Tag: Hendrik Werkman

  • Van meesterdrukker tot kunstenaar-drukker

    Werkman, zijn naam had hij mee. Hendrik Nicolaas was ambachtsman, zijn vak vereist ondervinding en kennis. Eerst was hij handelsdrukker, een brooddrukker met tal van mensen in loondienst. Later toen zijn drukkerij failliet ging en hij op kleine schaal zonder werknemers doorstart werd hij kunstenaar-drukker. In het reguliere drukkersvak leerde hij de fijne kneepjes van de grafische technieken, die hij later als kunstenaar kon gebruiken en uitbuiten. Hij was een meester in het samenstellen van de drukplaat met loden letters. Op een ambachtelijke manier, zoals men dat voor de automatisering in de drukkerij deed. Dat letterzetten echter heeft Hendrik nooit achter zich gelaten, ook niet toen andere en nieuwere  mogelijkheden het vak van drukker minder handig en meer eenvoudig maakten. Hij bleef bij zijn leest en buitte voor de kunsten het letterzetten tot aan de grenzen van de techniek uit.

    Hendrik Werkman, Peter Jordans, WBOOKS

    De uitgave ‘Hendrik Werkman, het druksel en de kunst’ zet de handwerksman af tegen zijn tijd. Middels diverse essays wordt de drukker die kunstenaar werd in de kunsthistorie geplaatst. Hij heeft drukkerspapieren, maar in de beeldende kunst is hij autodidact. Zijn werken waarin hij letters onorthodox deed drukken en stempelen noemde hij druksels. De letter werd tot vorm en minder belangrijk onderdeel van een woord. De letter werd figuur en beeldmerk in de drukkunst. Letters en cijfers werden kunstwerken. Werkman’s gebruiksdrukwerk werd autonoom drukwerk, druksels dus. Vanuit het constructivisme leende hij de wiskundige grondvormen vierkant en cirkel, rechthoek. Door drukletters als letters te drukken maar ook zijkanten en achterkanten te gebruiken in een bepaalde samenstelling, en handmatig geïnkt waardoor er afvlakking van kleur ontstond het stempelen zo eigen, kwam er een abstracte vormgeving op papier. De constructivistische typografie werd vooral toegepast in de reclame, maar Hendrik Werkman gebruikte deze vorm in de eerste plaats om zijn maatschappelijke betrokkenheid uitdrukking te geven.

    Van bovenkast en onderkast, van kapitaal tot cursief

    Het boek plaatst H.N. Werkman in zijn tijd wanneer hij aansluiting zoekt bij constructivistische kunstenaars, maar er eigenlijk geen gehoor vond met zijn eigenzinnige druksels. Op allerlei manieren gebruikte en welhaast misbruikte hij de mogelijkheden van het drukkersvak. Pas later, na zijn wrede dood in het zicht van de bevrijding in het laatste oorlogsjaar 1945, worden zijn kunstwerken op waarde geschat en vinden navolging bij andere kunstenaars. Vooral doet zijn werk zich in de kunst inspireren. Maar in zijn werkzame jaren ploeterde Werkman zich eenzaam in zijn tot atelier omgevormde drukkerij een eigen kenmerkend oeuvre. Vanuit dat drukken om den brode, waarin hij van de hoed en de rand  wist – van bovenkast en onderkast – van kapitaal tot cursief, ontstond gaandeweg een eigen beeldtaal omdat hij de kunst wilde integreren in zijn werk. Kunstenaar wilde hij zijn, de kunst trok hem en het vak van drukker bleek daarvoor de voedingsbodem.

    Hendrik Werkman, Peter Jordans, WBOOKS

    Uit het typografische constructivisme leende Hendrik Werkman vormen en beeldmerken om te gebruiken in zijn eigen taal. Met zijn uitdrukkingen bevond hij zich op de scheidslijn van autonome en toegepaste kunst. Van de letter als figuur gebruiken en de letter als boodschapper inzetten. Ook in zijn kunst gaf hij uitdrukking aan sociale gevoelens en de idee dat dingen anders moesten. Ook al is de letter en het cijfer minder boodschapper en meer een vorm in een spel van lijn en vlak. Later gebruikte hij drukvormen, zetmateriaal en sjablonen meer in schilderachtige composities. De letter en het cijfer raken het karakter van middel om te communiceren kwijt en spreken in getransformeerde vormen als koppen en paardenmanen. De handrol om met uitrollen verschillende gradaties in kleur  te krijgen werd zijn kwast. Met de rolkant maakte hij getekende lijnen, het gereedschap werd zijn potlood of penseel.

    Werkman werkt door

    In de uitgave “Het druksel en de kunst” laat redacteur en emeritus hoogleraar Peter Jordens diverse auteurs uitweiden over Hendrik Werkman als persoon en over de latere invloed van zijn werk in de kunst. Andragoge Conny Schumacher schetst een beeld van zijn artistieke nalatenschap. Deze kreeg vorm en beeld in de tentoonstelling ‘Werkman werkt door’ in het Grafisch Museum Groningen.  Vele kunstenaars met hem en na hem “hebben zich laten inspireren door het eigenzinnig kunstenaarschap en de onafhankelijke geest van Werkman die borg staat voor een even herkenbare als authentieke stijl”. Herinneringen aan één van die kunstenaars haalt conservator Han Steenbruggen naar voren door zijn persoonlijke ontmoetingen te beschrijven met meesterdrukker Ben Joosten. Letters en tekens dragen een boodschap, soms verborgen en poëtisch, citeert beeldend kunstenaar en schrijver Erik Timmermans collega kunstenaar Ewald Spieker die de fascinatie van Werkman voor de kracht van letters bewondert. Bij hem gaan de letters een eigen leven leiden, worden daar door deze kunstenaar toe gedwongen en tekenen in hun symboliek het zijn.

    Hendrik Werkman, Peter Jordans, WBOOKS

    Vanuit historisch perspectief beeld van het drukkersvak

    Kunstenaar Harry Wolfkamp noemt zichzelf geen schilder meer nadat hij de magie van het schilderdruksel heeft ontdekt. In een bijdrage van sociaal ondernemer Lenny Bulthuis worden deze druksels in werkwijze en afbeelding omschreven en wordt de tekst geïllustreerd door fullcolour voorbeelden. Anneke de Vries, kunsthistoricus gespecialiseerd op Kunstkring De Ploeg, belicht het materiaal van Werkman – de cijfers en letters in lood en hout en het materiaal om deze op papier te krijgen, een interessant hoofdstuk voor met name de drukker. Kunsthistoricus Marije Sennema sluit daarbij aan door haar onderzoek naar het gebruik van het zetmateriaal in Werkman’s vrije oeuvre. In zijn experimenten ontdekte hij vele nieuwe grafische mogelijkheden. Tussen deze bijdragen door probeert Peter Jordens zelf het stukgelopen contact tussen Piet Zwart en Hendrik Werkman te duiden. Zwart was ontwerper van reclame die de creativiteit van het autonome kunstenaarschap categorisch afwees, terwijl Werkman juist beoefenaar van autonome kunst was die streefde naar erkenning van zijn kunstenaarschap.

    De uitgave “Hendrik Werkman, het druksel en de kunst” geeft niet alleen een goede kijk op de drukker die kunstenaar werd, maar schetst tevens vanuit historisch perspectief een beeld van het drukkersvak en de daaruit ontstane constructivistische typografie. Dat het woord beeld kan zijn, de letter kunst is.

    Hendrik Werkman, het druksel en de kunst. Redactie Peter Jordens. Uitgave WBOOKS in samenwerking met Stichting De Ploeg en het Groninger Museum, 2022.