Tag: biografie

  • Het evangelie naar Johannes Hendrikus: de Bijbel van Zelle

    Hij wilde preker zijn, maar kwam tot bloei als spreker. Johannes Hendrikus Zelle werd dominee, maar voelde zich thuis in de rol van evangelist en veldprediker. Geen stem uit de hoge, maar een innerlijke drang om het Woord te verkondigen. Hij stond echter maar kort voor een gemeente, want de mens Zelle paste niet in een keurslijf. Hij liet in het pastoraat waardevolle steken vallen en handelde en wandelde buiten het normale leven, waarvoor men hem negatief bekritiseerde. Dominee Zelle was een eenling, een zonderling, en werd een legende. Zijn doen en laten, maar vooral het zijn van predikant en hoe dat heeft doorgewerkt in het dagelijks leven, bleek voedingsbodem voor een theaterstuk en een lijvige biografie. Want was zijn hele leven niet één tragische komedie?

    Recalcitrant en tegendraads

    Het drama Zelle werd karikaturaal op de planken gezet door Freark Smink onder de vlag van het Friese theatergezelschap Tryater. Hij trok er in de provincie volle zalen mee, want de eigenzinnige dominee blijft nog altijd synoniem voor recalcitrant en tegendraads. Zijn donderpreken vanaf de kansel uitgesproken zijn roemrucht. Hij sprak op de man af de mens aan, persoonlijk. Bevindelijk en christocentrisch. Psalmen zong hij luidkeels boven de kerkmensen uit. Wat hij echter op zondag vanaf de preekstoel verkondigde bleek niet te stroken met hoe hij door de week zijn bestaan indeelde. Hij kon spreken als Brugman, maar was als dominee geen herder en zorgde slecht voor zijn schapen.

    Ooit was ik in de zaal van het Heerenveense Posthuis getuige van het theaterstuk Zelle. Acteur Freark Smink en muzikant Hoite Pruiksma zetten de figuur Zelle meeslepend op de planken. Het was een voorstelling in de Friese taal, want Zelle is van Leeuwarden en Tryater van Fryslân. Het stuk is na het Friese succes nog vertaald en buiten de provincie in de rest van Nederland opgevoerd. En ook daar trok het volle zalen, want ook buiten Friesland is Zelle een bekende naam. En niet alleen om zijn illustere verre nicht Mata Hari: Margaretha Geertruida Zelle. Na de voorstelling kocht ik de dvd om thuis nog eens geobsedeerd te raken van deze bijzondere persoonlijkheid. Mede daardoor was ik meer dan geïnteresseerd in de biografie geschreven door Bearn Bilker. Hoewel Zelle op de planken enigszins koppig en hardvochtig overkomt, weinig begrip lijkt te hebben voor het welzijn van moeder terwijl het zijn taak is haar te verzorgen, leer ik in het boek een andere kant van deze mens kennen. Hij is recht door zee, kent geen gulden middenweg: je wordt alleen behouden door je leven lang het goede te kiezen, de smalle weg. Maar Zelle preekte geen hel en verdoemenis. Bij Zelle was hoop.

    Een tussenweg is er niet

    Bearn Bilker werd zo geraakt door deze wonderlijke redenaar dat hij in de kerkelijke en publieke archieven dook en met talloze getuigen en familieleden sprak om een levendige levensbeschrijving op te kunnen stellen. De biografie “Een tussenweg is er niet” is de bijbel van Zelle geworden, het evangelie naar Johannes Hendrikus, daar zijn denkbeelden en persoonlijke interpretatie van en over het Woord er in staan opgetekend. Hij liet geen dagboeken of notities na. De echte motieven voor zijn doen en laten zullen we niet te weten komen, volgens Bilker. Doordat een kerkenraad gewoon was en is van de kerkelijke vergaderingen welhaast woordelijk verslag te leggen, kon de biograaf de notulen als voedingsbodem gebruiken voor zijn levensbeschrijving van Zelle. In het boek worden deze verslagen dan ook breed uitgemeten en schuift de lezer als het ware bij aan de vergadertafel in de kerkenraadszaal. Ook zijn teksten van preken werden integraal in het boek opgenomen, zodat ik Zelle bij wijze van spreken kan horen redeneren. Eerstens gaat Bilker gedetailleerd in op het debacle Rockanje, de gemeente waar Zelle werd beroepen, in een keurslijf gedwongen en uiteindelijk met vervroegd pensioen ging. Hij werd niet geschorst of afgezet, dit zou inhouden dat hij beroepbaar bleef, dus in een andere gemeente opnieuw tegen dezelfde muren aan zou lopen. Als emeritus predikant was het hem vrij overal in de lande te preken, iets wat hem na aan het hart lag.

    Donderpreken en schoensmeer

    Dominee Zelle is vooral de geschiedenis in gegaan als de man van de donderpreken, de man met het met schoensmeer zwart geverfde haar, de man die in de zee of het meer zwom, slordig gekleed ging en op zijn centen zat. Maar dit zijn alle vooroordelen, aannames en vermoedens. Een verhaal heeft altijd een kern van waarheid, waar rook is is vuur. Bearn Bilker gaat in zijn biografie dieper op de man Zelle in dan de oppervlakkige legende dat doet. Er blijkt meer mens achter het norse uiterlijk te zitten en de lezer kan makkelijk medelijden krijgen met deze tegendraadse man. Want hij zat zichzelf voortdurend in de weg, hoewel hij daar zelf geen notie van had.

    Zelle ging eigenzinnig en zelfingenomen zijn eigen gang, had zijn eigen manier van leven dat afweek van wat als normaal te boek stond. De verhalen over zijn levenswijze en zijn omgang met vrouwen, zijn manier van spreken en zijn vele politieke toespraken pasten evenwel niet bij de waardigheid van de rol van dominee. Niet geschikt voor het ambt was het zijn roeping de mensen de blijde boodschap te verkondigen. Om geld in de la te krijgen trok hij het land door voor spreekbeurten en ging alom voor in kerkdiensten. Geld, voor dominee Zelle de mammon – de afgod, was voor de mens Zelle een belangrijke voorwaarde in het leven. Hij was gierig waardoor hij na zijn overlijden een grote som geld naliet. De kachel ging niet aan thuis, de tuin werd niet onderhouden, er stond karig eten op tafel. Wel zorgde Zelle ervoor dat hij tijdens preekbeurten, wel 4 of 5 op een zondag, onderdak kreeg waar een goed maal op tafel stond.

    Zonder mitsen en maren

    Zelle was Zelle, anders dan anderen, en dat liet hij keer op keer blijken. Een gewoon gesprek kon men niet met hem voeren, hij had geen gave te communiceren. Argumenten uitwisselen was er bij hem niet bij, laat staan dat hij begrip kon opbrengen voor kritiek op zijn gedrag, houding, levensstijl of persoon. Het imponeren wat Zelle eigen was gebeurde doorgaans onbewust. De ideale profeet voor simpele zielen, wordt journalist Pieter de Groot in het boek geciteerd. De mensen accepteerden alles van hem en lieten hem zijn gang gaan, want hij trok volle kerken. Waar hij voorging daar wilden de mensen bij zijn, ze wilden dominee Zelle meemaken. Er was altijd wel wat te beleven.

    Dominee Zelle wist grote groepen aan zich te binden en te boeien. Verkondigde geen zaken waar hij zelf niet achter stond of die men graag van hem zou willen horen. Hij had een eenvoudig mens- en wereldbeeld, doorgaans zwart-wit, en had geen antwoorden op de gecompliceerde vraagstukken van zijn tijd. Hij sprak eenvoudig en duidelijk zonder nuanceringen, zonder mitsen en maren. Zelle stierf in het harnas. Niet op de kansel – zijn toneel, maar achter zijn bureau op zolder in de week na zijn laatste zondagse preek. Het fenomeen Zelle leeft voort in de beeldende biografie van Bearn Bilker. Hij zal zodoende niet snel worden vergeten, ook niet wanneer de mensen die hem hebben gezien en gehoord niet meer onder ons zijn.

    Een tussenweg is er niet. Biografie dominee J.H. Zelle (1907-1983). Bearn Bilker. Uitgeverij Noordboek, 2024.

  • De tol van de roem

    Na het lezen van het biografische portret van Hans de Booij kwam mij als vanzelf het lied van Neerlands Hoop in gedachten: ‘dat is de tol van de roem / dat is de doem van de rol / het is de vlag op een strontschuit / het is de zoen van een drol’. Het is een tekst van hun programma Interieur uit 1975. De roem van Hans de Booij is van wat jaren later, namelijk in de zomer van 1983 staat zijn naam hoog in de hitparade. Hij is dan plotsklaps beroemd met de single ‘Annabel’. De song die voorgoed aan zijn naam verboden blijft; wie Hans de Booij zegt noemt in één adem Annabel en andersom. Het lijkt een ééndagsvlieg te zijn. Een onehitwonder. Hij probeert het kunstje nog wel over te doen, maar dat wil maar niet lukken. Maar, zoals met alle artiesten in de business, steekt er een groter verhaal achter deze muzikale onenightstand.

    Diverse lekkere platen van Hans

    Schrijver Sander van Leeuwen is al op jonge leeftijd geïnteresseerd in de persoon Hans de Booij. Hoewel hij van een latere generatie is, werd hij door zijn oudere broers op het spoor van ‘Annabel’ gezet middels een thuis gebrande cd – door hen betiteld als ‘Diverse lekkere platen van Hans’. Sander was 12 en heeft de cd zorgvuldig bewaard. Dit plaatje is nu de aanleiding om met de zanger in gesprek te gaan. Hij heeft een krankzinnig leven geleid, Hans, meende Van Leeuwen. Dat had hij gepuurd uit interviews. Hij verwonderde zich erover dat er nog nooit een boek over De Booij was geschreven.

    In diverse sessies ging Sander met Hans in gesprek. Het boek is een monoloog, waarbij de schrijver de zanger voortdurend in de juiste richting stuurt. Hij heeft de leiding, maar Hans is de baas. De muzikant ziet het boek als een opstart voor het herintreden in de muziekscene. Door al het doen en laten in zijn leven is hij min of meer aan lager wal geraakt. Is werkloos met de dreiging van de bijstand. Nieuwe songs worden maar niet uitgegeven. Optreden doet hij niet meer. Het boek verschijnt op het snijvlak van roem en vergetelheid. De Booij gaat op tour door kleine zalen met een prettig programma vol oude liedjes, waarin ‘Annabel’ niet zal ontbreken. Het idee back in business te zijn vrolijkt de van nature zwartgallige man op.

    “it’s lonely at the top”

    In de door Hans bedachte titel voor de uitgave “Het wordt niets zonder jou” doet hij een boekje open over zijn leven. De grote hoogten waar hij op staat, en de diepe dalen waarin hij vervolgens valt. Hoewel iedereen vriend met je wil zijn wanneer je beroemd bent, is het eenzaam aan de top. Randy Newman zong het al in 1972: ‘I’ve been around the world / Had my pick of any girl / You’d think I’d be happy, but I’m not / Everybody knows my name / But it’s just a crazy game / Oh, it’s lonely at the top’. De Booij voelt dat jaren later aan den lijve. Daarmee geeft het boek eigenlijk een triest verhaal. Van een man die koste wat kost in de muziek wil blijven, want zingen is zijn lust en leven. Maar zoveel heerlijkheden liggen op de loer, deze kunnen maar nauwelijks de moeiten bevredigen. Het leven van een muzikant die van de roem heeft geproefd, maar er nu nauwelijks meer aan mag ruiken.

    Het biografische portret is uitgeschreven in korte hoofdstukken. Opgesplitst in een achttal delen, waardoor er chronologisch op jaren door het leven gelezen kan worden. De behapbare verhalen lezen lekker weg. Het is een communicatief boek. Dat is wat de zanger ook voorstaat. Dat hij er openhartig de wereld mee in kan gaan. Zijn wezen speelt hem parten, hij is autist en heeft daar last van maar het houdt hem ook op de been. Uit een gezin is hij enigst kind, maar was dat niet. De dood zit aan tafel, doordat kinderen voor hem te vroeg zijn overleden. Het tekent hem. En ook Hans zag in zijn jeugd de dood in de ogen, doordat hij bijna verdronk. En later nog omdat hij te veel dronk. Bij het afkicken had hij een bijna dood ervaring. En corona brengt hem dichter bij de afgrond.

    Altijd blijven lachen

    De tol van de roem’ had het boek ook kunnen heten. Want voor en door de faam van Annabel heeft Hans veel moeten prijs geven ofwel daarvoor een hoge prijs betaald. Het leven liep stuk op die bekendheid. Relaties hielden geen stand, contacten verwaterden. Het verhaal van zijn leven doet hij ongeveinsd uit de doeken. Hoewel eerst nog wat schoorvoetend en aftastend is De Booij spraakzaam. Hij wil wel geen namen en toenamen in het boek, maar om het verhaal naar waarheid te vertellen komt hij daar later op terug. Dat is maar goed ook, want zo krijgt de lezer de waarheid eerlijk voorgeschoteld.

    De tol die Hans de Booij voor zijn roem moest betalen rolt bijna van iedere pagina in het boek. Niet dat het verhaal daardoor een deprimerende indruk achterlaat, want tegen alle tegenslag in blijft De Booij altijd lachen. Hoewel het wel dikwijls een lach is als een boer die kiespijn heeft. En soms komt er een grimlach om zijn lippen, want er zijn vele ‘vrienden’ die gebruik en misbruik van hem hebben gemaakt. Maar de muzikant kijkt niet terug in wrok, het leven is gelopen zoals het is geleefd.

    Het wordt niets zonder jou. Hans de Booij, een biografisch portret. Sander van Leeuwen. BOT uitgevers, 2023.

  • Harry de Jong kijkt terug op 30 jaar De Kast

    De tiid hâldt gjin skoft’ had een terechte titel voor het nieuwe album kunnen zijn. Maar de band schaart de verzameling liedjes onder de noemer ‘Fierder’. Want zeker, de tijd heeft vleugels en geen teugels, de doortikkende klok laat zich niet afremmen. De dagen, maanden en jaren vervliegen in het leven. Maar de muzikale vrienden die in het nieuwe boek van popjournalist Harry de Jong worden beschreven willen verder. Niet van daar af waar ze ooit gebleven waren. Die vlag op de top van de berg, de roem en de uitzinnige fans, dat hebben ze allemaal wel gezien. Dat heen en weer gereis van hot naar her om hun muziek aan de mens te brengen, dat is nu wel klaar.

    image

    Ze vinden zichzelf terug na de stormachtige hectiek van het bekende Nederlander zijn. Door de druk liepen ze hard tegen de ander aan en vergaten waarvoor ze eigenlijk op de planken stonden. Na een tijd van rust waarin de storm is gaan liggen willen ze vooruit zien. Met ‘Fierder’ is het elan terug. De drang om te componeren. De lust om te spelen. Geen randverschijnselen meer. Niet spelen omdat het moet maar omdat het mag. Door ervaringen rijk is de geest van De Kast terug, de band die voor de roem nog leuk was. En natuurlijk hebben de mannen genoten van die tijd, maar ze zijn nu weer de jongens die spelen omdat ze niet anders kunnen.

    image

    Met scheermesjes achter de ellenbogen

    In de uitgave ‘Op eigen kracht’ kijkt Harry de Jong terug op de 30 jaar dat de Nederlandstalige Friese popgroep met hun muziek door het land trekt. Hij heeft de groep vanaf het eerste begin tot aan het laatste optreden en daarna gevolgd. Was getuige van de hoogtepunten, maar maakte ook de dieptepunten mee. Het verhaal in negen delen is derhalve een verslag uit de eerste hand. Het is een uitgebreide biografie van een bijzondere band, een vriendengroep, op een transparant leesbare manier geschreven. Een schrijfstijl die toevertrouwd is aan De Jong.

    Harry de Jong weet als geen ander de sfeer van het moment te pakken. En net als het boek de titel ‘Op eigen kracht’ draagt zou het schrijverschap van De Jong ook aldus bestempelt kunnen worden. Op eigen kracht en met doorzettingsvermogen is hij gekomen waar hij als popjournalist nu is. Met scheermesjes achter de ellenbogen en de voet tussen de deur gestoken heeft hij het onderste uit de kan van menig wereldburger weten te krijgen. Vooral zijn gesprekken met de groten der aarde op popmuziekgebied zetten deze selfmade schrijver op eenzame hoogte in het rijtje van popjournalisten. In Friesland is hij een autoriteit en daarom het meest geschikt om de groepsbiografie van De Kast samen te stellen.

    Sprankelende pianoklanken

    Meteen al in de proloog zet Harry de Jong zijn handtekening. Met een scherpe blik en even scherpe pen weet hij het moment te fixeren op de juist passende stemming. Deze vertelling vooraf is een karakteristiek DeJong-verhaal. Het zet de toon van het boek. “Duizenden armen zwaaien heen en weer boven evenzoveel deinende lichamen, ogen glinsteren als lichtjes in een kerstboom en omhooggestoken mobieltjes registreren onverbiddelijk elke seconde. Het publiek lijkt samen te smelten tot één groot koor dat elk woord vol overtuiging meezingt.” De Jong heeft hier de 15e december van het jaar 2019 vastgelegd. Want hij was erbij toen de zanger in een gele vonkenregen de Friese vlag boven zijn hoofd liet wapperen en de sprankelende pianoklanken van het intro van In Nije Dei over de massa woei. Het optreden is de aftrap van een jubileumtour.

    De Kast bestaat 30 jaar en wil dat niet ongehoord voorbij laten gaan. De proloog van De Jong beschrijft de sfeer voor en achter de schermen van dat memorabele optreden. Want overal kun je Harry vinden met zijn blocnote en pen in de aanslag, alles wat hem opvalt in vlugschrift noterend. Die kladblokjes zullen een schat aan kennis en informatie herbergen. De Jong heeft er een stapel vol geschreven om de pophistorie zichzelf te laten beleven. Hij laat in deze uitgave zijn eigen geschiedenis als popjournalist ook niet ongemoeid. Ieder hoofdstuk van het boek laat De Jong inleiden door een dwarsdoorsnede van het muziekveld van dat moment. Hij toont zijn kunde van de muzikale wereld door artiesten op te laten draven waarmee hij ooit een gesprek had. En ook kan hij putten uit talloze reportages die hij voor diverse kranten schreef. Ze fleuren het boek op. Zo is het niet alleen 30 jaar De Kast, maar evenzeer 30 jaar De Jong. De biografie van de eigenzinnige popgroep schuurt tegen de levensbeschrijving van deze markante schrijver.

    In Nije Dei. Dat is met voorsprong de meest bekende song van de vijf muzikale heren. Zij schreven zichzelf daarmee in op de Friese canon. De Kast: vijf mannen die al jaren in staat zijn het beste van elkaar naar boven te halen en muziek maken die tegen een stootje van de tijd kan. Ik citeer Harry de Jong, die vanaf het podium op die decemberdag in 2019 terugkijkt op 30 jaar De Kast. Vanaf het prille begin. Toen er bij lange na nog geen sprake was van De Kast, maar de groep zich in die samenstelling wel al aan het vormen was. Het succes stond in de steigers. Het doopceel van de muzikanten wordt gelicht. Voor de fans altijd fijn te weten hoe hun idolen in elkaar steken. De mannen zijn openhartig over het wel en wee, hoe en waarom, de start en finish. Harry de Jong is dan ook een vriendelijke en amicale ondervrager. Na alle jaren dat hij met de groep meeloopt is de journalist geen persmuskiet meer, maar drinkt zo nu en dan ook eens een biertje met de jongens aan de bar. Die ‘ouwe jongens krentenbrood’ sfeer leest tussen de regels door en maakt het boek goed leesbaar. Het is geen opsomming van feiten en ervaringen, maar het dient zich aan als een avontuurlijk jongensboek.

    foto © Marcel R Fotografie

    Het hek van de dam

    Iedere beginnende band, zwoegend op covers in de garage, zal graag in de schoenen staan van De Kast. Zij hebben de zelfkant van de roem geproefd. Zijn begonnen als de spreekwoordelijke krantenbezorger om op te klimmen tot miljonair. En alles hebben ze gedaan op eigen kracht. Wel hier en daar met enige hulp van een ervaringsdeskundige, maar ze hebben hun eigen identiteit altijd bewaakt en gewaarborgd. In eerste instantie dachten de jongens groots en hadden ze niets met regionale acts. Maar toen filmregisseur Steven de Jong hen vroeg de titelsong voor één van zijn rolprenten te schrijven was het hek van de dam. Het werd het meest bekende nummer van de Friezen. Daarna zouden er naast het Nederlandstalige repertoire nog vele Friese composities volgen. Het verhaal is bekend en staat nog eens dunnetjes overgeschreven in dit boek van Harry de Jong. De speelse tekst wordt nog verlevendigd door talloze foto’s van optredens en groepsportretten uit eigen archief. We zien de jongens in beeld opgroeien en in hun rol als bekende Nederlander vallen. En natuurlijk is voor de liefhebbers een uitgebreide discografie aan de biografie toegevoegd. Want daar draait het natuurlijk allemaal om: de muziek.

    Op eigen kracht, 30 jaar De Kast. Tekst Harry de Jong. Uitgeverij Louise, 2023.

  • Reizend in het leven op zoek naar de zin

    Na het lezen van de kroniek van een levensreis, de biografie van het muzikale duo Elly en Rikkert, is het alsof ik bij hen op de bank zit en me warm aan het gezellig knisperend haardvuur. Ouwe jongens krentenbrood, zoiets. Het is een fijn boek dat doen en laten van het echtpaar, dat zonder achternaam als BN’ers door het leven kan, tot in detail belicht zonder het overhoop te halen. Schrijver Herman Veenhof is kind aan huis in de Drentse woonboerderij, waardoor hij zo kan schrijven dat ik mij bij het lezen meer dan thuis en me welkom in hun leven voel. Door de lange gesprekken kan hij breedvoerige hoofdstukken opstellen en is het boek daardoor een dikke pocket geworden. De bijbel van Zuiderveld. Ter leering ende vermaeck, want Elly en Rikkert verenigen nog altijd het nuttige met het aangename. Het kan de lezer tot voorbeeld zijn. Hoewel zij zichzelf die voorbeeldfunctie niet zullen aanmatigen, bescheiden als ze zijn.

    Niet over één nacht ijs gegaan

    Journalist Veenhof laat Elly en Rikkert veel zelf aan het woord, zodat de informatie letterlijk uit de eerste hand komt. Zo is het een verhaal van henzelf, waarin ze niet enkel de grote lijnen vertellen. Ook komen anekdotes en de kleine ervaringen ruim aan bod. Zo opent Veenhof deuren die normaal gesproken gesloten blijven. Als reporter gaart hij nieuws bijeen, geeft verslag van dagelijkse dingen, maar voor dit boek is Veenhof dieper gedoken en met deze geschiedschrijving van dit illustere duo boven komen drijven. Het maakt hem dan ook tot historicus die niet over één nacht ijs is gegaan.

    Voor de buitenwereld is het bijzonder wanneer de twee zich tot het geloof bekeren. Dat wapenfeit blijft daarna altijd aan hen kleven. Het is dan alsof ze een steen in de muziekvijver gooien. Het gaf veel rimpeling en ongemak. Dat ze plots in de Heer waren gaf rumoer onder de fans. Volgelingen haakten teleurgesteld af en een nieuwe schare belangstellenden vulde de zalen. Voor Elly en Rikkert was de ware omslag wel als een donderslag, maar de smalle weg er naartoe werd al langer bewandeld. Het geloof speelt altijd al wel in de achtergrond mee. Het is eigenlijk een rode draad door hun beider levens, die midden jaren 70 van de vorige eeuw strak wordt aangetrokken en een kleine 10 jaar later weer wat losser komt te zitten.

    Elly en Rikkert, Herman Veenhof, levensreis, biografie

    Schare trouwe aanhangers

    Het is dan ook geen letterlijke bekering; ze zetten de puntjes op de i, plaatsen een uitroepteken. Hebben nog wel vragen maar weten de antwoorden te vinden. Het geloof is hun wezen en hun doel. Alles in allen. Voor die anderen hebben ze zich verkocht aan met name de EO, maar niets is minder waar. Na hun bekering worden ze wel enigszins ernstig evangeliserend, strak in de leer, is er tijdens optredens meer gesproken woord dan gezongen taal. Er moeten immers zieltjes gewonnen worden, hun omkeer moet uitgedragen. Dat past dan naadloos in de doelstelling van de omroep in die tijd. Ze krijgen een schare trouwe aanhangers, die na een aantal jaren niet goed meer weten wat ze met hen aan moeten wanneer ze zich weer meer gaan richten op de seculiere muziekomgeving. Dus eerst zijn het de demonstranten die afhaken en later de protestanten die hen min of meer afwijzen. Maar Elly en Rikkert blijven onder alle omstandigheden vooral zichzelf, de eigen dingen doen.

    Staan zij dus in de lande bekend als het christelijke duo dat grossiert in tekst en muziek, er is nog een leven voordat de bekering plaats vindt. Het boek beschrijft de familie, ouders en voorouders. De omzwerving langs school, kerk en kroeg. Ze zijn twintigers wanneer de bloemenkinderen pais en vree verkondigen. Wanneer de maatschappij in felle teksten wordt aangeklaagd. Dat hippiebloed is altijd door hun aderen blijven stromen. En ook de filosofie van de tegencultuur blijven ze aanhangen. Zelfs toen ze in de Heer raakten, want Jezus was toch de eerste meliorist. Ze stellen nog altijd hun huis open voor iedereen. Zij het dat dit wel op een minder grote schaal wordt gedaan dan vroeger, toen hun samenleven het aanzicht van een commune dreigde aan te nemen.

    Scherp van tong, lieve woorden

    Ieder hoofdstuk van de kroniek heeft een ondertitel, een puntdicht dat uit de koker van Rikkert lijkt te komen. Het slaat de spijker op de kop en omschrijft in een enkele zin de strekking van het daarop volgende verhaal. In die enkele woorden blijkt al de kracht van de teksten die uit Zuiderveld’s pen vloeien. In zijn liedteksten en gedichten is hij ook een ware woordkunstenaar, waar Elly in deze niet onder doet voor haar partner. Hoewel zij minder een poëet is en meer de tekstdichter. Is Rikkert scherp van tong, Elly zoekt lieve woorden. Zij wil vooral kinderen aanspreken om hen de blijde boodschap toe te zingen. Maar ook volwassenen spreekt ze aan, troostend, hopend. De verzen zijn eenvoudig en gemakkelijk mee te zingen, maar zetten het verhaal wel duidelijk neer.

    Elly en Rikkert, Herman Veenhof, levensreis, biografie

    Met belangstelling lees ik hoe het duo eerst solo op de bus stapt om de levensreis te beginnen. En op welke manier de lijnen dan op een gegeven moment elkaar kruisen en ze samen de trein nemen naar een ander land. Zo zijn ze nu al meer dan 50 jaar onderweg op zoek naar de zin van het leven, en niet kapot te krijgen. Zij het dat Rikkert het grote podium heeft verlaten en zich thuis fanatiek zet aan het schrijven, terwijl Elly nog vooral kinderprogramma’s maakt, kookboeken schrijft en sporadisch voor publiek optreedt. Nog altijd hebben ze een groot hart voor vrienden en omgeving, dat is hen met de paplepel in gegeven en valt er niet uit te branden.

    Zichzelf gebleven

    Om het verhaal rond te krijgen worden meerdere bij het duo betrokken mensen aan het woord gelaten. Zo spreekt Veenhof onder meer met de kinderen en met muziekcollega’s. In alle getuigenissen klinkt door dat het een prachtig stel is, ze schatten van mensen zijn die trouw bleven en blijven aan wie ze zijn en waar ze voor staan. “Ze zijn altijd zichzelf gebleven, trekken zich niets aan van wat anderen zeggen of vinden. Ze doen wat ze vinden dat ze moeten doen.” En wat ze vinden en doen wordt breed uitgemeten in de kroniek van een levensreis. Dat is de essentie van hun bestaan. Naar de letter zijn ze een voorbeeld van hoe een christenmens in het leven zou moeten staan. Gedienstig en hulpvaardig, liefdevol en vergevingsgezind. Met wijd open armen zoals hun voorbeeld Jezus is. Maar ze laten zich als blije en vrije mensen niet onder het tapijt vegen. Zijn kritisch wanneer dat in hun ogen nodig is en de tempel eens weer gereinigd dient te worden. Zo blijft Rikkert in woord en gebaar de protestzanger en spreekt Elly scherpzinnig kinderen en ouders aan.

    Elly en Rikkert, Herman Veenhof, levensreis, biografie

    We zingen over wat wij zien in de maatschappij. We spitten onderwerpen niet uit om het onderwerp, uiteindelijk blijft het evangelie onze drijfveer. Wij willen het christelijke wereldje rondom het geloof ontmaskeren.” Hoewel het altijd op de achtergrond meespeelt willen Elly en Rikkert niet altijd over het geloof praten. In de loop van hun carrière zijn de teksten en is de muziek directer geworden, meer van de tijd waarin ze op dat moment acteren. “Het moet ook amusementswaarde hebben, alleen verkondigen gaat niet.” Eeuwigheidswaarde heeft het zeker, want tekst en muziek spreekt door generaties heen een breed publiek aan, ook buiten geloofsgemeenschappen. De verzen zijn eerlijk en oprecht, maar daarin wordt wel geschreven waar het op staat. Dat blijft hangen, dat is bestendig en houdt stand.

    Geen reisgids

    Herman Veenhof volgt het spoor op deze levensreis, die nog niet het eindstation heeft bereikt. Maar hij kijkt al wel uit naar de erfenis, wat het duo nalaat aan ideologie. Zullen er mensen zijn die het stokje overnemen en de gedachten en overdenkingen verder zullen dragen. Het boek kortom heeft twee niveaus. Het eerste is een levensverhaal van twee mensen, zo verantwoordt Veenhof zijn uitgave. Een duo, maar ook los verkrijgbaar. De tweede laag kent drie trefwoorden: continuüm, raakvlak en ontschotting. De schrijver legt deze levensfilosofie uit in zijn voorlaatste hoofdstuk “de muren van Jericho”: als je graag een brug wil zijn tussen mensen, moet je eraan wennen dat er over je heen gelopen wordt.

    Het boek sluit af met het oeuvre van Elly en Rikkert, de nalatenschap. Dat betreft een groot aantal platen en cd’s, publicaties en boeken, voorstellingen en projecten. En uit de bron blijven gedachten ontspringen die een expressie krijgen in woord en klank. Zolang er leven is is er hoop, dat met enthousiasme wordt uitgedragen. Het boek is geen reisgids, maar wel een brochure over hoe het leven geleefd zou moeten worden. Als we dat allemaal eens zouden doen. Toch?

    Elly & Rikkert, kroniek van een levensreis. Herman Veenhof. Uitgeverij Ark Media, 2022.

    Elly en Rikkert, Herman Veenhof, levensreis, biografie