Tag: Piet Mondriaan

  • Schilderen voor een betere wereld

    De graphic novel “Een betere wereld” behandelt de laatste 11 jaar van Piet Mondriaan, een kunstenaarsleven. Een dwarsdoorsnede waarin ik zie en lees hoe hij worstelde met zijn overtuiging dat kunst de wereld kan helpen beter worden. Vooral was de kunstschilder van stellige mening dat zijn neoplasticisme, de nieuwe beelding, de mensen aan elkaar kon verbinden om daarmee een leefbaarder aarde te scheppen. Tekenaar Erik de Graaf heeft Mondriaans levensdeel van 30 januari 1933 tot aan zijn sterfdatum 1 februari 1944 uitgetekend in een beeldverhaal. Daarin is het beeld de vertelling en zijn de tekstballonnen de ondertiteling van gebeurtenissen. In een klare lijn en met duidelijke vlakverdeling neemt De Graaf mij mee door die jaren. Het leest en bekijkt als een gefilmde documentaire. De Graaf zoomt in op emoties, maakt de spanning van de naderende oorlog zichtbaar en toont de werklust van de kunstenaar.

    Het is een gedramatiseerd verhaal gebaseerd op de werkelijkheid. Feiten en personages zijn geen fantasie. Elke gelijkenis met bestaande personen of gebeurtenissen berust geenszins op louter toeval. Bijrollen en figuranten zijn als mensen uit de kenniskring van de hoofdrolspeler na te trekken. De dialogen zoals deze zijn verwoord zullen waarschijnlijk niet letterlijk zo hebben geklonken, deze worden door de acteurs volgens het script gespeeld en kunnen zo naar waarheid gesproken zijn. De Graaf heeft zich goed ingelezen in leven en werken van Mondriaan om historisch gezien het juiste spoor te volgen. Na het beeldverhaal is in het boek integraal het essay ‘Toward the true vision of reality’ van Piet Mondriaan afgedrukt. In dit pamflet blikt hij terug op de ontwikkeling die hij als kunstenaar doormaakte. Mondriaans visie op de kunst en een betere wereld wordt toegelicht door Wietse Coppes. Een informatief artikel waarin de figuur Mondriaan is beschreven, zijn opvatting historisch gezien staat uitgelegd, de kunst een nieuwe beelding krijgt, de filosofie achter de abstracte kunst vorm heeft: de kunst als voorbeeld voor de ideale samenleving. Een toegevoegde literatuurlijst zet mij aan om meer te lezen over deze bijzondere kunstenaar, een lijst die tevens als voedingsbodem voor het beeldverhaal zal hebben gediend.

    In vrijheid werken

    Niet alleen is in de tekeningen aandacht besteed aan waarheidsgetrouwe weergaven, ook geeft de inkleuring een reële versie van gemoedstoestanden, emoties zijn letterlijk af te lezen. Zo is de dreiging van en zijn gebeurtenissen in de oorlog op zwarte bladzijden en in grijzen afgedrukt. Het leven is dan wel weer tussendoor in de afgepaste kleuring Mondriaan zo eigen weergegeven. Vrijwel ieder detail in deze strip van Erik de Graaf heeft meer dan een kern van waarheid. De mimiek van de kunstenaar in het bijzonder en die van zijn vrienden vooral spreken boekdelen en tot de verbeelding. De gezichten zijn tot de essentie versimpeld, maar aan de uitdrukkingen is extra zorg besteed. Ook de decors zijn tot op de punt en komma, tot lijn en vlak helder en echt. Ook daar heeft de tekenaar zich op in gekeken en na gelezen om architectuur en attributen naar waarheid en zo natuurgetrouw mogelijk weer te geven. Echter altijd in de klare lijn om al teveel bijkomstigheden en afleidingen in de platen te vermijden. Mondriaan zelf zou stellig blij zijn met een dergelijke uitbeelding van zijn doen en laten. Het is helemaal in de stijl van de grote meester. In het beeldverhaal is uiteraard veel aandacht voor de kunst naast de beslommeringen van de kunstenaar. De Graaf weet Mondriaans composities uitstekend te reproduceren. Niet alleen in de definitieve vorm zoals deze alom bekend zijn, maar tevens in de stadia dat Mondriaan er aan heeft gewerkt.

    De kunstenaar wil in vrijheid kunnen werken om zijn filosofie in beeld te brengen. Hij is van mening dat harmonie in de kunst zal leiden tot een maatschappij met evenwichtige verhoudingen. Deze zienswijze roert de strip aan in een vergeelde proloog, opgetekend eind 1919 in Laren. Door de tekstballonnen zie ik het hem peinzend zeggen, de blik verstopt achter verhullende brillenglazen: “gezondheid en geluk zullen bloeien, er zal geen oorlog en geweld zijn, mensen zullen gelukkiger zijn”. Een welhaast profetische voorspelling, een messiaanse belofte. Maar hoe anders zal het lopen, de tijd heeft het ons geleerd. Hitler komt aan de macht, de tweede wereldoorlog klopt aan de deur en Mondriaan zoekt de vrijheid eerst in Engeland en reist later door naar Amerika. Ondertussen werkt hij gestadig door aan het statement in zijn oeuvre. Echter gaat het hem niet om veel schilderijen te maken, maar om een schilderij goed te maken. En zo volg ik door de tekeningen van De Graaf de worsteling van Mondriaan met het correct in beeld brengen van zijn overtuiging. De schilderijen worden steeds meer uitgekleed – ontdaan van storende elementen – en somber van lijnvoering om het wezenlijke in de kern te raken. Pas in New York voelt hij zich vrij en uitgelaten om meer vrolijk en kleurig werk te maken. Het blijkt naderhand het slotakkoord van de compositie die Piet Mondriaan is getiteld.

    Schildert door aan zijn levenswerk

    De stijl van tekenen, ik noemde al de klare lijn, sluit aan het karakter van de hoofdpersoon. Veel platen zijn zonder woorden, dan gaat het om kijken en aanvoelen. Zien en verstaan zoals de beeldende kunst te benaderen is. Tussen de verhaallijn geven op bepaalde momenten mensen uit de kennissenkring van Piet Mondriaan commentaar. Deze verduidelijken de handelwijze van de kunstenaar, geven ondertiteling aan zijn standpunt en filosofie. Deze getuigenissen uit de eerste hand verduidelijken de mens Mondriaan. Een compositie staat niet zomaar perfect op de drager. Mondriaan wikt en weegt. Plakt tape waar lijnen op zijn werken moeten komen om vooraf te zien wat het resultaat kan en zal zijn. Deze handelingen worden breed uitgemeten in het beeldverhaal, zodat het een kijk in de keuken – het meer dan ordelijke atelier van de schilder geeft. Want zoals de schilderijen van hem in stijl zijn zo is zijn leefomgeving en zijn leven in stijl. Hoewel de man wel een levensgenieter scheen te zijn, die van uitgaan hield. Vooral de muziek en het dansen was een hobby naast het vak. Dat hij een verstokt roker was komt in het verhaal beeldend tot uiting. Het levert hem een vervelende hoest en piepende ademhaling op.

    Maar hij komt tot arbeid, schildert door aan zijn levenswerk. Met vallen en opstaan met enthousiasme en aandrang de wereld beter te maken. Zijn recept is het neoplasticisme dat aansluit op wat daarvoor was aan stijlen en technieken. Hij vindt het niet zijn persoonlijke opvatting maar een gevolg van alle kunst, modern en oud. Zijn manier van uitdrukken is zonder figuratie om de aandacht geheel te kunnen richten op waar het werkelijk om gaat, wat hij werkelijk met zijn werk wil zeggen. “Ik heb geschoven, veranderd, weer overgeschilderd”, laat De Graaf hem begin 1939 in Londen zeggen. “Pas nu voel ik de universele schoonheid, de tijdloosheid. Het evenwicht in de vlakken… kleuren. Ik zou willen dat het met alles om ons heen zo was. Wij kunstenaars kunnen de mens de weg wijzen. Met onze werken tonen hoe evenwicht gevonden wordt tussen tegenstellingen, zodat de wereld zoveel mooier zou zijn.” Mondriaan voelde zich geroepen deze wetenschap in zijn schilderijen uit te dragen.

    Lijnen en vlakken

    Vooralsnog was hij roepende in de woestijn. De wereld van dat moment verviel in dreiging en noodlot, de oorlog brak uit en het evenwicht tussen tegenstellingen was ver te zoeken. Mondriaan kreeg nare dromen en voelde zich onveilig. Hij nam de boot om in New York rust te vinden. Die vrijheid bracht de levenslust terug. Opnieuw zette hij zich aan de aan hemzelf opgelegde missie. De metropool bracht nieuwe inzichten en minder sobere composities. Maar nog altijd bestond zijn wereld uit lijnen en vlakken, primaire kleuren. In het beeldverhaal krijgt zijn filosofie vorm en duidelijkheid. “We zouden het neoplasticisme in alle facetten van de menselijke leefomgeving moeten integreren.” Het zet Erik de Graaf ertoe een architecturale vlakverdeling en sobere maar sprekende kleurstelling te tekenen. Over twee uitklappagina’s krijgt de idee van Mondriaan geheel in stijl beeld. Het is de werkwijze van deze striptekenaar die heel nauwgezet en gedetailleerd werkt, zonder te vervallen in een teveel aan bijzonderheden die het beeld tot zoekplaat dreigen te maken. Het moet meteen duidelijk zijn wat ik zie, waar ik naar kijk, welk verhaal wordt verteld. Aan het slot is Mondriaan ernstig verzwakt en snakt naar adem. Al puffend en hijgend verdwijnt hij in zijn eigen uitgelijnde wereld.

    MONDRIAAN, een betere wereld. Een gedramatiseerd verhaal gebaseerd op het leven van Piet Mondriaan. Scenario en tekeningen Erik de Graaf. Met tekstuele bijdrage van Wietse Coppes.

    Tentoonstelling in Mondriaanhuis Amersfoort naar aanleiding van de graphic novel van Erik de Graaf. De stripauteur eert de beroemde schilder met een kleurrijk verhaal over de laatste bewogen jaren van zijn leven in Parijs, Londen en New York. Nu te zien t/m 13 april 2025.

  • Prentenboek met en over de kleine Piet Mondriaan

    Sylvia Weve schetst een vrolijk huisgezin in het prentenboek “kleine piet”. De tekeningen ondersteunen niet alleen de tekst van Bette Westera, maar leggen deze tevens uit. De illustraties zijn ondermeer losjes geïnspireerd op de beroemde geometrisch-abstracte schilderijen van Piet Mondriaan. De tekst vindt ook vrijmoedig de oorsprong in de biografie van de kunstenaar. Natuurlijk weet de schrijfster niet precies wat er daar in het jaar 1877 is voorgevallen in de huiskamer van meester Mondriaan. Maar voor een vertelling die voorgelezen kan worden aan of gelezen wordt door een kind is dat van minder belang. Westera gaat mee in de fantasie van het kind, de kleine Piet.

    Kleine Piet zit in de eerste klas van de lagere school. De lokalen bevinden zich onder zijn woonhuis, ofwel de meester woont boven de school. Vader Mondriaan is de bovenmeester, het hoofd der christelijke nationale school aan de Kortegracht te Amersfoort. Daar is tegenwoordig het Mondriaanhuis gevestigd, een museum dat het geboortehuis van Piet Mondriaan belicht en in wisselende exposities de hedendaagse kunst in relatie brengt met die van haar naamgever. Het Mondriaanhuis is de opdrachtgever van Westera en Weve om een geïllustreerd verhaal te hangen aan Piet Mondriaan, juist in het jaar dat het 150 jaar geleden is dat hij aan de Kortegracht 11 geboren is.

    Piet Mondriaan, Bette Westera, Sylvia Weve, Mondriaanhuis Amersfoort, prentenboek

    Wel, kleine Piet, leerling van zijn vader in meerdere opzichten. “Boven is papa papa, beneden is hij de meester.” In de gezellige huiskamer, waarbij de situatie wordt omschreven waardoor de lezer het kan dateren – kleine broer Willem slaapt en broertje Louis ligt als baby in de wieg. Grote zus Christien, Stientje in het boek, krijgt breiles van moeder, mama. Piet oefent op de letter L, netjes tussen de lijntjes. Verderop in de kamer werkt papa aan een schoolplaat. Vader is een all-round meester, hij kan naast taal en rekenen heel goed tekenen. Een gave die hij doorgeeft aan zijn later beroemde zoon Piet. De situatie in de huiskamer is door Sylvia Weve netjes tussen de lijnen van een Mondriaanschilderij gezet.

    En krijgt de kinderlijke fantasie vorm. De letters in schoonschrift met krullen worden dartele figuurtjes, lachende en dansende gezichten, doordat de lussen zich niets aantrekken van de lijntjes waar ze tussen horen. Daar ligt de voedingsbodem al voor de bloei van de experimenterende modernist. In het boek zetten de lussen en krullen van de letter L zich door in de steken van het breipatroon. De steken van moeders sok staan netjes op een rij, terwijl de lussen in de broddellap van dochter Stientje metaforisch alle kanten op dansen.

    Piet Mondriaan, Bette Westera, Sylvia Weve, Mondriaanhuis Amersfoort, prentenboek

    In de klas hangt papa’s de avond ervoor getekende schoolplaat, een paardenkastanje vol in blad en een ruwe bolster waaraan Piet zich in gedachten nog heeft geprikt. Papa tekent naar de natuur. Westera neemt het woord voor kleine Piet. Naar de natuur, “zo heet dat als je tekeningen heel goed lukken. De vissen en de kikkers in papa’s sloot en plas zijn net echt. Zo hoort het ook, zegt papa.” En zo doet kleine Piet het, die na de lagere school en een vervolgopleiding tekenleraar wordt aan diezelfde school van papa.

    De vissenkoppen die kleine Piet voor papa haalt als lesmateriaal bij het tekenen zetten hem aan tot fantaseren. “Wat zouden de ogen zien als ze niet dood waren?” Hij sluit zijn ogen en ziet de sloot waarin de vissen zwommen voor iemand ze ving. Hij hoort de kikkers kwaken en voelt de wind langs zijn blote benen strijken. Het riet ruist en het gras geurt. En de tekening van Weve verbeeldt die tekst van Westera fantasievol. Maar de tekening die Piet van de vissen maakt is niet welke papa voor ogen heeft. Dus moet hij wanneer de andere kinderen al naar huis zijn opnieuw beginnen aan het stilleven met dode vis. “Goed kijken, daar begint het mee.”

    Piet Mondriaan, Bette Westera, Sylvia Weve, Mondriaanhuis Amersfoort, prentenboek

    Piet gooit na afloop de koppen vanaf de brug in de stadsgracht en droomt over later wanneer hij zittend zijn benen boven het troebele water laat bungelen. Als hij groot is wil hij alleen nog maar “levende dingen schilderen, vissen met lenige lijven en dwarse koppen (…) Rode wolken, gele hemels en blauw bloeiende appelbomen.”

    Wij weten wat er van geworden is, van die vissen en die wolken, van die hemels en die appelbomen. Het is een mooi verhaal, prachtig geïllustreerd. Het werpt een ander beeld op de strenge kunstenaar met zijn vakkundige hokjesgeest. Daar waar de kunstenaar is geboren, daar waar zijn kunst is uitgevonden, daar vertelt Bette Westera haar verhaal van de kleine Piet. Het boek is getiteld “kleine piet”, met als ondertitel “grote meester”. Die grote meester is eerst nog papa, maar wordt later Piet zelf. En op het omslag staat kleine Piet bij zijn bloeiende appelboom kijkend in een gracht vol vissen.

    kleine piet, grote meester. Tekst Bette Westera, illustraties Sylvia Weve. Prentenboek uitgebracht ter ere van het 150e geboortejaar van Piet Mondriaan. Uitgave Mondriaanhuis Amersfoort, 2022.

    Piet Mondriaan, Bette Westera, Sylvia Weve, Mondriaanhuis Amersfoort, prentenboek

  • Het realisme van Piet Mondriaan

    Hij is het prototype van of de blauwdruk voor de zich ontwikkelende kunstenaar. Misschien was hij niet de eerste en enige kunstenaar die door zijn oeuvre duidelijk liet zien dat voortgang in leven en werk noodzakelijk is om tot een ander of vernieuwend inzicht te komen. De stijlwisseling lijkt een rigoureuze stap, een draai van honderdtachtig graden. Echter is het een geleidelijke groei, een langzame rijping, die de kunstkenner stapvoets kan volgen achteraf gezien. Natuurlijk zullen andere schilders net zo’n verloop in creëren hebben doorgemaakt, echter is Mondriaan daarvan een karakteristiek voorbeeld. In zijn groei en voeling van de kunst het meest herkenbaar.

    Piet Mondriaan

    Piet Mondriaan had zijn tijd mee om vernieuwend te werken, om een andere tot dan toe ongeziene weg in te slaan. De schone kunsten gingen voor wat betreft stijlen en technieken danig op de schop. Kunstenaars hadden bij wijze van spreken schoon genoeg van de klassieke opvattingen. Gaf men tot dan vooral vorm aan de gemaakte realiteit, de samengestelde werkelijkheid. Dat werd aan de academie dan ook gedoceerd. En waardoor het komt dat kunstenaars daar op uitgekeken raken heeft ook mede te maken met een verandering in de maatschappij, de evolutie van het zijn. Men wil meer vanuit het gevoel beelden, dan slechts zakelijk de dingen vakkundig op doek zetten.

    Vastleggen wat men zag, niet mooier maken dan het is

    Een deel van de kunstenaars trok daarom naar buiten om de mens in het landschap te zoeken. Interieurstukken, stillevens en portretten werden tot dan veilig volgens voorschrift en gulden snede opgezet. Maar bleven altijd theater, samengesteld, gecomponeerd – niet naar de waarheid hoewel de werkelijkheid gedetailleerd werd nagevolgd. Men trok het veld in en schetste een realiteit zonder vooropgezet plan, en plein air. Vastleggen wat men zag, niet mooier maken dan het is. In het atelier werden deze opzetten dan tot een volwaardig kunstwerk uitgewerkt. Voor hen begon de kunst zo meer te leven, omdat het landschap een voelbaar en emotioneel onderwerp werd.

    Piet Mondriaan

    Voor de grote massa die minder diep graaft in de kunstgeschiedenis, van wat ze krijgen voorgeschoteld gewoon geniet of niet, lijkt de modernist Mondriaan niets anders te doen en te kunnen dan recht toe recht aan in primaire kleuren te schilderen. De stijl kleeft aan Mondriaan zoals een hedendaagse milieuactivist zich vastlijmt aan een kunstwerk. Maar Mondriaan is meer dan dat, er is een voorgeschiedenis om zover te komen. Voordat de essentie gevat kan worden moet eerst het wezen gekend worden. Voor een schilder abstract kan werken, de realiteit tastbaar kan verlaten, moet eerst die werkelijkheid van haver tot gort gekend worden. Maar in die realiteit blijft Mondriaan niet hangen. Hij wil meer, zegt hij, “de kunst is nooit een kopie geweest van de natuur, want zulk een kopie zou niet sterk genoeg geweest zijn om menselijke emotie op te wekken” en “mijn werk begon zich los te maken van de natuurlijke verschijning van de werkelijkheid, ervaring werd mijn leermeester”.

    Piet Mondriaan

    Hij was een belezen man, Piet Mondriaan, en werd door onder meer religie en filosofie beïnvloedt. Met anderen zocht hij naar een stijl om de realiteit terug te brengen tot de essentie. Maar eerst werkte hij onder meer naar de natuur en deed dat onbewust in de aanpak van de Haagse School. In die manier van beelden vond hij aansluiting, in die wijze van vormen kon hij zichzelf vinden. De Haagse School echter is geen school op zich, geen opleiding waarin leerlingen naar de meester werken. Het is een manier van schilderen waarin kunstenaars qua stijl en techniek een groep vormen. De vroege schilderijen van Mondriaan vinden daar een thuis: “Kunst is het bewijs dat het gewone buitengewoon is”.

    Hij portretteert het gebouw suggestief

    In het jaar dat Piet Mondriaan 150 jaar geleden in Amersfoort werd geboren schenkt Museum Flehite aandacht aan zijn werk met het landschap als onderwerp. Bij de tentoonstelling “Naar de natuur – Mondriaan en de Haagse School” is een bondig en overzichtelijk boekwerk verschenen. Directeur-conservator Onno Maurer belicht in een introductie en een essay de periode dat van de latere modernist nog nauwelijks sprake was. Met andere voor die tijd vrijdenkers hernieuwde hij wel de schilderkunst inzake het vastleggen van het landschap. Maar van een werkelijke hervorming in zijn eigen kunnen is nog nauwelijks sprake. Tot op een moment dat hij een boerderij op doek zet waar zijn latere ‘hokjesgeest’ in doorklinkt. Hij portretteert het gebouw suggestief, “verscholen tussen het groen en hooguit waarneembaar als aanduiding van een bouwwerk tussen boomstammen of weelderig gebladerte”. In het schilderij, dat in zijn oeuvre een sleutelrol vervult, is de boerderij gereduceerd tot twee korte horizontale grijze verfstreken. Het onderwerp, eerder naar de natuur verbeeldt, is een sterk geabstraheerde voorstelling van de wekelijkheid.

    Piet Mondriaan

    De catalogus illustreert in een groot aantal reproducties het kunnen van de realist Mondriaan. Tevens wordt, door tijdgenoten van hem daarbij te laten zien, de fictieve school waarin hij zijn ‘opleiding’ geniet vormgegeven. In deze periode heeft de schilder nog niet een duidelijk eigen handschrift ontwikkelt, dat zal pas later onmiskenbaar tot uiting komen. Wel zorgt het schilderen naar de natuur voor een vruchtbare voedingsbodem om zijn latere persoonlijke stijl op te laten bloeien. Die groei wordt op het laatst summier in het boek belicht, want dat is niet het thema van de tentoonstelling. Het laat de naar de natuur werkende Mondriaan zien. De school waarin hij de werkelijkheid kan bestuderen om tot de essentie door te dringen.

    Piet Mondriaan

    De bijdrage van kunsthistoricus Katjuscha Otte aan de uitgave gaat in op het jaar van rust en verandering, de periode dat Mondriaan in Brabant verblijft. De auteur Otte heeft al meerdere uitgaven over Mondriaan op haar naam staan en kan zich een autoriteit op het gebied van deze kunstenaar noemen. Voor zijn eigen vorming was dit jaar voor Mondriaan van levensbelang. In deze maanden zet hij de eerste voorzichtige stappen op weg naar de composities met zwarte lijnen en vlakken in wit en primaire kleuren. De architectuur van de boerderijen met rieten daken is voor hem de inspiratie om deze ontwikkeling aan te vangen. Dat sluipt er zo ongemerkt in, en is achteraf gezien het moment geweest dat zijn gedachten over een nieuwe beelding gaan. De door Otte bij haar essay aangehaalde werken zijn echter daarbij niet afgedrukt. De lezer kan dus niet voor ogen krijgen waarover de auteur schrijft. De tijd in Brabant wordt in beeld summier belicht.

    Naar de Natuur – Mondriaan en de Haagse School. Onno Maurer, Katjuscha Otte. Uitgeverij Boiten boekprojecten, Museum Flehite Amersfoort, 2022. Tentoonstelling tot en met 29 januari 2023.

    Piet Mondriaan