In het stille hart van tentoonstelling Nevels in Museum Heerenveen staat een bank tussen vitrage. In het vierkant ben je min of meer afgesloten van de ruimte wanneer je daar plaats neemt. Je kunt er als bezoeker ervaren hoe klein de wereld wordt wanneer de mist opzet. Een muur van nevel ontneemt een weide blik. Een ragfijne stof probeert dat effect te bereiken. Volgens het museum laten de getoonde schilderijen het mysterie van het landschap zien. Echter is het mysterie in het landschap. Kunstenaars verbergen de omgeving in composities. Want niet dat landschap heeft een geheim, het is de nevel die het mysterie maakt. De realiteit wordt er abstract, de ogen bedrogen.

Die vitrage is een aardige vondst om de nevel na te bootsen. De bezoeker te laten denken in een mistige omgeving te zijn. Dit natuurlijke fenomeen in deze situatie te ondervinden als completering van de tentoonstelling. Echter beter was het de ruimte met een rookmachine daadwerkelijk in nevels te hullen. Dat ik welhaast op de tast de kunst moet vinden. Dan had de ondertitel van Nevels het mysterie van de tentoonstelling kunnen zijn, of die van de kunst. Dan maakt de nevel een alternatieve werkelijkheid. Je ziet niet wat je weet. De mist hult de waarheid in nevelen. De wereld is op dat moment onherkenbaar en herinnert aan niets. Een parallel universum.
Landschap blijft een duidelijk uitgangspunt
Veelal legt de morgendauw een lichte deken over de velden. Witte wieven onttrekken zich van de sloten en greppels en dwalen over de weilanden. Over de wereld ligt een witte waas waar een enkele koeiensnuit nat en glinsterend uit tevoorschijn komt. Het opstaan van de dag is in nevelen gehuld. De nacht legt zich te ruste. En in de avond voltrekt zich eenzelfde mysterie, maar dan omgekeerd. De witte wieven zoeken het water weer op. De nacht trekt de dag een jas aan. Beide dagwendes leggen een raadselachtige sfeer over de atmosfeer. Beide momenten in een etmaal zijn raadselachtig. Even geheimzinnig als wanneer de mist overdag de omgeving intrekt. Om maar niet te spreken van de nacht, dan is de wereld echt onberekenbaar.

De in de tentoonstelling ‘Nevels‘ getoonde schilderijen hebben alle die raadselachtige impact. Veelal is de omgeving er abstract in weergegeven. Meestal blijft het landschap echter een duidelijk uitgangspunt. De contouren van de inspiratie zijn zichtbaar. Hoewel het soms schimmen zijn van de werkelijkheid. Natuurlijk is Willem van Althuis daar een meester in, om het landschap te vereenvoudigen tot enkele kleuren. Het lijken abstracte composities, maar het zijn fotorealistische schilderijen. Zo oogt de wereld op een mistig moment. Precies zo. Wanneer het zicht slechts een meter of vijftig is denk ik aan Willem: een Van Althuis landschap. De stilte overvalt je dan, of nee, de stilte valt in. Ik baad me in een bad van rust.
Grensgebieden
Die rust en stilte ligt ten grondslag aan de werken van Christiaan Kuitwaard. In zijn gezichten vertraagt hij de tijd. Of eigenlijk laat hij de tijd weg. Het krijgt geen vat op zijn werk. In de pinhole fotografie van Janne Heida staat de tijd ook stil. Want dat is wat je doet als fotograaf, een moment uit de tijd nemen. De klok stopt met tikken, het ogenblik blijft de blik in die ene tel. Door het sleutelgat kijkend wordt de wereld net zo klein als wanneer de nevel de tijd opslokt. Op zijn zwerftochten heeft Wiebe Knobbe halt gehouden en stil gestaan. Hij heeft het landschap geproefd en de smaak ervan op papier gezet. Net als Van Althuis deed heeft Knobbe al de overbodige ruis weg gelaten en alleen de essentie over gehouden.

Ook Sjoerd de Vries zwierf door het landschap. Op zijn lange voettochten deed hij veel indrukken op, die hij thuis in gelaagd karton kerfde. Dicht bij huis documenteerde hij natuurgebied De Deelen. Hij gaf verslag van zijn gevoel in die omgeving, waardoor het gezicht eigenlijk in abstracte zin realistisch is. Marije Bouman heeft de gave om de kern van het landschap te raken. In aquarel of met gemengde techniek maakt zij grensgebieden. Op de scheiding tussen waarneming en gedachte verbeeldt zij een niemandsland. Een gebied waar de tijd geen vat op heeft, het is er tijdloos. Een inkijk op de eeuwigheid.
Nevel is: nog bijna
Rabbo Ploeger is dan wat een vreemde eend in deze bijt. Waarheidsgetrouw plaatst hij een drietal panden langs het Breedpad. De nevel stijgt op uit de Kolk. De lucht kleurt dreigend. Het is zoals het is, er is niets weggelaten of toegevoegd. Op deze manier kun je het centrum van Heerenveen ervaren. De tijd staal stil, er heerst rust. De eend is toch niet zo vreemd als dat hij zich voordoet.

Voor het museum is het minder waardevol, maar voor mijn verblijf tijdens de tentoonstelling een nuttige bijkomstigheid dat er geen andere bezoekers zijn. Zo kan ik goed de sfeer pakken van die welke de kunstenaars mij willen overbrengen door hun werk. In de serene kalmte van de ruimte tref ik het juiste moment mij in te leven. De stemming te ondergaan die is vastgelegd op doek of papier. Herman de Coninck verwoordt mijn gedachte – nevel is: nog bijna. Zijn gedicht is groot geprojecteerd op één van de wanden. Zit ik in de witte sluier op de zwarte bank kan ik mij mystieke klanken laten horen. Van Astropolit vertelt de tentoonstellingsfolder wervend. Vast heel stemmig, ongetwijfeld, maar ik doe dat maar niet. Het geluid van de stilte vind ik meer passen bij deze omfloerste kunst.
Nevels. Mysterie van het landschap. Groepstentoonstelling werken van Wiebe Knobbe, Willem van Althuis, Christiaan Kuitwaard, Sjoerd de Vries, Marije Bouman, Janne Heida en Rabbo Ploeger. Bij Museum Heerenveen, Minckelersstraat 11 in Heerenveen. Van 23 september 2023 tot en met 14 januari 2024.
