Tag: Jeanne Bieruma Oosting

  • Kunst in kopie, echt of namaak?

    Eigenlijk heb ik me bij het zien van grafiek nooit afgevraagd of ik wel naar een originele afdruk kijk. Origineel in de zin van dat de maker het met de hand heeft geprint op de eigen pers. Of dat de maker de opdracht heeft gegeven het door een ander te drukken, maar er wel zijn of haar handtekening onder heeft gezet. En genummerd, want de originele afbeelding wordt in een beperkte oplage gedrukt. Zodat degene die de afdruk in bezit heeft weet dat het een exclusief werk betreft. Maar wat nu wanneer iemand een etsplaat heeft van Rembrandt of, dichterbij, van Boele Bregman, en hiervan printen gaat maken. Dan is de tekening wel van de genoemde kunstenaar, maar het is dan dus eigenlijk een kopie van het origineel, namaak, na gemaakt, achteraf gemaakt. Ofwel een nadruk.

    Want wat betekent de reproductiemogelijkheid voor de originaliteit van het werk. Is de eerste afdruk het origineel en zijn de andere werken in de oplage kopieën. En zijn alle werken in de oplage daadwerkelijk identiek, dus gelijk aan elkaar of zitten er verschillen tussen. Zo zodat ieder exemplaar dus een afzonderlijk origineel kan zijn. Want door variatie in temperatuur, luchtdruk, luchtvochtigheid, papier, inkt en drukkracht heeft de grafische kunstenaar het drukproces nooit helemaal onder controle. Het toeval stuurt en is raar gezegd in deze eigenlijk de ware kunstenaar.

    Museum Heerenveen, kunst in kopie

    In beginsel een Bottema, Bregman, Mankes of Oosting

    In de tentoonstelling “Kunst in kopie?” bij Museum Heerenveen laten de samenstellers mij iets afvragen, namelijk of grafische kunst in oplage gemaakt is of opnieuw gedrukt werd. Met wat is dan origineel, zetten ze mij tot nadenken. “Is het kunst of kopie? Zijn de afdrukken precies hetzelfde?” De tentoonstelling heeft een educatieve inslag, dus er is een opdracht voor mij: “Kijk eens heel goed en vergelijk een paar keer of er toch een verschil is.” Ik dien mijn ogen de kost te geven, me te realiseren wat ik zie. Dat doe ik dan ook bij het werk van vier kunstenaars uit de omgeving, want Museum Heerenveen is niet voor niets een streekmuseum. Dus is er om de geschiedenis van de streek in tentoonstellingen onder de aandacht te nemen, en zo mogelijk te promoten.

    De vier kunstenaars waarvan grafisch werk in de tentoonstelling is opgenomen zijn alle al overleden, dus kunnen niet zelf meer de handpers bedienen. Bij alle afdrukken die nu in de handel verschijnen kan men zich dus afvragen of het echt is of namaak. Het origineel, dus de plaat waarvan gedrukt wordt, is natuurlijk altijd echt. En wanneer de maker zelf die afdrukken heeft gemaakt zijn deze echt. Maar wanneer er nu nog afdrukken worden bijgemaakt is het origineel nog steeds echt, maar is het de vraag of de print authentiek is. Het is in beginsel een Bottema, Bregman, Mankes of Oosting. De vier kunstenaars die wortels hebben in de regio Heerenveen en waarvan grafische technieken als het etsen, steendrukken en de houtgravure in de tentoonstelling te zien zijn.

    Museum Heerenveen, kunst in kopie

    Interessante dwarsdoorsnede van Tjerk Bottema, Boele Bregman, Jan Mankes en Jeanne Bieruma Oosting

    Er valt veel te bekijken, want de opdracht is goed te kijken en nog eens te zien om verschillen in afdrukken te ontdekken – als die er al zijn. Want van veel druksels zijn meerdere exemplaren te vinden en opgehangen. In de tentoonstelling lees ik op een tekstbord: “Kenmerkend voor grafiek is de mogelijkheid om meerdere identieke afdrukken te maken van een werk. Bestaat die mogelijkheid niet, dan is er geen sprake van grafiek.” Dus.

    Van Tjerk Bottema, Boele Bregman, Jan Mankes en Jeanne Bieruma Oosting is een interessante dwarsdoorsnede uit hun grafische oeuvre samengebracht in de tentoonstelling “Kunst in kopie?”. De werken alleen al geven kijkplezier in het bezoek aan Museum Heerenveen. Uit de eigen collectie worden werken getoond naast afdrukken uit dezelfde oplage van andere collecties. Zo kunnen de bezoekers de verschillende drukken en versies met elkaar vergelijken. Want het museum daagt mij uit om na te denken over de vraag: wat wordt verstaan onder originaliteit. De opdracht is om echt te kijken, geconcentreerd te beschouwen om antwoord te kunnen geven op de vraag of het kunst is of kopie. Een overtuigende respons komt daar niet uit. Want wat is echt en wat is namaak. De afdruk door de maker zelf gemaakt, is deze echt? En de afdruk gemaakt van dezelfde plaat maar door een ander, is dat namaak? Niet in de zin van imitatie of vervalsing, maar als betekenis dat het nog eens weer achteraf gemaakt is – een extra oplage, een nadruk. De plaat is er, dus kan weer gebruikt worden, toch? Om dit te voorkomen beschadigde Jan Mankes zijn drukvormen om eventuele nadrukken door anderen onmogelijk of duidelijk herkenbaar te maken.

    Museum Heerenveen, kunst in kopie

    Geschiedenis van het drukken

    In een naastgelegen zaal wordt de geschiedenis van het drukken in kort bestek uit de doeken gedaan. Er staan originele handpersen en er worden onderdelen en materialen getoond. Afdrukken langs de wanden tonen de mogelijkheden van het drukken. Ook kan de bezoeker zelf aan de slag om te ontdekken hoe grafische kunst wordt gemaakt. Regelmatig vinden er workshops onder leiding van professionele kunstenaars plaats. De jongste bezoekers kunnen hun eigen drukwerkkunst maken met stempels en inkt.

    Kortom, is de tentoonstelling “Kunst in kopie?” een complete belevenis van het drukken, de grafische techniek. Hoewel de titel enigszins misleidend is, aangezien het woord kopie toch de betekenis heeft van nabootsing en afschrift. Uiteraard is de grafiek voor de kunstenaar een goede mogelijkheid zijn werk te reproduceren. Om van een enkele tekening of afbeelding meerdere te maken. Dat betekent een groter bereik en een ruimere afzetmarkt. Want de kunst is een ambacht, een vak, een beroep; de kunstenaar wil zijn of haar kunst onder de mensen brengen en, niet onbelangrijk, er een verdienmodel aan koppelen. Grafiek is beter betaalbaar en dus voor een grotere groep liefhebbers toegankelijk. Want des te groter de oplage hoe meer de prijs wordt gedrukt. Maar dit terzijde.

    Tentoonstelling “Kunst in kopie?”, grafiek van Tjerk Bottema, Boele Bregman, Jan Mankes en Jeanne Bieruma Oosting bij Museum Heerenveen, Minckelersstraat 11 in Heerenveen. Te bekijken tot en met 14 mei, de drukwerkplaats is open tot en met 27 mei 2023.

  • De zomer van Jeanne op Landgoed Oranjewoud

    Dit is de Zomer van Jeanne. Maanden waarin er rondom in Nederland bijzondere aandacht is voor de nalatenschap van de kunstenaar Jeanne Bieruma Oosting. Niet omdat het een eeuw geleden is dat zij in Leeuwarden het levenslicht zag, want dat was 5 februari op de dag af 124 jaar. Ook niet omdat haar sterfdag een rond getal maakt dit jaar, dan is het twee jaar wachten voor de 30. Het is omdat het werk van deze vrijgevochten dame van gegoede komaf opnieuw volop in de belangstelling staat. Dit komt vooral omdat schrijfster Jolande Withuis na gedegen onderzoek van leven en werken een biografie over Bieruma Oosting schreef: Geen tijd verliezen. Deze uitgave heb ik eerder op dit weblog besproken. Dit boek is grond voor een serie tentoonstellingen in diverse musea. Natuurlijk gooide corona ook hierbij roet in het eten, want Jeanne’s zomer stond al eerder gepland. Het grafische werk, en de enkele schilderijen, die Museum Belvédère uit haar oeuvre toont hebben daarbij mijn speciale aandacht. Vooral om reden dat ik meermalen als collectiebeheerder betrokken ben geweest bij het onderzoek van Withuis voor haar boek.

    Lithografie Bieruma Oosting

    Voor mij staat op het beeldscherm een digitale uitgave van het boek “Stoeien met de muzen”, fysiek een speciale uitgave van Museum Belvédère bij de tentoonstelling die ik naar aanleiding daarvan tevens mocht bezoeken. De biografie door Jolande Withuis geschreven gaf mij al een goed beeld van de kunstenaar. Deze catalogus waarvan de teksten komen van Susan van den Berg en Jolande Withuis vult hierbij de leemten op, doordat dieper wordt ingegaan op vooral de lithografie van Bieruma Oosting. Belvédère bezit een groot aantal drukken in mappen, waarvan diverse exemplaren los en ingelijst in de kabinettentoonstelling op stemmige blauwe wanden worden getoond. Het museum kan uit de collectie zo een welhaast compleet beeld geven van Jeanne als graficus.

    Voor dit project, om van zomer 2022 een Jeanne-jaar te kunnen maken, trokken Jolande Withuis en Susan van den Berg voor het deel van Heerenveen samen op. Withuis door onderzoek voor de biografie en Van den Berg bij de research van een artikel. Het is een gedegen bestudering van de kunstenaar en haar werk. Haar handel en wandel, het opgroeien in en zich afzetten tegen het patriarchische gezin en het volgen van haar passie tegen alle weerstand in is gedetailleerd omschreven. Het werpt een fascinerende blik op de mens achter de kunst. Om haar soms mysterieuze en minder makkelijk toegankelijke werk beter te begrijpen is het goed te weten wie zij was en hoe zij zo geworden is. Dat aspect belicht Withuis in haar biografie. In de catalogus van Belvédère doet Van den Berg dat nog eens dunnetjes over en wordt er meerdere malen verwezen naar het standaardwerk “Geen tijd verliezen”.

    Jeanne Bieruma Oosting, in eigen signering van haar werk kortweg Oosting of JBO, is in haar tijd door critici een rebelse kunstenaar genoemd. Een dame die zich afzette tegen de omgeving van haar opvoeding en haar dubbele achternaam, desondanks er toch ook afhankelijk van bleef door de financiële steun maar belerende invloed van haar vader. Desalniettemin wist ze zich onder dat juk vandaan te leven. Deed veel tegen de wil van vader en groeide daarom misschien wel sterker in haar manier van uiten.

    Duistere thema’s

    Minder interessant is haar schilderwerk, meer van zichzelf laat ze zien in haar grafische kunnen. Museum Belvédère toont met de van Jeanne Oosting minder bekende grafiek een kwetsbare kant van deze kunstenaar. De duistere thema’s en macabere voorstellingen wisselen af met vrijzinnige naakten naast de meer vrolijk ogende schilderijen van landschappen, tuingezichten, bloem- en dierportretten. Uit haar raam kijkende overzag ze de omgeving of trok er op uit in het open veld om plein air te verven. Ze houdt van de natuur en heeft deze in alle toonaarden opgezet.

    Natuurlijk laat Museum Belvédère ook werken zien die refereren aan haar Friese jeugd. Meermalen bezocht ze als kind en jonge vrouw de landhuizen in bezit van haar familie, onder meer Oranjestein in Oranjewoud en Lauswolt in Beetsterzwaag. Met name de natuur in de weelderige parken van de landgoederen hadden haar bijzondere aandacht. Met een scherp oog voor de gewone mens die het land bewerkte of in het huis bediende kwam ze los van haar gebonden achtergrond. Later in Parijs zocht ze ook die periferie van het leven op en tekende prostituees. Want Jeanne beelde bij voorkeur de mens af in ongedwongen situaties. Achter de schermen en tussen de schuifdeuren. De vrouwen in het bordeel denken ongezien te zijn, maar Oosting schetste ze in een pose waarin ze zichzelf bloot geven – letterlijk en figuurlijk. De mens in het werk van Oosting is krachtig, ook al laten ze hun kwetsbare kant zien, zoals de kunstenaar zelf zich in het leven tegen elke bierkaai in sterk heeft gemaakt haar passie te verwezenlijken.

    Het museum in Oranjewoud legt in de tentoonstelling de nadruk op de baanbrekende grafiek uit haar Parijse periode. Voor ons hier en nu zijn het na de seksuele revolutie in de jaren 60 van de vorige eeuw meest gedateerde platen, maar in haar tijd waren de morbide, mysterieuze en melancholieke tekeningen ongepast. Zeker voor een vrouwelijke kunstenaar. Het was voor haar een levensbehoefte om alles van zichzelf te laten zien. Haar hele leven stond in het teken van de kunst. Een vaste liefdesrelatie ging ze niet aan, omdat je zoals ze zelf zei niet twee heren kunt dienen.

    In “Stoeien met de muzen” lijkt de biografie uit “Geen tijd verliezen” zich te herhalen. Er worden een groet aantal herhalingen en dubbelingen gelezen. Maar het feit dat grondig wordt ingegaan op het grafische kunnen maakt de catalogus de moeite waard. En vooral wanneer Jeanne zelf aan het woord wordt gelaten om de grafische technieken uit te leggen. Uit het tijdschrift Phoenix is integraal een artikel van haar hand overgenomen, dat in de taal van die tijd is gelaten. Daaruit blijkt dat Oosting in de kunst van vele markten thuis was, uitstekend wist te beelden maar ook een goede hand van onderwijzend schrijven had. Een ander hoofdstuk belicht het fenomeen ex libris, een vorm van toegepaste kunst waarin Jeanne Oosting uitstekend kon werken.

    Samen met de tentoonstellingen op een zestal plekken elders door het land geeft de Zomer van Jeanne een compleet overzicht van haar oeuvre als kunstenaar. De plekken zijn plaatsen die verbonden zijn met Jeanne Bieruma Oosting, doordat ze er verbleef bij familie, heeft gewoond of er anderszins haar tijd heeft doorgebracht. Bij die Zomer van Jeanne tentoonstellingen is een handig zakboekje verschenen, dat als een soort van reisgids kan dienen voor en langs de route waarop het werk van de kunstenaar te zien is. Een website gaat dan ook nog eens extra in op deze manifestatie. Het is een afgerond project dat gedragen wordt en uitgaat van de biografie “Geen tijd verliezen” van Jolande Withuis. De biografe is initiatiefnemer van de zomer naar aanleiding van haar boek. De hernieuwde bijzondere aandacht verdient deze door het vak bezeten kunstenaar, die de kunst als ademtocht had. De werkelijkheid lief had, maar de droom beminde.

    Stoeien met de muzen. Catalogus en tentoonstelling werken Jeanne Bieruma Oosting. Uitgave Museum Belvédère, 2022.

    Jeanne Bieruma Oosting, Museum Belvédère
    Jeanne Bieruma Oosting, Museum Belvédère
  • De adem van Jeanne Bieruma Oosting

    Heel mijn leven en mijn denken draait om schilderijen. Het is geen bezigheid, geen bedrevenheid – het is een bezetenheid. Je bent er altijd mee bezig, verveelt je nooit, het is mijn adem.” Met deze uitspraak in een interview omschrijft kunstenaar Jeanne Bieruma Oosting haar wezen, haar zijn, de bedoeling vaan haar leven. Biertje, voor intimi, was een heel leven lang verliefd op de kunst en vooral verzot op het maken daarvan. Ze was er bij wijze van spreken mee getrouwd. Want in haar denken was het niet mogelijk in het leven twee heren te dienen. Niet dat ze nooit een liefdesleven heeft gehad, maar de kunst kwam altijd op de eerste plaats. Ze heeft diverse relaties doorlopen, met zowel mannen als met vrouwen. Of dat romances waren of enkel een innige vriendschap betrof is niet helemaal duidelijk.

    Jeanne hield van contacten met mensen. Werken in en met de kunst maakt je eenzaam, zo alleen onderweg om inspiratie op te doen en het uitwerken in het atelier, dus het groepsgevoel – het zijn met anderen om het erover te hebben – blijft dierbaar. Gedurende negentig werkbare jaren bouwde Bieruma Oosting een immens oeuvre op aan schilderijen, tekeningen en grafiek. In de zes jonge jaren daarvoor zal zij weleens een kindertekening hebben gemaakt, maar dit terzijde.

    Vrouwelijke kunst

    Als kunstenaar en zeker ook als mens voer zij tegen de stroom in. De stroom van hoe het leven zou moeten zijn volgens de grootste gemene deler. Een vrouw hoorde namelijk in de eerste helft van de vorige eeuw niet achter een ezel, dat was de algemene gedachte toen nog. En zelfs na de tweede wereldoorlog kreeg haar werk maar al te vaak het stempel van ‘vrouwelijke kunst’. Ze werd in het begin van meerdere kanten tegen gewerkt, maar zette onverwijld door en breidde haar oeuvre allengs uit. Ze was tenslotte geboren met dit talent en wilde daar koste wat kost gestalte aan geven. Vooral haar vader en in mindere mate haar moeder gaven haar weinig steun. Haar ouders zagen een andere toekomst voor hun dochter: trouwen en kinderen krijgen.

    Jolande Withuis, Jeanne Bieruma Oosting, biografie

    Jeanne was kind van een voorname familie, waarbij de dagelijkse arbeid uit handen werd genomen door huisknechten en hofdames. Ze verbleef veel en vaak in de buitenhuizen en op de landgoederen. In Friesland was dat bijvoorbeeld Lauswolt in Beetsterzwaag en Oranjestein in Oranjewoud. Ze heeft daar veel getekend en geschilderd. Wamt ondanks dat haar bedje gespreid leek gaf ze zich over aan een in aanloop armoedige carrière in de kunst. Tot op hoge leeftijd bleef ze werken onder het motto ‘geen tijd verliezen’. Vooral in de tweede helft van haar leven kreeg ze naam als kunstenaar. Hoewel haar kunst in vergelijking met de stromingen die in deze tijd opgang deden, zoals CoBrA en de abstracte kunst, nogal oubollig en achterhaald aandeed: een stroming die zichzelf buitengesloten voelde. Desondanks bleef ze deze beweging waarin ze zich het best thuis voelde trouw. En werd vooral om haar standvastigheid en doorzettingsvermogen tijdens haar leven ruim gewaardeerd. Ook al omdat ze ondanks haar hoge leeftijd jong van geest was, waardoor zij een jongere generatie kunstenaars aansprak.

    Jolande Withuis, Jeanne Bieruma Oosting, biografie

    Tante met talent

    Het leven en werken van Jeanne Bieruma Oosting is in een biografie opgetekend door Jolande Withuis. Daarin is het alsof ik als lezer meekijk over de schouder van deze ‘tante met talent’, de latere ‘grande dame’ van de kunst. Dat ik haar op de hielen zit als een paparazzo, hongerend naar nieuwtjes en feitjes. Want ik wist voordat ik het boek las weinig van deze kunstenaar. Ooit heb ik de opening in 1998 van een tentoonstelling in de Oranjerie van het buiten in Oranjewoud beschreven. Deze was georganiseerd door de familie bij de 100e geboortedag van mevrouw Oosting. De eerste van de twee achternamen liet ze zelf meestal weg om meer gewoon over te komen. Het artikel dat ik toen voor de plaatselijke krant schreef liet ik beginnen met een uitspraak die van Jeanne had kunnen zijn: “ziezo, nu ben ik zeker een carnavalskraker geworden”. Maar verder dan wat beschreven stond in de uitgave die bij deze tentoonstelling verscheen ben ik in kennis van haar levensgeschiedenis als mens en kunstenaar niet gekomen.

    Mijn artikel lees ik er nog eens op na en zie dat Jeanne Bieruma Oosting toen werd omschreven als “vitale en sterke persoonlijkheid, zeer geïnteresseerd in de familie. Ze was warm en hartelijk, bij de tijd en we merkten niets van enige artistieke poeha. (…) Ze trouwde met de kunst en had zeker geen onvruchtbaar leven. Ze heeft in de kunst vele kinderen verwekt.” Deze woorden tekende ik op uit de monden van een lid van de familie en de voorzitter van de Jeanne Oosting Stichting tijdens ieders inleiding. De stichting was door de kunstenaar zelf in het leven geroepen om jonge kunstenaars in de figuratieve stijl te stimuleren.

    Jolande Withuis

    Schrijfster en sociologe Withuis is zo diepgaand in het wezen Jeanne Bieruma Oosting gedoken dat haar beschrijving wel volkomen moet zijn. Een afgerond leven in ruim 400 bladzijden. Zodat er vrijwel geen geheimen meer opduiken, geen roddels meer gezegd en gezwegen kunnen worden en er nergens nog loshangende draadjes zijn. De biografe is niet over één nacht ijs gegaan en heeft alle archieven en literatuur, die over dit onderwerp voorhanden was en kon worden gevonden, doorgenomen om mij een compleet verhaal van het leven van deze enigszins vergeten Nederlandse kunstenaar te geven. Stapels brieven en verstuurde kaarten zijn bewaard gebleven, want in een periode nog zonder computer en met minder gebruik van de telefoon is een geschreven correspondentie noodzaak om contact te houden. Jeanne was een fanatiek briefschrijver en bewaarde de epistels zorgvuldig. Daardoor kan een puzzel van haar leven uitgelegd worden, waarvan vrijwel geen enkel stukje is kwijt geraakt. Voor Jolande Withuis gingen veel kasten, dozen en boeken open. Drie jaar lang mocht ze schatgraven om het leven van deze vrijgevochten kunstenaar naar boven te halen. Van iedereen kreeg ze volledige medewerking bij haar documentatie. De vele noten, bronnen en de bilbiografie achterin de uitgave bewijzen deze grondige bestudering. Zo is er welhaast een dagboek ontstaan, zo gedetailleerd is het leven van deze Bieruma Oosting op papier gezet.

    Jolande Withuis, Jeanne Bieruma Oosting, biografie

    Door de biografie leer ik de mens achter de kunst kennen. Maar leer ik ook haar kunst beter kennen. Het hoe en waarom. Wie ze was en waardoor ze zo geworden is. Haar jonge jaren die ze in weelde doorbracht, omdat de familie vermogend was. De tegenwerking om haar leven te leiden zoals zij dat wilde. Het slechte contact met vader, die haar het leven zuur maakte. Maar ook moeder en zus. En de broer die zwak van geest en gestel was en naar de wet van de adel leefde als god in Frankrijk. Jeanne was daar wars van. Ze probeerde zich te ontworstelen aan dat milieu. Haar dierbare contacten zaten daarom in de kunstwereld, tussen schilders, beeldhouwers, dichters en schrijvers. Daarmee kon ze communiceren. Haar ‘eigen’ mensen spraken nauwelijks waardering uit en dat heeft haar een leven lang dwars gezeten. Na de zelf gekozen dood van haar vader veranderde de sfeer tussen Jeanne en haar moeder echter wel. De kinderen en kleinkinderen van haar zus hadden haar warme belangstelling, voornamelijk vanwege het feit dat ze zelf geen kinderen had.

    Gelijke rechten

    Op hoge leeftijd echode de afkomst en de weerstand in haar doen en laten door. Ze was er niet klaar mee, ondanks omzwervingen in leven en werken, de ontmoetingen met gelijkgestemden, de erkenning van kunstkenners en publiek voor haar werk. De strijd bleef knagen en scheen voor haar verloren te zijn. Maar niets bleek minder waar, want Jeanne Bieruma Oosting heeft veel en goed werk nagelaten. Dat werk komt nu weer volop in de belangstelling, nadat het decennia lang vrijwel ongezien is gebleven. Tijdens haar leven stond haar kunst en naam hoog aangeschreven, maar na haar dood ebde deze belangstelling voor haar werk echter weg. 

    Naar aanleiding van het verschijnen van het boek van Jolande Withuis zal het werk van Jeanne Bieruma Oosting op diverse plekken in het land worden tentoongesteld. Onder meer in Museum Belvédère, Gemeentemuseum Maassluis en Museum Staal Almen. Met de biografische uitgave “Geen tijd verliezen” kan ik opnieuw kennis maken met de mens als kunstenaar. En in de op handen zijnde tentoonstellingen in het kader van “de zomer van Jeanne” met de kunst van deze mens. Het boek is een aanrader, doordat het een afgerond leven beschrijft. Maar ook doordat de relaties aan de zijlijn een gedegen omschrijving krijgen. Interessant is ook de inzage die gegeven wordt in het leven in de zogenoemde adelstand, althans het doen en laten van de voorname families in het begin van de twintigste eeuw. De strijd van de vrouw om gelijke rechten wordt ook aangestipt. Derhalve is de uitgave niet enkel een levensroman, maar ook een geschiedenisboek. Een echte topper, vijf sterren wat mij betreft.

    Geen tijd verliezen, Jeanne Bieruma Oosting, 1898-1994. Jolande Withuis. De Bezige Bij, 2e druk 2021.

    Jolande Withuis, Jeanne Bieruma Oosting, biografie