Tag: Elly en Rikkert

  • Muzikaal Oinkbeest uitgetekend in beeldverhaal

    De vertelling lijkt de magie te verliezen wanneer beelden voorgetekend zijn. Maak ik een eigen voorstelling bij het beluisteren van het hoorspel, de strip als afgeleide daarvan kan onttoverend werken. Ook de film naar het boek is meestal een minder aftreksel daar je eerder in gedachten een eigen figuratie maakte tijdens het lezen. En die figuren zien er net even anders uit dan de acteurs in de film. Het persoonlijke beeld heeft de magie van het verhaal, de tekenaar of regisseur zet daar de eigen idee tegenaan. Die voorstelling strookt lastig met mijn persoonlijke beeld, zodat de betovering wat mij betreft verloren raakt. Daarom dacht ik dat de sprookjesstrip over het hoorspel van Elly Nieman en Rikkert Zuiderveld de magie van Het Oinkbeest teniet zou doen. Want heb ik een min of meer duidelijk beeld voor ogen wanneer ik dat muzikale verhaal beluister, het in plaatjes te zien als een graphic novel zou het mysterie onthullen. Zo dacht ik. Maar niets is minder waar.

    Elly & Rikkert

    Het Oinkbeest dat zich afspeelt in de sfeer van ‘De Kauwgomballenboom’ en ‘Als ik een bijtje was’. Dromerig, enigszins kinderlijk, met een licht filosofische klank en een morele ondertoon. In die typische stemming waarop Elly en Rikkert patent lijken te hebben. Een moderne gebroeders Grimm of Hans Andersen, die met hun fantasierijke verhalen de lezer een spiegel voorhouden met een vriendelijk belerend plot. Een volksverhaal dat ook kinderen aanspreekt. Zo’n vertelling maakten de muzikale echtelieden begin jaren 70 van de vorige eeuw. De anarchie van de woelige jaren 60 waren net over gewaaid, maar de bloemrijke sfeer die liefde ademde klonk door in het volgende decennium. De geur van cannabis hing nog in de lucht. Het Oinkbeest paste vrolijk en opgeruimd in de idee van die jaren 60.

    Inge Bogaerts zat als jong meisje vastgeplakt aan de bruine luidsprekerbox in de kamer. Tussen de verzameling van vader had ze een luisterverhaal ontdekt en kwam bij de eerste klanken vanaf het vinyl onmiddellijk onder de betovering van de fantasierijke vertelling. Ze ging helemaal op in het spel van Elly en Rikkert, die met verve het Oinkbeest vertolkten. Ze luisterde weer en nog een keer. En weer eens weer. Omdat ze het zo dikwijls had beluisterd en zich in ruime mate een idee vormde, kan ze op latere leeftijd als tekenaar die gedachten van toen terughalen en letterlijk uitwerken. Exact in de sfeer zoals het duo dit bij het schrijven voor ogen moet hebben gehad. Bogaerts is als het ware in de huid van de Zuidervelds gekropen. Kijkt met hun blik naar het verhaal. Zij figureren daar in, zoals ze ook in het hoorspel zij de verschillende figuren een stem gaven.

    Deze makers zijn met de tijd mee gegaan, opgegroeid met hun publiek en zij met hen. De jaren waaruit ze zijn ontsproten hebben ze echter niet los gelaten. Nog altijd sijpelt het sprankje hoop dat alles beter zal worden van de provo-tijd erin door. De flowerpower is niet verdwenen, de bloem steekt nog in het haar, de tegencultuur leeft door in Vledderveen. Doordat Elly en Rikkert tijdloos zijn kunnen zij voor de eeuwigheid componeren, schrijven en musiceren. Het verhaal van Het Oinkbeest is daarom universeel. Hoewel gegoten in een enigszins kinderlijke jas sluit het thema aan bij jong en oud. Het land waarin Het Oinkbeest belandt is een verzamelplaats van geloof, hoop en liefde. Maar de bewoners moeten nog worden lek geprikt om te doorzien dat het leven alleen maar goed is. Het Oinkbeest laat hen kijken met nieuwe ogen en laat beleven wat ze niet voor mogelijk hadden gehouden.

    Levendig, vol vrolijkheid

    De vrolijke sfeer die Elly en Rikkert wisten vast te leggen in hun sprookjesachtige vertelling weet Bogaerts naadloos over te brengen in de tekeningen. En ze voegt zelfs meer details en handelingen toe dan het hoorspel aangeeft. Dat spel heeft in de muzikale intermezzo’s ruimte om de fantasie te laten stromen. Door die melodieën kan de luisteraar zelf de loop van het verhaal invullen. En dat heeft Bogaerts destijds volop voor zichzelf gedaan. Daardoor kan ze nu extra cachet aan het verhaal geven en handelingen vormen die toen werden gesuggereerd. De uitwerking is daarom niet een slap aftreksel maar een sterke afgeleide van het origineel. Het voegt zelfs iets toe. Geeft beeld aan de gedachte.

    Doordat Bogaerts op jonge leeftijd zo vaak het hoorspel heeft beluisterd, kan zij zich goed inleven in de vertelling. Weet ze hoe de personages figureren tot de verhaallijn. Wat de mimiek is en hoe de eigenschappen zijn. In haar vertaling is het een drukte van belang in het bos. De kleine dingen die na meerdere malen beluisteren in het hoorspel te horen zijn, iedere keer weer ontdek ik iets nieuws en anders – het is maar in welke stemming ik ben en hoe open de oren staan. En ook de strip lees ik eens weer, bekijk het opnieuw met andere ogen. En steeds ontdek ik in de schijnbare te drukke wirwar van kleuren, vlakken en lijnen details die ik eerder niet heb opgemerkt. De strip is levendig, vol vrolijkheid, zelfs de mindere stemming wordt meer opgeruimd weergegeven. Het is er kortom een vrolijke boel. Even vrolijk als dat het er in de studio destijds moet hebben toe gegaan. Een feestje voor oor en oog. Bij de plezierige klanken kom je als het ware los van de aarde, bij de lollige tekeningen gaan je gedachten met je gevoelens aan de haal, op de loop. Het kan niet waar zijn, maar op een dag kan het wel zo gebeurd zijn. Er doet zich meer voor tussen verstand en emotie, wanneer ik me maar als kind kan inleven. Voor het kind is alles mogelijk, hun taal en fantasie maakt van een muis een olifant, zet monsters onder het bed en spoken op het behang.

    Volwassen beeldverhaal

    Zoals Bogaerts destijds bij de teksten en liedjes haar hart liet veroveren, zo betovert zij met haar tekeningen de lezer van nu. De luisteraar is kijker geworden. De muzikale reis is een tocht naar de verbeelding. Is onze tijd vooral gericht op beelden die verhalen moeten vertellen, Bogaerts haakt hier mooi op in door haar herinnering te verbeelden. De teksten te volgen, en haar fantasie daar bij in te vullen. De idee van het duo is nauwlettend in de gaten gehouden en kunstig in beeld gebracht. En zelfs zo dat de lezer ofwel kijker daar zelf nog invulling aan kan geven. De vertelling heeft ook iets surrealistisch. Het is niet echt en toch kun jij je er werkelijk in inleven. De fantasie zweeft boven de werkelijkheid. Het zijn welhaast Jeroen Bosch achtige taferelen die zich op de pagina’s ontvouwen. In elk geval in de sfeer van het grote blikken harmonie orkest dat over de bergen trekt. Over die angstaanjagende Jeroen Bosfiguren is een zachtmoedig sausje gegoten. En op de stoeprand zitten twee vreemde vogels. “Zoals we door de straten lopen / En de wonderlijkste kleren kopen / Zijn we net / Twee vreemde vogels / / Jij met je ravenzwarte haren / Je kanariegele vest / Kijk de mensen staan te staren / Die zijn anders dan de rest”.

    De liedjes op papier klinken niet, maar dansen over en door de bladzijden. In je hoofd zing je zo de tekst mee, ook al heb je nog nooit het hoorspel gehoord. Het is deze speelse kracht van de tekenaar die naadloos aansluit bij de ludieke uitingen van de muzikanten. Het mag een kinderlijk sprookje zijn, het is een volwassen beeldverhaal waarin jong zowel als oud zich kan inleven. Het houdt een spiegel voor en wie als Alice in Wonderland door deze spiegel durft te stappen komt in een wonderlijke wereld van metaforen, beeldspraken en zinnebeelden. Het onbekende raakt bekend, het vreemde wordt gewoon. Wie anders is van lijf en leden, wie tegendraads denkt, wordt liefderijk opgenomen in de groep. Iedereen is gelijk zo is de boodschap, we sluiten niemand uit. Kom erbij!

    Dan kan ik me onopvallend en een beetje gegeneerd in een hoekje inleven in de wereld van het kind. Want zou ik in deze wondere walgelijke wereld niet eens graag weer kind zijn. Onbevangen door de ogen van Het Oinkbeest het goede in de wereld opnieuw ontdekken. Daarvoor hoeft niemand zich te schamen, dat worden als een kind is een groot goed. Niet het kind zijn op zich, maar het inleven alsof je weer kind was. Kijk door de ogen van Het Oinkbeest, figuurlijk door het beeldverhaal te bekijken en te lezen. Letterlijk door het boek te openen en de twee gaten in de omslag voor je gezicht te houden. Kijk door, kijk anders, kijk opnieuw. En ontdek.

    Het Oinkbeest. Een sprookjesstrip. Inge Bogaerts. Beeldverhaal naar het hoorspel van Elly Nieman & Rikkert Zuiderveld. Uitgeverij Oogachtend, 2025.

  • Een levensverhaal in paars vinyl

    Het is een lied van symbolen, dat weet ik nu. Een zachte stem voert mij zingend naar tuinen tussen sneeuwwitte bloemen en kelken vol licht. De zon verwarmt en ik word gekust door de regen. Het schijnt een liefdeslied op het leven. De stem houdt van het leven, maar ziet ook valkuilen in dat zijn. Die hobbels op de weg hoor ik niet in het lied. Toen niet, in 1968. Maar nu wel, in 2022. De stem zingt mij nu wel de stadia van het leven, die ik toen ik jong was – een tiener nog – niet doorzag. Nu ik ouder geworden ben en het leven heb gezien, doorleefd, wordt mij veel duidelijk in het lied. Misschien dat Elly Nieman, getrouwd Zuiderveld, daarom nu pas het laatste couplet “De achtste tuin” aan het lied “De zeven tuinen” kon schrijven.

    André van der Weide van NoorderLicht Project graaft het lied op en krijgt van platenmaatschappij Universal toestemming het bij te schaven en uit te brengen. Dan daagt hij Elly Nieman uit om een ‘Achtste tuin’ tekst te schrijven en haar bijna dood ervaring blijkt daarvoor een goede voedingsbodem, de juiste inspiratie. Van der Weide maakt vervolgens in de trant van de oude melodie een nieuw arrangement met andere instrumenten om de weemoed in klank te verbeelden.

    In dat lied van toen doorloopt Elly als jonge vrouw zes tuinen. Van baby en peuter tot meisje, alles is vrede en liefde – pais en vree, er zijn geheimen natuurlijk en er is bekoring en verleiding. Aan die verzoeking toe te geven geeft spijt achteraf, het is het Bijbelse onderscheid en inzicht tussen goed en kwaad. Het verkeerde pad in lopen geeft heimwee, maar je had wel plezier op dat moment. De kater is berouw. En terwijl je die andere tuinen zo kon binnen wandelen, want je was die dag zo vrolijk, weerhoudt een loodgrijze muur jou de laatste tuin binnen te gaan. “Ik kan er wel heen, maar mijn angst is te groot, want achter die muur wacht de tuin van de dood.

    Elly Nieman, Rikkert Zuiderveld

    Op zoek gegaan naar de waarheid

    Elly Nieman schreef het lied nog voor haar bekering. In haar tienerjaren had ze zich, nadat een vriendinnetje plotseling was overleden, afgekeerd van het geloof. Ze verwarde de kerk met God toen en verzoende zich ermee nooit in de hemel te zullen komen. Nadat zij Rikkert Zuiderveld had ontmoet en met hem een relatie aanging, is ze samen met hem op zoek gegaan naar de waarheid en maakt kennis met verschillende religies. In die tijd schreef ze dit lied, van die zeven tuinen. Waarvan het eind zich in figuurlijke nevelen hult. Het enige dat daaraan zeker en vast is – klaar en helder is de dood, het einde, een streep onder het leven. Uit niets spreekt dat er nog iets anders dan de dood na die muur zal zijn.

    In het lied proeft Elly aan het leven, ze doet zich als de Grietje van Hans tegoed aan het zoet en het zacht. Daarna eet ze van het leven en gaat door de tijd als christelijk bloemenkind, hippie van God. Dansend en zingend door de tijd. Nu ze heeft gesmuld van het leven is het goed zich te bezinnen, terug te kijken op wat nog moet worden afgerond. Eén van die onvoltooide zaken is het lied “De zeven tuinen”. Toen destijds was het af, klaar. Het haalde het album “Een ander land”. Ik zocht de plaat op en draaide de elpee op mijn platenspeler. Een heerlijk gekraak duidt erop dat ik de plaat ooit grijs heb gedraaid. Vooral het lied “Vreemde vogels” komt uit mijn herinnering nog weleens vrolijk boven drijven. De stem van Elly is door dat zwarte vinyl zacht en breekbaar, de muziek dromerig. Ik zweef met haar zo door de tuinen en beland met beide benen op de grond bij die muur, die loodgrijze muur van angst. Het duidde een periode, net als die andere songs van dat album. Hoewel er enkele gedateerd zijn, zijn andere tijdloos. De tuinen is daar één van. Vooral nu het is voltooid.

    Elly Nieman, Rikkert Zuiderveld

    Vleugels van vuur

    Want die achtste tuin is het gebied na de dood, de eeuwige jachtvelden, het hiernamaals. Met de dood is het leven wel eindig, maar nog niet klaar. De zevende tuin is de tuin van de dood, maar de achtste tuin is de tuin van de hemel. Toen Elly het lied schreef was ze niet zo zeker van dat leven na de dood. Nu is ze dat wel en kan er over schrijven en vol lof van zingen. In dat laatste couplet, dat eigenlijk de vervolmaking van het lied is maar een eigen arrangement heeft, omschrijft ze haar bijna dood ervaring. Iemand voert haar mee op vleugels van vuur hoog over de muur naar de tuin die nog moet komen. Maar eigenlijk vliegt ze over die tuin en belandt in de achtste tuin. Daar mag ze even gluren en ziet zilveren vogels en vliegende vissen, regenboogbeken en koepels van glas. Ze hoort engelenstemmen, fonteinen van woorden en zoete akkoorden. Maar ze mag er niet blijven, hoewel de verleiding groot is.

    Het album “De acht tuinen” is een collectors item, een object voor de verzamelaar. Hoeveel plaatjes ervan geperst zijn weet ik niet, maar het is stellig geen grote oplage. De beide liedjes zijn geperst in paars vinyl en dat is niet zomaar omdat het een vrolijke tint is. De kleur paars namelijk staat religieus symbool voor boete, inkeer en vergeving. Op kant A van het 45 toeren plaatje vind ik het eerste lied terug, het hiernumaals. Even breekbaar gezongen als toen in de jaren 60 van de vorige eeuw. Geen wonder, het is hetzelfde lied, enkel enigszins digitaal bijgeschaafd. Op kant B staat de voltooiing of eigenlijk de voleinding, het besluit, de slotscène, het hiernamaals. De stem van Elly is hoorbaar doorleefd, het zacht dromerige is versleten. Maar het is geen afgesleten stem, de klank is nog voortdurend helder.

    En de opmaak van de kleurige hoes waarin het plaatje zit is precies zoals ik me Elly Zuiderveld, geboren Nieman, voorstel. De jonge meid zit in een wit gewaad met een krans in het haar tussen de bloemen onder een regenboog. En wanneer de hekken opengaan van de schijnbaar achtste tuin danst ze kinderen met ballonnen aan hun hand tegemoet. Ze is zichtbaar ouder geworden, maar straalt nog steeds. Vlinders dartelen om hen heen, duiven vliegen in de lucht en vissen, ichthustekens: Jezus Christus, Zoon van God. De hoes en de plaat daarin verbeelden eigenlijk het leven van Elly Zuiderveld-Nieman. Het is een testament bijna. Daarin geeft ze haar hoop weg aan een ieder die het wil hebben.

    De acht tuinen. Elly Zuiderveld-Nieman. Single in klaphoes. Uitgave NoorderLicht Music Publishing, 2021. Verschenen bij Noorderlicht Project, december 2022.

    Elly Nieman, Rikkert Zuiderveld
  • Reizend in het leven op zoek naar de zin

    Na het lezen van de kroniek van een levensreis, de biografie van het muzikale duo Elly en Rikkert, is het alsof ik bij hen op de bank zit en me warm aan het gezellig knisperend haardvuur. Ouwe jongens krentenbrood, zoiets. Het is een fijn boek dat doen en laten van het echtpaar, dat zonder achternaam als BN’ers door het leven kan, tot in detail belicht zonder het overhoop te halen. Schrijver Herman Veenhof is kind aan huis in de Drentse woonboerderij, waardoor hij zo kan schrijven dat ik mij bij het lezen meer dan thuis en me welkom in hun leven voel. Door de lange gesprekken kan hij breedvoerige hoofdstukken opstellen en is het boek daardoor een dikke pocket geworden. De bijbel van Zuiderveld. Ter leering ende vermaeck, want Elly en Rikkert verenigen nog altijd het nuttige met het aangename. Het kan de lezer tot voorbeeld zijn. Hoewel zij zichzelf die voorbeeldfunctie niet zullen aanmatigen, bescheiden als ze zijn.

    Niet over één nacht ijs gegaan

    Journalist Veenhof laat Elly en Rikkert veel zelf aan het woord, zodat de informatie letterlijk uit de eerste hand komt. Zo is het een verhaal van henzelf, waarin ze niet enkel de grote lijnen vertellen. Ook komen anekdotes en de kleine ervaringen ruim aan bod. Zo opent Veenhof deuren die normaal gesproken gesloten blijven. Als reporter gaart hij nieuws bijeen, geeft verslag van dagelijkse dingen, maar voor dit boek is Veenhof dieper gedoken en met deze geschiedschrijving van dit illustere duo boven komen drijven. Het maakt hem dan ook tot historicus die niet over één nacht ijs is gegaan.

    Voor de buitenwereld is het bijzonder wanneer de twee zich tot het geloof bekeren. Dat wapenfeit blijft daarna altijd aan hen kleven. Het is dan alsof ze een steen in de muziekvijver gooien. Het gaf veel rimpeling en ongemak. Dat ze plots in de Heer waren gaf rumoer onder de fans. Volgelingen haakten teleurgesteld af en een nieuwe schare belangstellenden vulde de zalen. Voor Elly en Rikkert was de ware omslag wel als een donderslag, maar de smalle weg er naartoe werd al langer bewandeld. Het geloof speelt altijd al wel in de achtergrond mee. Het is eigenlijk een rode draad door hun beider levens, die midden jaren 70 van de vorige eeuw strak wordt aangetrokken en een kleine 10 jaar later weer wat losser komt te zitten.

    Elly en Rikkert, Herman Veenhof, levensreis, biografie

    Schare trouwe aanhangers

    Het is dan ook geen letterlijke bekering; ze zetten de puntjes op de i, plaatsen een uitroepteken. Hebben nog wel vragen maar weten de antwoorden te vinden. Het geloof is hun wezen en hun doel. Alles in allen. Voor die anderen hebben ze zich verkocht aan met name de EO, maar niets is minder waar. Na hun bekering worden ze wel enigszins ernstig evangeliserend, strak in de leer, is er tijdens optredens meer gesproken woord dan gezongen taal. Er moeten immers zieltjes gewonnen worden, hun omkeer moet uitgedragen. Dat past dan naadloos in de doelstelling van de omroep in die tijd. Ze krijgen een schare trouwe aanhangers, die na een aantal jaren niet goed meer weten wat ze met hen aan moeten wanneer ze zich weer meer gaan richten op de seculiere muziekomgeving. Dus eerst zijn het de demonstranten die afhaken en later de protestanten die hen min of meer afwijzen. Maar Elly en Rikkert blijven onder alle omstandigheden vooral zichzelf, de eigen dingen doen.

    Staan zij dus in de lande bekend als het christelijke duo dat grossiert in tekst en muziek, er is nog een leven voordat de bekering plaats vindt. Het boek beschrijft de familie, ouders en voorouders. De omzwerving langs school, kerk en kroeg. Ze zijn twintigers wanneer de bloemenkinderen pais en vree verkondigen. Wanneer de maatschappij in felle teksten wordt aangeklaagd. Dat hippiebloed is altijd door hun aderen blijven stromen. En ook de filosofie van de tegencultuur blijven ze aanhangen. Zelfs toen ze in de Heer raakten, want Jezus was toch de eerste meliorist. Ze stellen nog altijd hun huis open voor iedereen. Zij het dat dit wel op een minder grote schaal wordt gedaan dan vroeger, toen hun samenleven het aanzicht van een commune dreigde aan te nemen.

    Scherp van tong, lieve woorden

    Ieder hoofdstuk van de kroniek heeft een ondertitel, een puntdicht dat uit de koker van Rikkert lijkt te komen. Het slaat de spijker op de kop en omschrijft in een enkele zin de strekking van het daarop volgende verhaal. In die enkele woorden blijkt al de kracht van de teksten die uit Zuiderveld’s pen vloeien. In zijn liedteksten en gedichten is hij ook een ware woordkunstenaar, waar Elly in deze niet onder doet voor haar partner. Hoewel zij minder een poëet is en meer de tekstdichter. Is Rikkert scherp van tong, Elly zoekt lieve woorden. Zij wil vooral kinderen aanspreken om hen de blijde boodschap toe te zingen. Maar ook volwassenen spreekt ze aan, troostend, hopend. De verzen zijn eenvoudig en gemakkelijk mee te zingen, maar zetten het verhaal wel duidelijk neer.

    Elly en Rikkert, Herman Veenhof, levensreis, biografie

    Met belangstelling lees ik hoe het duo eerst solo op de bus stapt om de levensreis te beginnen. En op welke manier de lijnen dan op een gegeven moment elkaar kruisen en ze samen de trein nemen naar een ander land. Zo zijn ze nu al meer dan 50 jaar onderweg op zoek naar de zin van het leven, en niet kapot te krijgen. Zij het dat Rikkert het grote podium heeft verlaten en zich thuis fanatiek zet aan het schrijven, terwijl Elly nog vooral kinderprogramma’s maakt, kookboeken schrijft en sporadisch voor publiek optreedt. Nog altijd hebben ze een groot hart voor vrienden en omgeving, dat is hen met de paplepel in gegeven en valt er niet uit te branden.

    Zichzelf gebleven

    Om het verhaal rond te krijgen worden meerdere bij het duo betrokken mensen aan het woord gelaten. Zo spreekt Veenhof onder meer met de kinderen en met muziekcollega’s. In alle getuigenissen klinkt door dat het een prachtig stel is, ze schatten van mensen zijn die trouw bleven en blijven aan wie ze zijn en waar ze voor staan. “Ze zijn altijd zichzelf gebleven, trekken zich niets aan van wat anderen zeggen of vinden. Ze doen wat ze vinden dat ze moeten doen.” En wat ze vinden en doen wordt breed uitgemeten in de kroniek van een levensreis. Dat is de essentie van hun bestaan. Naar de letter zijn ze een voorbeeld van hoe een christenmens in het leven zou moeten staan. Gedienstig en hulpvaardig, liefdevol en vergevingsgezind. Met wijd open armen zoals hun voorbeeld Jezus is. Maar ze laten zich als blije en vrije mensen niet onder het tapijt vegen. Zijn kritisch wanneer dat in hun ogen nodig is en de tempel eens weer gereinigd dient te worden. Zo blijft Rikkert in woord en gebaar de protestzanger en spreekt Elly scherpzinnig kinderen en ouders aan.

    Elly en Rikkert, Herman Veenhof, levensreis, biografie

    We zingen over wat wij zien in de maatschappij. We spitten onderwerpen niet uit om het onderwerp, uiteindelijk blijft het evangelie onze drijfveer. Wij willen het christelijke wereldje rondom het geloof ontmaskeren.” Hoewel het altijd op de achtergrond meespeelt willen Elly en Rikkert niet altijd over het geloof praten. In de loop van hun carrière zijn de teksten en is de muziek directer geworden, meer van de tijd waarin ze op dat moment acteren. “Het moet ook amusementswaarde hebben, alleen verkondigen gaat niet.” Eeuwigheidswaarde heeft het zeker, want tekst en muziek spreekt door generaties heen een breed publiek aan, ook buiten geloofsgemeenschappen. De verzen zijn eerlijk en oprecht, maar daarin wordt wel geschreven waar het op staat. Dat blijft hangen, dat is bestendig en houdt stand.

    Geen reisgids

    Herman Veenhof volgt het spoor op deze levensreis, die nog niet het eindstation heeft bereikt. Maar hij kijkt al wel uit naar de erfenis, wat het duo nalaat aan ideologie. Zullen er mensen zijn die het stokje overnemen en de gedachten en overdenkingen verder zullen dragen. Het boek kortom heeft twee niveaus. Het eerste is een levensverhaal van twee mensen, zo verantwoordt Veenhof zijn uitgave. Een duo, maar ook los verkrijgbaar. De tweede laag kent drie trefwoorden: continuüm, raakvlak en ontschotting. De schrijver legt deze levensfilosofie uit in zijn voorlaatste hoofdstuk “de muren van Jericho”: als je graag een brug wil zijn tussen mensen, moet je eraan wennen dat er over je heen gelopen wordt.

    Het boek sluit af met het oeuvre van Elly en Rikkert, de nalatenschap. Dat betreft een groot aantal platen en cd’s, publicaties en boeken, voorstellingen en projecten. En uit de bron blijven gedachten ontspringen die een expressie krijgen in woord en klank. Zolang er leven is is er hoop, dat met enthousiasme wordt uitgedragen. Het boek is geen reisgids, maar wel een brochure over hoe het leven geleefd zou moeten worden. Als we dat allemaal eens zouden doen. Toch?

    Elly & Rikkert, kroniek van een levensreis. Herman Veenhof. Uitgeverij Ark Media, 2022.

    Elly en Rikkert, Herman Veenhof, levensreis, biografie