Een perfecte wereld. Wat is dat? Hoe ziet die eruit, hoe ligt die erbij? Wat moet ik me daarbij voorstellen? Kun je dat maken, een perfecte wereld? En voor wie is die dan perfect? Is een perfecte wereld universeel? Of maak je een perfecte wereld voor jezelf? Deel je die in naar jouw eigen goeddunken? Dan is het de perfecte wereld voor een enkel persoon. Bezit dus iedereen een perfecte wereld, een eigen perfecte wereld? In gedachten, voor de geest, achter de oogleden. Sluit je de ogen, dan zie je het zo voor je: de perfecte wereld.


Ruud van Empel maakt een perfecte wereld. Niet alleen voor zichzelf. Het is wel zijn idee en vormgeving, maar deze is universeel, want iedereen vindt het perfect. Zijn beelden gaan de aardbol over en krijgen overal applaus. Maar de wereld die Van Empel schept is zijn perfectie. Zoals hij die voor zich ziet, ofwel: waar hij zich als kunstenaar goed bij voelt. Het is een wereld die nooit bewaarheid zal worden, nooit echt kan zijn. Zijn perfect world is opgebouwd uit legio fragmenten van en uit de reële wereld. Hij manipuleert de werkelijkheid om een nieuwe, niet-bestaande echtheid te creëren. Het is niet waar, maar het had wel waar kunnen zijn. Want de geschapen omgeving lijkt zo fotografisch echt; het had zo en plein air geschoten kunnen zijn. Echter, wanneer iets te mooi is om waar te zijn, is het dat vaak ook. Zeker in het geval van de tot in detail bewerkte foto’s van Ruud van Empel.
Om de vormen
Beoefent hij als kunstenaar de fotografie? Hij begint met fotograferen; dat deel is documentair — hij legt vast wat bruikbaar kan zijn. Daarna volgt een langdurig montageproces. Daarin worden alle artistieke beslissingen genomen. “Dus is het, voor zover ik weet, meer montagekunst dan fotografie”, vertelt Ruud mij in een gesprek dat ik met Van Empel had voor een korte film over zijn tentoonstelling ‘Making Nature’ bij Museum Belvédère in het voorjaar van 2019. “Zo voel ik het en daarom noem ik mij eigenlijk nooit een fotograaf. Mijn platen worden gemonteerd uit meerdere foto’s, elk detail. Het gaat mij om de vormen en niet om de realiteit perfect weer te geven.”


Van Empel maakt de perfectie; hij zet de realiteit naar zijn hand. Daarmee is hij de schepper van zijn eigen wereld. Maar hij vindt het wiel niet opnieuw uit. Uit wat ooit is geschapen, of geëvolueerd tot de werkelijkheid van nu, snijdt hij details om daarmee een divers beeld op te zetten. De collagetechniek maakt het hem mogelijk om elementen uit de werkelijkheid in het picturale veld te transplanteren en beelden die niet bij elkaar passen met elkaar te combineren, lees ik in het voorwoord van kunsthistoricus Xavier Canonne. Het is een preface tot het boek ‘A Perfect World’, waarin een dwarsdoorsnede van het werk van Ruud van Empel is opgenomen. Vanaf het begin, toen hij aan de slag was met fysieke schaar en lijmpot, tot aan de jaren negentig van de vorige eeuw, toen Van Empel digitaal begon te werken. Het softwareprogramma Photoshop geeft hem voldoende mogelijkheden “om beelden te bewerken, te verbeteren en ook te creëren in een mozaïek van elementen die worden samengevoegd tot een soort valstrikken voor het oog, de laatste fase voordat de kunstmatige intelligentie zijn intrede doet”.
Ideaal van schoonheid
Echter, deze laatste stap — het kunstmatig scheppen van beelden — weigert Ruud van Empel te zetten. Hij geeft de voorkeur aan het plezier van het geduldig reconstrueren van beelden die hij zelf heeft gefotografeerd boven het snel creëren van onpersoonlijke werken. “Het oeuvre van Van Empel, een beetje gekenmerkt door een milde nostalgie naar de kindertijd, is een weerspiegeling van een min of meer geïdealiseerde wereld, versterkt door herinneringen en overtroffen door de computer. (…) Een hele wereld die stilstaat, alsof ze bevroren is in haar ideaal van schoonheid.” Daarmee schijnt Van Empel dus geen perfecte wereld te maken, maar een ideale omgeving. Een plek waar hij zijn geest kan laten rusten, terwijl de beschouwer ogen tekortkomt om alle details tot zich te nemen. De manier van scheppen is monnikenwerk, een waar kunststukje, realiseer ik me wanneer ik mijn ogen de kost geef om het hele beeld te overzien.


In de uitgave gaan curator Christoph Ruys en publicist Lex van de Haterd breedvoerig in op de kunst van Ruud van Empel. Werk dat uitstekend past in deze tijd van beeldcultuur, maar tegelijk afwijkt van het nu omdat het geen snelheid heeft — waar juist aandachtig naar gekeken moet worden. Wil je het snel tot je nemen, omdat je meer te doen hebt en vlug naar een volgend moment moet, dan mis je de torren en spinnen, kijk je langs de vogels en vlinders heen en merk je de diversiteit aan begroeiing en figuratie niet op. Deze collages zijn geen snelle hap van de muur, maar eerder een viergangenmenu met een lange nazit. Ruys en Van de Haterd schrijven het mysterie dat om het werk hangt enigszins weg. De techniek wordt uitgelegd, het perspectief ontrafeld. “Van Empel maakt fotowerken van mensen en van de natuur die heel realistisch lijken, maar het niet zijn”, herhaalt Van de Haterd nog maar eens. “Dat is niet iets wat je in één oogopslag ziet, maar wel iets wat je meteen voelt. Een soort dreiging, een spanning, die hij er bewust inlegt.”
Creatief kijken
Het boek nodigt mij uit creatief te kijken, om te geloven dat het anders kan, dat je het beeld op verschillende manieren kunt interpreteren. Hoewel Ruud van Empel een loopje met de waarheid lijkt te nemen, is het geen fake news wat hij brengt. Het is een manier om achter de werkelijkheid te kijken, om de realiteit te zien en de fantasie te begrijpen. Het is niet waar, maar het had wel waar kunnen zijn. Het is perfect, een idee waarnaar we kunnen streven, een rijk gevoel. Dus blader ik snel door om mij te wentelen in de maakbare wereld van Van Empel. Van de eerste werken via werken uit 2005 tot 2016 en stillevens naar de laatste landschappen. De kunstenaar heeft een breed scala aan onderwerpen die hem inspireren, zoveel is duidelijk. Naarmate hij de digitale techniek beter onder de knie krijgt, worden de beelden kijkplaten; er is zoveel in te zien dat ik er even rustig voor ga zitten.


“Het is natuurlijk veel meer beeldende kunst”, hoor ik Ruud van Empel zelf zeggen, “omdat ik vanuit niets begin op te bouwen en tot het beeld kom dat ik zelf helemaal onder controle heb. Dat is fundamenteel echt iets anders dan wat fotografen doen, die buiten documentair fotograferen.” Hij noemt zijn beelden foto-objecten. Het is geen klassieke fotografie, maar meer het object ervan. Geen probleem voor mij dat het resultaat biologisch of natuurkundig niet klopt. Voor mij klopt het juist wanneer ik bedenk dat dit een perfecte wereld zou kunnen zijn. Voor meerdere momenten waan ik mij in de Hof van Eden, de hof Van Empel.
Ruud van Empel – A perfect world. Retrospective. Voorwoord Xavier Canonne. Essays door Christoph Ruys en Lex van de Haterd. Uitgave WBOOKS, 2026.




























































