Tag: Han Steenbruggen

  • De beeldraadsels van Dirk Bakker kunnen zonder uitleg verwonderen

    In de Leeuwarder Courant, een provinciale krant die zich van landelijk belang acht, krijgt een zekere Dr. Denker de ruimte en gelegenheid zijn cryptische rebussen te presenteren in de kerstbijlage. Ieder jaar is er een grote schare fans die zich buigt over de beeldraadsels en woordspelingen die in de illustraties verborgen zitten. De puzzels van Dr. Denker, een pseudoniem dat al sinds 1931 bestaat, zijn een cultureel fenomeen in Nederland. Het oplossen van deze puzzels is een geliefde traditie geworden, waarbij families samenkomen om hun breinbrekers op te lossen. Niet alleen in Friesland. Meestal zijn het mensen, dieren en dingen die in de plaatjes figureren en de puzzelaars op het verkeerde been zetten. Maar ook gebruikt de dokter letters en cijfers die qua plaatsing en verhouding tot elkaar een woord vormen. Aan die puzzeldokter dacht ik bij het zien van de schilderijen van Dirk Bakker in Museum Belvédère.

    Dr. Denker

    Deze kunstenaar, die bij leven onder de radar is gebleven, krijgt na zijn dood een terechte plaats in de kunstgeschiedenis. Wat is er mooier dan dat een oeuvre door een collega-kunstenaar wordt ontdekt en veiliggesteld. Dat het levenswerk behouden blijft voor de toekomst. Hoe anders dreigde dat te lopen voor de kunst van Dirk Bakker. Als kunstenaar werkte hij in de schaduw van de kunstwereld en exposeerde nauwelijks. Zijn wonderlijke verbeeldingswereld vond maar moeizaam ingang bij het grote publiek. Zoals de rebuspuzzels van Dr. Denker onoplosbaar lijken, zo zijn de beeldraadsels van Dirk Bakker onverklaarbaar. De duiding die men er niet aan kon geven maakte het werk te mysterieus en blijkbaar onverkoopbaar.

    Eigen draai geven

    Waarom echter zou je willen weten wat de oplossing is? De maker kan het niet meer uitleggen. Vragen blijven onbeantwoord. De schilderijen hebben geen titels en missen daardoor een korte omschrijving van het onderwerp. Maar eigenlijk is dat prettig, want zo kan de kijker er een eigen begrip aan koppelen. Het is gissen wat Bakker heeft bedoeld, waardoor ik er zelf een duiding tegenover kan zetten. Zo kan ik een eigen draai geven aan de plaat, terwijl de schilder er voor zichzelf een persoonlijk beeld aan heeft gegeven. Een verwerking van de wereld om hem heen, niet enkel van de zichtbare werkelijkheid maar zeker ook van het abstracte gevoel.

    Zie ik de werken in het museum en blader ik de bijbehorende uitgave door, dan verbaas ik mij over de humor en de opgeruimde blik op de wereld. Maar dat kan schone schijn zijn, want de wonderlijke verbeeldingen zijn titelloos en kunnen een duistere verwerking van alledag bevatten. De puur persoonlijke kijk krijgt geen uitleg, heeft geen naam, mag die wel hebben maar die moet ik er zelf aan geven. Het zet de museumbezoeker meer aan het denken dan enig ander tentoongesteld werk dat over het algemeen doet. Om de voorstelling te vatten en te begrijpen moet je langer blijven staan kijken. Een vluchtige blik lost het raadsel niet op.

    Bij het klimmen der jaren en een lichamelijke aftakeling werd het noodzakelijk dat het echtpaar Bakker de vertrouwde omgeving moest verlaten. De grote verzameling eigen kunst en de andere verzamelingen — Bakker was naast kunstenaar ook verzamelaar — moesten daarop een nieuwe plek krijgen. Echter, voordat bevriende kunstenaars zich erover konden ontfermen, zorgde de thuiszorg voor afvoer en verspreiding over landelijke kringloopwinkels. Zo is de kunst van Dirk Bakker ongewild onder de mensen gekomen. Slechts een deel van het oeuvre kon worden gered. In de uitgave Beeldraadsels is daaruit een bloemlezing opgenomen. De kamerpresentatie in het museum geeft daarvan weer een dwarsdoorsnede.

    Klaar en helder

    De platen hebben soms een kinderachtige uitstraling, of beter gezegd: een kinderlijk karakter. Op de manier waarop een kind de wereld voor zichzelf uitlegt, zo duidt Dirk Bakker zijn blik op het leven. De grote vraagstukken krijgen kleine antwoorden. Aldus wordt de grote mensenwereld grijpbaar en begrijpelijk. Misschien kan het kind in de schilder het volwassen-zijn beter aan. Een deel van zijn oeuvre bestaat uit tekeningen voor kinderen, waarin stripfiguren en personages uit sprookjes en volksverhalen een geheimzinnige hoofdrol spelen. Voor het kind zijn ze klaar en helder; het zet daartegenover een eigen verhaal en kan er honderduit over vertellen. Voor grote mensen blijft het een raadsel, omdat zij niet meer onbevangen zijn en de kinderlijke naïviteit hebben afgelegd.

    Dirk Bakker

    Naar de kunst van Dirk Bakker dient men te kijken zoals een kind kijkt. Grote levensvragen worden klein gemaakt. Wat niet te bevatten valt, is geloofwaardig in beeld gezet. Op een cartooneske manier beziet de kunstenaar het leven van alledag, van allemanswereld en alledaags bestaan. Uit die verwondering destilleert hij een bewonderend beeld. In beeldspraken maakt hij voorstellingen om voor zichzelf het zijn te verklaren, zich niet bewust dat anderen er een mysterieuze voorstelling in zien. Of misschien wel met opzet vragen oproepend zonder een antwoord te geven. Zo van: zoek het zelf maar uit. Dit is zijn verhaal, waarmee ik vervolgens een eigen vertelling kan maken. De retorische vragen zetten mij aan het denken. Zij houden de aandacht gevangen in een surrealistische gedachtewereld. En krijg ik er geen vinger achter, dan blijft de plaat een kleurige, vrolijke schildering.

    Beeldraadsels. Dirk Bakker, schilderijen. Kamertentoonstelling bij Museum Belvédère, Oranje Nassaulaan 70 in Oranjewoud. Van 21 februari tot en met 7 juni 2026. Uitgave “Beeldraadsels”, samenstelling en tekst Theo de Feyter, voorwoord Han Steenbruggen. Museum Belvédère, 2026.

    Dirk Bakker, Museum Belvédère, Theo de Feyter
  • Natuurgebied De Deelen weergegeven in veertig schilderijen

    Om de emotie te doorvoelen die Sjoerd de Vries en Jan Snijder aan de petgaten en langs de rietkragen ervoeren, trok Han Steenbruggen natuurgebied De Deelen in. De plek kort ten noorden van de plaats Heerenveen kent de museumdirecteur tot dan van schilderijen, van een kort bezoek waarbij hij nauwelijks verder kwam dan de dijk en van een boek dat Thom Mercuur in het jaar 2000 samenstelde en uitbracht. Verder was Steenbruggen niet gekomen met het gebied, maar hij wilde toch verder kijken dan dat zijn zicht vanaf de weg kon reiken. Vooral toen Bruno van Dijck en Christiaan Kuitwaard het voornemen hadden om een week en plein air te werken langs de boorden van De Deelen. Voor de sfeer die De Vries en Snijder opriepen in hun werk koos Steenbruggen echter het verkeerde seizoen. Hij was er in het voorjaar, net als Van Dijck en Kuitwaard er in mei 2023 waren. Om de stemming van gele rietkragen en diep zwart water te vatten bleek de herfst het juiste jaargetijde. Het moment dat de natuur zichzelf afbreekt om opnieuw te kunnen beginnen. Zich te ruste legt om in winterslaap te gaan en uitgerust en lentegroen een volgend jaar aan te vangen. Het strijklicht van de lage zon door de maanden waarin de r zit geeft het waterrijke landschap een bijzondere kleur. Tinten die op andere momenten nauwelijks worden gehaald, of het zal de schemer zijn, het ogenblik dat de dag door de nacht breekt en andersom.

    Over zijn beleving op verschillende momenten in het natuurgebied schreef Han Steenbruggen een drietal essays voor het boek met schilderijen van De Deelen. Een veertigtal kunstwerken van Van Dijck en Kuitwaard, plus nog enkele sfeerfoto´s van het gebied en de kunstenaars aan het werk. Deze foto´s in zwartwit om de kleur over te laten en aandacht te geven aan het schilderwerk. Het is bijzonder te ervaren hoe twee kunstenaars op dezelfde plek tot diverse vertalingen van de werkelijkheid komen. Op de eigen manier met enige invloed van de ander heeft het duo boeiende sfeerbeelden gemaakt. Wanneer ik in dezelfde maand van het voorjaar het gebied bezoek zoals zij deden, kan ik hun versies van het landschap zo geografisch en naadloos daarin plaatsen. In latere maanden heeft de natuur zich geïnnoveerd tot een betere versie van zichzelf of de uitvoering juist zo bewerkt dat het amper in de eigen schaduw kan staan. Maar ieder moment heeft schoonheid en stemming. ‘De eeuwigheid duurt ieder ogenblik’, citeer ik Steenbruggen die een schilder die ook dichter was aanhaalt.

    De blik kleeft aan het struikgewas

    Op de plek zelf hebben de kunstenaars in de open lucht gewerkt en geschapen. Van Dijck heeft dan thuis in het atelier nog schetsen uitgewerkt waarbij de herinnering aan het verblijf in het gebied bruikbaar was. Kuitwaard heeft later nog De Deelen op diverse momenten bezocht, maar voor Van Dijck bleek het minder waardevol om vanuit België voortdurend naar het noorden te reizen. Hij had genoeg aan tekeningen en zijn geheugen. Van Dijck heeft dus de natuur gevat vrijwel aan het begin van de cyclus van haar jaarlijkse bestaan. Het gebied schudt zich de kou van de winter af en straalt omfloerst de zomer tegemoet. Er is veel ontluikend groen dat zich fluisterend spiegelt in het water. De omgeving is vooral landschappelijk en horizontaal bekeken, maar deze vlakheid verdiept zich en vindt grond in stil water. Er is geen leven nog van vogels en insecten. De kunstenaar heeft geen oog voor langstrekkende snelle bewegingen. De blik kleeft aan het struikgewas en het kabbelende water. De verfhuid wordt wel bewerkt met de achterkant van het penseel of het zwart van houtskool. Het trekt lijnen door de sfeer, geeft contour aan het gevoel.

    Subtiele verfvegen

    Kuitwaard geeft dan het licht meer ruimte in zijn werk. Het stille water spiegelt de tonen van het voorjaar. Leliebladeren liggen als een school vogels op dat water. Hoewel dit liquide oppervlak zich monumentaal in het portret uitspreidt, het egaal en ongerimpeld over de drager ligt, is de verfhuid kalm in beweging. Kuitwaard weet met subtiele verfvegen dynamiek te brengen in de stille gelatenheid. Het is niet een opvliegende gans die gakkend de stilte doorbreekt, maar de wind die het water doet golven in de vroege ochtend. Vooral dat tijdstip van de dag maakt de stemming, bouwt de sfeer. In latere uren is die magie in werkelijkheid verdwenen, maar voegen de schilders deze in abstractie aan hun werk toe. Kuitwaard is er niet alleen in die maand mei, maar ook nog in september en november. In februari weet hij ook eenzelfde bezieling van het landschap te bereiken. Duidelijk niet in de hardvochtige en te zonlichte zomermaanden. De tijd waarin de mens tot leven komt, maar de natuur in stemming omslaat. Het hoogtepunt van de dag is ook niet het middaguur, wanneer de zon op het hoogste punt staat. Een dag is als een jaar, met eenzelfde afwisseling van seizoenen. De uiterste sfeer is er in de vroege morgen en het begin van de avond, in het voorjaar en het najaar. Bij uitspruiten en afsterven.

    De natuur heeft teruggenomen

    Han Steenbruggen weet in zijn korte verhalen de tendentie van de schilders te schetsen. “Kuitwaard blijkt gevoelig voor milde tonen van strijklicht en schaduwvelden”, schrijft hij. “Zijn atmosferische impressies zijn als dagdromen. Ze koesteren de diepere geheimen van het landschap, zijn vervuld van lichte melancholie, maar dragen nooit de sporen van een zwaar gemoed.” Van Dijck kent een onrustiger natuur vindt Steenbruggen. Hij schildert met lossere toetsen en vegen die structuur vinden dankzij lijnen of krassen. In zijn schilderijen ritselen bladeren en rimpelt water. Maar beide kunstenaars geven vooral de stilte van en in dit gebied een plek. Terwijl op de achtergrond het verkeer over de snelweg raast is serene rust en welkome eenzaamheid in deze natuur ter plaatse te ervaren. Wie De Deelen bezoekt of heeft bezocht zal dit beamen. Dit vredig zwijgen van de ooit door mensenhanden gemaakte omgeving is te doorvoelen in de schilderijen van Bruno van Dijck en Christiaan Kuitwaard. Zij portretteren een gebied waar de natuur weer bezit van heeft genomen nadat de mens het heeft verlaten. De petgaten herinneren nog vaag aan de modderige landarbeid van turfstekers. De natuur heeft teruggenomen wat het eerder is ontnomen. De mens zorgde voor afbraak, de natuur voor herstel. Die gesteldheid is daar nu te vinden, deze toestand is realiteit en zal gewaarborgd moeten worden voor de toekomst. Dus komt de mens weer om de hoek kijken om de natuur een hand te helpen. Zo werken we samen aan een betere wereld.

    Die betere wereld weten Van Dijck en Kuitwaard, en voor hen De Vries en Snijder, nu al vast te leggen. Zij bieden een blik vooruit, behouden de sfeer en fixeren de emotie bij het gebied. Steenbruggen probeert dat in woorden te doen door te proeven van het landschap. Zich erin te begeven, de geest die de kunstenaars in hun werk legden ter plekke aan te voelen. Met een scherp mes kerfde Sjoerd de Vries rietkragen in karton, Jan Snijder veegt het vermoeden van wind en de meewarige stilte in elk schilderij. Steenbruggen spreekt met de boswachter over de toekomst van het gebied. Het boek De Deelen is zo een almanak voor wie het gebied daadwerkelijk intrekt. Een wegwijzer om deze natuur te doorgronden. En zie ik daar het silhouet van Sjoerd de Vries in Kuitwaards’ compositie 22.11.2023? Ik zal het onderzoeken wanneer Museum Belvédère de schilderijen in de zomer van 2025 zal tonen. Dan kan de echte sfeer worden gepakt die het duo in het natuurgebied heeft ervaren. Want het boek, hoewel met een uitstekende vormgeving waarin de werken goed tot uiting komen, is als catalogus best geslaagd maar blijft toch surrogaat voor het bekijken van de ‘echte’ schilderijen. Ik verheug me op de tentoonstelling.

    De Deelen. Het natuurgebied in 40 schilderijen van Bruno van Dijck & Christiaan Kuitwaard en 3 teksten van Han Steenbruggen. Uitgeverij Wijdemeer, 2024.

  • ART NOORD, de laagdrempelige kunstbeurs

    Moderne en eigentijdse kunst uit het noorden en andere delen van Nederland wordt bij Art Noord in museale sfeer getoond. En alle kunst is er te koop, het museum als beursgebouw. “Het is vooral leuk”, zegt inhoudelijk directeur van Museum Belvédère Han Steenbruggen. “Het plezier zit in de samenwerking. Wij zijn een museum dat dicht bij het veld wil staan, bij de verzamelaars en de galerieën. Wij willen een schakel zijn om de onderlinge band te versterken. We hebben elkaar nodig. Dat samen optrekken is het leukste. We willen als museum laten zien hoeveel kwaliteit en cultureel ondernemerschap hier aanwezig is. Niet alleen door het kopen van kunst in het noorden te stimuleren, maar ook door noordelijke kunst buiten de regio onder de aandacht te brengen.”

    Museum Belvédère is ontstaan uit de samenvoeging van een aantal particuliere collecties”, gaat Steenbruggen enthousiast verder. “Die collecties zijn altijd nauw verbonden geweest met het galerienetwerk in de regio dat noordelijke kunstenaars vertegenwoordigt. Ik heb er daarom voor gepleit het museum te zien als onderdeel van dit culturele ecosysteem.” Steenbruggen beschouwt kunstbeurs Art Noord als een actie om juist dat uitdrukking te geven. “De kunstwereld in het noorden heeft er voordeel bij wanneer alle deelnemende partijen elkaar steunen. En daarmee dat ecosysteem gaande houden. Daar kan Museum Belvédère een belangrijke rol in spelen. Kunst die je bij ons in het museum ziet krijgt daardoor een soort keurmerk. Die kunst moet wel goed zijn, zo is de gedachte, anders hangt het niet in een museum. Dan blijkt dat je die kunstwerken gewoon bij galeries in de regio kunt kopen voor niet al te veel geld. Door onze deuren open te zetten met Art Noord dragen we er als museum aan bij dat de kunst uit de eigen regio leeft en betekenis heeft.” Hoewel de focus van Art Noord op de kunst in Noord-Nederland ligt, zijn er ook kunsthandels elders uit Nederland aanwezig. “Die partijen hebben hun eigen achterban. Het is mooi als zij mensen weten te inspireren om naar Museum Belvédère te komen en kennis te maken met wat Noord-Nederland op het gebied van kunst te bieden heeft.

    De standhouders volgen hun eigen smaak

    Om het museum voor vier dagen te transformeren tot beursgebouw lijkt ongewoon maar heeft zo zijn voordelen. “Wij hoeven geen dure ruimte te huren, we hoeven geen standbouwers in te vliegen. We kunnen met beperkte middelen iets organiseren.” Het idee voor de beurs ontstond in 2016 als een leuk waagstuk. Een project rond een specifiek schilderij van Jan Mankes leverde een veiling op bij Catawiki. Kleine werken van kunstenaars die zich hadden laten inspireren door het slootje van Mankes konden per opbod worden gekocht. Het taboe dat een museum geen commerciële activiteit mag ontplooien was daarmee doorbroken. Later heeft Belvédère nog eens een verkoop van kunstwerken op klein formaat gedaan. Op plankjes ter grootte van een mobiele telefoon maakten een groot aantal geselecteerde kunstenaars een werk. Het thema: communicatie. Het was een succes, net zoals kunstbeurs Art Noord dat nu ook jaar op jaar is.

    De standhouders volgen hun eigen smaak. Wat zij interessant vinden wordt verkocht. Maar ‘het moet wel stromen’ anders gaat het niet mee en blijft het liggen. Een levendige handel moet het zijn. Geen werk van kunstenaars die zichzelf niet vernieuwen. Wat men laat zien is over het algemeen voor een breed publiek toegankelijk. Voor wat betreft de uiterlijke schijn als wel de prijs. Veelal geen qua afmeting grote doeken. Want dan kan in zo’n beperkte ruimte als het museum biedt te weinig worden getoond. Er is werk te zien waaraan geen buil wordt gevallen. Gangbaar en weinig hemelbestormend. Geschikt voor iedere beurs en elke smaak. De enige uitbater die nog weleens wat aandurft opereert onder de vlag van Museum Belvédère. Afslag BLV heeft nauwelijks onkosten en hoeft niet perse iets te verkopen. Deze museale galerie laat nog wel vernieuwende kunst zien. Vooral van aanstormend talent. Jonge kunstenaars die zopas van de academie gekomen zijn. Maar andere standhouders houden het veilig. Het publiek krijgt een breed veld van kunsten aangeboden. Voor elk wat wils, hoewel dat in de verkoop niet echt te merken is. In deze dure tijden lijdt de aankoop van kunst er het meest onder. Dat extra en deze luxe kost het eerder de kop. Daarom zijn er meer kijkers dan kopers op de beurs. En springen de standhouders er maar amper uit wat de onkosten betreft. Maar alle vinden het fijn om er te zijn in Belvédère. Het is gezellig en kleinschalig. Voor de bezoeker te overzien.

    Kunstbeurs middel om zich te presenteren

    Een enkeling loopt er met de verse aankoop onder de arm. Want hoewel de standhouders tevreden zijn blijft de verkoop wat achter. Wacht de een op toestemming van de echtgenote van een verzamelaar voor de aanschaf om meteen meer dan uit de onkosten te zijn. Een ander hoopt zoveel te verkopen om de mindere zomermaanden te kunnen compenseren. De meeste standhouders hebben nog een thuisbasis, een vaste winkel. Andere zien alleen deze kunstbeurs als middel om zich te presenteren. Of hebben zowel een fysieke als een online galerie. Maar de deelnemers vinden het vooral heel leuk op Art Noord. “Je ontmoet er altijd zoveel enthousiaste mensen. Er heerst een heel goede sfeer. We zijn als standhouders een soort vrienden van elkaar.”

    Portretteerden in een eerdere versie twee kunstenaars elkaar als extra attractie in het programma. Dit jaar liet een kunstenaar het publiek interactief meedoen aan een nieuw kunstwerk. Beursbezoekers tekenden met houtskool en krijt mee aan een tekening van Esther IJssels. Een ieder kon op aanwijzing een regel schrijven. Deze handtekening werd door de kunstenaar daarop verbonden met de rest. “Elke lijn is een geconcentreerde beweging die voortkomt uit gedachten en emoties”, zegt IJssels daarover. “De hand beweegt en zoekt een weg. Zo ontstaat een beeldende werkelijkheid die zich bevindt op de grens tussen figuratief en abstract.”

    Hoewel het ieder jaar een succes is en Museum Belvédère de naam er landelijk stevig mee vestigt, moet Han Steenbruggen zich iedere keer toch weer eerst achter het oor krabben. Het vergt veel van het relatief kleine museum. De vaste collectie moet voor een week worden opgeslagen. Het museum dient leeg opgeleverd te worden om al de standhouders onderdak te kunnen bieden. Voor de reguliere tentoonstellingen is het gebouw gesloten en mist zo eigen inkomsten. Maar de verhuur van ruimte en de entree vullen dit gat in de begroting weer.

    Kunstbeurs ART NOORD V. Vier dagen kunst kijken en kopen in Museum Belvédère, Oranje Nassaulaan 10 te Heerenveen / Oranjewoud. Was van 28 september tot en met 1 oktober 2023.

  • Reprise Giorgio Morandi in Museum Belvédère

    Zaterdag 24 februari 2018 zwaaiden de deuren van Museum Belvédère voor het publiek open bij de tentoonstelling Giorgio Morandi | Bologna. Na deze eerste dag zouden de bezoekers in grote aantallen het museum weten te vinden. Want iedereen wilde het intieme werk van deze befaamde Italiaanse kunstenaar met eigen ogen zien. Belvédère beleefde in het jaar van Culturele Hoofdstad Leeuwarden een hoogtepunt in de reeks van haar activiteiten. Een lang gekoesterde wens ging ermee in vervulling. Namelijk om het werk van Morandi in Nederland te tonen. In de namiddag van de vrijdag voorafgaand aan die 24e februari was de tentoonstelling na een lange voorbereidingstijd en een complete herinrichting van de oostvleugel al officieel geopend. En had conservator Han Steenbruggen niet onder stoelen of banken gestoken hoe blij hij was, dat zijn museum het voor elkaar had gekregen dat na jaren de werken van deze kunstenaar weer in ruime mate in Nederland getoond werden. En dat voor een relatief klein museum als Belvédère is.

    Hoewel Museum Belvédère zich in eerste instantie vooral concentreert op het werk van Friese beeldende kunstenaars en geestverwanten op het Nederlandstalig kunstterrein, wil Steenbruggen bij zijn aanstelling als directeur in 2008 de blik verruimen. Deze nauwe visie knelt op den duur, hij wil deze verbreden zonder van de koers af te wijken. Eerstens gaat Steenbruggen de collectie herschikken. Hij wisselt daarna tentoonstellingen met regionale oriëntatie af met exposities waarin de verbanden en ook contrasten met kunst van verder kunnen worden uitgediept. En dan sluit het werk van onder meer Giorgio Morandi uitstekend aan op die ambitie. Want de meeste van de kunstenaars die zich verbonden voelen met Museum Belvédère blijken een bijzondere binding met de Italiaanse meester van het stilleven te hebben.

    Zuivere waarneming spiegelen aan binnenwerelden

    De kleine hoofdpresentatie Giorgio Morandi | Nederland wordt daarom aangevuld met werk van kunstenaars die verwantschap voelden en voelen met Morandi. Uit deze tentoongestelde werken valt op te maken dat de schilderijen van de Italiaan op de juiste plek zijn in Museum Belvédère. Want het zijn overwegend kunstenaars uit de collectie van dit museum die in hun werk eenzelfde stille balans zoeken. De kunstenaars van hier voelen met Morandi een collectieve zwakte verstilling, eenvoud en intimiteit in het werk aan te brengen. Eenzelfde behoefte de zuivere waarneming te spiegelen aan binnenwerelden, schrijft Han Steenbruggen in zijn voorwoord tot een bescheiden catalogus. Dit boekwerk verscheen bij de kleine tentoonstelling van een negental werken uit Nederlandse collecties. Want na een groter overzicht in 2018 doet Belvédère het na 5 jaar nog eens letterlijk dunnetjes over.

    In de catalogus wordt de complete Nederlandse collectie getoond. Op zaal hangen negen van de totale elf, daar er twee op dit moment voor Belvédère niet beschikbaar zijn. Met Giorgio Morandi | Bologna had het museum een topper in handen. De tentoonstelling in 2018 werd druk bezocht ondanks de soms tropische temperaturen van dat oververhitte jaar. Het publiek zocht de koelte van de museumzaal, hoewel deze in de warme tinten van Italië waren geverfd. Na afloop van deze tentoonstelling bleef door schenking een uitgeleend schilderij in de collectie van Museum Belvédère achter. Dit schilderij vormt de aanleiding en is nu het middelpunt van deze kleine serie uit het omvangrijke oeuvre van Morandi. In het boek belicht Steenbruggen nog de aanwezigheid van zijn werk bij eerdere tentoonstellingen in Nederland. Hij plaatst de schilder in de kunstgeschiedenis. Morandi bleef zijn gehele leven vrijwel op dezelfde plek wonen. Sporadisch verbreedde hij zijn gezichtsveld. Door deze teruggetrokken manier van leven kon hij in afzondering zijn kunst tot bloei laten komen. In de betrekkelijke afzondering en ver van de rumoerige kunstcentra ontwikkelde hij de eigen wijze van uitdrukken.

    Het componeren van het stilleven

    Hoe kan het dat de kleine schilderijen waarop vazen, potten en blikken zijn afgebeeld in een behoudend en ingehouden kleurschakering zoveel internationale aandacht krijgen. Waar de vonk overslaat in de kunst zal nooit omschreven zijn. Op welk moment het werk communiceert met de kijker is een mysterieus gegeven, bovenaards bijna. Bij Morandi is het de eenvoud en de zuiverheid die de doorslag geven. Het componeren van het stilleven. De attributen staan stijf tegen elkaar aan alsof deze steun zoeken en vinden. Er zijn nauwelijks restvormen te ontdekken omdat de schilder daarvoor geen ruimte geeft. Hoewel er voldoende leven in de penseelvoering is, iedere verfaanzet en elk uitsmeren is zichtbaar, heerst er een onwereldse stilte in het onderwerp. Dezelfde onderdelen worden wel verschillend gerangschikt of vanuit een ander standpunt bekeken. Zo lijken composities op elkaar maar hebben telkens een andere uitstraling.

    Je moet voorbij de potjes en bekertjes kijken” lees ik ergens in de catalogus. Dan raak je geboeid door de kleuren, de gepenseelde verfstructuren, ritmen en verhoudingen. Dan is het stilleven geen samenraapsel van potjes en vaasjes, maar is het een spel van vormen en kleuren. Dan zie je door de werkelijkheid een abstract gevoel. Die emotie die andere kunstenaars welke zich weten te vinden in het werk van Morandi ook willen overbrengen op de beschouwer. Nietszeggende voorwerpen krijgen in tere schakeringen van rose, violet en blauw op doek een nieuw leven. Eenvoudig en onopvallend, vertrouwelijk en intiem. “Het naast-elkaar wordt bij-elkaar”, schrijft Vitale Bloch in 1950 – welke beschouwing in de catalogus is herdrukt, “de hogere mathematiek is, zoals in alle echte kunst poëzie geworden.” De potjes zijn de woorden in het gedicht. Stijlfiguren die op hun tenen de jambe dansen. Het zijn geen dode dingen meer, de objecten zijn gaan leven. Stil staan ze nog in gelid, maar ze kunnen zich zo uit het keurslijf wringen om een eigen weg te gaan. Aldus gaat dat stel ik me voor wanneer de lichten doven, de deuren sluiten en het stil en leeg is op zaal. Dan komen de potjes en bekertjes los en rekken zich uit, om overdag weer lenig op de plaats rust te kunnen staan.

    Met Han Steenbruggen te spreken zijn het die kleine, pretentieloze vaasjes, flesjes en potjes die de eerste blik vangen en de schilderijen hun intimiteit en zo herkenbare menselijke onschuld verlenen. “De artistieke uitwerking (…) tilt het beeld vervolgens naar een emotioneel niveau, maakt dat het beeld appelleert aan alles wat in ons leven breekbaar is en gekoesterd wil worden. Voorstelling en uitwerking liggen in Morandi’s werk in elkaars verlengde, verhouden zich tot elkaar als maat en melodie.”

    Giorgio Morandi | Nederland. Schilderijen van Giorgio Morandi in Nederlandse collecties. Catalogus bij tentoonstelling in Museum Belvédère, 2023.