Tag: objecten

  • Hut in het bos als wijkplaats in de natuur

    Een wondere wereld is het, die ik binnenga in Museum Galerie Heerenveen, op dit moment. Een mysterieus bos betreed ik, een magisch woud. Maar is het wel een boomgaard dat ik zie, een veld met oprijzend gewas. Ik kijk in de donkerte van de duisternis, de nachtelijke uren waarin de betovering van het onzichtbare op een hoogtepunt is. Want er is niets te zien achter de stakerige boomstammen, zo zolang het niet wordt aangelicht. Zo zolang er geen lichtpunt is die de omgeving waarneembaar maakt. Rob Regeer ontsteekt daarom een licht op dat schijnt vanuit een verborgen bron in zijn donkere werken. Is dit het heldere licht van een volle maan of de jager met zaklamp op zoek naar een prooi, jongelui die gedropt zijn en verbeten een uitweg zoeken. Het geeft althans een onwerkelijke sfeer, zet een surrealistische werkelijkheid.

    Yin en yang

    In dat decor spelen oranje stippen een bijrol waar een eenzaam huis de dubieuze hoofdrol krijgt toegeschreven. Die oplichtende punten lijken vuurvliegjes, die het licht van de dag aten om het uit te spuwen in de nacht. Het daglicht klinkt zo door in de nachtelijke duisternis. Yin en yang. Maar het blijken geen puntjes te zijn, maar putjes in de compositie. Wie het werk tot op armlengte nadert ontdekt dat de schildering eigenlijk een reliëf is. De materie ligt dik op het doek. De stammen verheffen zich waarin de putjes verf zich verlagen. De vuurvliegjes blijken kleine klankschalen. Het licht echoot zo geluidloos door het bomenbos.

    Die hoogdruk in de verflaag geeft de sfeer een werkelijk voelbare diepte. Het is geen geschilderd perspectief, maar een opgelegde tastbare derde dimensie. Regeer laat overigens geen vergezicht zien, de omgeving is plat tweedimensionaal weergegeven. Er is geen doorkijk naar een einder. Maar door te werken in beeldverhoging en met zichtverlaging wordt een natuurlijke ruimte gecreëerd. Een vierde dimensie is gemaakt door kleurspeling en lichtverhouding. In deze ruimte komt alles samen, voert het gevoel de boventoon. Is de werkelijkheid abstract, versimpeld de realiteit. In de derde worden vragen gesteld die in de vierde dimensie lijken beantwoord.

    Leeg en onwerkelijk

    Regeer maakt niet zomaar ondefinieerbare platen van de realiteit. De kunstenaar wil mijn verbeelding prikkelen door ongerijmde voorstellingen te maken. Mij op een verkeerd been zetten zodat ik ga nadenken over wat ik zie. Mij ga bezinnen op de actualiteit. Maar eerlijk gezegd zie ik het wereldnieuws en de huidige problemen in het ecosysteem niet terug in zijn betrekkelijke schoonheid. De hut in het bos schept vooral een unheimisch gevoel, maar misschien is dat juist ook wel het moment van bezinnen. Nadenken over hoe leeg en onwerkelijk de werkelijkheid straks zal zijn, wanneer wij niets doen aan de afbraak van de natuur door ons toedoen. Want het bos van Regeer is ontbladerd, zelfs kijk ik wel dwars door stammen heen. De afbraak heeft hij in zijn schilderijen ingezet. En daarin huist de mens in  een gezellig aangelichte sfeer in een huisje midden in het bos. Als een Bijbelse Noach, van God verlaten maar toch zo dicht bij het antwoord op de vraag.

    Regeer verheerlijkt deze verlatenheid door de intieme toevlucht, het huiselijke asiel, meermalen in 24-delig tableau te plaatsen. Voortdurend hetzelfde huis van onder gezien, in een gewijzigde kleurstelling en een helder tot duister licht. De aldoor veranderende weersomstandigheid ter plaatse. Een eenvoudige opzet die zich telkens herhaalt, een weerklinkende sfeer. Diezelfde optrek komt terug in andere hoedanigheid met een meer uitgewerkte omgeving. Maar aldoor blijft het vreemde en vage gevoel. Het is wel een wijkplaats, maar je weet niet wat je kunt verwachten van de inhoud. Wat daarbinnen achter dat verlichte venster zich afspeelt blijft de vraag. Zo stelt Regeer in zijn werk vragen die onbeantwoord blijven. De oplossing moet ik zelf aangeven. Zo zoals dat meestal werkt in en door een kunstwerk. De beschouwer geeft bescheid.

    Ruimtelijke bouwwerken

    Een apart onderdeel in deze opstelling bij Museum Galerie Heerenveen is het plateau met ruimtelijke bouwwerken in MDF. Op klein formaat zijn deze huizen modellen van hutten en kappellen. Onderkomens belangrijk in de omgeving van Kellerjoch in Oostenrijk. Voor Regeer ter inspiratie een geliefde plek. In de bergen en door de bossen. Om de sfeer raak te treffen was het voor hem niet genoeg enkel de omgeving weer te geven op het geschilderde vlak, maar wilde hij ook de ruimte in. Daarvan is het dorp de weerslag. Zijn dorp, het Regeer. Aldus wordt de bezoeker van deze kunstruimte de wereld van Rob Regeer in getrokken. Ervaart de schoonheid die niet schijnt te kloppen. De verbeelding krijgt er de ruimte zich te uiten. Het werk ontroerd op een onbestemde manier. Het past esthetisch juist, maar achter die luister klinkt een duister geluid. Het gebeelde mysterie is onheilspellend.

    Expositie “Into the Woods”. Schilderijen en ruimtelijk werk van Rob Regeer bij Museum Galerie Heerenveen (MUGA), Minckelersstraat 11 in Heerenveen. 24 maart tot en met 5 mei 2024.

  • Het onvoltooide voltooide leven in Museum Galerie Heerenveen

    Een leven is niet volmaakt. Er is altijd wel een rafelrand aan. Op een gebrekkige manier is geluk volmaakt. Een paradox. Gescheurd en afgebroken, gelukkig en compleet. Het wezen kan ondanks alles blijmoedig zijn. Wanneer de een tegen de ander wordt afgezet, het hier tegen het daar, wordt dat gebrek bitter duidelijk. Maar blijft men bij zichzelf, je hebt het toch uiteindelijk alleen met jezelf te doen, dan kan naar omstandigheden dat leven volmaakt zijn. Echter is het niet, meer werkelijk zal het niet worden. Ja, misschien in de Hof van Eden nog voordat de mens wist van goed en kwaad. Echter ook toen was het leven niet volmaakt. Nieuwsgierige hebberigheid speelde de mens parten. De eerste rafelrand werd onomkeerbaar afgestraft. Berouw werd niet beloond. Vergeving was er niet. Het oppermachtige wezen kende geen genade. Eens een dief altijd een dief. Het leven is daarna nooit meer volmaakt te noemen.

    Een leven kan wel voltooid zijn. Althans kan degene die dat leven leidt dat veronderstellen. Wanneer is een leven voltooid en op welk moment stelt men dat vast. In ieder stadium kan voltooiing zijn. Maar wie beslist dat. Net zo dubieus als niemand kan bepalen wat een volmaakt leven is. Je kunt lijden en toch liefhebben, dat is de essentie van het wezen. De persoon in depressie kan het leven op dat moment als voltooid zien, omdat men niet verder kan – het is af, het is klaar, men is er klaar mee. De persoon in diepe ziekte of groot gebrek kan het leven als afgerond zien, omdat men niet verder wil – het is af, het is klaar, men is er klaar mee. Het figuur met lichamelijk of geestelijk gebrek kan het leven volmaakt beleven op dat persoonlijk niveau. Terwijl het bij wijze van spreken normale leven van zichzelf overtuigt is volmaakt te zijn.

    Geschonden en gebroken

    In haar keramische werken probeert Helmie Brugman een antwoord te vinden op welk moment, in welke pose, een mens volmaakt is. Echter dat antwoord is niet eenvoudig vast te stellen. Zij beeldt in haar objecten jonge mensen af, ongerepte lichamen. In lijf en leden kinderen nog. Dat vroege leven wordt door ouderen gezien als volmaakt, althans nog ongeschonden – het moet het leven nog leren. Maar toch zijn de figuren van Brugman in dit stadium ook al geschonden en gebroken. Of zie ik het anders, dat ze nog niet vol gemaakt zijn – nog niet af zijn, dat er nog aan wordt gebouwd, dat het in de groei is. Dat toont Brugman bijvoorbeeld in de installatie “under construction”, op welke manier de schepper te werk gaat in het atelier. Dat de verschillende delen aan elkaar gepast worden. Het bouwwerk in samenstelling een steun in de rug nodig heeft. De installatie is de kraamkamer van de schepping.

    Wat al wel klaar lijkt is het gelaat. De gezichten zijn gevormd met delicate belijning en een tedere oogopslag. Maar de blik kijkt meestentijds langs mij heen. Ik krijg geen werkelijk contact met de figuren. Er is geen communicatie, de personen worden nergens persoonlijk. Ze blijven in zichzelf gekeerd en beleven de onvolmaaktheid als volmaakt. Wel willen ze bekeken worden¸ gezien worden: look at me. Maar alle ogen lijken verlegen afgewend. Slechts een enkel gezicht durft mij recht in het gezicht aan te kijken. Die koppen idealiseren het leven, terwijl de gebroken lijven de maakbaarheid van het zijn in overweging nemen. Afwijkingen ontroeren, terwijl wij onszelf volmaakt willen vormen. Wat een tegenstelling. Met dat contrast werkt Brugman. Dat is haar inspiratie. Ze schijnt haar beelden niet alle met zorg gemaakt te hebben. Maar dat is geenszins het geval, lijkt me. Ze heeft met aandacht juist de vervormingen tijdens het werkproces gestuurd. Om reden haar verhaal van voltooid gebrek te kunnen waarmaken. Te duiden aan mij, aan de bezoeker van de duo-tentoonstelling in Museum Galerie Heerenveen.

    Grotesk verkleinde wereldsmart

    De expositie wordt gecompleteerd met het expressieve werk van Marty Poorter. Zij gaat in haar schilderijen niet voor schoonheid. Het lijden van de mens is meestal ook niet om aan te zien. Afkerig en afkeurend wenden wij onze blikken af. Kwelling is marteling, doodsstrijd geeft geen prettig gezicht. Poorter laat mijn blik echter niet afleiden, door haar manier van afbeelden schept ze aandacht. Door haar portretten wordt de pijn abstract en schijnt het lijden verheerlijkt te worden. De emotionele levendigheid in de schilderijen is echter geen vorm van sadisme, maar meer een teken van zelfkastijding. Een van zich af schrijven, of eigenlijk uit tekenen, het doormaken en doorstaan van een groots aards gebeuren. Grotesk verkleinde wereldsmart. In de portretten van Poorter ligt een veel omvattend lijden verborgen, grootser nog dan de enkele persoon die is afgebeeld. Kinderlijk volwassen probeert ze in de werken die omvangrijke kommer en kwel te doorgronden. Want juist in onschuld schuilt het ware weten, het onderkennen van het ongrijpbare, het onbegrijpelijke. Je kunt liefhebben en toch lijden, dat is leven!

    Die onschuld ligt vooral besloten in het afbeelden van dieren. De honden vooral zijn aangewezen op onze wil en geweten. Hen treft geen blaam. De enige schuldenlast die ze kunnen hebben is door de mens hen in gegeven, omdat het dier op de mens is aangewezen, afhankelijk is. Door deze figuren in haar werk in te brengen raakt de betekenis ervan figuurlijk gelaagd. Fysiek is het gelaagd door beschilderd karton en papier op het linnen te plakken. Wel vast te plakken met schildertape. Het maakt het werk een dimensie levendiger en meer speels waardoor de boodschap in feite minder hard aankomt. De enkele getoonde droge naald etsen duiden nog krachtiger dat verhaal van pijn en lijden.

    Zo is het plaatje rond. Met de onvoltooide voltooide werken van Helmie Brugman en de expressionistisch abstracte schilderijen van Marty Poorter. Het is geen prettig onderwerp waar beide kunstenaars zich over buigen. Maar de manier waarop het is verbeeld raakt het de emotie. Zet het aan tot nadenken, overdenken, beschouwen. Omdat liefhebben en lijden leven is.

    Expositie “Liefhebben en lijden is leven”, ruimtelijke werken van Helmie Brugman en schilderijen en grafiek van Marty Poorter. Bij Museum Galerie Heerenveen, Minckelersstraat 11 in Heerenveen. Van 8 oktober tot en met 19 november 2023.