Tag: Oliver Zybok

  • De wolk en het licht als dynamische inspiratie

    Jezelf als kunstenaar te vereenzelvigen met je onderwerp. Daardoor kun jij je helemaal inleven in wat en wie het uit te beelden iets of persoon is. Dezelfde angsten en wrevel doorvoelen. Hetzelfde natuurlijke geweld doorstaan. Niet kijken naar die of dat als buitenstaander, als beschouwer, maar één proberen te zijn met waar men voor staat om te vereeuwigen. Het gevoel en de emotie worden van de kunstenaar. Om te kunnen beelden, af te beelden – uit te beelden, is die vorm de zijne, of de hare. Is dat volume zijn of haar kracht. Andersom gesteld neemt de kunstenaar zichzelf door de ander, door het andere, mee in het beeldende werk.

    Sebastiaan Spit is zo’n kunstenaar. Hij heeft de durf en het bravoure één te worden met zijn fascinatie. Dat zijn wolken als natuurlijk materiaal, dat is jazz als geïmproviseerde muziek. Hij heeft de durf een wolk te worden. Dat is niet wezenlijk een wolk zijn, een stuk waterdamp, een mistflard, een nevel. Maar de dynamiek van een wolk te hebben, het veranderlijke karakter, het beweeglijke zijn. Ieder moment een ander voorkomen en gewijzigde vorm hebben, maken. Zo in beweging te zijn dat je fysiek onherkenbaar bent. Nu zo, straks anders. Als de voor de vuist weg gemaakte compositie in de jazzmuziek, het spontaan ter plekke creëren van een concept, een instrumentale song waarin iedere speler een inbreng heeft, elk element ertoe doet. De noten nooit vervolgens op dezelfde rij klinken en worden gespeeld als tijdens dat optreden, die repetitie. Het zal altijd anders zijn, net als de wolk dat is. Er is niets uitgeschreven, er staat nauwelijks iets vast. Elke keer weer laten de muzikanten een ander licht schijnen op de compositie.

    Sebastiaan Spit, Van Spijk Art Books

    Het is het licht dat hij probeert te vangen

    Sebastiaan Spit als schilder fixeert het moment op doek, die ene wolk, dat enkele licht. Terwijl de jazzmuzikant, bijvoorbeeld Miles Davis waardoor Spit zich laat inspireren, juist geen enkel moment vastlegt. Zijn fascinatie improviseert, terwijl die improvisatie in verf verstijft. Maar Spit maakt dan wel een hele serie werken van een bepaald ogenblik, een bepaalde plek zonder deze te duiden. Maar het gaat hem wel altijd om die ene wolk, om een onuitwisbare herinnering aan een specifiek licht. In de serie is door de onderlinge werken afzonderlijk te beschouwen de beweging te herkennen. Vooral door een wijzigende lichtinval. Licht is ongrijpbaar, wolken zijn dat ook. De wolk op zich is niet als zodanig waar te nemen in de schilderijen van Spit. Het is het licht dat hij probeert te vangen. Dat is wat ik ontwaar, die realiteit ontdek ik, het licht dat breekt in een scala aan tinten, een waaier van kleuren die op een expressieve manier op de drager zijn gezet.

    Sebastiaan Spit, Van Spijk Art Books

    Voor de nieuwste uitgave, waarin Spit zijn tijd van de laatste drie jaar in beeld stilzet, heeft schrijver Mischa Andriessen zich gebogen over dit werk dat de kracht en spanning heeft van een jazzcompositie. Het opschrift van zijn essay is de titel van het boek: De durf een wolk te worden. Andriessen haalt Miles Davis als kracht voor het werk van Spit voor het voetlicht. In de compositie Bitches’ Brew, van het gelijknamige baanbrekende en fascinerende album, speelt Davis een eerste schijnbaar technisch foute noot, een zogenoemde kicks, een dwarrelnoot. Naar het idee van deze schrijver is Spit in zijn schilderkunst ook steeds op zoek naar zo’n kicks: “naar het ogenblik waar de penseel zijn wil oplegt aan de schilder in plaats van omgekeerd. Het moment waarop het kunstwerk de kunstenaar een lesje leert.” Dat is naar Andriessens idee essentieel in kunst; werken vanuit de wil tot begrijpen, niet vanuit het begrijpen zelf. “Het is al doende leren en per definitie leer je iets dat je nog niet wist.” Maar Spit rommelt niet zomaar wat aan vindt Andriessen, hij blijft zich lange tijd standvastig met dezelfde thematiek bezig houden. In dit geval die van de complexiteit van het licht gebroken in en door waterdamp van wolken. Van het uitbeelden van die lichtervaring schuiven zijn uitdrukkingen naar het verbeelden van de ervaring.

    Sebastiaan Spit, Van Spijk Art Books

    Het licht op zijn doeken is diffuus

    Het zijn nooit geheel abstracte schilderijen die Spit maakt. Met doortastend kijken blijft hij dicht bij de zintuiglijke werkelijkheid. Door gedegen onderzoek van wat voorgangers in de kunst met licht in hun werk hebben gedaan, komt hij tot een eigen welhaast superrealistische duiding. Geen verstart fotorealisme, want de cameralens kan het licht niet vangen zoals het oog dat wel doet. Het licht op zijn doeken is diffuus, alsof er een druilerige wolk voor de zon schuift. Het werk is gelaagd, zoals ook het wolkendek diverse dimensies kent. Het interpreteren van een enkel beeld, een specifiek moment, is welkhaast oneindig. “Ergens is het net als met de ervaring van licht, doe één stap opzij en je ziet dat wat je ziet niet meer volledig als wat je zo-even zag, is.

    Ook Oliver Zybok keek naar het werk van Sebastiaan Spit en legt dezelfde link met de jazz-muziek. En zet Spit moeiteloos in de kunstgeschiedenis als schilder van het Noordzeelicht dat universeel op elke plek en ieder moment kan schijnen. Natuurlijk heeft de kunstenaar voorbeelden, of althans voorgangers die hem inspireren en die hij kan interpreteren. Maar toch gaat hi,j ondanks wat al voor hem op doek is gezet aan licht, een eigen beschenen weg. Zybok haalt hierbij Piet Mondriaan aan, die zich in zijn vroege landschappen evenals Sebastiaan Spit liet beïnvloeden door het schilderlicht van de Haagse School. Een andere overeenkomst is dat beide kunstenaars een fascinatie hebben voor muziek en dit laten doorwerken in hun beider kunstuitingen.

    Sebastiaan Spit, Van Spijk Art Books

    Onbewust beweegt het penseel

    In zijn essay ‘Das Ausloten von Realitäten’ voor het boek over Spit en zijn werken beschrijft Zybok nog hoe mensen schilderijen bekijken. Dat ze onderscheid maken tussen realisme en abstractie, en daarbij over het algemeen een meer dan lichte voorkeur geven aan de werkelijkheid. “Das Reduktive erschwert einen direkten Wiedererkennungswert, ist aber deswegen nicht weniger realistisch.” Voor de werkelijkheid en de versimpeling daarvan liggen gelijkmatig dezelfde beelden ten grondslag, realisme en abstractie gaan beide uit van de natuur en de omgeving. Dat is wat Sebastiaan Spit samenbrengt in zijn werk, de werkelijkheid op een versimpelde manier, de abstractie in realisme weergegeven. Zybok roemt het werk van Spit als een duidelijk gestructureerde vlakheid, niet monochroom maar gelaagd. Onderliggende kleuren schijnen in de structuur door wat een rijk geschakeerde intensiteit geeft. Het is een emotie die Spit neerzet, het gevoel bij die plaats en dat licht, het zien van deze wolk en dat schijnsel. Zo zoals Miles Davis zijn gevoel onder woorden brengt of beter uit noten zet in zijn meest geïmproviseerde muziek. Intuïtief stroomt de melodie, onbewust beweegt het penseel. In beide kunsten abstraheert de werkelijkheid zich tot zintuiglijke indrukken, een sfeerbeeld. Visueel door licht en landschap, akoestisch in de muziek. Het komt samen in de composities van Sebastiaan Spit. “Er lotet dabei diverse Wahrnehmungsstufen aus, untersucht die Vielzahl an Realitätsebenen; mit ein und der selben Formensprache.

    De durf een wolk te worden. Sebastiaan Spit. Tekst Mischa Andriessen, Oliver Zybok. Tweetalige uitgave Van Spijk Art Books in samenwerking met Galerie Mia Joosten en Galerie Jörg Schuhmacher, 2023.

    Sebastiaan Spit, Van Spijk Art Books