Tag: etsen

  • Takkenhoogte bezien door museumbezoekers

    Het is een unieke uitgave”, zegt Han van Hagen wanneer ik met hem naar de parkeerplaats loop. “Niet eerder kwam er een boek uit waarin de museumbezoeker zelf aan het woord komt over een tentoonstelling. Altijd zijn het kunsthistorici en recensenten die erover schrijven. Maar voor mij is het belangrijker hoe het publiek over mijn werk denkt.” Han heeft mij een exemplaar van zijn nieuwe boek beloofd. Het ligt in zijn auto. Ik zoek hem op in Museum Belvédère waar opnieuw zijn serie “Takkenhoogte” wordt tentoongesteld. Althans: de keuze die museumbezoekers daaruit hebben gemaakt.

    Over die eerste tentoonstelling in het voorjaar van 2025, en het daarbij verschenen boek als catalogus, schreef ik eerder. Een doorsnee museumbezoeker ben ik niet. Ik zie, beschouw en kijk om te oordelen. Techniek en compositie interesseren me minder; het gaat mij in mijn besprekingen om het gevoel – de emotie die ik ondervind kijkend naar het werk. Die ervaring zet ik om in woorden. Feitelijk wat de bezoekers met de etsen in Takkenhoogte ook hebben gedaan.

    Museum Belvédère, Han van Hagen, Takkenhoogte, grafiek

    Het ontstaan van de serie en de bijzondere werkwijze van de afzonderlijke delen in het geheel mogen inmiddels meer dan bekend zijn. Na het bezoeken van een tentoonstelling van Hercules Segers in het Rijksmuseum was Van Hagen zodanig geïnspireerd dat hij op eenzelfde wijze als de zeventiende-eeuwse kunstenaar wilde werken. Segers maakte unica van zijn prenten door elke afdruk anders te behandelen. Geraakt besloot Van Hagen in diens trant een prent te maken om te ervaren wat er zou gebeuren. Het werd een serie die door de tijd uitwaaierde tot een oplage van driehonderd bladen van een en dezelfde etsplaat. Iedere afdruk kreeg een verschillende, unieke bewerking, zodat het museum een wandvullende opstelling kon maken. En dat was slechts een keuze uit de totale serie. Basaal opgehangen met spelden vormden de 104 prenten een wonderwand, een kunstinstallatie die de monumentale maat van Takkenhoogte aangeeft.

    Welke keuze maakten zij en waarom

    De serie had als bijkomend verschijnsel”, schreef ik in mijn eerdere beschouwing, “dat Van Hagen gaandeweg merkte dat iedere afdruk een eigen karakter had. Een persoonlijk gevoel aanboorde, een individueel gemoed aansprak. Bij iedere afbeelding bleek een bepaalde stemming te horen. De nuchtere technische zijde werd overstemd door een informele, emotionele kant. Zoals afzonderlijke beschouwers een andere beleving kunnen hebben bij hetzelfde kunstwerk, zo is er in de serie Takkenhoogte voor iedere beschouwer een eigen afdruk. Uiteraard kan dat per dag verschillen; kan het vandaag deze zijn, terwijl het gisteren die andere was en het morgen weer de volgende is. Zo heeft Takkenhoogte alle emoties die voorhanden zijn in zich. Zijn alle uitkomsten mogelijk, heeft ieder resultaat een verwachting.”

    En juist deze emotie interesseerde Han van Hagen. Door de wijze van exposeren bekeken bezoekers eerst de hele wand als een geheel, waarna zij op de afzonderlijke prenten gingen inzoomen. “Welke keuze maakten zij daarbij en waarom?” Dat wilde Van Hagen graag weten. Door middel van een vraag op een tekstbord nodigde hij de bezoekers uit daarop een reactie te geven. En die reacties waren zo waardevol dat de kunstenaar ze wilde vastleggen in een speciale uitgave van Takkenhoogte, namelijk de Bezoekers. Een kleine tachtig respondenten zijn in het boek opgenomen, met daarnaast hun gekozen prent.

    Alle reacties”, verantwoordt Han van Hagen zijn in eigen beheer uitgegeven boek, “die de bezoekers mij toevertrouwden, getuigen van een persoonlijke beleving. De keuze van een bepaalde prent was vaak aanleiding om gevoelens onder woorden te brengen. (…) De afbeelding op een prent blijkt tot ontroering te kunnen leiden én troost te bieden.” Al bladerend door de uitgave valt het mij op dat er veel herinneringen worden opgehaald, dat reageerders zich in woorden van hun kwetsbare kant laten zien. Dat verlies door een prent beter wordt verwerkt. Ook geven de platen aanleiding een persoonlijk verhaal te vertellen, of inspireren zij collega-kunstenaars in hun eigen werk. “In bijna alle reacties laat de schrijver zijn of haar binnenwereld zien. Takkenhoogte is een klankbord geworden van het gemoed.

    Meer dan kreupelhout

    De prenten roepen emotie op, zoals kunst een kwestie van gevoel is. Het is geen vluchtig, terloops zien; de werken verdienen een onderzoekende manier van kijken, een beschouwen. Een doorzien, zodat het vlierbosje meer is dan kreupelhout. Dat het een portret wordt van dit stukje natuur. Dat het zich even divers tot de buitenwereld kan verhouden als de mensen die ernaar kijken. Dat er voor iedere dag van het jaar een emotie is; dan zal Han van Hagen er echter nog een aantal bij moeten maken, in de hoop dat de etsplaat dit aankan.

    Museum Belvédère, Han van Hagen, Takkenhoogte, grafiek

    Op deze plaats zou ik de emoties van de bezoekers kunnen herhalen. Of de mij meest aansprekende uitspraken kunnen citeren. Ik doe dit niet, daar Van Hagen dat zelf al voldoende gedaan heeft in zijn boek Takkenhoogte – de bezoekers. Waarin de bezoekers op hun eigen manier een takkenbosje beschouwen in een wat wild gegroeid gebiedje, ergens argeloos en onnadrukkelijk aanwezig in de achtertuin die overgaat in het heideveld. In die overgave en concentratie spelen stemmingen een rol, maar ook levenservaringen, het geheugen, herinneringen en verhalen. Een bepaald beeld in de reeks trekt dan de aandacht om iets persoonlijks op te diepen uit het individuele leven zelf. Dan gaat het uiteindelijk over het mysterie van geboorte en dood, de essentie van familie, het verliezen van dierbaren – hoe ver weg soms ook –, de liefde en de erotiek, de voortdurende inspirerende inzichten en vergezichten van landschappen, kunstwerken en geschriften, het wonder van de taalgeboorte van de allerkleinsten, de betekenis van vriendschap. Verdorie, nu haal ik toch een reactie aan. Bedankt, Leo Divendal.

    Het is een uniek project, dat “Takkenhoogte”, dat een buitengewoon vervolg heeft gekregen. Meestal legt museumpersoneel of een galeriehouder wel een gastenboek bij een tentoonstelling of expositie. Daarin kunnen bezoekers iets schrijven, maar dat zijn doorgaans algemene reacties en geen respons op afzonderlijke werken. In het geval van Takkenhoogte zijn de reacties een waardevolle toevoeging voor zowel de maker als de kijker. Het geeft een inkijk in hoe kunst beleefd wordt. Niet enkel wordt het werk van Han van Hagen beschreven; de beschouwende bezoekers gaan tevens in op hun individuele kunstbeleving, die universeel blijkt te zijn. Kunst geeft vorm aan de persoonlijke beleving van de werkelijkheid. De beleving van Han van Hagen blijkt echter minder persoonlijk dan hij vermoedde. Zijn werkelijkheid blijkt waarheid en echtheid voor velen. “Kunst doet waarvoor het bestemd is, zij zet aan tot ervaren, denken of leidt tot ontroering, een binnenwereld wordt bereikt”, vult de kunstenaar aan.

    TAKKENHOOGTE – de Bezoekers – . Han van Hagen. Uitgave van Kunstcentrum Hofstede Duet, 2026. Te zien in Museum Belvédère van 5 mei tot en met 7 juni 2026.

    Museum Belvédère, Han van Hagen, Takkenhoogte, grafiek
    Museum Belvédère, Han van Hagen, Takkenhoogte, grafiek
  • Takkenhoogte, een bosje kreupelhout van verschillende kanten bekeken

    Natuurlijk was het de bedoeling om over de grenzen van de etskunst te gaan. Te experimenteren met materialen en technieken. Bestond het levenswerk van Han van Hagen uit het fijnzinnig figuratief weergeven van de werkelijkheid, zijn magnum opus blijkt juist het loslaten van de klassieke beperkingen van de etstechniek. Componeerde hij eerder landschappen, dieren en planten vooral met zwarte lijnen en vlakken in aquatint op een witte drager, nu creëert hij het beeld van een enkel takkenbos in bij wijze van spreken alle kleuren van de regenboog op meest getint papier. Het willen weergeven van die struik op alle mogelijke manieren kwam na het zien van het werk van Hercules Segers.

    Al eerder kwam in zijn studietijd het werk van Segers Van Hagen via afbeeldingen in boeken onder ogen. In de jaren 90 van de vorige eeuw was het voor hem een van de redenen om in kleur te gaan drukken. Na enkele jaren van testen en uitproberen keerde Van Hagen op zijn schreden terug en legde zich weer toe op het hem vertrouwde zwart-wit in al zijn grijstinten. De tentoonstelling van het werk van Hercules Segers in het Rijksmuseum in 2016 sloeg als de bliksem bij hem in. Van Hagen kreeg de prenten werkelijk onder ogen en het drong tot hem door wat daarin aan grafische ontdekkingen te bespeuren zijn. “Ik werd erdoor geraakt en dat bezoek gaf mijn loopbaan een opdonder.” Een schok die amper tien jaar later nog hevig door dreunt in zijn werk.

    Over de grenzen van de etskunst

    Han van Hagen wilde ook over de grenzen van de etskunst gaan, zoals Hercules Segers dat in de 17e eeuw had gedaan. Segers maakte verschillende afdrukken van een enkele etsplaat. Van Hagen nam zich voor datzelfde te gaan doen, want Segers experimenteerdrang “leverde een kik en gaf een kick. Daar lag een wereld open. Weg stramien, weg regels en afspraken.” De afdruk is telkens dezelfde, echter is er gewisseld van druktechniek en kleuren, is op en in de gedrukte afbeelding geschilderd, is gebruik gemaakt van een breed assortiment aan dragers van soorten papier tot schilderslinnen en katoen. Het wijkt in sommige composities af van een grafische weergave, de prenten lijken op schilderijen: gedrukte schilderkunst.

    Van Hagen ging over de grenzen van de etskunst en daarmee over zijn eigen toegepaste kader. Zijn er van Hercules Segers slechts 18 tot 22 afdrukken van een en dezelfde plaat bekend, Han van Hagen kwam tot een aantal van bijna 300 stuks. Allemaal variaties op het thema. En de serie kan nog voortduren, want er zijn steeds andere manieren van afwerking en behandeling te bedenken waardoor iedere afzonderlijke afdruk een eigen karakter krijgt. Een groot aantal uit deze serie is op dit moment te zien in Museum Belvédère. En om de grootte van het project niet te onderschatten is er een totale wand van de westvleugel schouder aan schouder behangen met afdrukken. Een installatie die de monumentale maat van Takkenhoogte aangeeft. Door deze manier van presenteren blijven bezoekers langer staan, wijzen elkaar op prenten en maken foto’s. Middels een tekstbord worden ze uitgenodigd tot het kiezen van een prent en te schrijven wat deze afbeelding met hen doet.

    Etsen van Hercules Segers

    Op wat voor manier kan de kunst zó prikkelen dat er een wisselwerking ontstaat tussen kunst en kijker, vroeg Van Hagen zich namelijk af. Kan het zijn dat de beschouwer van zijn werk net zo in de ziel wordt geraakt als hem dat overkwam bij het zien van de etsen van Hercules Segers. ”De vrijheid en de sfeer, die ik voelde in het werk van Segers heeft invloed gehad in mijn eigen etsen”, zegt hij desgevraagd. En er komen reacties op zijn werk. Het verbaast hem hoeveel dat er zijn, inmiddels heeft hij per email al meer dan 60 ontvangen. “Soms niet meer dan een mooie zin, een andere keer ontving ik drie kantjes. In bijna alle reacties laat de schrijver zijn of haar binnenwereld zien. Takkenhoogte is een klankbord geworden van het gemoed.

    Dat brengt mij terug naar mijn beginzin van dit artikel, namelijk dat het de bedoeling van Van Hagen was om over de grenzen van de etskunst te gaan. Dat was het vooropgezette plan: hoever is het etsen uit te smeren in de kunst zodat er nog steeds gesproken kan worden van grafiek. Op hoeveel manieren kan een enkele afbeelding in een serie van afdrukken worden bewerkt. In welke mate kan een aanslag worden gepleegd op de klassieke etstechnieken, hoe onorthodox kan het etsen zijn. Dat voornemen heeft Van Hagen ten volle uitgebuit. Met een niet aflatende behoefte om te experimenteren is er een ruim scala aan afwisseling en verscheidenheid ontstaan.

    Voor iedere emotie een afbeelding

    De serie had als bijkomend verschijnsel, dat Van Hagen gaandeweg merkte dat iedere afdruk een eigen karakter had. Een persoonlijk gevoel aanboorde, een individueel gemoed aansprak. Bij iedere afbeelding bleek een bepaalde stemming te horen. De nuchtere technische zijde werd overstemt door een informele emotionele kant. Zoals afzonderlijke beschouwers een andere beleving kunnen hebben bij hetzelfde kunstwerk, zo is er in de serie Takkenhoogte voor iedere beschouwer een eigen afdruk. Uiteraard kan dat per dag verschillen; kan het vandaag deze zijn, terwijl het gisteren die andere was en het morgen de volgende is. Zo heeft Takkenhoogte al de emoties die er voorhanden zijn in zich. Zijn alle uitkomsten mogelijk, heeft ieder resultaat een verwachting.

    Voor Han van Hagen is dit gegeven geen bijzonderheid, want dat is de bekende kwestie in de kunst. Het is een persoonlijke aangelegenheid, je vindt iets mooi of niet, het probleem van de smaak. In Takkenhoogte is voor iedere emotie een afbeelding, voor elk gevoel een gedrukt vel. De struik, het bosje, blijft telkens hetzelfde – de zakelijke kant. De bewerking geeft voortdurend een andere beschouwing – de emotionele laag. Want dat is het geval, Van Hagen heeft een extra dimensie aan het etsen toegevoegd. Iedere afdruk van dezelfde plaat heeft in nabewerking een of meerdere lagen aan gewaarwording gekregen. Dat kan een positieve sensatie zijn, maar tevens een negatieve prikkel geven.

    Voor de uitgave die als catalogus min of meer bij de tentoonstelling hoort vroeg Van Hagen hem bekende en bevriende collegae in de kunst en daaraan gerelateerd een prent te kiezen en op te schrijven wat deze prent bij hen teweeg brengt. Evenals hij later zal doen aan de bezoekers in de tentoonstelling, zoals hierboven beschreven. De teksten die in het boek zijn opgenomen, dus de emoties die het werk oproept, gaan over verlies, troost, vreugde. Er wordt een gebeurtenis uit het verleden herbeleefd, herinneringen kleuren het beschouwen. Ook nodigen prenten uit tot het uiten in andere kunstvormen, zoals een poëtische beleving of een muzikale interpretatie, “Het resultaat stemt mij blij”, laar Han van Hagen weten. “Kunst doet waarvoor het bestemd is, zij zet aan tot ervaren, denken of leidt  tot ontroering, een binnenwereld wordt bereikt.”

    Takkenhoogte. Tentoonstelling prenten van Han van Hagen bij Museum Belvédère in Heerenveen-Oranjewoud tot 22 juni 2025. Uitgave Takkenhoogte, Geïnspireerd door Hercules Segers. Han van Hagen. Uitgeverij Noordboek, 2025.

  • Charles Donker bedrijft topsport op de koperen plaat

    Het heeft te lang op mijn digitale stapel van nog door te nemen boeken gelegen. Of eigenlijk onderop, want het was één van de eerste uitgaven in PDF-formaat die me via email is toegestuurd. Digitale post leest minder makkelijk in vergelijking tot een hardcopy exemplaar. Een boek van kaft tot kaft doorlezen en bekijken, het voelen van de bladzijden en het kunnen omslaan van de pagina’s, geeft een extra dimensie aan het beleven. Maar vanaf het beeldscherm wordt de schoonheid van taal en beeld mij ook gewaar. Het betreft een uitgave die is verschenen bij de 80e geboortedag van kunstenaar Charles Donker. Dat was 23 april 2020. Met tekstbijdragen van vakgenoten als Reinder Homan, Simon Koene, Ed de Heer en Érik Desmanières is het een lofzang op deze begaafde graficus.

    Zijn hart ligt bij de grafiek

    Vanaf de academie in zijn jonge jaren legt Donker zich toe op ruimtelijke opdrachten. Maar het gedoe om geschikt geacht te worden een kunstwerk te vervaardigen, daarna het moeizame contact met architect en opdrachtgever, dwingen hem ertoe zich op een meer handzame manier in de kunst toe te leggen. Opgeleid als monumentaal kunstenaar met bijvak grafiek, laat hij de ruimte voor wat het is en imponeert de wereld vanaf dat moment met zijn gedetailleerde etstechniek. Zijn hart ligt bij de grafiek. De intimiteit van de etskunst sluit perfect aan bij zijn karakter. Wanneer ik het boek doorblader, de teksten heb gelezen en de catalogus met door Donker zelf geselecteerde werken uit zijn oeuvre opensla zie ik waarom de graficus zo om zijn werk wordt geroemd.

    Charles Donker, etsen, Lecturis

    Hij is een nauwkeurig beschouwer. En weet met dat scherpe oog voor het onderwerp dit geziene beeld als beeltenis op de plaat te krijgen. Met in de eerste plaats de aquatint en later de techniek van plaattoon, weet hij extra sfeer en een surrealistische dimensie in het resultaat op papier te krijgen. Zijn minutieus uitgewerkte stofuitdrukking, in zowel het verenpak van de vogel als het kreupelhout in het bos, geven de afdrukken een geweldig kijkgenot. Donker maakt landschappen en bosgezichten waarin geen leven is. Geen mens te zien en nauwelijks een vogel te horen. Maar deze zijn er wel, de dieren althans, echter zojuist uit beeld vertrokken. De etser duidt ze in woorden in de kantlijn. Het soort, de zang, het zijn.

    Somber karakter

    De bomen hebben hun blad verloren, een subtiele aanwijzing van vergankelijkheid. Maar het kan ook andersom, dat de bomen op het punt staan uit te botten na een koude en donkere periode. De natuur slaapt nog, de eerste zonnestralen van de lente zullen hen wakker kussen. Dan is de tijd om opnieuw te beginnen. Een nieuw leven vangt aan. Maar het inktzwarte en grauwwitte karakter van de afgeslagen etsplaat geven de afdruk een somber karakter, waardoor ik al snel aan de herfst ga denken bij het zien van het werk van Charles Donker.

    Charles Donker, etsen, Lecturis

    Deze etser werkt naar de natuur. Maar bedenkt niet zelf wat hij zal afbeelden. De inspiratie dient zich aan, meent hij: “Ik kies mijn onderwerpen zelf niet. De onderwerpen kiezen mij.” En dan is het wel zaak om het overzicht te bewaren. “De kunst is om te blijven kijken, te blijven vertalen. Elk takje verdient aandacht. Verder is het een kwestie van op tijd stoppen. Een dicht gebreid landschap, daar is niets aan.” De landschappen en andere tekeningen van Donker zijn daarom open en transparant. Er staat genoeg aan afbeelding op de plaat om de verbeelding in de afdruk het werk te laten doen.

    Puntje van de tong afgebeten

    De boom herken ik aan de groeivorm, de vogel aan het verenkleed. Want Donker is wel een realist. Uit enkele van zijn werken in het boek lees ik het experiment naar een andere manier van weergeven. Compositie met vormen uit 1962 geeft hem de zelfgemaakte kans met vlakken te schuiven. In het ‘doosje met gedroogde insecten’ en de ‘Noordzeekrab in een kistje’ wordt de mogelijkheid het onderwerp op een wiskundige manier te benaderen onderzocht. Maar ook een onderwerp als ‘houten schaakstukken met wormgaatjes’ toont een proeve van bekwaamheid. Werkend aan platen als ‘dode mol op het Utrechts Nieuwsblad’ en ‘verkreukelde krant, geld en lucifersdoosje’ moet Donker welhaast zijn puntje van de tong hebben afgebeten. Zo gedetailleerd staan de boekdrukletters uitgetekend. Bij ‘twee handen, schelpen en de tekst van het gedicht Het kind en ik van Martinus Nijhoff’ zit ik op het puntje van de stoel en schuif mijn bril beter op de neus om elk detail te kunnen vangen.

    Charles Donker, etsen, Lecturis

    Wat een monnikenwerk, of zoals Ed de Heer het in zijn bijdrage omschrijft ‘met engelengeduld en mierenvlijt’. De Heer gaat in op de contemplatie en het technisch vernuft van Charles Donker. Beschrijft biografisch zijn werkzame leven. Voor Érik Desmazières was Donker een inspirator: “Vanaf het eerste moment dat ik Donkers prenten zag, was er iets dat me in zijn werk aantrok. Het voelde als een schok, en achteraf gezien leek het alsof een stem me plotseling influisterde: Wordt wakker, stop met dromen en open je ogen! Kijk om je heen en zie de schoonheid van de eenvoud van de dingen die je omringen.” Want dat is wel wat Charles Donker in en door zijn werk doet, ons anders en beter doen kijken naar de gewoonst schijnende zaken in ons leven. Hij legt ze met de meest grote precisie vast, maar geeft het daarnaast een extra dimensie van beleving mee.

    Charles Donker, etsen, Lecturis

    Net als Donker is ook Reinder Homan een tovenaar op de koperen plaat. Met groot vernuft weet ook hij zijn onderwerp in beeld te brengen. Beide bewegen ze zich op een bijzonder terrein in de kunst. Het is daarom niet zo verwonderlijk dat de samensteller van dit boek ‘De etsen van Charles Donker’, voor deze vakgenoot heeft gekozen om zijn gevoel bij het werk te beschrijven. “Donker spreekt van binnenuit”, schrijft Homan, “hij is zelf zo ongeveer het verhaal geworden dat hij vertelt. Hij tekent niet wat hij ziet, maar wat hij beleeft, geeft geen objectief maar een ‘verteerd’ beeld. Hij schrijft geen essay, geen plant- of dierkundige verhandeling maar poëzie.” Simon Koene stipt nog de Haagse Etsclub aan waar Donker zich tussen anderen bewoog en sterk maakte voor het metier. Hij merkt op: “Het is topsport wat hij heeft gedaan en hij heeft de concentratie altijd vastgehouden.”

    De etsen van Charles Donker. Teksten van Reinder Homan, Simon Koene, Érik Desmazières en Ed de Heer. Uitgave Lecturis, 2020.

    Charles Donker, etsen, Lecturis