De fotograaf kiekt het moment. Zet een specifiek ogenblik vast in de tijd. Pint het op het prikbord van de geschiedenis. Gijs Dragt zoekt plekken op die ooit door schilders eerder werden vastgelegd. Op doek lijken deze momenten bevroren te zijn, maar in verf komt de omgeving in stilstand juist tot leven. Dragt vond de straten, de paden, de huizen, het uitzicht die Jos Lussenburg, Ben Viegers en Jan van Vuuren als vertegenwoordigers van de Veluwse schilders een eeuw eerder hebben gezien en vastgelegd. Deze plekken zijn veranderd nu, de tand des tijds heeft eraan gevreten. Of ze zijn verdwenen, uitgegumd en weggezakt in vergetelheid. Die omgeving, dat uitzicht geeft Dragt een nieuw gezicht in zijn project dat tot stand kwam in nauwe samenwerking met het Noord-Veluws Museum. Dragt legt de actuele situatie vast en zet het later nog digitaal naar zijn hand. De beweging van de tijd brengt hij in de compositie in. Deze verglijdt letterlijk in zijn beeld.

Terugkijken dat kan, vooruitkijken is onmogelijk
De mens kijkt met plezier over de schouder. Ziet graag terug in de tijd. Zelfs heeft de mens wel heimwee naar eerder. Hoe zag namelijk de wereld er toen destijds uit, hoe lag het erbij en ervoor vroeger. Zijn er nog herkenningspunten nu of is de schop er in gegaan. De herinnering kleurt veelal helder op, ook wanneer het aandenken zwart en grauw is. De mooie gedachten blijven, al hadden deze schaduwkanten die weggesleten zijn. Een gevleugelde uitspraak bij het omkijken is: ‘vroeger was alles beter’. Het is eeuwig zonde wanneer een natuurgebied moet plaats maken voor een nieuwe wijk. Of dat een monumentaal gebouw plat gaat omwille van de vooruitgang. De omgeving dient zich te vernieuwen wil het zichzelf in stand kunnen houden. Natuurbranden zijn de gewoonste zaak van de wereld, daarna herstelt de natuur zich snel weer. Echter de mate waarin de mens de aarde om zeep helpt is in deze eeuw ongekend.
Terugkijken dat kan, vooruitkijken is onmogelijk. Naar wat geweest is en is voorbij gegaan kan met een nostalgische blik worden gekeken. Naar dat wat in de toekomst nog komen gaat valt te gissen. Misschien kan een logaritme uitkomst bieden of een glazen bol. Planologen plannen de toekomst, althans dat proberen ze. Maar de tijd gooit meestal roet in het eten, dat niet zo heet wordt gegeten als het is opgediend. De toekomst voorspellen is een heikele zaak. Daarom, omdat wat voor ons ligt ongewis is, kijken wij met belangstelling terug. Treden we graag in de voetsporen van voorgangers met naam en toenaam. Ook al zijn die voetsporen in de tijd onduidelijk geworden. We lopen graag de weg die iemand voor ons is gegaan. Dan herkennen we vroeger. Proeven de sfeer van weleer.

Het verleden klinkt in het heden
Kunstenaar Gijs Dragt trad in de voetsporen van enkele schilders die ooit de Veluwse omgeving vast hebben gelegd. Hij keek achterom en zocht de plekken op die deze schilders in verf op doek in beeld brachten. Nam er foto’s van en bewerkte deze, zodat er een bewegend beeld in de tijd is ontstaan. In de composities is de sfeer van weleer te proeven. Kleurvegen geven de vertaling van gister naar vandaag aan. Dragt heeft niet het moment stil gezet, maar juist door laten klinken. Het galmt over het beeldvlak. De aan de hand van schilderijen gevonden plekken echoën in de tijd. Het zicht is gewijzigd of helemaal verdwenen. Maar het verleden klinkt in het heden. Voor de schilders is Dragt een ziener, een voorziener. Hij ziet wat zij zagen en hoopten te zien.
Het reizen en onderzoeken, het herbeleven is van alle tijden. Gijs Dragt reist in de voetsporen van drie beeldend kunstenaars op de noordelijke Veluwe. Hij reist terug in de tijd van een eeuw geleden en vindt er het zijn van nu in terug. Op zoek naar de locaties van de schilderijen, indien mogelijk naar hetzelfde standpunt. Hij kijkt, observeert, fotografeert, en laat zien wat er veranderd is, wat nog hetzelfde. De effecten maakt hij met de camera tijdens het fotograferen en later op de computer thuis met digitale programma’s. Zijn werkwijze is te vergelijken met die van de schilders, die thuis in het atelier hun schilderijen vervolmaakten. En Dragt vraagt zich af hoe het er op die plek een eeuw later nog uit zal zien. Zoals die schilders zich dat toen ook afvroegen, maar er alleen hun gedachten over konden laten gaan. Met de nu beschikbare digitale technieken kan Dragt vooruit kijken in de tijd.

Zo kan de sfeer van toen worden geproefd
Korte levensbeschrijvingen in het boek “De Noord-Veluwe fotografisch geschilderd” doen mij de drie kunstenaars kennen die de fotograaf naliep. De manier waarop zij hun inspiratie uit de omgeving wisten vorm te geven. Het gebied doorkruisten om karakteristieke plekken meest en plein air vast te leggen en uit te werken. Het is niet zo verwonderlijk dat Gijs Dragt in Jos Lussenburg, Ben Viegers en Jan van Vuuren voorbeelden zag om na te volgen. Het boek geeft voldoende vergelijksmateriaal. Schilderijen zijn afgedrukt naast de composities die Dragt vormgaf. Zo kan de sfeer van toen worden geproefd en de vertaling van nu daarnaast worden gelegd. Bij de ene schilder zijn de vastgelegde plekken eenvoudiger in het heden te vinden dan bij de andere. Toch is Dragt op zoek gegaan en heeft voldoende aanknopingspunten gevonden om de plekken te vinden waarmee hij zijn verhaal over de Veluwe kan vertellen. Want dat is Gijs Dragt, een verhalenverteller. Zijn eerste en laatste woorden zijn de situatie van de Veluwse schilders en de locatie van nu. Daartussen vertelt hij zijn verhaal in een abstracte belijning, een kleuring van de herinnering. Dragt laat het niet bij het vastleggen van een beeld, meer nog wil hij een voorstelling creëren. Een compositie maken uit een bestaande situatie om zo een nieuw inzicht te scheppen. Zoals de schilder in het landschap, het stilleven of dorpsgezicht een ongeziene ziel legt.

De tijd als verbindende factor
Over Gijs Dragt is geen biografie afgedrukt, maar wel een beschrijving van zijn inspiratie en werkwijze. En op welke manier hij tot het project kwam om de Noord-Veluwe fotografisch te schilderen en daarmee trad in de voetsporen van Lussenburg, Viegers en Van Vuuren. Hoe de wereld er door zijn lens uitziet, want zegt hij “fotografie is het bevriezen van een moment dat direct daarna geschiedenis is. Dit heeft een magische betekenis. Het vertegenwoordigt een fractie van de seconde, waar je deelgenoot van was.” Die ene tel, dat het diafragma zich opent en het licht van de voorstelling in het hart van de camera binnenlaat, manipuleert Dragt later met het brein van de computer. Hij wil dat moment laten doorgaan, in beweging zetten. Aan die geschiedenis brengt hij een dynamiek zodat het voortduurt in het heden. Het verleden van gisteren is in zijn werk de blik in de toekomst. In de publicatie komen heden en verleden samen, lees ik, net zoals stilstand en beweging, mythe en werkelijkheid. fotografie en schilderkunst. Met de tijd als verbindende factor.
In zijn essay herhaalt Mischa Andriessen dat nog eens. Ik citeer: “In zijn kleurrijke beelden verbindt Dragt fotografie en schilderkunst, verbindt hij heden en verleden, verbindt hij stilstand en beweging. En verbindt hij wie kijken wil met wie gekeken heeft. Hij heeft een vorm gevonden waarin het er allemaal is. Allemaal op hetzelfde ogenblik. We zien wat hij heeft gezien, maar oom wat Lussenburg, Viegers en Van Vuuren hebben gezien, én wat zij hoogstwaarschijnlijk hadden willen zien. Dat gulle kijken is wat Dragt met de kijker deelt.”
De Noord-Veluwe fotografisch geschilderd. Gijs Dragt in de voetsporen van Jos Lussenburg, Ben Viegers en Jan van Vuuren. Teksten Lies van de Beek, Mischa Andriessen. Catalogus bij tentoonstelling in Noord-Veluws Museum tot 8 oktober 2023. Uitgave VanSpijk [photo] ArtBooks, 2023.
