Categorie: Jongbloed Uitgeverij

  • Elly Zuiderveld getuigt van het bestaan van engelen

    Engelen bestaan niet” zong Ron Brandsteder eens en Marco Borsato kweelde ooit “Dromen zijn bedrog”. Dat waren aannames, want zowel Ron als Marco hebben die stelling niet hard kunnen maken. Ron en Marco bezongen een vrouw, van hun dromen, een lief engeltje. Elly Zuiderveld past mijn inziens in dat plaatje, maar zal hoogstwaarschijnlijk never nooit niet als zodanig door deze heren zijn opgemerkt. Voor haar omgeving straalt zij, voor Rikkert is Elly een droom die uitkomt. Niets is daarom minder waar, stelt Zuiderveld, engelen bestaan en dromen spiegelen de waarheid. Eerder maakte zij het bestaan van hemelse wezens die zich voordoen als mensen al duidelijk in haar boek ‘Engelen zijn overal’. In liedteksten, gedichten en verhalen liet zij mij weten dat engelen om ons heen zijn. Maar dan moet ik wel mijn zintuigen, ogen en oren maar vooral mijn gedachten, mijn hart, daarvoor openstellen. Dan zal de geest mij tonen dat wat toeval lijkt een reddende engel is.

    Een engel is een bovennatuurlijk, verstandelijk wezen, dat wordt teruggevonden in verscheidene religies. Zij treden als bedienden of beschermers van de mens, gewoonlijk op als boodschappers van God, van wie ze duidelijk zijn onderscheiden, en beschikken over bovenmenselijke capaciteiten en eigenschappen. Dat is wat Wikipedia zegt. Even verder lees ik dat een droom een opeenvolging is van beeldengedachtenemoties en gevoelens die zich gewoonlijk onvrijwillig in de geest voordoen gedurende bepaalde fasen van de slaap. Wat dromen precies zijn en waar dromen voor dienen is nog grotendeels onbekend, ondanks dat ze al eeuwen onderwerp zijn geweest van wetenschappelijke filosofische en religieuze reflectie.

    Engelen duiken overal op

    In de Bijbel mengen engelen zich met dromen, figureren in de gedachten van mensen. “Elly gelooft in engelen. Zij gelooft het niet alleen, ze weet het zeker”, die woorden waarmee ik mijn bespreking destijds begon kan ik nu hier integraal overnemen. “Elly Zuiderveld weet zeker dat engelen bestaan. Zij zijn overal om haar heen. Dat voelt ze, dat maakt ze mee. Die ervaring wil Elly met mij delen.” In haar nieuwe bundel ‘Een engel op de fiets’ deelt zij niet alleen haar eigen ervaring, dat deed ze dus eerder al om het bewijs te leveren dat engelen bestaan, maar anderen getuigen tevens van wonderlijke ontmoetingen in persoonlijke verhalen. Op haar eerste engelenbundel kwamen zoveel reacties van mensen met engelervaringen, dat Elly zich geroepen voelde deze kenbaar te maken in een nieuw boek. Ark Media stemde in met dat idee.

    Het is getiteld ‘Engel op de fiets’ naar een ervaring van haar dochter. Met dit boek bewijst Elly en met haar zoveel anderen dat een engel in elke gedaante en op iedere plek in een mensenleven kan opduiken. Zelfs op de pakjesdrager, maar ook in de schoenenwinkel, op de roltrap, in het zwembad of bij de tramhalte. En meestal beseft de mens die het overkomt de ontmoeting pas later. Op het moment zelf is er verwondering en ongeloof. Achteraf weet je dat er bij wijze van spreken een engel op je schouder zat. Uit de verhalen en getuigenissen blijkt dat de engel redding geeft en vreugde brengt. De getuige wordt voor onheil bewaard, bij tegenslag behouden en van kwaad verlost.

    Niet evangeliserend, niet belerend en prekerig

    Echter zet de scepticus in mij wel vraagtekens bij enkele verklaringen. Deze lijken meer toegeschreven aan een engel dan dat ze er nauwelijks bewijs voor zijn. Dat de belijder er de hand van God in wil zien, terwijl dat helemaal zo zeker nog niet is. Op andere plekken en in verschillende verhalen is de aanwezigheid van de boodschapper wel degelijk uit te leggen. Maar de antenne moet wel gericht zijn om de juiste zender te kunnen bereiken. Je moet op de goede golflengte zitten om de hemelse uitzending te ontvangen. Heb je niet het geloof dan krijg je niet de ervaring. Elly heeft het geloof en kan er vervuld van liefde over schrijven. “Ze komen niet met vleugels / Of glanzende gewaden / En niet met grote woorden / Maar wel in kleine daden (…) Soms zingen ze een liedje / Dat raakt je in je ziel / Misschien hield één jou tegen / Zodat je net niet viel”.

    In de eerste bundel lees ik geen grote woorden, maar ervaar tussen de regels door wel kleine daden. En hoor ik haar zingen dan raakt het mijn ziel. Want de teksten van Elly Zuiderveld zijn niet scherp maar wel duidelijk, bondig en doen ter zake. De woorden zijn vriendelijk, niet opstandig of protesterend. Maar in de liedteksten zegt ze wel waar het op staat. Niet evangeliserend, niet belerend, niet prekerig. Zij is de getuige die overtuigend de, niet een, blijde boodschap verkondigt tot heil van de mensen die willen lezen en luisteren. In de nieuwe bundel verhalen laat ze anderen aan het woord. Het is alsof ze deze getuigenissen heeft herschreven, want ze stralen eenzelfde beminnelijke goedhartigheid uit die haar eigen teksten karakteriseren.

    Ervaringen van mensen

    De voorvallen waarin engelen een hoofdrol spelen komen over als dagelijkse gebeurtenissen. Na het lezen zijn deze zo in het eigen leven in te passen, want engelen zijn overal. Zelfs de mensen met wantrouwen en die het bestaan in twijfel trekken, kunnen na lezing van Elly’s getuigenissen en opgetekende wonderlijke ontmoetingen niet meer om het zijn heen. Zij zullen eenzelfde ervaringen hebben, maar deze als toevalligheden en samenloop van omstandigheden kenschetsen. Want je dient wel het vertrouwen te hebben om erin te geloven. Maar ik ben ervan overtuigd dat engelen iedereen terzijde kunnen staan, ongeacht gezindheid, opvatting of standpunt. Niet iedereen gelooft in engelen, maar de wonderen die door hen of via hen in de wereld komen zijn waarachtig.

    De bundel bevat dus ervaringen van mensen die reageerden op de eerste bundel. Breekbare en nuchtere verhalen, herkenbare ontmoetingen. De engel in mensengedaante of alleen als een gevoel of een bijzondere uitredding. Met de teksten in de bundel hoopt Elly Zuiderveld bemoediging en troost te bieden. Tussen de ingezonden verhalen door deelt zij ook haar eigen ervaringen, zoals ze ook al deed in ‘Engelen zijn overal’. En er zijn liedteksten en gedichten opgenomen. Een lied van Lenny Kuhr, ‘er zijn misschien wel engelen’, dat haar aansprak: “Er is meer tussen hemel en aarde m’n vrind / Dan een wijze kan dromen / Is het eeuwige adem of hoor je de wind / Die ruist in de bomen / Of is het wiekslag en is het je eigen engel”.

    Bundel verhalen en gedichten

    Lenny Kuhr schreef een mooie aanbeveling voor de bundel: “Elly en engelen; dat past zo bij elkaar.” En schrijfster Annemarie van Heijningen heeft nog nooit een engel gezien, maar de verhalen maken haar verlangend en nieuwsgierig: “Misschien moet ik in het vervolg wat beter opletten.” Ook de tekst ‘Engelbewaarder’ van Marco Schuitemaker, ooit geschreven door Pierre Kartner voor zangeres Mieke, past volgens Elly in de bundel. En ze heeft gelijk, net als met haar vertaling van ‘Wings’ van Katherine Dines: “Als ik kon gaf ik vleugels aan jou / Dan was je nooit eenzaam of bang / Omdat ze jou beschermen zouden / Heel je leven lang”.

    Engelen zijn overal’ is een bundel verhalen en gedichten voor advent en Kerst, verscheen dus in november 2023. Deze bundel ‘Een engel op de fiets’ is een bundel persoonlijke verhalen over wonderlijke ontmoetingen. Teksten niet verbonden met advent en Kerst, maar terecht op elke dag of zondag in het jaar. Maar wel verschenen in november 2024, want engelen passen zo naadloos aan de maand december, horen zo bij de Kerst. Er zal vast nog een tweede bundel met verhalen volgen, want er zullen meerdere getuigenissen op te tekenen zijn. Deze bundel roept vast nieuwe reacties op, zodat in november 2025 een vervolg kan verschijnen. Want engelen bestaan en blijven hun heilzame werk voor de mensen en in de wereld aanbieden.

    Een engel op de fiets. Persoonlijke verhalen over wonderlijke ontmoetingen. Verzameld en bewerkt door Elly Zuiderveld-Nieman. Illustraties Willeke Brouwer. Uitgave Ark Media, 2024.

  • De volksverkakkerlakkerij van Rikkert en Marius

    Ze liggen me voor, ik heb ze gelezen. In tien dagen, zo´n veertig per dag – ik heb het niet geteld. Maar die meer dan vierhonderd diergedichten nodigen uit tot eigen creativiteit. Zal ik het dan zelf eens proberen een trijntje fop op te schrijven? Wel ja, wat zal het, het kan verkeren en ik kan een potje breken.

    Een hippe kikker uit Vledderveen

    ontstemde toen zijn stem verdween.

    Kwaakte niet meer op hoge toon,

    bromt nog schor in een megafoon:

    “Ik zoek een veld in het zuiden

    om mijn leven ruim te duiden.”

    Maar ach nee, laat ik het toch beter over aan de tekstenschrijver pur sang, die zich op velerlei terreinen en rijmelarijen al meermalen heeft bewezen. Nu dan met de uitgave ‘Door de wolf geverfd’, dat in de titel dezelfde schijnbare verspreking heeft als diverse verzen in de bundel deze hebben.

    Gedroomde dichter des vaderlands

    Rikkert Zuiderveld, mijn gedroomde dichter des vaderlands, stelt met deze verzameling weer eens duidelijk vast dat hij bovenaan de ranglijst prijkt van spelers met het Nederlandse woord. Naast serieuze sonnetten en diepzinnige liedteksten, waarvoor hij al eens gelauwerd is, leeft hij zich uit in het lichte vers. De door Peter Knipmeijer bedachte topo heeft in Zuiderveld daarbij een fanatiek luchtige beoefenaar. De diergedichten in ‘de wolf’ verdienen dan ook een gouden plak. Deze zesregelige gedichten hebben de lachers op de hand, maar het is toch telkens Rikkert die het laatste lacht. Herhaaldelijk neemt hij de lezer bij de neus (au) en word ik talig beduveld.

    Door het weglaten van letters of het draaien van lettergrepen moet ik overlezen wat er staat om de samenhang te achterhalen. Er ontstaan nieuwe woorden, scherpzinnige vondsten, Rikkert-uitdrukkingen. Vele ontdek ik in dit werk, een handjevol zijn te noemen: volksverkakkerlakkerij, vogeltrekharmonica, amfibitieus, bodybuildier en mailodrama. Het spel heeft weg van letterkeer, maar is geen anagram naar de letter gezet. De diergedichten nodigen uit tot meermaals lezen om in de duiding door te dringen. Hoewel het eenvoudige rijmelarijen lijken is het zaak aanhoudend de gedachten te concentreren om geen kwinkslag te missen. Vooral die woordvondsten en regelvindingen maken het dichtwerk een genot om te lezen. Het nodigt uit anders naar de moerstaal te kijken, de eigen spraak opnieuw te interpreteren. Creatief te denken kortom.

    Rikkertiaans

    Consequent noemt Zuiderveld de rijmen geen fops, maar diergedichten. Want de echte trijntje fops werden door Kees Stip onder pseudoniem gemaakt. Rikkert geeft aan het begrip een nieuwe draai. Hij luist me er wel in, zoals Stip mij een poets bakte, maar doet dat als taalhaspelaar op zijn Rikkertiaans. Op het Zuiderveld dansen en springen Noachs ark vol dieren rond, die door de dichter bij de horens worden genomen en een menselijke trek krijgen. Want de diergedichten zijn op de keper beschouwd fabelachtige rijmen. De dieren zijn net mensen, en in de laatste regel zit veelal een moraal. Aan die slotregel zit soms geen eind, dat vult de lezer zelf wel aan. Of is een woord uiteen getrokken om een tegendraadse betekenis uit te lokken.

    “Door het toegankelijke taalgebruik is de bundel voor een breed publiek geschikt”, lees ik in een boekbespreking van een collegarecensent *. “De gelaagdheid zit hem vooral in Zuidervelds vermogen de menselijke eigenaardigheden en onhebbelijkheden in diergedichten vast te leggen en zo op luchtige en vermakelijke wijze het menselijk gedrag te becommentariëren en ridiculiseren.“ Had ik het beter kunnen omschrijven? Wat zal het, het kan verkeren en ik kan een potje breken.

    Haast alle dieren in Oostwoud

    doen mee aan speeltuin-onderhoud.

    Het repareren van de schommel

    is een klusje voor de hommel

    en konijnen gaan met stip

    voor het maken van de wip.

    Beschaafd dichter

    Is het sporadisch wel eens op de rand, platvloers en ordinair wordt het nooit. Rikkert Zuiderveld is een beschaafd dichter. Maar ook het spel tussen man en vrouw hoort bij het leven, dus dat hij daarover omfloerst dicht en verbloemend op zinspeelt is om het even. Het is humor met een dubbele bodem, maar vaak ook met een ernstige ondertoon. Hij is het niet die lacht als een boer met kiespijn, dat ben ik omdat hij mij op mijn nummer zet. Rikkert mag evenwel met liefde de boel enigszins opschudden, want de gegrijsde protestzanger heeft nog altijd een scherpe tong:

    De oude vaderlandsche leeuw

    zingt het Wilhelmus eeuw na eeuw

    gewillig mee, maar op 4 mei

    is hij er met zijn hoofd niet bij

    en weet niet waar hij kijken moet

    wanneer men zingt: “Van Duitschen bloed”.

    Humorvolle kijk

    Zo zet de dichter aan tot nadenken, overdenken en doordenken. De diergedichten zijn geen vrijblijvende rijmelarijen. Het zijn lichtvoetige karikaturen, die humoristische illustraties verdienen. In de kunstenaar Marius van Dokkum heeft Zuiderveld een zielsverwant gevonden. Woord en beeld sluiten naadloos op elkaar aan. De tekening bezit eenzelfde humorvolle kijk op het leven als het gedicht dit heeft. Ook in de illustratie krijgt het dier menselijke trekjes en licht daarmee de tekst helder toe. Ik zie het al voor me: Rikkert staat als sneldichter à la Willy Alfredo op het podium, Marius als sneltekenaar aan zijn zijde. ‘Roept u maar!’ klinkt het luid door de microfoon. Een trefwoord vliegt door de zaal en Rikkert schudt zo een kort gedicht uit zijn mouw terwijl Marius daarbij snel een cartoon tekent. Want beide heren zijn door de wol geverfd en weten van aanpakken. In jaren hebben zij ervaring, woord en beeld zijn hen verre van vreemd.

    Een dove kwartel in Berlijn

    kan wel zeker erg dartel zijn.

    Hij zet zijn beste beentje voor

    onder de Brandenburger Tor.

    Blij danst de vogel evenwel

    op hele maat en drie kwart tel.

    Wat dunkt u, lezer, is dit een gedicht uit Rikkerts pen of heeft de recensent zich weer niet bij zijn leest gehouden.

    Tekstschrijver en liedjessmid

    Zal de echte Zuiderveld opstaan en in de lach schieten. Zoals hij, stel ik mij zo voor, aan het haardvuur in de kamer samen met Elly lacht over weer een volgend door hem bedacht rijm. Hij was al een gevierd tekstschrijver, een liedjessmid, een creatief toondichter. Al langer een rammelaar met woorden, een taalbrouwer, een zinsbouwer. Zijn woordspelige bezem veegt de Nederlandse taal schoon. Als Van Dale wacht ik op antwoord tot zijn nieuwe woorden in de volgende uitgave van de dikke staan opgenomen: aanlegstijger, pedrofiel, olifanterlant, krokodildo, handiclap. Een favoriet heb ik niet, maar deze is het citeren meer dan waard. Het heeft alles in zich om een trijntje fop te zijn; een vormvast dierversje van zes regels, iedere versregel heeft vier heffingen, het rijmschema is aabbcc, er wordt een plaatsnaam genoemd en het bevat een ouderwets geformuleerde moraal:

    Een druggebruiker uit Hawaï

    werd opgegeten door een haai

    die hier zo machtig stoned van werd

    dat ik u waarschuw: wees alert,

    gaat u bij uw chinees naar binnen,

    neem geen soep van highevinnen.

    Door de wolf geverfd. Verzameling diergedichten. Rikkert Zuiderveld. Illustraties Marius van Dokkum. Uitgave Ark Media, 2024.

    *Inge Boulonois op Het Vrije Vers

  • Woorden bloeien in de tuin van Rikkert Zuiderveld

    Elke dag vers, iedere dag een nieuw gedicht, een liedje of een drietal oneliners. Om te lezen, te beleven, te overdenken. Voor Rikkert Zuiderveld betekent dat ook iedere dag een nieuw idee, een andere gedachte. Om te schrijven, te dichten, te bepeinzen. En na lezing te zien dat het goed is. Elke dag is ook hij weer fris en fruitig uitgeslapen taalvaardig, zoals ik, iedere morgen gezond weer op. In de nacht dient de muze zich als een donderslag aan. Altijd in de stilte van de duisternis, want dan is er ruimte vrij gemaakt en staat het leven een paar uur in de wacht. In een flits verschijnt de inspiratie en kunnen de ogen beter niet meer gesloten, stel je voor dat de ingeving vervaagt met de slaap. Echter prent de gedachte zich stevig in en heeft geen houdbaarheidsmoment. Elke morgen blijft het vers, een appeltje voor de dorst.

    Schrikkeljaar: 1 dag om op adem te komen

    De poëzie van Rikkert heeft geen tijd nodig om in te dalen, maar verdient de aandacht wel. De woorden schijnen makkelijk op papier te zijn gekomen, maar eenvoud kent een meervoudig voorwerk. Tijd te bespiegelen, aandacht te filosoferen. Woorden doorstrepen, opnieuw beginnen. Eigenlijk zou ik, zoals geschreven in het voorwoord tot de bundel, een enkel vers per dag moeten lezen. Zo zoals het dichtwerk is ontstaan, iedere dag een vers vers. De bundel heet per slot ‘Elke dag vers’. Maar dan ben ik er het hele jaar 2024 zoet mee. En kan pas in januari 2025 met een beschouwing van de gehele bundel komen. Dus heb ik er bij wijze van spreken een haastklus van gemaakt om veel eerder dan pas na 365 dagen met een bespreking te komen. O, ik bedenk me iets: dit jaar heeft een dag meer. Ach, dan neem ik dus die dag maar even rust om op adem te komen.

    De verzen liggen makkelijk in de gedachte, blijven eenvoudig hangen waardoor ik er meerdere op een dag kan lezen en verwerken. Rikkert Zuiderveld is vanaf zijn begin als artiest een liedjesschrijver. Heeft in de jaren 60 van de vorige eeuw meerdere diepzinnige teksten op papier en de plaat gezet. Dat zijn songs die welhaast meteen zouden moeten kunnen beklijven. Je kunt ze nog eens weer beluisteren, maar daarna zullen ze meegezongen moeten kunnen worden. De cabaret- en kinderliedjes, de liedteksten en plezierdichten in de bundel ‘Elke dag vers’ hebben nog dat vluchtige karakter. Lekker in het gehoor liggend met een kwinkslag, een diepere betekenis. Deze zelfde aanpak van toen hebben de teksten van nu, die dan gedichten worden genoemd, het sonnet, de sonnettine en de sonnettette. In de inleiding worden deze vormen keurig uitgelegd. 

    Hij gluurde door elk sleutelgat / naar alles wat bewoog. / Men vond hem bloedend op de mat, / een sleutel in zijn oog.” en “Wij wassen onze koning graag de oren, / voor heel wat mannen doet hij weinig goeds. / ‘Neem toch de tram, of huur een houten koets, / of blijf maar thuis in uw ivoren toren.’/  / ’t Zijn krokodillentranen die zij huilen: / als zij z’n vrouw zien, willen ze wel ruilen.”

    Nieuwe handzame Bijbelvertaling

    Zuiderveld heeft geen vast publiek, hij schrijft voor iedereen. Alhoewel hij wel met een schuin oog wordt bekeken, want hij zit toch in die besmette christelijke hoek. Wordt daardoor minder serieus genomen, schijnt. Maar wie tijd neemt voor en aandacht schenkt aan zijn werk komt van een koude kermis thuis. Hij heeft voor elk mens die dat nodig heeft een stichtend woord, een fundering om de dag op te bouwen. Hij baseert zijn manier van leven en denken op de Bijbel, maar eigenlijk zouden wij dat allen moeten doen. Het zou de wereld leefbaarder maken, ook wanneer we dat boek niet van kaft tot kaft voor waarheid aannemen. Er staan goede dingen in geschreven, die Zuiderveld in begrijpelijke taal voor ons nu leesbaar maakt. Mijn woorden overdenkend meen ik dat Rikkert een nieuwe handzame Bijbelvertaling heeft gemaakt. De oude teksten die naar onze tijd hertaald en vernieuwd zijn onder de loep genomen en er een eigentijdse draai aan gegeven. Een draai waardoor de boodschap overhoop is gehaald en van meerdere kanten kan worden bekeken. Zo gedraaid dat alle mensen er iets aan hebben, ongeacht waar men in gelooft en voor waarheid aanneemt.

    Al lezend werd ik slimmer dan Poirot, / met Marco Polo vond ik nieuwe landen, / ik reisde met een spannend boek in handen / naar Mars of naar de grotten van Lascaux. /  / En dan het Boek: een glimpje van Gods luister / waardoor ik licht ontdekte. En mijn duister.

    Trekt een glimlach rond mijn mond

    Het is net geen light verse, hoewel Rikkert daarvoor ook zijn hand niet omdraait. Hoewel ze wel aan de lichte kant zijn, zonder drempel voor iedereen te begrijpen, verdienen ze een geconcentreerde overdenking. Mijmerend kan ik er een deel van de dag op kauwen, in mijn hoofd herhalen – van gene en de andere kant bekijken. Al heb ik bij lezen de inhoud en de strekking meteen begrepen, toch liggen ze nog na te smeulen door de dag en vlamt het vuurtje eens in de middag weer op. Trekt een glimlach rond mijn mond. Zoals je eigenlijk soms een grap pas na meerdere ogenblikken begrijpt, na een paar uur de clou invalt en je in lachen uitbarst terwijl er op dat moment niets te lachen valt. Rikkerts’ poëzie bezorgt mij binnenpretjes, zo kom ik de dag wel door. 

    Hier proef je zomerwijn, je hoort cicaden, / de bakker bakt croissants en dagvers brood. / Wij komen er wat graag, om half ontbloot / en half verbrand aan zee te liggen braden. /  / Daar wordt gezonnebaad en luigelakt. / Vive la France! Waar heel Holland bakt.”

    Zuiderveld schrijft voor alle mensen

    De teksten maken het leven lichter, omdat de dichter op dat leven en die wereld een prettige blik en liefdevolle kijk heeft. Hij neemt dingen met een korreltje zout en brengt zo smaak aan zijn teksten. Weleens sterk gekruid, maar nooit flauw en smakeloos. Zuiderveld schrijft voor alle mensen, iedereen kan zich wel ergens in een gedicht of liedje vinden. Hij spreekt alle mensen aan op een vriendelijke toon, maar wel met een scherpe tong. Zijn potlood heeft altijd een geslepen punt, zodat hij in duidelijk schrift zijn visie op de wereld kenbaar kan maken. 

    Het midden van ons land kent vele lagen. / Zo kent de ‘Biblebelt’ zijn eigen sfeer / van recht en tucht, gestrengheid in de leer. / Die kan ik – met wat moeite – wel verdragen, /  / behalve als men stug en onverdroten / de halve waarheid zingt op hele noten.”

    Cultiveert de taal tot nieuwe dichtvormen

    Rikkert Zuiderveld is een tuinman, een hovenier. Hij tuiniert in letters. Hij is de gaardenier van de taal. Hij harkt de taaltuin aan, wiedt de woordpercelen en plet de letterzetters. Alles om de taal mooier te maken, de uitspraak weelderig te laten klinken. Hij schoont de taal op, als het ware. Speelt met woorden en geeft een speelse betekenis aan het dichten als spelvorm met letters en leestekens. Hij spit en keert de grondtaal om, hij graaft en legt nieuwe woordbedden aan. Hij cultiveert de taal tot nieuwe dichtvormen. Voor hem bestaat er geen onkruid, alle woorden en uitdrukkingen zijn welkom. Wanneer het maar kracht geeft aan de opbrengst. 

    De wijzen komen veelal uit het oosten, / Tibet en China, India, Japan. / Hun wijsheid tilt ons op een hoger plan, / met woorden die bemoedigen of troosten. /  / De Dalai Lama, Lao-Tse en zo. / En Herman Finkers. Ja, oet Almelo.”

    De ollebollekes staan er fleurig bij

    Het is vruchtbare grond in de tuin van Zuiderveld, daar kweekt de letterman exuberante sonnetten die geuren met kleurrijke sonnettettes. De ollebollekes staan er fleurig bij. De liedteksten laten van zich horen en in de takken van het cabaretgewas kwinkeleren de kinderversjes. En Rikkert ziet dat alles goed is, leunend op zijn hark. Hij beziet zijn werk en weet dat morgen de nieuwe dag zich aandient met oneliners, die hun kopjes uit de koude grond omhoogsteken. De tuinman is tevreden, hij heeft weer een herbarium vol teksten. De woorden liggen te drogen tussen de pagina’s, maar blijven elke dag vers.

    Ik was weer bezig onkruid uit te roeien / en knielde op een bed violen neer. / Door alle distels zag ik nergens meer / de schoonheid die een hart doet openbloeien. /  / Vergeet een mens algauw wat hem bezielt / en zegt geen dank meer, zelfs wanneer hij knielt?

    Zijn werk is poëtisch verantwoord

    Rikkert Zuiderveld is een poëet die een prozaïsch verhaal verkort dichterlijk kan laten klinken. En houdt hij zich dan vast aan rijm en ritme, een rots in de branding zoals God dat ook voor hem is, dan dansen de verzen over de bladzijden en door het boek. Hoor ik hem de liederen zingen zichzelf begeleidend op gitaar, zoals David de psalmen zong onderwijl de lier bespelend. Ik schrijf hier ‘liederen’, want ‘liedjes’ klinkt zo denigrerend. Alsof het meer kitsch is dan kunst wat Zuiderveld doet. In vrijwel elk gedicht gaat hij als een voetballer recht op het doel af zonder de bal af of over te spelen. De aanval is de beste verdediging. Dat is nodig daar hij zichzelf weinig zinnen geeft om de puntjes op de i te zetten, er een puntje aan te zuigen en een punt te maken. Geen vraagtekens, maar uitroeptekens. 

    In deze bundel, die eigenlijk een verzameling van ingevingen en uitdrukkingen is, bedient hij zich niet van het lichte vers. Hij giet zijn gedichten in de vaste vormen die gangbaar zijn in de poëzie. Zijn werk is poëtisch verantwoord. Schijnen uit de losse pols geschud en opgeschreven, maar hebben altijd een diepere gedachte, een filosofisch mijmeren. Zuiderveld gaat niet over één nacht ijs en dicht niet voor de vuist weg. Er zitten wel addertjes onder het gras. Maar hij of zij die op zijn of haar tellen past, met zorg en aandacht de verzen leest, vindt de grond waarop de teksten wortel hebben geschoten.

    Elke dag vers. 365 liedjes, gedichten en meer. Rikkert Zuiderveld. Uitgave Ark Media, 2023.

  • Van aangezicht tot aangezicht: toeschouwer én deelnemer

    Het staat er. In Exodus 33 vers 11. De Heer sprak tot Mozes van aangezicht tot aangezicht. Exodus is het tweede Bijbelboek en beschrijft de uittocht uit Egypte. Het Israëlitische volk leefde in ballingschap onder een streng bewind van de farao. Ze waren er relatief gelukkig, maar God had voor het volk een andere lotsbestemming. Onder aanvoering van de als leider aangestelde profeet Mozes vingen de mensen een voettocht van veertig jaren aan naar het land van belofte. Dat is waar Exodus over gaat: huis en haard verlaten naar onbekende streken. Vertrouwende dat alles goed zal komen. De uittocht is een nieuwe start in de geschiedenis.

    Van aangezicht tot aangezicht. Het is een Bijbelse uitdrukking. Met aangezicht wordt de menselijke kant van God bedoeld. Je kunt Hem aankijken en Hij kijkt niet langs je heen. Gaat met ons mee, kijkt ons aan en knikt ons vriendelijk en soms streng toe. Echter slechts drie personen in de Bijbel hebben Gods’ aangezicht ooit gezien. Hebben Hem in de ogen gekeken. En Hij keek terug. De genoemde Mozes, later de profeet Elia en in het Nieuwe Testament Gods’ vriendelijk aangezicht Jezus. Want wanneer je dat aangezicht ziet ben je een grens over gestoken: “want geen mens zal Mij zien en leven”.

    Recht in het gezicht

    Het onlangs uitgegeven boek met schilderijen van Egbert Modderman en gedichten van Pieter Jan Kruizinga is getiteld “Van aangezicht tot aangezicht”. Niet het aangezicht van God wordt daarin verbeeld en omschreven, maar wel het aangezicht van niet nader genoemde mensen uit de Bijbel. Of althans wiens doen en laten volgens de poëtische beschrijvingen best van Genesis tot de Openbaringen van Johannes daarin een plaats hadden kunnen hebben. Enkele kennen we bij naam, maar de meeste zijn niet gekend.

    Van aangezicht tot aangezicht is buiten de gemeenschap het meest intieme moment in de ontmoeting met de mens. Een mens. Je kijkt hem of haar aan. Recht in het gezicht. Onder vier ogen zeggen we ook wel eens. Aan de gelaatsuitdrukking kun je iemands emotie aflezen, in elk geval wanneer je er oog voor hebt. Je moet de taal kennen om een gezicht te lezen. De uitdrukking is universeel. Wereldwijd heeft vreugde en verdriet eenzelfde uiting in mimiek.

    Ze trekken mij in het beeld

    De mensen in het boek, de figuren die Modderman heeft geschilderd, kijken meestentijds van de bladzijde af mij recht in het gezicht. Met priemende ogen staren ze mij aan. Van aangezicht tot aangezicht. Ze trekken mij in het beeld, ik ben deelnemer. Meestal is het een gelaten blik, een berusting in de hen opgelegde handeling. In oogcontact vragen ze zich de zin van het leven af. Die gelatenheid straalt ook van het lichaam wanneer ze contact hebben met andere figuren in hetzelfde beeld. Dan ben ik toeschouwer en sta op een afstandje te kijken. Ik voel me indringer, daar er een intieme activiteit gaande is.

    Innig verbonden samenzijn wordt door Modderman in beeld gebracht. Aan de hand van Bijbelse vertellingen schildert de kunstenaar herkenbare gevoelens. Het zijn emotionele waarden die hij in beeld brengt. Veelal is dat gebrokenheid, eindigheid en de kwetsbaarheid van het leven. In een Bijbelse entourage blijft de thematiek actueel. Want het gevoel dat van de gezichten is af te lezen is herkenbaar, in te vullen in het zijn van vandaag de dag.

    Ze kijkt dwars door mijn gemoed heen

    Een prachtig tot meer dan de verbeelding sprekende plaat is bijvoorbeeld de hoogzwangere Maria die de deur wordt gewezen. Voor haar en haar man Jozef is geen plaats, in geen enkele herberg. De vrouw die Maria kan zijn kijkt mij met een vragende blik aan. Niet angstig, niet vertwijfeld. Ze kijkt dwars door mijn gemoed heen. Met ogen die mij doen smelten en meteen mijn deur voor het echtpaar laten openzetten. En zo zijn er meerdere platen die op het gevoel werken. In ”zorg voor de zieken” de vrienden die een vriend op handen dragen. De gevangene die mij doordringend aankijkt, geketend aan medebroeders die berustend in slaap zijn gevallen. De mannen die een witte kist ten grave dragen. Door de trieste blik van de begeleidende dame krijg ik tranen in mijn ogen.

    Het is een prachtig boek om door te bladeren, maar echt vrolijk word je er niet van. De kunstenaar Modderman is een meester in het vastleggen en uitdrukken van gevoelens. De portretten richten zich enkel op het figuur. Er is geen achtergrond en er zijn enkel attributen wanneer dat strikt noodzakelijk is. Het draait in de schilderijen om de lichaamshouding en gelaatsuitdrukking. De mens vertelt het verhaal. De gezichten spreken woordloos boekdelen. Van aangezicht tot aangezicht is letterlijk oogverblindend.

    Peinzend overdenken

    De poëzie van de Groningse dichter Pieter Jan Kruizinga staat niet los van de schilderijen. Het is geen onderschrift die het beeld uitlegt. Het beeld is ook geen illustratie van het gedicht. Woord en beeld vormen een uitdagende eenheid. De combinatie daagt mij uit tot een contemplatief beschouwen. Peinzend overdenken. Beide kunstvormen zijn fijngevoelig opgezet en uitgewerkt. Niet weekhartig of teergevoelig, maar wel ontvankelijk en ontroerend. In vloeiende zinnen en met een sensitieve woordkeus komen de gedichten aangenaam bij mij binnen. De taal is wel rauw omdat het omschrijft waar het op staat, maar drukt veelal rouw en droefenis uit. De treurigheid van het leven, omdat het eindig is, afscheid nemen, gebroken raken. In de woorden lees ik dan nog meer vreugde dan dat ik deze in de beelden zie.

    Kruizinga weet de oude verhalen in eigentijdse gedichten om te zetten. Poëzie die je niet in de koude kleren gaat zitten. De omschreven emotie is een-op-een in mijn zijn in te passen. Heel herkenbaar, in te voelen en te beleven. Ervaringen die een leven tekenen. Hoewel woord en beeld een eenheid vormen, is de taal en het teken heel goed afzonderlijk te beschouwen. Op de letter zou je het gedicht apart van het schilderij lezen, en de plaat niet naast de poëzie zetten. Je zoekt anders een overeenkomst. Maar het een illustreert niet het ander. Onafhankelijke elementen. Die echter wel heel goed samen kunnen optrekken. Leden zijn van één lichaam.

    Van aangezicht tot aangezicht. Egbert Modderman, schilderijen. Peter Jan Kruizinga, gedichten. Uitgave Ark Media, onderdeel van Jongbloed Christelijke Media, 2023.

  • Engelen zijn overal in de overtuiging van Elly Zuiderveld

    Elly gelooft in engelen. Zij gelooft het niet alleen, ze weet het zeker. Elly Zuiderveld weet zeker dat engelen bestaan. Zij zijn overal om haar heen. Dat voelt ze, dat maakt ze mee. Die ervaring wil Elly met mij delen. In haar nieuwe bundel ‘Engelen zijn overal’ laat zij in gedichten, liedteksten en verhalen zien en horen hoe ik kan weten dat engelen bestaan. Wanneer ik voor die ervaring open sta uiteraard. Haar bundel bevat verhalen en gedichten voor advent en Kerst. Engelen passen helemaal bij Kerst. Bij aankondiging en geboorte van Jezus zijn engelen aanwezig, zo staat in het oudste kerstverhaal te lezen. Zij loven en prijzen in koor de Heer vertellen de evangelisten. Een lied dat nu nog altijd uit volle borst met Kerst in de kerken wordt gezongen: Ere zij God. Maar niet alleen met Kerst openbaren engelen zich aan mensen, het hele jaar rond doen zij hun geestelijke werk.

    image

    Het zijn persoonlijke verhalen, autobiografisch welhaast. Van ervaringen en gewaarwordingen die Elly Zuiderveld in haar leven heeft gehad. Doordat zij ze in de ik-vorm vastlegt wordt de vertelling levend en is het werkelijkheid. Ze vertelt over mensen die op haar levenspad zijn gekomen en waarin zij een engel heeft gezien. De verhalen geven een warm gevoel, een behaaglijke emotie. Maar het zijn geen zalvende vertellingen. Uiteraard spelen ze zich wel af in de christelijke sfeer, maar het evangelische karakter ligt er niet dik bovenop. Ze doen denken aan Bijbelse gelijkenissen en heidense volksverhalen. Hoewel het soms wel een trieste aanleiding heeft, is het altijd een gezellig verhaal en heeft het een gelukkig einde. Want daar zorgen de engelen wel voor. Mensen kunnen ervan zeggen dat het fantasie is, een bedacht verhaal: uit de duim gezogen, een sprookje. Dat het te mooi is om waar te zijn. Maar niets daarvan. Elly is betrouwbaar, verwoordt haar ervaringen, haar geloven en zeker weten in realistische taal. Haar belevenissen komen bekent voor en geven wel een déjà vu gevoel. ‘Been there, done that’.

    image

    Het maakt een sfeer die bij Kerst past

    Het boek van Elly Zuiderveld heeft vooral een relatie met Kerst. En de tijd daaraan vooraf gaand, de weken die in de kerkelijke taal advent worden genoemd. Hoewel de verhalen vooral kerstvertellingen zijn kunnen deze aangepast op andere feestdagen worden gelezen. Want Elly schrijft ook over ervaringen op andere plaatsen en ontmoetingen in andere tijden dan alleen in december onder de kerstboom. Een bijna doodervaring bijvoorbeeld heeft ze herschreven tot een hoopgevend lied. Een vervolg op haar compositie uit 1968, de zeven tuinen. De achtste tuin is het veld achter de muur, over de grens van de dood. Zo spelen meerdere teksten zich af met engelen in gedachten zonder specifiek verbonden te zijn met Kerst. Maar hebben wel aldoor diezelfde sfeer van vrede op aarde, in de mensen een welbehagen.

    image

    Elly kruipt in haar vertellingen en sommige van de liedjes in de huid van Jozef en van Maria om de geboorte van Jezus van diverse kanten te bekijken. Zelfs is zij de os en verplaatst zich in de ezel, en beleeft zij de gebeurtenissen als een wijze uit het Oosten. Zo krijg ik een beeld van hoe het daar in die stal gegaan kan zijn. Het staat niet met zoveel woorden in de geschriften die de Bijbel vormen. Maar met inlevingsvermogen kan Elly de teksten van de evangelisten aanvullen en actueel inpassen. Elly kan Maria zijn, want is zij zelf niet ook moeder. Ook kan ze in de sandalen van Jozef staan, want is zij niet ook zelf een mens met vragen zonder antwoorden: waarom ik.

    De vertellingen van Elly Zuiderveld zijn eenvoudige verhalen. Geschreven voor kinderen, maar waarin volwassenen zich ook makkelijk kunnen spiegelen. Het zijn feel good verhalen waarin romantiek, humor en drama zich luisterrijk afspelen. Het maakt een sfeer die bij Kerst past. Het kan bijna niet anders of je wordt er weemoedig en blijmoedig van. Emotie speelt een grote rol. Bij Kerst hoort vreugde en blijdschap. Zelfs voor de arme en gekoeioneerde Bob Cratchit, de klerk van vrek Scrooge, is er plek in de herberg. Feestelijk worden de armen van geest binnengehaald.

    image

    Door Kerst breken harten open

    Kerst is vooral een feest van samenzijn, een tijd van vrede. Lief zijn voor elkaar zoals Elly in haar hippie-tijd zeker heeft nagestreefd. Ze kan die wens nu nog onderschrijven met haar optredens, platen en boeken waarmee ze haar teksten uitdraagt. In die geest bevreemdt het haar dan ook dat mensen elkaar alle goeds wensen met Kerst, terwijl ze in de rest van het jaar strijdbaar tegenover elkaar staan. Elly zou daarom iedere dag van het jaar wel Kerst willen vieren. Dan blijven de wapens neer en kunnen we ze tot ploegen omsmeden. Door Kerst breken harten open, worden deuren open gezet en is iedereen welkom. Twee dagen kort is de wereld zoals deze ooit bedacht en bedoeld is. Maar zodra het dan na de nacht weer dag wordt, is alles bij het oude en staat al die liefde en vrede weer bij het grof vuil aan de weg.

    image

    Elly Zuiderveld gelooft dat het anders kan. Ze weet dat de engelen om ons heen veranderingen kunnen brengen. Engelen schuilen in voorbijgangers, die te hulp snellen bij onraad en gevaar. Klaar staan om te helpen bij ziekte en ongeluk. Engelen willen het goede in de mensen naar boven laten komen. En achteraf weet je pas dat je een engel zag, terwijl je het op dat moment niet beseft. ‘Engelen zijn overal’ draagt bij aan het streven van Elly Zuiderveld. De ambitie om de wereld zo mooi te maken weer als deze in den beginne was. De verhalen en gedichten zijn niet nieuw. Ze zijn eerder door Elly geschreven en gezongen. Ook heeft ze enkele vertalingen aan de bundel toegevoegd.

    image

    In de inhoudsopgave geeft het boek aan waar de teksten het meest op van toepassing zijn. Een aanrader voor kinderen, specifiek over engelen en speciaal over de geboorte van Jezus. Diverse teksten kunnen zo in een kerstspel worden opgenomen of kunnen de verhalen worden voorgelezen tijdens een kerstviering. Een playlist completeert de bundel, deze muzieklijst kan door een QR-code in te scannen worden afgespeeld. Zo kan de lezer dus verder luisteren, want vele van de door Elly & Rikkert uitgebrachte albums passeren de revue. ‘Engelen zijn overal’ voelt figuurlijk warm aan. “Een heerlijk boek om mee op de bank te kruipen of op de koffietafel te leggen”, vindt de uitgever. “Engelen vormen de rode draad in dit boek. Want engelen spreken altijd tot de verbeelding. Of ze nu worden afgebeeld met vleugels, in een schitterend licht, óf er zo gewoon uitzien dat je je pas later realiseert dat je er ‘één hebt ontmoet.” Dat staat geschreven!

    Engelen zijn overal. Verhalen en gedichten voor advent en Kerst. Elly Zuiderveld. Uitgave Ark Media, 2023.