Tag: Hans Klein Hofmeijer

  • Gedachten zoeken woorden om te kunnen bestaan, een beeld zoekt vorm om gezien te kunnen worden

    De lijn is zijn houvast, zijn steun en toeverlaat. In de tekening waarvan de lijn de grondtoon is voelt hij zich geborgen. Daarin verborgen sluit Hans Klein Hofmeijer zichzelf bij wijze van spreken af van de buitenwereld. In zijn veilige binnenwereld is de tekening een verbeelding van zijn, zijn wezen. Het klinkt als een paradox, maar zijn uiting geeft inzicht in wie hij als kunstenaar is. Hij zoekt zekerheid. Dat uit zich in fantasieën, want de werkelijkheid is niet heilig. In een bedachte vorm kan Klein Hofmeijer dan schuilen. Hij verschuilt zich tussen de lijnen in het vlak. Niet zichtbaar als een herkenbaar zelfportret, want dan zou hij zich al te veel openbaren.

    Wie goed naar zijn werken kijkt ziet de geest daarin ronddwalen, zoekend naar beschutting om zichzelf bijeen te houden, zich te herbergen om het zijn in onderkomens vast te zetten. Wie serieus zijn composities bekijkt merkt de zoektocht van een kunstenaar die zichzelf maar nauwelijks kan vinden. En die met moeite een onderdak in zijn kunst weet te ontdekken. Iedere poging om een nieuw bewijs van het zijn weer te geven mondt uit in een volgende inspanning te speuren naar de ultieme schuilplaats voor de ziel. Ieder experiment heeft de bezieling, maar reikt nog niet aan het definitieve onderkomen. Klein Hofmeijer blijft puzzelen, maar zal telkens het laatste stukje missen. De zichzelf opgelegde opgave blijft een mysterie, het zijn is een raadsel.

    Het slakkenhuis

    Klein Hofmeijer houdt zich in zijn kunst bezig met het wezen van alle dingen en met het leven. Geschreven teksten bij de tekeningen geven een filosofische contemplatie weer. De kunstenaar bekijkt, beleeft en beschouwt zijn wezen. Woorden dat te uiten zijn niet genoeg en vullen tekeningen aan, maar het getekende is vaak niet voldoende uitdrukking te geven aan de woorden. Woord en beeld zijn een eenheid. De titel is het werk wanneer ik de ogen sluit. Het nabeeld op mijn netvlies geeft daaraan uitdrukking. In zijn zoektocht naar de ultieme verbeelding van wat nauwelijks te verbeelden is beloopt hij diverse trajecten, schreef ik in mijn beschouwing van The Blue Drawings, een eerdere uitgave in eigen beheer van Klein Hofmeijer.

    Dit nieuwe werk uit de bloemlezing vindt de oorsprong in het waterrijke Zeeland, waar slakken en schelpen inspirerende huizen zijn om in te schuilen. Daar aan de oever van de onpeilbare bruisende waterdiepte vindt Klein Hofmeijer op het strand de beschutting voor de gedachte. Weer een divers traject in zijn streven een vinger te krijgen achter de uiterste voorstelling. In het slakkenhuis is zijn vorm voor geborgen verborgenheid te vinden, zijn diepste wezen kan daarin schuilend verschuilen, opgesloten wegkruipen. Die vorm is zijn uitdrukking om het mij te verbeelden. Echter niet sec een cilindervormig hoopje, maar een dynamische cirkelvorm die erupereert, uitbarst in een harige wolk zoekend naar houvast in de omgeving. Een wirwar aan lijnen is in orde, als de tentakels van een zeeanemoon die een prooi betasten. Want zo wil Klein Hofmeijer mijn geest bevoelen, terwijl uit het schelphuis kruipend hij de wereld probeert te (be)grijpen.

    Dwarsdoorsnede

    Het muzengekras in het muzenverblijf schuurt aan mijn kennis, ik herken niet meteen wat ik zie maar de titel zet me in het juiste spoor. Zo is er summier uitleg van de abstracte inhoud. Ik onderscheid de bedoeling en raak gaandeweg ervaren in het kijken. Mijn denken schuilt in de bedachte omhulsels, mijn weten vindt plek in de behuizingen. De tekeningen zijn gezet op gebruikt papier met rafelranden, op de keerzijde van gescheurde nota’s, notities uit een tijd voor nu. Deze documenten reïncarneren in de kunst van Klein Hofmeijer. Het is geen recycling of hergebruik, want de vellen krijgen een nieuw leven, een oprechte betekenis. De idee krijgt een fantasievolle uitbeelding, de gedachte herlichaamt op papier. Daarin schuilt de kunstenaar, zoals de dichter zich verbergt in de poëzie. En daarin kan ik voor de duur van mijn aandachtige blik op bezoek zijn, aan tafel bijschuiven en de kunstenaar ontmoeten.

    Mijn ogen en geest hebben een aangename tijd met het beleven van een bloemlezing uit de werken op papier 2022-2023. Het is een dwarsdoorsnede uit de stranduren in Zeeland, het verblijf in het atelier aan de oever van de Westerschelde met uitzicht op de Noordzee. Er is namelijk meer om de rede in te laten vluchten. Het getoonde werk in het boek is een representatieve selectie en verbeelden fraai het zoeken naar een onderkomen om de gedachte bijeen te houden, vast te zetten en te herbergen in de tekening. Zijn dat eerst scheerlijnen om geschoorde ruimtes vast te leggen, want hoe veilig is het onder de lijnen. Maar dat bij elkaar houden en bijeen zijn is een statisch gegeven op den duur. Dus breekt de kunstenaar uit zijn huis om dynamisch te bewegen als een golfslak. Een niet bestaand object dat de vorm vindt in een bestaand wezen. In dat slakkenhuis kan Klein Hofmeijer nog altijd kruipen wanneer de buitenwereld te dreigend is voor zijn scheppend wezen.

    Een teken van leven

    Maar hij kan zich tevens statisch bewegen, dynamisch de stilstand aandrijven. Dan moet er eerst een golfslakachtig onderkomen worden vorm gegeven. Daartoe doet de kunstenaar diverse pogingen, die alle van hoogwaardige kwaliteit zijn. Hij zag dat het goed was, maar het kon beter en was nog niet best. In de pogingen groeit Klein Hofmeijer zichtbaar in zijn gefantaseerde wereld. De uitdrukking verfijnd zich en komt langzaam aan richting een Mij beeld, een abstract zelfportret verbeeldt een realistisch weergegeven slakkenhuis waaruit de geïnspireerde geest explodeert. Het is opgesloten maar moet uitweg hebben zich te openbaren.

    In de bloemlezing geeft kunsthistoricus Rick Vercauteren woorden aan de verbeeldingen. Uitleg aan de uitdrukking. Hij beschouwt de bijeen-houdingen, de her-bergingen, de onder-komens en vast-zettingen. Het schrijft het mysterie van deze kunstvorm als inspirerend kunnen echter niet kapot. De magie wordt meer diepzinnig doordat Vercauteren het werk van Klein Hofmeijer in de tijd en de ontwikkeling zet. Hoe hij daar op het strand van Dishoek een schuilplaats vindt om te verbeelden, zichzelf beziet in het diepzwarte water en groeit in zijn werk. Het boekje is een bewijs van zijn, een teken van leven, een proeve van bekwaamheid. Een wezenlijke verklaring. Opgeluisterd met de golven van de zee vastgelegd door fotograaf Dolph Kessler. Onder dat bruisende oppervlak heeft meer plaats dan bovenwater vermoed wordt. Het is een metafoor om de gedachte in te dompelen, het wezen onder te laten duiken. Het slakkenhuis heeft wonderwel de vorm van een golf. Het kromt zich om voort te bewegen. Zo buigt Klein Hofmeijer zich naar zijn geest om door te gaan op het pad in de kunst dat hij is ingeslagen. En ik reis met hem mee.

    Een bloemlezing uit de werken op papier 2022-2023. Hans Klein Hofmeijer. De stranduren, met een beschouwing over bijeen-houdingen, her-bergingen, onder-komens, vast-zettingen door Rick Vercauteren. Uitgave in eigen beheer van de kunstenaar, 2025.

  • In vergeestelijkt blauw bevraagt Hans Klein Hofmeijer het denken

    In de map The Blue Drawings presenteert Hans Klein Hofmeijer zijn werken met het coloriet blauw. Blauw is de kleur van duidelijke communicatie, loyaliteit, vertrouwen, wijsheid en (spirituele) wilskracht. Bij Klein Hofmeijer is het kleur die het denken in beeld kan brengen. Hij combineert zijn tekeningen in potlood, houtskool en aquarel met hand geschreven teksten. Woorden  die door denken en peinzen uit zijn brein ontspruiten. Niet als verduidelijking van het getekende, maar als eenheid met de compositie. Het schrift bevraagt het leven, zoals het beeld de beschouwer raadpleegt. “Wie ben je als niemand kijkt.” De kunstenaar schrijft brieven aan zichzelf, waaruit de beschouwer een logboek van het kunstwerk kan lezen. Het zijn de rafelranden van zijn denken, het denken, mijn denken. Klein Hofmeijer onderzoekt het denken en de gedachte, geeft beeld aan dat wat niet beeldend uit te drukken is. Hij maakt filosofische beelden, hij houdt zich in zijn kunst bezig met het wezen van alle dingen en het leven. Door die bespiegelingen al redenerend op papier vast te leggen. Daarbij zijn woorden niet genoeg en vullen tekeningen deze aan, en andersom. In die zoektocht naar de ultieme verbeelding van wat nauwelijks te verbeelden is beloopt hij diverse trajecten. De voorlopige uitkomst is een eigenzinnig Wit bloedend Blauw. Een abstracte beeltenis van het stromende denken. Want denken is niet te temmen. Die Gedanken sind frei.

    Hans Klein Hofmeijer, The Blue Drawings

    Het werk van Hans Klein Hofmeijer heeft enige verduidelijking nodig, maar hoewel de uitleg in de hierboven genoemde map welkom is staat het een objectief kijken in de weg. De map, enkele losse gevouwen vellen op groot formaat gestoken in een omslag met gerafelde rand, is een weerslag van de gedachten die kunstenaar zelf en schrijvende beschouwers daarvan hebben. Deze laatste concretiseren en verklaren zijn blauwe kunst. Deze werken van Klein Hofmeijer lijken weinig spontaan, maar juist sterk beredeneerd voordat het tot uiting komt. En de indruk achteraf wordt ook nog eens geïnterpreteerd en gemotiveerd. Kapot verduidelijkt, geïnterpreteerd en gemotiveerd lijkt het wel. Het bedachtzaam kijken geeft een filosofische beschrijving. Het is geen makkelijk toegankelijk werk, daarom valt die verheldering wel op de plaats. Maar een afbeelding kan ook te ver uitgerafeld worden. Te veel begrijpelijk verklaard waardoor het mysterie van de kunst als inspirerend kunnen verdwijnt.

    Hans Klein Hofmeijer, The Blue Drawings

    Sterk beschouwend en elkaar inhoudelijk aanvullend

    Het project op zich is uiterst interessant. De vormgeving van de weerslag daarvan is minstens zo overdacht. Het grote formaat heeft de vorm van een lijvig cahier. In een driedubbel gevouwen grijs omslag van 350 grams handgeschept Zaansch Bord steken een aantal dubbelgevouwen stevige bladen van 62 bij 41 centimeter. De randen van het omslag zijn gerafeld, passend aan de artistiek gevoelvol uitgebeelde rafelranden in het denken van de kunstenaar. Want in de kunst van Klein Hofmeijer is het denken een belangrijk ding. De publicatie is in eigen beheer uitgegeven en kent tekstuele bijdragen van journalist, schrijver en copywriter Annelies Vanbelle en redacteur, publicist en kunsthistoricus Rick Vercauteren. In deze artikelen proberen zij het onderhavige werk van Klein Hofmeijer te omschrijven en te verklaren. Sterk beschouwend en elkaar inhoudelijk aanvullend gaan zij nader in op de filosofische, kunsthistorische en spirituele aspecten van het mysterieuze coloriet blauw in het oeuvre van Hans Klein Hofmeijer.

    In haar essay stelt Vanbelle vragen, zoekt antwoorden. Maar retorisch bevinden zich deze in de gedachte van de kunstenaar. Komen tot uiting in de werken. Deze kunnen door de kijker worden onderzocht, bevraagt. Het werk respondeert. Niet altijd even duidelijk en scherp gearticuleerd. Fluisterend soms of stilzwijgend mimisch. Daarom verduidelijkt Vanbelle in haar eigen woorden het werk. Gaat zij in het denken van Klein Hofmeijer zitten en ziet van daaruit grond en reden. “Het gaat niet om mijn denken, maar om hét denken”, zegt de kunstenaar zelf. “Ik zoek een universele dimensie.” Dat perspectief helt erg over naar de filosofische redenatie van het leven. De werken van Klein Hofmeijer kunnen daarom het meest gemakkelijk diepzinnig worden gerationaliseerd. Grote denkers als Kant en Descartes zullen eenvoudig toegang kunnen hebben in deze manier van kunst scheppen.

    Hans Klein Hofmeijer, The Blue Drawings

    De kunstenaar zoekt door zijn werk naar antwoorden op levensvragen. Het denken, overdenken en nadenken, staat daarbij voorop. Voordat het werk op papier ontstaat is de gedachte, het bedenken, de eerste stap naar vormgeving. In zijn werk probeert hij die opstap, dus het denken over en aan, zichtbaar te maken. Door zijn tekeningen kijk ik als het ware in zijn hoofd. Krijg ik inzicht in zijn gedachtewereld, zijn denken kan ik de mijne maken. Maar dan moet ik wel bedachtzaam kijken en scherpzinnig zien. “Het lijkt niet alsof deze tekeningen verlossing brengen.”, schrijft Annelies Vanbelle, “Ze zuchten, onder het tasten en betrachten; ze smeken, om verlichting en vertroosting.” De kunstenaar smeekt, de beschouwer zucht.

    Volgens Vanbelle begint iedere tekening met een intuïtieve aanzet, een energiepunt, een niet-weten. Is dat niet hetzelfde met het kijken ernaar, het beschouwen. Ontmoet ik de tekeningen in de map, dan is mijn eerste gedachte een niet-weten. Eerst kijk ik, dan lees ik, en vervolgens doorzie ik. Denk ik te doorzien, objectief nog te kunnen kijken. Begrijpend lezen, aanvoelend kijken.

    Hans Klein Hofmeijer, The Blue Drawings

    Alleen maar kijken, zien en verwonderen

    Hans Klein Hofmeijer tekent in wat hij noemt vergeestelijkt blauwe inkt op vergeelde dragers. Het papier is hergebruikt en draagt sporen van eerdere levens. Daarop floreert het blauw. De kleur kan als geen andere tint het denken verbeelden. “Mijn vulpen draait rond, mijn hand stuurt het beeld in een bepaalde richting. Achteraf lijkt het soms of ik de tekening voor het eerst zie. Ik word in dat unieke aha-moment verrast door mijn eigen werk. En dan vraag ik me af: klopt het met mijn initiële intentie?” Is het geworden wat hij heeft bedoelt, wat hij wilde zeggen en ermee bereiken. Alleen Klein Hofmeijer kan daar het antwoord op geven. Ik kan alleen maar kijken, zien en mij verwonderen. Vermoeden wat zijn streven is, was. Hij verwerkt teksten in zijn  tekeningen. Leesbaar, maar ook wel onnavolgbaar. Zelf zegt hij daarover: “Ze maken me weer alert voor een bepaalde ervaring, een gevoel, een herinnering – ze zijn een herbevestiging van bepaalde inzichten of vaststellingen. Ik hoed me daarnaast wel om te veel woorden te geven aan mijn werk, te nauwgezet toe te lichten hoe ik te werk ga.” Want weet ik hoe en wat, dan vervliegt de poëzie en de mystiek. Dan kan ik me minder verwonderen. Is het antwoord gegeven terwijl ik een retorische vraag stelde. Want ik wil geen feedback, geen reactie. Ik wil zelf een uitweg vinden, een weerwoord geven.

    In zijn werk bevraagt Klein Hofmeijer niet alleen de drager, het vel papier waarop hij zijn denken uitzet, ook onderzoekt hij de randen. De gedachte gaat verder dan de begrenzing van het blad. Het overstijgt de dimensie van het zijn, het wezen. In het denken overvleugelt hij zichzelf. “Ik denk, dus ik ben.” Dat denken vindt een beeld op papier. “Ik schrijf, dus ik blijf.”

    In het artikel “Over blauw” legt Rick Vercauteren het blauwe oeuvre op tafel. Als een rode draad door de laatste twintig jaren. En werkt zich door de tinten die daaraan vooraf gingen. Er zijn in de tekst verwijzingen naar werken die zijn opgenomen in andere publicaties. Die dus niet op deze plek kunnen worden beschouwd. Het is een gemis, omdat die publicaties mij niet bekend zijn en ik dus geen vergelijksmateriaal heb. Maar goed, ik doe het dan maar met dat wat wel in deze publicatie is opgenomen. En dat geeft al denkelijk meer dan genoeg reden tot beschouwen. Het bespreken en benoemen van eerder werk geeft een gedetailleerde wegenkaart. Ik kan de paden stapvoets volgen, de straten bewandelen, die Klein Hofmeijer gegaan is om daar te komen waar hij in The Blue Drawings is. Het is in deze de eindbestemming. Het voert hem van hier verder met het denk-blauw en het schrijf-blauw om de onzichtbare, innerlijke processen te verbeelden, duidelijk te maken.

    The Blue Drawings. Hans Klein Hofmeijer. Een haat-liefdeverhouding met het denken. Teksten Annelies Vanbelle, Rick Vercauteren. Uitgave in eigen beheer, 2022.

    Hans Klein Hofmeijer, The Blue Drawings