de non-figuratie onderzoekt zij de essentie van het landschap. De kern van het wezen der natuur. In een summier aantal lijnen en enkele kleurvlakken tekent zij haar contemplatieve emotie bij het landschap in waterverf op papier. Het is geen werkelijk landschap, hoewel dit wel het uitgangspunt is en de inspiratie vormt. Maar door haar blik en uit haar handen is het een landschap van de geest. Geen tastbare waarheid, maar voelbare echtheid.


Het is kijken en laten inwerken. In het zalige niet-zijn ben je niet meteen vriend. Kleuren bewegen over tinten, flarden en korte verfstrepen verhouden zich als vlakken in een collage. Daarin wil het oog een houvast. Maar het hoeft niet te ontdekken, want het kan zo zijn als het is. Bouman fluistert het landschap. Met zachte tonen zet zij een eigen wereld in de werkelijkheid. En ik moet goed luisteren en beter kijken, anders zien, om aan te sluiten bij haar mythisch denken. Het is geen mysterie, het is een meditatieve staat van zijn. Diep in gedachten verzonken mijmert zij zich een zijn dat relateert aan een landschap, dat de associatie legt met de tastbare zichtbaarheid. Zo kijken en aanvoelen is een benadering die mij, en al die andere westerse mensen met mij, stelselmatig is afgeleerd. Zo lees ik dat althans in haar inleiding, een manier van kijken die zij op haar beurt beschouwt in de Chinese denkwijze. “De oude Chinese meesters gebruikten het landschappelijke om hun filosofie uit te drukken en om een verlangen op te wekken naar berg, bos en rivier. Dit werd met poëzie en in beeld uitgedrukt. Uit de beheersing van het schrijven van karakters vloeiden de teken- en schilderkunst voort.”
Inkijk op de eeuwigheid
In die zin heeft Marije Bouman de gave om de kern van het landschap te raken. In aquarel of met gemengde techniek maakt zij grensgebieden. Op de scheiding tussen waarneming en gedachte verbeeldt zij een niemandsland. Een gebied waar de tijd geen vat op heeft; het is er tijdloos. Een inkijk op de eeuwigheid. Als de grootmeester Kwo Sji over de velden door de tijd in de toekomst keek, zo gebruikt Marije Bouman de elementen aarde, water en lucht als de levenskracht in haar werk. En ik neem haar advies ter harte: “Laat ieder die tot rust wil komen deze bundel ter hand nemen.” De daarin opgenomen kunstwerken, dichtregels en oude doch zeer inzichtelijke en ook zo poëtische tekstfragmenten over de Chinese landschapskunst zetten mij aan de kamerpresentatie in Museum Belvédère te bezoeken. Echter ervaar ik daar niet optimaal de sfeer die Bouman oproept; uit een naastgelegen kamer klinkt het slotakkoord van een andere Friese kunstenaar. Storend op dat moment, maar de ingetogen lyrische werken van Bouman handhaven zich desondanks. Deze staan in de rumoerige wereld als een kalme oase.


Het is stil in de composities van Marije Bouman. Er heerst rust voor wie zich erin ingeeft. Wie langer blijft staan kijken om de emotie die Bouman erin heeft gelegd aan te voelen, kan erin meeleven. Echter ligt er ook een bepaalde geladenheid tussen de zichtbare lagen kleur, alsof de natuur en het landschap in spanning afwachten wat komen gaat. Want de stilte zal eens doorbroken worden. Niet in het ogenblik dat Bouman heeft vastgelegd en waar zij alle drukte uit heeft weggeschilderd, maar wel in de momenten die volgen. En dat hoeven geen rumoerige tellen te zijn; dat kunnen ook zeer wel in zichzelf gekeerde tijden zijn. Maar dat er iets staat te gebeuren heeft Bouman er onbewust in gelegd, als een zin die niet is afgemaakt. De kijker vult aan, denkt door, maakt af.
Stilte zichtbaar in inkt
Bouman laat zich leiden door Chinese wijsheid. Daarin kan de introverte kunstenaar zichzelf vinden. Niet enkel het beeld maar zeker ook het woord inspireert haar. “Poëzie is schilderen zonder de vorm en schilderen is zichtbaar geworden poëzie“, is zo’n gevleugelde uitspraak. De klassieke Chinese meesters waren vooralsnog diepe denkers. Het filosofisch beredeneren lijkt daar wel uitgevonden. China wordt vaak beschouwd als de oudste ononderbroken beschaving ter wereld, met een geschiedenis die duizenden jaren teruggaat. Hoewel het niet per se het biologisch oudste volk – in de zin van de eerste mensen op aarde – is, is de Chinese cultuur en samenleving een van de langstlopende die tot op de dag van vandaag voortduurt. In de poëzie en de beeldende kunst is de Chinese traditie voor velen een richtinggevend voorbeeld geworden – niet door luidheid, maar door verstilling. In het werk van oude penseelmeesters als Kwo Sji wordt het landschap niet vastgelegd als afbeelding, maar als ademruimte: een plek waar kijken en denken in elkaar overgaan. Schilderkunst, kalligrafie en poëzie raken er elkaar zonder grens. Onder de lange schaduw van een denktraditie die met Confucius verbonden is, krijgt aandacht een vorm van oefening, en oefening een vorm van levenshouding. Zo ontstaat een kunst die niet alleen iets toont, maar iets laat gebeuren: stilte die zichtbaar wordt in inkt.


En dat is precies wat er in de composities van Bouman gebeurt. Haar kunst toont niet alleen iets, maar laat iets gebeuren: ik proef er de stilte. Het raakt die filosofische denktraditie. Zij toont een transparant landschappelijk portret. Teer en dromerig, in het schemergebied van de werkelijkheid. De lyrische verbeelding van hetgeen er schijnt te zijn, een ingebeelde omgeving. Opgepakt in het voorbijgaan, gezien en overdacht. De herinnering aan een moment is dikwijls mooier dan het moment zelf. Je onthoudt sneller de schoonheid dan dat je de lelijkheid in gedachten bewaart. Dat mooie van de omgeving zet Bouman neer in transparant geschetste lijnen en licht aangezette kleuren. Pasteltinten zweven mijmerend over de composities. Een in opzet expressief gedetailleerde weidsheid van het landschap. Deze beelden geen concrete zaken af, maar maken abstracties om in een wendbare gedachte tot werkelijkheid te worden. Niet die werkelijkheid is benadrukt, maar wel het verlangen naar rust en ruimte in de realiteit. Na een omgang in het landschap worden thuis de gedachten uitgewerkt. Er wordt dan een sfeer toegevoegd, namelijk de emotie die zich na het moment buiten in het geheugen heeft vastgezet. De omgeving aangevuld met de gedachte; dat klinkt abstract en dat is het ook. Abstract landschappelijke portretten, derhalve.
De stilte in gedachten
Marije Bouman brengt abstract poëtisch werk dat voortkomt uit de passie voor de natuur. De composities relateren aan wolkenluchten en landschappen. In enkele gebaren is de verf in het beeld gezet. Het betreft verstilde grensgebieden, plekken waar iets nog niet is vastgezet maar al wel vorm begint te krijgen. In de Chinese kunsttraditie het gebied waar schilderkunst poëzie wordt, en poëzie beeld. Letterlijk kan in de literati-traditie een schilderij een gedicht bevatten, en kan een gedicht een landschap oproepen. Het grensgebied is daar geen scheiding, maar een overlap – een dunne laag waar kijken, lezen en denken samenvallen. Het terrein van Marije Bouman ligt tussen droom en werkelijkheid. Het niemandsland tussen abstractie en realiteit. Een omgeving die zich voordoet in gedachten bij het zichtbare onderwerp. Kijk in het rond, aandachtig naar wat je ziet. Sluit de ogen, dan verschijnt dit beeld op het netvlies. Als het ware een projectie achter de oogleden. De stilte in gedachten.


En sla ik de uitgave bij die museale tentoonstelling open, dan maak ik een natuurlijke beweging naar de mystieke ruimte. De transcendente atmosfeer die ligt besloten tussen de pagina’s door de afdruk van diverse werken. De zachtheid waarmee Bouman haar composities kleur geeft, komt goed tot uiting in dit drukwerk. Hoewel op kleiner formaat dan het originele werk, hebben deze reproducties dezelfde sfeer. In speciale gevallen aangezet met een hardere penseel of scherpe pen, wanneer een luidere toon noodzakelijk is. In het hart van de uitgave laat Bouman de oude Chinese meester aan het woord. “De geest van het landschap” doorlezend vormen de beelden in het boek stemmige illustraties bij de tekst. “Daar zijn verschillende wijzen waarop men een landschap kan schilderen. Het kan uitgespreid worden over groote composities en toch niets overbodigs bevatten. Het kan tot een klein bestek teruggebracht worden en toch niets ontberen. Ook zijn er verschillende manieren om landschappen aan te zien. Nadert men ze met het ontvankelijk gemoed van den natuurliefhebber, dan is hun waarde groot; nadert men ze met trots of zelfgenoegzaamheid in de ziel, dan hebben zij ons weinig te zeggen.”
ELEMENTEN. Marije Bouman. Kamertentoonstelling Museum Belvédère, Oranje Nassaulaan 70 in Oranjewoud. Van 21 februari tot en met 7 juni 2026. Publicatie met een selectie uit de serie gecombineerd met fragmenten uit een belangrijke elfde-eeuwse verhandeling van de Chinese inktschilder Kwo Sji. Uitgave in eigen beheer, 2026.


Leave a Reply