Tag: Eddy O’Kaye

  • Dit album moet op de top

    Top Hole Records, las ik, heeft de muziek van het iconische jaren 70 album “Groeven uit Heerenveen” online gezet. De uitgeverij van Josh Haijer, zelf ook geen onverdienstelijk muzikant, vond het tijd dat de tracks op het verzamelalbum na 46 jaar niet alleen voor de liefhebber maar voor iedereen te (her)beluisteren zouden zijn. Het neusje van de toenmalige Heerenveense muziekscene trad aan voor de opnamen in jongerencentrum Pakhuis en de Blue Tape Studio. Het album was omstreden, niet om de muziek want dat zou een goede reden geweest zijn, maar om de foto op de hoes. Het standbeeld van Fedde Schurer aan het Gemeenteplein in Heerenveen zou daarvoor misbruikt zijn. Het had een pruik op gekregen en hield een bord vast met de titel van het album. De maker van het beeld was not amused, maar Fedde zelf had er waarschijnlijk smakelijk om gelachen. Maar goed, al de platenhoezen met die afbeelding moesten na het bepalen van een dwangsom uit de handel worden genomen en de schijf kreeg een andere omslag. Nu, in 2025, heeft de muziek weer een ander beeld toegemeten gekregen. De verdwenen watertoren, nog aanwezig in 1979 en op de gewraakte hoes, is met hulp van AI van onder af gezien. Twee armen komen uit de stoep en bespelen een Spaanse gitaar. Geen vuiltje aan de lucht. De oude hoes ligt nog ergens bij mij op zolder, een collectors item.

    Opgeruimde liedjes

    Maar wat brengt mij tot deze nostalgische inleiding. Op die bewuste plaat prijkt een nummer van Eddy Koetsier dat mij tot de verbeelding spreekt. Een protestlied dat na al die jaren nog steeds niet aan kracht heeft ingeboet. Ik denk dat het even representatief is voor het populaire muzieklandschap als Maternité van MAM dat is voor de experimentele klankpop. Die song, Hilversumse Kliek, heeft Eddy opnieuw opgenomen en gedigitaliseerd. Ik vind deze nieuwe versie terug op de cd “Nabloeier” de dato 2023. Was de originele versie met de Haagse band Fairy Tale, Eddy doet het later nogmaals met zijn makker van het eerste uur Ad Bos. Samen spelen ze in de studio aan huis alle instrumenten in en maken er een speelse song van, als dat het al niet was. “Mijn hele leven lang maak ik al muziek / nooit was het wat voor de Hilversumse kliek / maar ik geef de moed nog lang niet op / dit nummer moet de top.”

    Opgeruimde liedjes. Van jonge mensen, de dingen die voorbij gaan. Met een vrolijke blik omkijken. Niet terug zien in wrok maar vooruitzien met levenslust. Want het is geen zaakje van back to memory lane, al zou je dat na al die jaren wel gaan denken. Zangers als Andre Hazes en Marco Schuitemaker kunnen hier nog een punt aanzuigen; de oude knarren weten hoe een hit op te bouwen en samen te stellen. Alleen jammer dat die Hilversumse Kliek er geen oren naar heeft, want dit album moet naar de top. Eddy en Ad verdienen het. Liefdesliedjes verkopen, levensliederen doen de kassa rinkelen. Mogen de songs van “Nabloeier” dan goed in het gehoor liggen, ze hebben geen hitpotentie zolang ze door de dj’s van radio en tv worden genegeerd.

    Luchtig album

    “Nabloeier” is een luchtig album, waarin de nestoren van de Heerenveense popmuziek jonger klinken dan ooit tevoren. Menig nummer roept de sfeer op van een Bob Bouber en Joop Stokkermans in de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw. Gewoon vrolijk en ongecompliceerd. Zoiets als “Kleine kokette Katinka / kijk nog eens één keertje om / zo stiekempjes over je schouder / je ma merkt het toch niet dus kom.” Wel worden de min of meer eenvoudige teksten op “Nabloeier” doordacht ondersteund met virtuoze arrangementen. Waar een orgel op de plaats is klinkt deze, of een oosterse instrumentatie wanneer de tekst dit verwacht. Ook zijn er diverse creatieve tempo wisselingen en ontspannende intervallen. Er is veel aandacht besteed aan de muziek waartegen creatieve woordspelingen zijn gezet.

    Eddy Koetsier, aka Eddy O’Kaye, speelt met taal in vooral songs die over liefde en leven gaan. Koetsier en Ad Bos, aka Whizzy Adrian, zijn geen laatbloeiers, allesbehalve. Maar zij bloeien na in de herfst van hun muzikale leven. En die bloei is kleurig, en weelderig. En het is vreemd dat dit in Hilversum nauwelijks wordt opgemerkt. Daarom is dat protestlied over die Kliek nog telkens actueel. En zingt Eddy uit volle borst: ‘ik hoop dat je het mooi vindt, ik heb er mijn best op gedaan’. Want O’Kaye en Whizzy nemen hun werk serieus. Ze pingelen er niet zomaar op los, hoewel sommige songs wel de sfeer hebben van feestmuziek als behang op een bruiloft. De tekst is minder belangrijk als wel het swingen van de muziek.

    Vindingrijke liefdesliedjes

    Op “Nabloeier” echter is het woord evenwel net zo belangrijk als de muziek. En de combinatie stemt vrolijk en ruimt de donkere tijd waarin we nu leven op, licht het bij. Niet dat Koetsier en Bos niet verder kijken dan hun neus lang is, maar ook een negatieve sfeer als in Oena Luna, het meisje aan lager wal geraakt, wordt in de positiviteit getrokken. “Hey Oena Luna, hoe kon het zover komen / je zuipt weer en je liegt en bedriegt / je staat altijd rood / je eindigt zo nog in de goot / roder dan rood, ik heb je nu wel uitvergroot”, en dan op een meer dan optimistische toon en met een uiterst vrolijke noot. Look at the bright side of life, ook wanneer je aan het kruis hangt.

    De speelruimte die Koetsier zichzelf geeft om 13 in een dozijn teksten creatief aan te kleden zorgen voor vindingrijke liefdesliedjes. In diverse songs rijmt hij als Drs P. de humor aan een serieus onderwerp. En wordt de toon dan al te ernstig dan heffen levendige noten dit weer op. Altijd blijft de zonnige kant van het leven in zicht, ook al verdwijnt die zon soms achter de wolken Eddy weet de cumulus eenvoudig weg te blazen en het licht door te laten breken. In “Nabloeier” branden Koetsier en Bos nog even fijn na. Zetten geen punt achter de carrière, maar een vette puntkomma. Of eigenlijk een dubbele punt, want er zal ongetwijfeld meer volgen. Eddy Koetsier zit nog vol inspiratie om teksten te schrijven en muziek te componeren. Ad Bos zal maar wat graag achter de toetsen en de knoppen plaats nemen om een en ander in goede banen te leiden.

    De mannen hebben in hun loopbaan het oor goed te luisteren gelegd en eten van allerlei muzikale walletjes mee. De invloeden zijn vermengd tot de zonnige sound die dit album kenmerkt. Je herkent allerlei maar weet het nauwelijks thuis te brengen. En dan is daar ‘Something’ van The Beatles in een wel zeer losse Nederlandse vertaling. “Je vraagt me of mijn liefde groeit / je weet maar nooit, je weet maar nooit.” Even opgewekt als die andere song van George Harrison: ‘Here comes the sun’. Want de zon komt bij Koetsier op in ‘’s Morgens’ en straalt in ‘Als ik jou weer zie’ en ‘Hemelsblauw’. Goedmoedige liefdesliedjes, die zelfs verloren en onbeantwoorde liefdes door een roze bril laten bekijken.

    Het doet in de verte denken aan, ik krijg fluisterend in gedachten, het album “Hoezo jeugdsentiment” van Neerlands Hoop met vrolijke arrangementen van nostalgische liederen. “Nabloeier” betreft allemaal eigen origineel werk, maar heeft wel die eigengereide opgeruimde sfeer. Staken Bram en Freek de draak met Hollandse hits, Eddy en Ad steken de loftrompet over het Nederlands taalgebied. Zij behandelen het even creatief als de dichters van het lichte vers en het plezierdicht. Ze kunnen er zo mee het podium op en trekken ongetwijfeld volle zalen ware het niet dat de kruiwagen een lekke band heeft en de plugger ziek thuis zit. Het genre is eigenlijk niet goed te plaatsen. Er is geen vakje passend voor deze stijl om in te zetten. Het heeft een heel eigen karakter. Te uniek om op te vallen of boven het maaiveld uit te steken. Ze maken hun hele leven al muziek, maar worden genegeerd door de Hilversumse Kliek. Maar wat mij betreft horen deze nummers aan de top.

    Nabloeier. Eddy O’Kaye & Whizzy Adrian. Beatybee Publishing, 2023.

  • Be Rare: zeldzaam goede muziek

    Het is jammer dat de muziek van Eddy Koetsier en zijn compagnon Ad Bos niet meer airplay krijgt via radiostations en muziekzenders. Dat het werk van de vrienden, musicerend onder de pseudoniemen Eddy O’Kaye en Whizzy Adrian, daardoor nauwelijks aandacht krijgt onder het publiek. Het heeft de potentie om dansvloeren zwetend bemenst te krijgen. Met muzikale makkers heeft het duo een muziekgroep gevormd, de Blue Tape Band (BTB). Daarmee is een muzieklandschap gecreëerd dat staat als een huis. Door de jaren heen zijn de klanken bij geschaafd, de tonen recht gezet en de teksten diepzinnig geschreven. Eddy tikt inmiddels ruim de 70 aan en weet van toeten en blazen, kent het klappen van de zweep en zet haren op snaren.

    Eigenstandige ideeën

    BTB, dat is vrolijke muziek die voor een glimlach kan zorgen in deze pessimistische tijden. Het is echter niet commercieel, want geld verdienen met de muziek hoeven de heren niet meer. Uit de onkosten komen is genoeg. Daardoor kunnen ze een eigen koers varen, hoeven niet mee te zeilen met de winden die gangbaar en hedendaags zijn. Kunnen door de brede smaak en kennis van de popmuziek een legio aan bekende klanken invoegen. Als muzikale kunstenaars staan ze in de tradities van hun voorgangers en collega’s die hen inspireren om tot eigenstandige ideeën te komen. Deze ingevingen zijn niet oubollig of achterhaald, eerder is het aan te merken als klassieke muziek binnen het idioom van de populaire muziek.

    Gebruikmakend van alle gemakken die een studio biedt om een muur van muziek te creëren waartegen de zang als behang geplakt is. Maar deze omschrijving doet hieraan geen goed, want dan zou de muziek welhaast muzak worden en dat is het zeker niet. Het is muziek om naar te luisteren, met aandacht om iedere component op de juiste plek te zetten. Geen klanken voor de achtergrond tijdens het winkelen of iets dergelijks. Eddy en zijn muzikale vrienden dienen gehoord te worden, beluisterd, met aandacht.

    Kennis met realiteit

    Be Rare!, een album van 2016, uitgebracht in eigen beheer zoals vrijwel al zijn werk dat is, brengt mij in sferen van weleer, een stemming die ik nog weleens mis in de huidige muziekscene. Dat wil niet zeggen dat het oeuvre van Koetsier stof verzameld, dat het niet langer van hier en nu is. Het klinkt zeker eigentijds, het combineert kennis met realiteit. De kennis, de wetenschap opgedaan over en met de muziek in de voorbije decennia, brengt hij samen met klanken die nu uit radio en van playlists komen.

    Het album opent met een ballroom gelijkende song, meteen ben ik binnen in de studio van Blue Tape. Ik hoef niet te acclimatiseren, gelijk al heeft de band mij bij de kladden. Rock’n’Roll Remedy is geheel in stijl om het feestalbum te openen. Optimistisch en vrolijk kan ik de sfeer op de plaat het best omschrijven. De arrangementen zitten vol creatieve vondsten, overgangen en opvullingen die bij meerdere keren beluisteren komen bovendrijven. Want dat heeft BTB nodig, een serieus oor dat te luister wordt gelegd.

    Gepokt en gemazeld

    De teksten zijn veelal autobiografisch, want het is Eddy waar Koetsier mee van doen heeft. Het dicht bij zichzelf blijven maakt de songs herkenbaar. De zangstem is transparant, te dun en nauwelijks dragend in het gestroomlijnde geweld van toetsen en gitaren. Het vocale geluid van Eddy past beter in de ballads, de liedjes waarin het verhaal de meest belangrijke component is. Geen uptempo, de zanger moet de tijd hebben de muziek vocaal in te vullen. Anders wordt het te schreeuwerig en is minder melodieus.

    De verzamelde muzikanten zijn gepokt en gemazeld, hebben veel zalen gezien en podia beklommen. Maar ze zijn vooral op hun plek in de studio waar ze zich kunnen wijden aan het vakkundig muzikaal versieren van de nummers. Door ervaring kunnen ze experimenteren, maar voortdurend blijft daarbij de melodieuze versiering intact. In de arrangementen klinkt het verleden, er is dankbaar gebruikt gemaakt van melodieën die al eens eerder werden getoonzet. Niet dat de composities daardoor samenraapsels aan ideeën zijn geworden, geenszins een muzikale collage. Eddy en Ad hebben wat ooit door anderen de ether is ingestuurd perfect gepast in de eigen sound. Daardoor zijn er flarden herkenning in de voor het publiek, door voornoemde redenen, onbekende muziek. Het is alsof je het ergens ooit eens eerder hebt gehoord, een soort van muzikale déjà vu.

    Bijschaven en versieren

    BTB is een ongewoon Nederlands product dat met kop en schouders boven de Friese bries uitsteekt. Muziek die over de grenzen gaat, wanneer de autoriteiten van de media deze maar op zouden pakken. Onbekend maakt onbemind gaat helaas letterlijk op. Eddy Koetsier maakt zijn werk zelf dan maar wereldkundig door het op diverse digitale playlists te plaatsen en het te laten klinken op een website van de eigen uitgeverij. Want dat is het wel, uitgebracht in eigen beheer. Hij heeft alles zelf in de hand. Het voortraject van inspiratie, uitwerken, schrijven en componeren. De gespeelde klanken in de vingers en het gehoor krijgen, arrangeren en orkestreren, bijschaven en versieren. Gastmuzikanten vragen en het resultaat opnemen. De productie zelf ter hand nemen. Maar ook de distributie vanuit het woonhuis organiseren. Zelf bij de omroep aankloppen.

    Optreden hoort echter minder bij deze verspreiding van zijn muziek. Dat stad en land afreizen was van toen, nu wordt er meer gewerkt vanuit de studio en zal de muziek via cd en het wereldwijde web de openbaarheid in moeten. En zolang het geen steun krijgt van de mensen die invloed hebben op de scène blijft het een randverschijnsel, een aantekening in de marge. Maar Eddy en Ad laten zich niet uit het veld slaan, ze gaan onverdroten door met hetgeen ze het liefst doen. En natuurlijk maak je niet alleen muziek voor jezelf, zoals een kunstenaar een compositie voor het volk maakt. Het moet de wereld in, de aarde over. Het moet gehoord worden. Kan het niet linksom dan moet het maar rechtsom. Het is zeldzaam goede muziek: be rare. Dat blijft het, helaas.

    BTB Be rare! Blue Tape Band. Eddy O’Kaye en Ad Bos. Beaty Bee Publishing, 2016.

  • Het beste werk van Eddy Koetsier is okay

    Smaakt oud beter? Gerijpte wijn, gelagerd bier, overjarige kaas, krijgen deze een complexe sensatie na jaren? Pittig maar toch zacht. De toon wordt minder fel, maar de noten zijn steviger en minder makkelijk te kraken. Heb je door te leven de zin ervan ervaren dan slijten de scherpe kanten. Word je milder maar krachtig in kennen en herkennen tegelijk. Het is alsof je eerst van alles moet hebben doorvoelt om emotie een plek te geven in jouw uiting. Eerst leven en dan voluit geven. Eerst elke stroming in de kunst dan wel de muziek hebben geproefd en genoten, om er op het laatst het eigen recept mee te schrijven. Want daar gaat het hier over. Niet over die wijn, dat bier of deze kaas.

    “Hun beste album in veertig jaar tijd”

    In het geval van Jagger, Richards en Wood – de harde kern van The Rolling Stones – is de muziek na 60 jaar gerijpt. Het heeft echter niet zolang op de plank gelegen, zoals bij wijn, bier en kaas het geval is om op smaak te komen. De muziek is tot rijping gekomen door 60 jaar achtereen te experimenteren, naar anderen te luisteren en daarmee tot een eigen interpretatie te komen. Een eigen stijl te ontwikkelen die in deze jaren is gegroeid en nu tot bloei komt. Het nieuwe album van de “greatest rock’n’roll band in the world” wordt door kenners de hemel in geprezen. “Hun beste album in veertig jaar tijd”. Met beide voeten nog stevig op aarde staand gaan de oude mannen ook gewoon maar lustig door alsof ze net begonnen zijn. Ondanks de gezegende leeftijd klinken de nummers op het nieuwe album nog net zo jeugdig als veel van het vroege werk van de Britse band. Ze gaan terug naar hun roots omdat ze alles al hebben gedaan, gezien en gehoord.

    Ze hebben een groot oeuvre om op terug te kijken. Kunnen genoeg sounds mixen en hun ervaring brengt hen op het laatst tot grote hoogte. De oudjes doen het nog goed. Hoewel de gezichten de sporen dragen van een turbulent verleden, heeft de muziek geen sleetse plekken en komt het even helder uit de speakers als vroeger. Misschien niet vernieuwend meer, maar wel authentiek en herkenbaar. Er zijn natuurlijk meer voorbeelden te geven van ouden van dagen die zich nog stevig weren in de muziekscene en de kunstwereld. Maar The Stones zijn op dit moment actueel. Een hot item. En wanneer geen ziekte of ongeval het pad eerder kruist zal je sterven in het harnas. Het loodje leggen op een podium tijdens een achteraf gezien laatste optreden. Of de geest geven in het atelier met op de ezel wat de geschiedenis in zal gaan als een onvoltooid werk.

    Met een eigen studio heeft Koetsier het geluid van het platteland gemaakt

    Zo dacht ik op het moment dat ik de nieuwste plaat van Eddy Koetsier opzette. Musicerend onder de artiestennaam Eddy O’Kaye beklimt hij ook al een 60 jaar de toonladder. In de vorige eeuw bepaalde hij mee de sound van de Friese bries en de Heerenveense Golf. Komend van elders liet hij de Friezen een poepie ruiken en heeft een stempel op de scène gedrukt. Met een eigen studio heeft Koetsier het geluid van het platteland gemaakt. Veel noordelijke muzikanten namen bij hem aan huis hun composities op. Zelf heb ik er eens mijn strakke drumpartij bewezen bij een losvaste punkjam. Eddy’s eigen songs vonden er ook het vinyl, de cd en later een digitale weg via playlists van internet aanbieders.

    Voor zijn nieuwe plaat “Bend to Be” laat hij zich begeleiden, of eigenlijk werkt hij samen met Ad Bos aka Whizzy Adrian. “Het is het beste wat ik ooit heb gedaan”, zegt Eddy er zelf van, een understatement. Hij spreekt mij aan bij de bakker. Wanneer hij brood koopt en ik koeken voor bij de koffie uitzoek, laat Eddy mij weten een nieuw album opgenomen te hebben. Hij weet dat ik muziek interessant vind en kritieken schrijf.

    Het beste werk dat hij ooit heeft gemaakt. Zo werkt dat bij kunstenaars. Ze zijn altijd op zoek naar het optimale, het mooiste schilderij of beeld waarin alles op de plaats valt. Het beste geluid, de meest mooie song. Dat produceren nog, en dan sterven. Want het hoogst haalbare valt niet te bereiken. De top blijkt altijd hoger te liggen dan gedacht. Want is deze bereikt dan is het klaar, af, over, voorbij. Daarom zal na het beste werk altijd nog beter werk volgen. Het is bij leven nooit af, nooit gedaan. Maar terugblikkend kan het op dat moment het beste werk zijn. Daarna groeit het door, gaat het verder.

    Oud smaakt werkelijk beter

    Maar dan dat album van O’Kaye en Adrian. Dat klinkt even jeugdig als die nieuwe plaat van The Stones. Met de klanken waan ik mij terug in de woelige jaren 70 en 80 van de vorige eeuw. De periode dat de plaats hier nog enige betekenis dacht te hebben op muziekgebied. Die noten klonken toen al sprankelend, maar hebben nu nog steeds niet aan kracht ingeboet. Koetsier en Bos weten nog telkens sterke teksten te schrijven die op even solide muziek is gezet. Oud smaakt werkelijk beter. De pit van de jeugd met het doorleefde karakter van de jaren. Wild maar toch mild.

    Uit de liedjes spreekt geen verliefdheid meer als het over een partner gaat, maar pure liefde. Geen vluchtige relatie, meer een hechte verbintenis. Het mysterie van samenzijn en dat dit voor eeuwig kan zijn. De serieuze ballad gelijkende songs zijn veelal op een vrolijk klankschema getoonzet. De gerijpte muziek heeft de overmoedige humor van weleer behouden. In de arrangementen hoor ik de lijnen van illustere plaatselijke voorgangers terug. Koetsier heeft zijn oor goed te luisteren gelegd in zijn Blue Tape Studio destijds. En met die geluiden in herinnering, deze gemengd met de sound van nu dit energieke album opgebouwd. Het is makkelijk in het gehoor liggende muziek. Het neigt soms wat naar behang, maar blijft toch in de gedachte hangen.

    Vrolijke songs en lieve liedjes

    De teksten maken van de speelse deunen luisterliedjes. Om de woorden te volgen en op waarde te schatten moet je met aandacht luisteren. Er schieten bandnamen door mijn hoofd die ik denk in klank te horen. Maar dat doet geen recht aan de songs van Koetsier en Bos, want deze zijn origineel en authentiek. Zelfs The Stones jatten wel rechtmatig riffs en klankkleuren. Verwerken deze in hun eigen composities, zodat je een enkele maat herkenning hoort maar het niet meteen kunt plaatsen. Zo heeft Koetsier niets gepikt, maar enkel de hem bekende muziekgeschiedenis tot zich genomen en gebruikt. Vrolijke songs en lieve liedjes die de vroege beatmuziek overstijgen maar toch in herinnering brengen. Ongecompliceerd lijkt het, de arrangementen zitten echter complex in elkaar – op een enkel moment dik aangezet waardoor er een gelaagdheid in luisteren optreedt. Het komt beter binnen wanneer deze klanklagen ontrafelt worden.

    Vrolijke muziek hoor ik wanneer ik de cd nog eens start. Goed om de dag te beginnen en best om bij de nacht in te gaan. Mijn dag is ermee opgeruimd. Muziek waar de voorgaande jaren van musiceren tot in uiting komen. Het klinkt bekend maar is toch ook origineel. In de composities is een mengsel te horen van wat eerder gemaakt is. Het is jeugdige vreugde door mannen op leeftijd gemaakt. Alle invloeden en inspiraties komen hierin samen. In coronatijd ontstaan had er pessimisme naar voren kunnen komen. Maar nee, tegen beter weten in op dat moment misschien, worden er juist hele optimistische geluiden geproduceerd. Met doorwrochte teksten. Liefdesliedjes zonder verliefdheid. Maar vooral een opgeruimde kijk, een heldere blik. Swingend, maar toch niet overtuigend dansbaar.

    Zware kost gezet op lichte muziek

    De liedjes zijn over het algemeen autobiografisch. Het zijn de verhalen uit het leven van Koetsier. En iedere song heeft een eigen persoonlijke achtergrond. Ballads en luisterliedjes uit de rijke levenservaring. Maar deze worden niet oubollig. De oude man heft geen vingertje. Een ode aan de dochter, een liefdeslied voor de vrouw, een registratie van een huwelijk dat op de klippen liep. Zware kost gezet op lichte muziek. Gedragen, maar toch met een swingende basis. Zo is het een geëvolueerde beat. Niet blijven hangen in die beste jaren 60, maar door gegroeid zonder die basis uit het oog te verliezen.

    Kortom, het materiaal van Koetsier is licht verteerbaar. Ondanks dat het gerijpt en de smaak best pittig is. Het roept het verleden op, maar is eigentijds en zal zeker de toekomst ingaan. Wanneer het maar aandacht krijgt en daar schort het nog wel aan volgens de componist. De autoriteiten die de dienst uitmaken op radio, televisie en internet vinden het schijnbaar gedateerd, ouderwets en achterhaald. Maar in elke kunstvorm is een golfbeweging te herkennen. Iedere stroming kijkt terug op een vorige beweging en neemt er het beste van mee in een nieuwe richting. Vernieuwend is nieuw met een oude glans. Daarom heb ik goede hoop voor Koetsier en Bos. Dat hun muziek ooit weer ontdekt wordt. Misschien door een jonge generatie. Of dat de oude garde het terug vindt. Baanbrekend is het niet, maar wel persoonlijk en spreekt daardoor het gevoel aan. In emotie is het grensverleggend. Waarvan akte.

    Cd “Bend to Be”. Tien songs van Eddy O’Kaye (zang, snaren) & Whizzy Adrian (toetsen, trommels). Met hulp van Boy Brostowski (trommels) en Rutger Dijkstra (snaren) op een drietal songs. Uitgave Beaty Bee Publishing, 2023.