Categorie: Laatste drie geplaatste stukjes

  • De lotgevallen van Mozes, David, Jona, Jezus en de rest

    Het was een lang gekoesterde wens om een kinderbijbel uit te geven. Een rijk geïllustreerd, eenvoudig te lezen boek. Voor kinderen te begrijpen en voor ouders helder uit te leggen. Een soort journaal in makkelijke taal. Zelfs te verstaan voor mensen die de klok hebben horen luiden maar niet weten waar de klepel hangt. Een boek derhalve met een lage drempel; je kunt er zo binnenstappen en luisteren naar de verhalen. Die wens had uitgeverij Buddy Books, net als het duo Bram Kasse en Michel de Boer. Kasse herschreef de tekst, of eigenlijk hertaalde hij de verhalen. De Boer maakte daarbij levendige afbeeldingen; hij verbeeldde de verhalen. En door Buddy Books ligt het boek in de winkels.

    Het is geen volledige bijbel, van kaft tot kaft, van A tot Z of, om in de sfeer te blijven, van alfa tot omega: van Genesis tot Openbaring. De schrijver heeft enkel die verhalen uit het geheel gelicht met een avontuurlijke kern. Het is daarom een min of meer spannende bijbel geworden om er zo nu en dan, op het puntje van de stoel en met rode oortjes, naar te luisteren: De Avonturenbijbel. Zo nu en dan, want niet alle verhalen zijn even spannend, hoewel Kasse er wel zijn best op heeft gedaan de spanning erin te schrijven. Vooral wanneer een verhaal over verschillende bladzijden is uitgesmeerd, moet je een dag wachten voordat het vervolg komt. Ieder hoofdstuk heeft een cliffhanger, zodat de kleine luisteraar nauwelijks kan wachten. Het zijn verhalen voor het slapengaan, iedere avond een volgende. Honderdvijftig dagen lang.

    Meest spannende avonturen

    Kasse en De Boer weten van de hoed en de rand. De schrijver heeft meer dan veertig boeken geschreven, waaronder diverse Bijbelverhalen. De illustrator heeft meer dan vijfhonderd boeken van tekeningen voorzien. Met partner Leontine Gaasenbeek is hij kinderboekenuitgeverij Buddy Books gestart. Een uitgeverij die een ruim assortiment en een kleurrijke reeks boeken in de brochure heeft. Naast religieus getinte uitgaven zijn er meerdere seculiere bundels uitgegeven. Buddy Books heeft als doel leuke, leerzame kinderboeken van Nederlandse bodem uit te geven. De Boer en Gaasenbeek doen dit door zelf te schrijven en te illustreren, maar werken ook samen met andere schrijvers, dichters en illustratoren.

    De Avonturenbijbel is een kinderbijbel die niet alleen jonge kinderen aanspreekt, maar ook wat oudere kinderen en zelfs pubers, evenals ouders en ouderen. Dat komt door de gemakkelijke taal waarin het is opgesteld; het leest eenvoudig weg. Kinderen kunnen de tekst zelf lezen en de verhalen spellen. Ouders of een ouder kind kunnen voorlezen. Voor de onderliggende, ofwel bijbehorende, teksten kan de ‘echte’ ofwel ‘grote mensen’-Bijbel worden nageslagen. Ieder verhaal heeft namelijk één of meerdere tekstverwijzingen. Het is geen droge tekst, geen kerkelijke taal. Het is een kennismaking. De volgens de samenstellers meest spannende avonturen zijn uit de Bijbel genomen en hertaald, soms ook herschreven: De verboden boom, De hoogste toren van de wereld, De ladder zonder eind, De nachtmerrie van de farao, De grote ontsnapping, Simson en Delila, David en Goliath, Jona in de walvis, In de kuil vol leeuwen. Er wordt wel van de originele tekst afgeweken om het verhaal menselijker te maken, eenvoudig te begrijpen, omdat het vaak in een huidige tijd is gezet en daarmee actueel wordt. Een cadeau voor de wereld, Dwars door het dak, Het foute antwoord, Wie is de verrader?, Wind en vuur, Alles wordt nieuw. “Kom maar snel terug, Jezus.” zijn de laatste woorden, en dat is waar de gelovige op hoopt.

    Eenvoudig leesbaar gemaakt

    Hoewel het niet zozeer een evangelisch boekwerk is om dwingend zieltjes te winnen, zogezegd, komen God en Jezus wel voortdurend om de hoek kijken. Ook De Avonturenbijbel is een religieus boek. God is de kern. De verhalen zijn misschien enigszins eenvoudig voor kerkmensen, wat al te gemakkelijk, maar al die anderen kunnen op deze manier de Bijbel leren kennen. De boodschap is duidelijk en helder, voor iedereen te begrijpen. De ‘echte’ Bijbel kan nog weleens geheimzinnig en duister zijn, tegenstrijdig soms, mysterieus en vaag, zelfs voor volwassen gelovigen. In De Avonturenbijbel, en al die andere kinderbijbels, zijn deze moeilijke verhalen eenvoudig leesbaar gemaakt. Niet dat ze daardoor aan kracht verliezen; ze winnen juist aan toegankelijkheid.

    De verhalen kunnen objectief gelezen worden, zonder afleidende gedachten over hoe het zou moeten zijn of hoe het werkelijk is. Zonder vooroordeel ziet de lezer en hoort de luisteraar het heil en de verlossing en merkt deze waar het werkelijk om draait in deze versie van de Bijbel: geloven als een kind in de woorden van een kind. Vertellingen waar zij beelden bij kunnen maken en waar zij de fantasie op kunnen loslaten. Het is echter geen fantasie, hoewel het fantastische verhalen zijn met avontuurlijke tekeningen. Het grote verhaal is klein gemaakt. De Avonturenbijbel is een menselijk boek; de lezer en luisteraar kunnen zichzelf erin herkennen, zo aansprekend is de tekst. De originele tekst is namelijk beeldender gemaakt, mede door de speelse illustraties. Er is een eenvoudige sfeer ingebracht.

    De verhalen staan dicht bij de mens; zijn onhebbelijkheden hoeven niet eens sterk te worden uitvergroot, de verhalen zijn ervan doordrongen: lusten en lasten, list en bedrog, ruzie en jaloezie, verraad. Maar ook de mooie kant, die vooral met en door God wordt beleefd, of, wanneer je daar niet in gelooft, de zonnige kant van het leven wanneer je de hand van een hogere macht erin ziet. Maar die hogere macht kan ook de goedheid van de mens zelf zijn, het sociale aspect: de liefde voor de ander – geloof, hoop en liefde. De verhalen hebben zin, ook wanneer je niet religieus bent. In ieder mens schuilt een kleine god; ieder mens weet wel wat goed is, en anders is hij van de duivel bezeten. Zo zwart-wit is het, zo simpel. Ter lering ende vermaeck.

    De Avonturenbijbel. Tekst: Bram Kasse. Illustraties: Michel de Boer. Kleuradvies: Leontine Gaasenbeek. Theologisch advies: Laurens Snoek. Uitgave: Buddy Books, 2025.

    De Avonturenbijbel, Bram Kasse, Michel de Boer
    De Avonturenbijbel, Bram Kasse, Michel de Boer
    Leontine Gaasenbeek, Bram Kasse, Michel de Boer

  • Een vergeten schipbreuk centraal in de kunst

    Nadat wij van de 5, 2 schepen verloren hadden, dreef het Walvisch-spek en de Traan om ons heen, op welker reuk de Beeren in menigte af kwamen, waarvan wij eenige dood schoten, die door het volk van de twee bij ons zijnde schepen, wegens gebrek een leeftogt, werden ingezouten. De zoodanige, die er dadelijk van aten, vonden dit vleesch niet onsmakelijk, maar na verloop van twee dagen, ging hun het vel in den mond en van den tong als mede op andere plaatsen van het ligchaam en van handen en voeten af.” Bij het lezen van deze passage uit het dagboek van de Amelander walvisvaarder Hidde Dirks Kat kreeg Dolph Kessler kippenvel op meerdere plaatsen van het lichaam. Mij lopen de rillingen over de rug wanneer ik het dagboek in bewerkte vorm naar 19e eeuws Nederlands verder doorlees.

    Hidde Dirks Kat, Egbarta Veenhuizen
    De jacht op een walvis. Tekening: Egbarta Veenhuizen (315 x 170 cm. / 2016).

    Het boek waarin dat ‘Dagboek van eener reize ter walvisch- en robben-vangst gedaan in de jaren 1777 en 1778’ staat afgedrukt, vond ik in de vitrine bij de presentatie van Egbarta Veenhuizen in Museum Belvédère. Daar had de kunstenaar tot voor kort een kamer ingericht met werken geïnspireerd op haar verblijf op Groenland. “Tijdens een reis in het voorjaar van 2015 naar Groenland sloten wij (…) dat land in ons hart”, schrijft Kessler. Een plek die tot de verbeelding spreekt, op dit moment eerder hot dan cool. Een half jaar later ontdekte Kessler bij toeval het dagboek van de walvisvaarder. Hij raakte in de ban van Hidde Kat. En ook partner Egbarta Veenhuizen liet zich inspireren door de 18e eeuwse dramatiek.

    Groenland, Egbarta Veenhuizen
    Installatie “Groenland” van Egbarta Veenhuizen in Museum Belvédère.

    Veenhuizen heeft mij gevraagd haar kunstzinnige doen en laten met betrekking tot Groenland, in museum en atelier, filmisch vast te leggen voor een door mij te maken internationale video van het project. Om met huid en haar in de materie op te gaan, leek het mij verstandig het boek dan maar te lezen, dat beschikbaar kwam toen de tentoonstelling werd uitgeruimd. En het blijkt ook mij aan zich te binden. Niet alleen door de spanning van het huiveringwekkende avontuur, ook de gedetailleerde beschrijving van het leven en werken van de ‘wilden’ en de eigen gevoelens en angsten van Kat boeien mateloos.

    Bijgeschaafde tekst

    Het door Wijdemeer in 2018 uitgegeven boek heeft als kern het journaal van de Amelander walvisvaarder Hidde Dirks Kat. Het verhaal is een van de inspiratiebronnen voor Veenhuizen om de bewoners van Groenland en hun historie te betrekken bij en in haar kunst. Tegelijkertijd schiet Dolph Kessler met de fotocamera in de aanslag een grote serie platen van de omgeving aldaar en de bewoners van Groenland. Het dagboek werd onderdeel van een project in het culturele hoofdstadprogramma 2018. De schrijver Kat is dan ook van verschillende kanten tegen het licht gehouden. Het dagboek is literair doorgenomen. Er is onderzocht waarom het pas 40 jaar na de scheepsramp van 1777, in het jaar 1817, wordt uitgebracht. Het past in een tijd dat historisch waargebeurde verhalen hoog worden geacht en dat het verhaal als lering en vermaak voor schoolkinderen kan dienen. De scherpe kanten worden echter van het origineel afgehaald. Het wordt herschreven in de spelling van die tijd en niet in het ouderwetse Nederlands van Kat.

    Titelblad 1e uitgave dagboek Hidde Dirks Kat, tekening Egbarta Veenhuizen

    De passage op 7 oktober “de Klok 9 uur gingen wy met ons 49 Man weg, twee bleeven in de Sloep leggen, die niet gaan konden, de eerste dag verdronken daar verscheiden van het Volk by ons, ik zelfs raakte 2 maal tussen de Schotsen, en over het Hooft toe nat, maar kreegen my weer, moesten toen met die natte Kleeren loopen…” wordt in het dagboek van 1818: “Sommige onzer, pogende van de eene op de andere schots te komen, geraakten, door de gladheid van het ijs, tusschen de schotsen, in het water, verdronken, en werden tusschen het ijs verpletterd. Ik zelf geraakte tweemaal van het ijs af, doch werd telkens weêr opgehaald en gered door de twee haken, vóór dat het ijs zich weêr toesloot, en moest zoo met mijne natte kleederen al den volgenden tijd gaan, hetwelk mij ongemeen verzwakte.” De taal van het hart wordt overmatig omgeven met dramatiek, alsof het een script geworden is voor een rampenfilm of avontuurlijke opera.

    “Des kreegen wy zo een hoge Zee”

    Het is de meest vergeten schipbreuk uit de vaderlandse geschiedenis. Maar met het opzetten van het project en de verschijning van het boek proberen de samenstellers deze vergissing recht te zetten. Want het is me nogal een geschiedenis. Bij tijd en wijle een dramatisch verhaal met de nodige ontberingen in de diepvrieskou van Groenland. Het avontuur begint naar verhouding zo melodramatisch meeslepend mooi. Monsterde Kat als commandeur voor zijn vaart op een groot aantal schepen aan om een succesvol bedoelde walvisvaart aan te vangen. Maar hadden ze nog in de thuishaven wel in de gaten welke beproeving en ellende de zeelieden te wachten zouden staan aan de overzijde van de Atlantische Oceaan tegen de poolcirkel? Konden ze zich kleden tegen de strenge kou en de snerpende wind? Tweehonderdvijftig jaar geleden was de maatschappij daarop nog niet ingericht. Lezen we nu over de verschrikkingen, dan kunnen wij ons daar nauwelijks een voorstelling bij maken. Maar toch, wanneer je de originele tekst van Kat volgt, is het als een dramatische film waarbij de Hel van ’63 een hittegolf is.

    Schilderij Abraham Storck (1644-1708) Foto zuidkust Groenland: Dolph Kessler

    De originele tekst is dus logischerwijs geweld aangedaan. Het oorspronkelijke manuscript is herschreven naar de tijd dat het is uitgegeven om het makkelijker toegankelijk en leesbaar te maken. De achttiende-eeuwse schrijfwijze is in de nu alweer verouderde moderne spelling gezet. In die tijd werd de taal aangepast en vernieuwd en keek men anders aan tegen werkelijkheden en de realiteit. Maar hoewel er kommer en kwel is weggeschreven, blijft staan dat de reis allesbehalve een pretje moet zijn geweest. “…des kreegen wy zo een hoge Zee, dat wy dagten, dat wy de dag niet weer beleeft zouden hebben, die Schotsen stieten ze geweldig tegen malkanderen, dat het droevig was te hooren.”

    Ongekerstend maar sociaal vaardig

    Eerst, aangekomen bij het ijs, worden er een aantal walvissen gevangen. Maar al snel vergaan er enkele schepen door storm en onweer, door aanvaring met ijsschotsen. Wanneer het schip van Kat als verloren wordt beschouwd en de omgeving overloopt van traan en vet van uitgebeende walvissen, komen ijsberen op bezoek. Natuurlijk is er nauwelijks plek om te schuilen, dus zal de vijand bestreden moeten worden. Het levert welkome proviand op, want de scheepsbeschuiten raken op. Kat schrijft beeldend, ik kan me inleven. Van dag tot dag word ik meer matroos: ik sta op een vrije walvisloze dag aan de reling en kijk over de uitgestrekte ijsvlakte. Sluit ik mijn ogen, dan zie ik welhaast niets anders dan wit ijs en zwart water. Voelt de punt van mijn neus koud aan, dan beginnen mijn bevroren tenen te tintelen. Beeldend beschreven voel ik de ontberingen aan den lijve.

    Het afspekken van een walvis Foto: Groenland in 2015, Dolph Kessler

    Maar er is hoop. Want hoewel er bemanning doodvriest, staat hulp paraat. Wat Kat steevast ‘wilden’ noemt, zijn Inuit – de autochtone inlanders. Ondanks dat deze ongekerstend zijn, hebben ze christelijke hebbelijkheden en zijn sociaal vaardig. Een lang verhaal kort: hoewel het boek bij de uitgever is uitverkocht, valt het vast nog te lezen bij de bibliotheek of is aan te schaffen via de boekhandel. Kat en zijn bemanning — wat er nog van over is — worden gered en belanden in de thuishaven. Ze zijn helden. Twee opvarenden publiceren meteen hun dagboek. Kat echter is zo onder de indruk van zijn wederwaardigheden en houdt het verhaal eerst voor zich. Tientallen jaren later geeft hij toch toestemming zijn ervaringen te boekstaven. Zelf acht hij dit niet dermate noodzakelijk, maar men vindt dat het niet vergeten mag worden. Ameland, want daar slijt Hidde Dirks Kat zijn laatste jaren, is trots op zijn walvisvaarder die na deze rampzalige reis dan maar de koopvaardij ingaat.

    Hidde Dirks Kat, Groenland, walvisvaart

    De koude rillingen

    Het boek is een volledig naslagwerk met daarin een kaart, waardoor de tocht over zee per mijl en aan land per kilometer kan worden gevolgd. Het dagboek van de Amelander walvisvaarder staat derhalve centraal, maar de uitgave is extra bijzonder gemaakt door er interessante teksten aan toe te voegen. Zo wordt de bewerkte versie die in 1817 is uitgegeven onder de loep genomen. Wat deed het veranderen, waarom waren de wijzigingen noodzakelijk, is het script zorgzaam aangepast? Kat blijkt niet alleen de tocht van dag tot dag te beschrijven om zo de unieke historie in de geschiedenis te plaatsen, ook is hij een opmerkzaam mens en bekijkt nauwgezet de behuizing en vervoermiddelen van de Inuit. De walvisvaart krijgt aandacht en Groenland in de tijd van de walvisjacht. Het levensverhaal van de man en het Ameland van Hidde Dirks Kat worden in afzonderlijke hoofdstukken beschreven. En er wordt gedetailleerd gekeken naar het feit of Kat een held te noemen is.

    Fotograaf Dolph Kessler omschrijft wat hem en zijn partner Egbarta Veenhuizen raakte op dat grote ijs. Maar eerst was daar het dagboek dat dit grote ijs beschreef en Kessler de koude rillingen over de rug deed lopen en waarvan hij bijzonder warm werd van binnen. De diagnose: koorts. Koortsachtig ging het paar op zoek naar de sporen van Kat. Veenhuizen met een schetsboek, Kessler met de fotocamera. In de ban van het landschap werd het een project voor Kunstmaand Ameland 2015 en later onderdeel van Culturele Hoofdstad 2018. En nog steeds reist Veenhuizen met haar Groenlandinstallatie langs musea en denkt erover bij de al bestaande figuren nieuwe te maken en te laten aansluiten bij het verhaal.

    Het dagboek van de Amelander walvisvaarder Hidde Dirks Kat. De meest vergeten schipbreuk uit de vaderlandse geschiedenis 1777-1778. Diverse schrijvers. Tekeningen Egbarta Veenhuizen. Fotografie Dolph Kessler. Uitgeverij Wijdemeer, eerste druk januari 2018.

    Hidde Dirks Kat, Groenland, walvisvaart
  • Op een zekere dag in Amsterdam-Zuidoost

    Door het fotoboek “24-7 Amsterdam Zuidoost” – van Stichting United en uitgegeven in het kader van Amsterdam 750 – bladerend, adem ik de Bijlmermeer in lagen: kinderen op de markt, gebed in een moskee, zwervers die stil observeren, lachende klanten in kapsalons, honden rennend naast hun baasjes, ijscokarren die rinkelen, sporters op pleinen, kunstenaars aan muren, cafés vol drankjes en gesprekken. Elke pagina legt een fragment vast, een moment van kleur, geluid, beweging en geur, en samen vormen ze het ritme van de wijk, een organisme dat ademt, leeft en voortdurend herschrijft wat het betekent om aanwezig te zijn in Amsterdam-Zuidoost.

    Overal is ritme, kleur, geur, beweging

    De Bijlmermeer, in het hart van Amsterdam-Zuidoost, beweegt op een ritme dat zowel zichtbaar als onzichtbaar is. Flats rijzen op als kolommen van beton en glas, hun galerijen en portieken vormen een netwerk van lijnen en schaduwen waarin het leven zich voortdurend herschrijft. Marktkramen glanzen in de zon, kinderen rennen en lachen, stemmen mengen zich, het zachte gebed klinkt vanuit de moskee, terwijl zwervers stil observeren en klanten in kapsalons lachen. Honden trekken hun baasjes voort, kunstenaars hangen hun werk op muren, sporters rennen over pleinen, en een ijscokar rinkelt langzaam voorbij. Cafés vullen zich met drankjes op een warme dag; overal is ritme, kleur, geur, beweging en licht. De wijk is geen plan, geen experiment, geen statisch bouwwerk. Ze ademt, leeft, en reageert op alles wat erin gebeurt.

    24-7 amsterdam zuidoost

    In de uitgave 24-7 zijn een serie foto’s afgedrukt die het dagelijks leven in deze stadswijk perfect verbeelden. Een groep van elf fotografen is uitgenodigd een specifieke dag in het jaar 2025 vast te leggen. Daarnaast zijn er foto´s verzameld van bewoners van de wijk. De weerslag is een fotografische tijdcapsule waar ik in stap zodra ik het boek open. Ik blader dan door de pagina’s en voel het ritme van de wijk als een continu organisme. Mijn ogen volgen kinderen op de markt, hun stemmen bijna hoorbaar, hun bewegingen levendig in mijn verbeelding. Een jongen met een skateboard glijdt langs een galerij; een moeder buigt zich zachtjes naar een kind dat struikelt. Vanuit een moskee klinkt een moment van stilte, een gebed dat zich mengt met de drukte van de markt en het geroezemoes van de straten. In een kapsalon lachen klanten, buiten rennen honden langs trottoirs, een ijscokar rinkelt voorbij, kunstenaars exposeren hun werk, sporters spelen en zwervers observeren alles met kalme ogen.

    De zon glijdt langs gevels

    Elke pagina voegt een laag toe: geuren van vers brood, gebakken vis, koffie; kleuren van groenten, bloemen, graffiti; ritme van voetstappen, stemmen, de metro die ergens ondergronds pulseert. Alles gebeurt tegelijk, en toch neem ik het afzonderlijk op, alsof de wijk zichzelf in fragmenten aan mij laat zien, een collage van leven, aanwezigheid en beweging. De flats rijzen hoog, galerijen leiden de blik, pleinen vangen licht en schaduw. De zon glijdt langs gevels, een regenbui glanst over muren en tegels, muziek klinkt uit open ramen, het zachte geblaf van een hond mengt zich met stemmen. Alles echoot door het fotoboek, in mij, en vormt een continu organisme dat groter is dan elk afzonderlijk beeld.

    Kenny Zschüschen, 24-7 amsterdam zuidoost
    Kenny Zschüschen

    Op een klein plein wordt een kind opgetild door een glimlachende volwassene, een sporter sprint langs, een kunstenaar laat een penseel over de muur glijden. Alles gebeurt tegelijk, alles leeft, alles ademt. De Bijlmer reageert op alles: geluid, licht, geur, beweging, aanwezigheid. Elk moment is vluchtig, maar samen vormen ze het ritme van de wijk. Ik blader verder en ervaar meer, van pagina naar pagina, langs kinderen, ouderen, jongeren, marktkramen, portieken, galerijen, cafés, honden, ijscokar, kunst, sport en spel. Alles is verbonden, alles ademt, alles beweegt. Het is rauw, kleurrijk, intens, onvoorspelbaar en vertrouwd tegelijk. Geen plan, geen experiment, geen utopie; de Bijlmermeer is een organisme, een kunstwerk, een ritme, een gemeenschap die ademt in ieder beeld, ieder geluid, ieder gebaar, iedere ademhaling.

    Mijn blik volgt het ritme

    De lucht van een zomerse 5 juni, de glans van graffiti in de regen, het rinkelende geluid van de ijscokar, de warmte van mensen en straten — alles wordt opgenomen, versterkt, herhaald. Mijn blik volgt het ritme, mijn verbeelding ademt met de wijk mee. En terwijl ik de laatste pagina omsla, werpt het fotoboek nieuwe schaduwen, nieuwe glans, nieuwe mogelijkheden. Ik sluit het, deel van dezelfde ademhaling, dezelfde beweging, dezelfde aanwezigheid die deze wijk vormt en steeds opnieuw herschrijft, moment voor moment, beeld voor beeld, adem voor adem.

    24-7 is meer dan een document, meer dan een moment; het is een dagboek van uur tot uur op die ene dag, die ene donderdag 5 juni 2025. Het leven staat er een ogenblik stil, voor zolang de sluitertijd van de fotocamera dit toestaat. De mensen lijken bevroren, statisch in het moment, maar de dynamiek straalt van de gezichten en uit de platen. De portretten ademen geen pose, maar een leven. De mensen staan niet model voor de Bijlmer, maar zijn Amsterdam-Zuidoost.

    24-7 Amsterdam Zuidoost. Een tijdcapsule in foto’s. Elf lokale fotografen en publieksfoto’s. Initiatief Hans Moonen. Teksten Auke van der Hoek, Kenny Zschüschen. Uitgave van Stichting United, 2025.