Tag: Astrid Kuiper

  • Feest in de dierenwereld

    tekst Astrid Kuiper

    Beste Jurjen van der Hoek,

    Vandaag kreeg ik uw recensie van mijn boek ‘Feest! In de dierenwereld van Jan Mankes’ toegestuurd van Angela van der Meulen van uitgeverij Noordboek.

    Graag wil ik u hartelijk danken voor uw mooie recensie! Zo treffend en uitgebreid. 

    Ik heb veel gelezen over Jan Mankes. En veel gewandeld in Oranjewoud en de Knipe om me zoveel mogelijk in te kunnen leven. 

    Hoop nu dat het boek z’n weg gaat vinden. Dat het inderdaad (voor)gelezen wordt door klein en groot. En het in de museumwinkel van onder andere Belvédère komt te liggen. En veel verkocht wordt; mijn royalty’s gaan namelijk naar KiKa. 

    De grote overzichtstentoonstelling van Jan Mankes staat voor de deur. Vanaf eind januari 2025 in Museum Arnhem en Museum Belvédère.

    Wie weet treffen we elkaar daar.

    Hartelijke groet,

    Astrid Kuiper

  • Het boekje open over Hollands meest verstilde schilder

    Elke gelijkenis met bestaande personen of gebeurtenissen berust op louter toeval”. Dat staat niet in het colofon van ‘Feest! In de dierenwereld van Jan Mankes’. Want alle genoemde personen in het verhaal bestaan en elke gebeurtenis is losjes gebaseerd op de waarheid. Het gefantaseerde relaas rond de kunstschilder Mankes is geschreven en geïllustreerd in de eerste plaats voor kinderen. Ze kunnen het zelf lezen of zich laten voorlezen. Maar ook ouders leren door het verhaal te lezen de schilder van tederheid beter kennen. Auteur Astrid Kuiper heeft een speelse manier van schrijven, even fijngevoelig als haar hoofdpersoon dat was. Haar poëtische verhaal wordt in het boek vrolijk verbeeld door de tekeningen van Monique Beijer. Deze tekenaar op haar beurt zet dieren in hun omgeving passend in de sfeer van de vertelling. In de platen kun je de verbeelding van de tekst sprekend ontdekken. Sprookjesachtig beschreven, teer getekend.

    Poëtisch zingende toon

    De voorstelling is een gedroomde werkelijkheid. Nadat schilder Jan zijn werk van die dag als schepper Mankes heeft goed bevonden valt hij op de bank tevreden in slaap. Zijn fantasie gaat dan met zijn denken aan de haal, zoals iedere droom met de waarheid een loopje neemt. Vanaf dat moment gaat de tekst in het boek over in een poëtisch zingende toon, iedere regel heeft spontaan of gezocht eindrijm. Voor kinderen meeslepend om naar te luisteren, voor ouderen weleens hinderlijk bij het (voor)lezen. De melodieuze wijs doet niet af aan de inhoud en strekking van het verhaal. Slapende Jan droomt van een gondelvaart. Hij zal het fenomeen zelf niet gekend hebben. Het vond plaats in zijn geboortejaar in Amsterdam op Prinsessedag. Het zal later plaats hebben op de plek waar Jan in Beneden Knijpe heeft gewoond. In de voor de veenderij gegraven sloot voor het huis van zijn grootouders, later dat van zijn ouders en hijzelf, kwam ieder jaar een rij versierde en verlichte boten langs. Dat begint in 1932, twee jaar na Jan’s te vroege overlijden. Hij heeft dus een vooruitziende blik, droomt in de toekomst als het ware. Maar, o nee, het is een naar waarheid geschreven fantasieverhaal. Het is niet waar maar het had waar kunnen zijn. De waarheid is ingepast in de fantasie. En het past!

    In het verhaal willen de door Jan geportretteerde dieren iets aan hem terug doen. Doordat Mankes hen heeft geschilderd en daarmee gepersonifieerd, heeft hij hen de eeuwigheid gegeven. Door zijn schilderijen betekenen de geit, de haan, de kraai, het muisje en al die andere dieren iets, hebben ze en zijn ze van waarde. Astrid Kuiper situeert hen op een boot, die vooraf gaat aan een lint van versierde pramen in de gondelvaart. Ooit woonde ik op een steenworp afstand van de plek waar Jan Mankes heeft gewoond. Maar in een andere tijd, toen de sloot nog door het dorp lag en er sprake was van een brugjeskant. Destijds heb ik die gondelvaart meegemaakt. Als kleine jongen, ik was amper 10, stond ik op de walkant te kijken naar de pramen die in een lange rij werden voortgetrokken door een door een tractor gemotoriseerd schip. Kuiper beschrijft dit onderdeel van het dorpsfeest zoals het is geweest. Ik weet het, ik was erbij. De tegenwoordige allegorische optocht op wagens, die is gestart nadat de vaart is gedempt en plaats maakte voor een karakterloze straat, is een flauw aftreksel van deze lumineuze praamvaart.

    Nostalgische sfeer

    Het feestverhaal van Astrid Kuiper en Monique Beijer brengt die nostalgische sfeer van het dorpsfeest terug van toen in het heden. Hoewel ieder jaar in de maand oktober het dorp bol staat van de activiteiten ter meerdere eer en glorie van de saamhorigheid, de mienskip in onzuiver Nederlands, staat dit in de schaduw van wat er eerder plaats had. In het verhaal worden plekken genoemd die bij Knypsters bekend in de oren klinken, maar toch niet te vinden zijn in het dorp. Maar het draait in het boek dan ook niet in de eerste plaats om de gondelvaart of bestaande plekken, het is een verhaal aan deze elementen opgehangen om de dierenwereld van Jan Mankes meer aandacht te geven. Jan droomt zich die hele wereld bij elkaar, laat de dieren praten zodat het net mensen zijn. Jan droomt zich een fabel met zijn eigen afbeeldingen.

    Het zijn paard en kraai, konijn en geit, de nieuwsgierige haan, egels en muizen, puttertjes en lijsters die in het verhaal een rol spelen, zoals deze ook onderwerp zijn in Mankes werk. De vertelling bouwt met het paard Age als dirigent fijn toe naar een geweldig slotakkoord. Het cadeau voor de kunstenaar met strik. Hij staat dromerig bij het raam, een uil op zijn hand. Jan dreigt in gedachten verzonken de boot te missen, maar dan barst het levende schilderij uit de voegen en brandt een orkeststuk door de stille nacht. Maar eerst zijn er nog allerlei problemen, die het feest in de weg staan en om de fantasie te stimuleren, de vaart erin te houden. Maar zoals een goed sprookje betaamt loopt alles tot een goed einde. En eindigt het verhaal onverwacht ongerijmd in dialoog met Jan die door zijn vrouw Annie wordt gewekt, het was alles een droom. Hij is niet langs de vaart, niet in Beneden Knijpe, hij is in Eerbeek, thuis. Voordat ze naar de fanfare gaan gluurt Jan door de deur naar Beint op de kinderkamer. ‘Door het raam ziet hij een prachtig avondlandschap met maan’.

    Daarmee is het verhaal gedaan, de fantasie terug in de werkelijkheid. Maar het verhaal van Jan Mankes gaat verder. Er volgt nog een korte biografie met hoogtepunten en om meer te weten over de schilder en zijn werk een rijtje boektitels. Want het kan bijna niet anders dan dat de (voor)lezer na het (voor)lezen geïnteresseerd is geraakt in het werk van Jan Mankes. In zijn leven en zijn bijzondere kijk op de omgeving en de natuur. Dat je wilt zien hoe Mankes al de dieren die in het feestverhaal voorkomen door hem zijn geschilderd. Dat kan in de boeken, mooier is ze te bekijken in de musea. Het boek is een best uithangbord voor de dorpsfolklore en de dierenschilderijen van Jan Mankes. Het verlaagt voor kind en ouder de drempel. Kuiper en Beijer hebben op een originele manier het boekje open gedaan over Hollands meest verstilde schilder.

    Feest! In de dierenwereld van Jan Mankes. Tekst Astrid Kuiper. Tekeningen Monique Beijer. Uitgeverij Noordboek, 2024.