Top Hole Records, las ik, heeft de muziek van het iconische jaren 70 album “Groeven uit Heerenveen” online gezet. De uitgeverij van Josh Haijer, zelf ook geen onverdienstelijk muzikant, vond het tijd dat de tracks op het verzamelalbum na 46 jaar niet alleen voor de liefhebber maar voor iedereen te (her)beluisteren zouden zijn. Het neusje van de toenmalige Heerenveense muziekscene trad aan voor de opnamen in jongerencentrum Pakhuis en de Blue Tape Studio. Het album was omstreden, niet om de muziek want dat zou een goede reden geweest zijn, maar om de foto op de hoes. Het standbeeld van Fedde Schurer aan het Gemeenteplein in Heerenveen zou daarvoor misbruikt zijn. Het had een pruik op gekregen en hield een bord vast met de titel van het album. De maker van het beeld was not amused, maar Fedde zelf had er waarschijnlijk smakelijk om gelachen. Maar goed, al de platenhoezen met die afbeelding moesten na het bepalen van een dwangsom uit de handel worden genomen en de schijf kreeg een andere omslag. Nu, in 2025, heeft de muziek weer een ander beeld toegemeten gekregen. De verdwenen watertoren, nog aanwezig in 1979 en op de gewraakte hoes, is met hulp van AI van onder af gezien. Twee armen komen uit de stoep en bespelen een Spaanse gitaar. Geen vuiltje aan de lucht. De oude hoes ligt nog ergens bij mij op zolder, een collectors item.
Opgeruimde liedjes
Maar wat brengt mij tot deze nostalgische inleiding. Op die bewuste plaat prijkt een nummer van Eddy Koetsier dat mij tot de verbeelding spreekt. Een protestlied dat na al die jaren nog steeds niet aan kracht heeft ingeboet. Ik denk dat het even representatief is voor het populaire muzieklandschap als Maternité van MAM dat is voor de experimentele klankpop. Die song, Hilversumse Kliek, heeft Eddy opnieuw opgenomen en gedigitaliseerd. Ik vind deze nieuwe versie terug op de cd “Nabloeier” de dato 2023. Was de originele versie met de Haagse band Fairy Tale, Eddy doet het later nogmaals met zijn makker van het eerste uur Ad Bos. Samen spelen ze in de studio aan huis alle instrumenten in en maken er een speelse song van, als dat het al niet was. “Mijn hele leven lang maak ik al muziek / nooit was het wat voor de Hilversumse kliek / maar ik geef de moed nog lang niet op / dit nummer moet de top.”

Opgeruimde liedjes. Van jonge mensen, de dingen die voorbij gaan. Met een vrolijke blik omkijken. Niet terug zien in wrok maar vooruitzien met levenslust. Want het is geen zaakje van back to memory lane, al zou je dat na al die jaren wel gaan denken. Zangers als Andre Hazes en Marco Schuitemaker kunnen hier nog een punt aanzuigen; de oude knarren weten hoe een hit op te bouwen en samen te stellen. Alleen jammer dat die Hilversumse Kliek er geen oren naar heeft, want dit album moet naar de top. Eddy en Ad verdienen het. Liefdesliedjes verkopen, levensliederen doen de kassa rinkelen. Mogen de songs van “Nabloeier” dan goed in het gehoor liggen, ze hebben geen hitpotentie zolang ze door de dj’s van radio en tv worden genegeerd.
Luchtig album
“Nabloeier” is een luchtig album, waarin de nestoren van de Heerenveense popmuziek jonger klinken dan ooit tevoren. Menig nummer roept de sfeer op van een Bob Bouber en Joop Stokkermans in de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw. Gewoon vrolijk en ongecompliceerd. Zoiets als “Kleine kokette Katinka / kijk nog eens één keertje om / zo stiekempjes over je schouder / je ma merkt het toch niet dus kom.” Wel worden de min of meer eenvoudige teksten op “Nabloeier” doordacht ondersteund met virtuoze arrangementen. Waar een orgel op de plaats is klinkt deze, of een oosterse instrumentatie wanneer de tekst dit verwacht. Ook zijn er diverse creatieve tempo wisselingen en ontspannende intervallen. Er is veel aandacht besteed aan de muziek waartegen creatieve woordspelingen zijn gezet.
Eddy Koetsier, aka Eddy O’Kaye, speelt met taal in vooral songs die over liefde en leven gaan. Koetsier en Ad Bos, aka Whizzy Adrian, zijn geen laatbloeiers, allesbehalve. Maar zij bloeien na in de herfst van hun muzikale leven. En die bloei is kleurig, en weelderig. En het is vreemd dat dit in Hilversum nauwelijks wordt opgemerkt. Daarom is dat protestlied over die Kliek nog telkens actueel. En zingt Eddy uit volle borst: ‘ik hoop dat je het mooi vindt, ik heb er mijn best op gedaan’. Want O’Kaye en Whizzy nemen hun werk serieus. Ze pingelen er niet zomaar op los, hoewel sommige songs wel de sfeer hebben van feestmuziek als behang op een bruiloft. De tekst is minder belangrijk als wel het swingen van de muziek.

Vindingrijke liefdesliedjes
Op “Nabloeier” echter is het woord evenwel net zo belangrijk als de muziek. En de combinatie stemt vrolijk en ruimt de donkere tijd waarin we nu leven op, licht het bij. Niet dat Koetsier en Bos niet verder kijken dan hun neus lang is, maar ook een negatieve sfeer als in Oena Luna, het meisje aan lager wal geraakt, wordt in de positiviteit getrokken. “Hey Oena Luna, hoe kon het zover komen / je zuipt weer en je liegt en bedriegt / je staat altijd rood / je eindigt zo nog in de goot / roder dan rood, ik heb je nu wel uitvergroot”, en dan op een meer dan optimistische toon en met een uiterst vrolijke noot. Look at the bright side of life, ook wanneer je aan het kruis hangt.
De speelruimte die Koetsier zichzelf geeft om 13 in een dozijn teksten creatief aan te kleden zorgen voor vindingrijke liefdesliedjes. In diverse songs rijmt hij als Drs P. de humor aan een serieus onderwerp. En wordt de toon dan al te ernstig dan heffen levendige noten dit weer op. Altijd blijft de zonnige kant van het leven in zicht, ook al verdwijnt die zon soms achter de wolken Eddy weet de cumulus eenvoudig weg te blazen en het licht door te laten breken. In “Nabloeier” branden Koetsier en Bos nog even fijn na. Zetten geen punt achter de carrière, maar een vette puntkomma. Of eigenlijk een dubbele punt, want er zal ongetwijfeld meer volgen. Eddy Koetsier zit nog vol inspiratie om teksten te schrijven en muziek te componeren. Ad Bos zal maar wat graag achter de toetsen en de knoppen plaats nemen om een en ander in goede banen te leiden.

De mannen hebben in hun loopbaan het oor goed te luisteren gelegd en eten van allerlei muzikale walletjes mee. De invloeden zijn vermengd tot de zonnige sound die dit album kenmerkt. Je herkent allerlei maar weet het nauwelijks thuis te brengen. En dan is daar ‘Something’ van The Beatles in een wel zeer losse Nederlandse vertaling. “Je vraagt me of mijn liefde groeit / je weet maar nooit, je weet maar nooit.” Even opgewekt als die andere song van George Harrison: ‘Here comes the sun’. Want de zon komt bij Koetsier op in ‘’s Morgens’ en straalt in ‘Als ik jou weer zie’ en ‘Hemelsblauw’. Goedmoedige liefdesliedjes, die zelfs verloren en onbeantwoorde liefdes door een roze bril laten bekijken.
Het doet in de verte denken aan, ik krijg fluisterend in gedachten, het album “Hoezo jeugdsentiment” van Neerlands Hoop met vrolijke arrangementen van nostalgische liederen. “Nabloeier” betreft allemaal eigen origineel werk, maar heeft wel die eigengereide opgeruimde sfeer. Staken Bram en Freek de draak met Hollandse hits, Eddy en Ad steken de loftrompet over het Nederlands taalgebied. Zij behandelen het even creatief als de dichters van het lichte vers en het plezierdicht. Ze kunnen er zo mee het podium op en trekken ongetwijfeld volle zalen ware het niet dat de kruiwagen een lekke band heeft en de plugger ziek thuis zit. Het genre is eigenlijk niet goed te plaatsen. Er is geen vakje passend voor deze stijl om in te zetten. Het heeft een heel eigen karakter. Te uniek om op te vallen of boven het maaiveld uit te steken. Ze maken hun hele leven al muziek, maar worden genegeerd door de Hilversumse Kliek. Maar wat mij betreft horen deze nummers aan de top.
Nabloeier. Eddy O’Kaye & Whizzy Adrian. Beatybee Publishing, 2023.






































