Tag: Uitgeverij De Zwaluw

  • Golven als metafoor voor ruimtelijke vrijheid

    Een fenomeen dat groter is dan de mens zelf. Datgene wat niet in een enkele oogopslag is te bevatten. Waardoor jij je als mens klein voelt, verloren bijna. In de ruimte van het grootse zijn. Bij dat overweldigende gevoel, die overdonderende ervaring, valt het gemoed stil, staat mijn wezen perplex. Je zou in aanbidding willen neervallen, maar ik houd mijn rug recht – ik word gezien. Echter deze devotie overkomt Angeline Lips niet, integendeel. “Het gaat over gevoel van vrijheid in kleur, licht en reflecties in vlekken en vegen.” Zij geeft beeld aan autonome gedachten door de golven van de zee en de toppen van bergen te schilderen, want daar gaat mijn contemplatie in de eerste regels over. Haar werk laat de zee zien en de bergen bekijken, maar haar schilderijen en etsen gaan niet over die zee en deze bergen. Het gaat niet over je klein en nietig voelen aan de rand van de branding en langs berghellingen.

    Bewegingen in een watervlakte

    Het gaat over het gevoel bij die plek, over de imponerende ervaring van de ruimte. Dat zet Lips om in verfstreken en kleurvlekken. In grote schildergebaren passend bij het onderwerp, maar ook op klein formaat wanneer het thema minder meer verlangt. Ik zie daarin wel de zee en de golven, maar de vegen vertegenwoordigen een andere waarde die verder gaat dan de werkelijkheid. Deze lijken op bewegingen in een watervlakte, stilte van versteende flanken, maar zijn een metafoor, een beeldmerk om vrijheid en ruimte uit te drukken. De indruk van natuurlijke speelruimte geeft op doek en papier een los van de werkelijkheid gezongen sfeer. Het herbergt de ruimtelijkheid waarin Lips zich verliest, maar waarin ze zich tegelijk terugvindt. Daarmee zij het zelfportretten, de kunstenaar heeft het gevoel gefigureerd. Iets wat zij diep van binnen ervaart, zoals ik ondervindt bij het zien van de werken. Een onbestemd gevoel van positieve verlatenheid, optimistische eenzaamheid.

    Fysiek zijn het beschilderde doeken en is het gekleurd papier, maar intrinsiek is het veel meer dan dat. Zichtbaar schijnt het de werkelijkheid, ik denk die zee en bergen te zien, maar voelbaar zijn de werken abstracte composities. “Ze schildert niet zozeer de zee”, schrijft auteur, curator en kunstconsultant Alex de Vries in de inleiding van de mij voorliggende catalogus, “maar verbindt zich met de zee, met haar beleving ervan.” De verfhuid is dus de drager van het gevoel, de ervaring. Het is echter geen verhalende kunst, er is geen diepere betekenis dan het uitdrukken van emotie. Het zijn eerder dichterlijke verbeeldingen. Poëtische afdrukken van indrukken over weidse en ruimtelijke vrijheid.

    Met geen penseel te verbeelden

    Dat overweldigende gevoel van wanneer je op het strand staand over de branding uitziet op die schier oneindige vlakte van de zee. Ergens ver weg is de einder, maar je weet niet wat daarna is en komt. Je hebt een vermoeden, de vrijheid lonkt. Die verbijsterende ontroering bij de aanblik van tot in de wolken oprijzende rotsblokken. Het is met geen pen te beschrijven, met geen penseel te verbeelden. Tussen de regels die de verhalenverteller er over schrijft door en in de verfstreken die de kunstschilder er van beeldt staat die emotie te lezen en te zien. Niet in de werkelijkheid, maar in het naschilderen van de getroffen zijn daarbij. Het vastleggen van de sensatie op het moment. Enkel de dichter kan in beeldende poëzie dat gevoel weergeven. In woorden kan de poëet de stemming vatten. Het is Lips gelukt om als de dichter woorden schrijft de verf in een poëtisch beeld te schilderen. De composities rijmen in vormgeving en uitdrukking. De stilte en zuiverheid van het machtige natuurgeweld ervaar ik in haar werk. Ik ervaar de vrijheid om er stil van te worden.

    In de uitgave “Making Waves”, als catalogus bij een tentoonstelling van Angeline Lips in Galerie Lange Hezel 46 te Nijmegen, schrijft Alex de Vries dat haar werk meer is dan stemmingsbeeld en juist een poëtisch karakter heeft zo ik zelf al ervoer tijdens het doorbladeren en beschouwen. “Ze zijn niet, zoals proza in de literatuur, beschrijvend van aard en schilderkunstig dus niet afbeeldend. Ze kennen als gedichten een beeldspraak die aan het denken voorafgaat en iets in de geest veroorzaakt waar we rationeel geen greep op hebben.” Geen grip heb ik op deze grootsheid die Lips uitwerkt. Ongrijpbaar is de weidsheid die zij buiten de kaders van het schilderij laat treden. Met haar werk zet ze mijn gedachten in beweging. Ga ik nadenken over haar gevoel van vrijheid, dat deze aansluit bij mijn ervaring wanneer ik de stranden en hellingen zie, tuur naar de einder en opkijk tot de hemel. Waves like mountains, bergen als golven. Making waves, terwijl zij de verf roert en beroert. Ze maakt golven die mij overspoelen, ik verdrink in haar verfschappen.

    Making Waves. Angeline Lips. Uitgave bij gelegenheid van de tentoonstelling in Galerie Lange Hezel 46 te Nijmegen van 31 augustus t/m 22 september 2024. Uitgeverij De Zwaluw, 2024.

  • Verbeeldingen van waarneming naar de natuur

    Kijk dan! De titel van een omvangrijke publicatie verscheen in 2020. Het bevat een ruime en representatieve inkijk op en in het oeuvre van Jacobien de Rooij vanaf 1975. Het devies is dat we moeten kijken naar deze tekeningen om ze waarneembaar te waarderen. ‘Natuurlijk’, schreef ik toen, ‘dat verdienen ze. Bekeken worden. Maar nee, ik moet zien wat ze verbeelden. Kijk dan wat de voorstelling is, roept het werk’. De Rooij laat in haar tekeningen herkenbare omgevingen ontstaan, maar niet zoals deze zichtbaar zijn voor mijn ogen. Mijn blik wordt in haar werk misleid. Het is de werkelijkheid namelijk met een toevoeging van niet realistische gedachten. Een imaginaire omgeving herinnerende aan wat gezien is.

    Na het jaar van verschijnen van dat boek werd het oeuvre van De Rooij uiteraard alsmaar groter en zag de uitgever zich genoodzaakt een aangepaste versie uit te brengen. Een jaar later kwam nog eens een meer uitgebreide editie uit. Maar de uitgever realiseerde zich dat het boek alsmaar dikker en daarmee duurder werd. En was de eerste uitgave gekocht dan miste de koper de daaropvolgende nieuwere werken. Daarom is ervoor gekozen om de derde editie in de bestaande vorm te blijven herdrukken, en er een katern met meest recent werk extra aan toe te voegen. Dat katern is deel 1 van Nieuw Werk geworden, een dunner boek met tekeningen van 2022 tot 2024. Derhalve mis ik dus de werken van 2020 tot 2022. Maar ik zag de tentoonstelling in december 2023 bij Museum Galerie Heerenveen, dus ik kan mij een voorstelling maken.

    De natuur een persoonlijk systeem

    Opvallend is dat ondanks het schijnbare realisme van haar werk, ze nooit iets natekent”, lees ik in het voorwoord op ‘Nieuw Werk deel 1’. “Al haar werk is een verbeelding van de waarneming naar de natuur.” Zelf vraagt Jacobien de Rooij zich af hoe een overtuigende verbeelding te tekenen van een verbeelding van de natuur. ‘Kijk dan!’ toont sprekend dat zij hierin is geslaagd, maar dat ze iedere volgende tekening meer geloofwaardig wil neerzetten en uitwerken. In Heerenveen zag ik de diorama-reeks, een serie grootschalige tekeningen die veel weg hadden van de aloude schoolplaten van Cornelis Jetses en Marinus Koekkoek. Zij ook propten hun tekeningen vol met details, zo dat de schoolmeester zijn breedvoerige verhaal met behulp van de aanwijsstok kon illustreren. De wereld werd aanschouwelijk gemaakt, want één beeld zegt meer dan duizend woorden. Vaak werden deze platen bevolkt door bijvoorbeeld dieren en insecten die je normaal niet bij elkaar in de buurt ziet. Ze passen in een bepaalde habitat echter wel samen. Dat is wat De Rooij ook wel doet in haar werk, zij maakt van de natuur een persoonlijk systeem. Door alle waarnemingen bij elkaar te harken kan ze een samenspel van verbeeldingen maken. Een samenstelling van de zichtbare werkelijkheid, door deze te combineren met verborgen details die voor haar in gedachten meespelen. Het is zo dat het kunstenaarsoog, door jaren training van anders kijken en geconcentreerd zien, meer waarneemt dan dat het ‘gewone’ oog dat doet en kan. De kunstenaar kijkt om de waarneming heen en ontdekt een nieuwe wereld. Dat gezicht achter de werkelijkheid geeft een fris inzicht op de zichtbare realiteit.

    Ogen bedrogen

    Van dat gezicht achter de werkelijkheid ben ik toeschouwer, ik mag meekijken. In de ruit, die ik wel zie maar niet aanwezig is tussen mij en de tekening, ontwaar ik wat een reflectie van mijzelf kan zijn. Het is alsof ik in Artis achter glas de biotoop van een mij onbekende wereld bekijk. Ik ben daar, want ik spiegel in die (on)natuurlijke omgeving. Ik ben een detail, maak deel uit van de fantasie van de kunstenaar. Zij laat meer zien dan dat er in feite te zien is. En eigenlijk ook weer niet, want alles dat zij op papier zet bestaat en is, komt voor en speelt zich af. Alleen niet in de situatie zoals zij deze op papier zet. Jacobien bedriegt met haar werk mijn ogen. De tekeningen als schilderijen mystificeren mijn zien. Het is een mysterie hoe de verbeelding de aandacht zo kan concentreren op iets wat werkelijkheid lijkt maar dat niet is. Een imaginaire wereld herinnerend aan wat ik ooit in werkelijkheid eens gezien heb. In haar idee krijgt die wereld een dimensie meer. Een maat meer dan dat wat ik om mij heen zie. Denkend aan de werkelijkheid, een gedachte toevoegend.

    Vogelportretten

    Zo waarden die denkbeelden eerder in mij rond toen ik het werk van Jacobien de Rooij zag, gedrukt in het boek en live in de museumgalerie. En zo gaat het inzicht weer los bij de beschouwing van ‘Nieuw werk deel 1’. Het grootste part van deze uitgave wordt in beslag genomen door vogelportretten. Het was voor Jacobien een welkome afleiding van het getob met de grote tekeningen, schrijft ze in de inleiding. Maar… “Na ruim 100 tekeningen begon het getob natuurlijk ook over deze werken: of ze niet te eenvoudig waren”. Echter haar fantasie zette De Rooij weer op het juiste spoor. Ze dook onder water en creëerde het ideale sieraquarium. De vogels komen voor in haar directe omgeving, ze beschouwen mij vanaf een steunkleur in de achtergrond dromerig. Ze voelen zich niet bespied, maar observeren mij. Niet anatomisch even correct in beeld gezet, maar ook bij deze portretten geldt naar de verbeelde waarneming en niet volgens de natuurlijke werkelijkheid getekend. Ook de visportretten die uit het aquarium gezwommen lijken hebben een afwezige oogopslag. Het zijn visbeesten van de marktkraam, uit de sloot of de zee gehengeld en gezien in een waterig dierverblijf. “Het werd niet een heel grote serie, vogels blijken veelzijdiger om te tekenen.”

    In de gedachte of eigenlijk de gefantaseerde, ingebeelde verbeelding – de kunstzinnige leefwereld van Jacobien de Rooij lijkt alles op wat ik eens gezien heb in mijn werkelijke wereld. Maar niets is minder waar, want het is de eigen creatie van het leven. Haar persoonlijke zicht op het zijn. Op pad door het bestaan heeft zij allerlei ervaringen opgedaan en inzichten opgeslagen. Het is een archief vol indrukken, een harde schijf met legio data. Daaruit kan ze putten, daarvan gebruik maken in de composities. Verbeeldingen naar de waarneming, afbeeldingen naar de observatie en de ervaring. Want het is niet een beeld zoals de wezenlijkheid feitelijk is, maar de beleving van het moment. Deze tellen in de tijd zijn tot een collage samengevoegd, stukjes waarneming tot een nieuwe werkelijkheid gemaakt. Deze realiteit heeft door het karakter van het gebruikte materiaal, het krijt, een surrealistische uitwerking. Of meer geeft het een dromerig beeld. Je weet dat wat je ziet niet echt is, slechts een laagje kleur op papier. Maar het maakt een levensecht droombeeld. Kijk dan!

    Nieuwe werk deel 1. Jacobien de Rooij, tekeningen 2022-2024. Uitgeverij De Zwaluw, 2024.

  • Eliane gaat door, gelukkig maar

    Geeft ze uit verlegenheid zichzelf bloot. Nee, natuurlijk niet. Wie zou dat doen? Je gaat toch niet uit de kleren van schaamte. Alleen wanneer je een statement wilt maken, er een punt mee wil zetten op de i. Zij is vervult van zichzelf en kan daarom dan al haar kleren van zich afgooien. Ben je verlegen met jezelf, heb je schaamte over en om het eigenste ik, dan trek je juist een dikke jas aan en kruipt terug in een hoekje of je schulp. Maar Eliane Gerrits niet. Zij treedt open en bloot voor het voetlicht, want ze heeft niets te verbergen. Ze zet zichzelf graag als metafoor op een voetstuk. Gebruikt haar lichaam om een punt te maken, haar gedachten over de wereld kenbaar te maken.

    Zonder schaamte

    Maar is ze zichzelf in haar tekeningen? Ze lijkt als twee druppels water op die malle ledenpoppen met lange neus, grote oren en fors brilmontuur, en altijd die ontwapenende glimlach om de mond. Trekt ze een lange jurk behangen met kunstwerken gehaald van de wanden voor me aan of hijst zich in een glitterpak als Rhinestone Cowboy of staat ze gekleed in een groene gieter op een wiebelig krukje te shinen. Maar over het algemeen is ze bloot. Bloot alleen omdat ze dan geen kleren hoeft te bedenken, schrijft Kie Ellens in zijn lijvige voorwoord aan het naar verhouding dun vormgegeven boekje. Hij doet over Eliane en haar kunst veel uit de doeken in die tekst. Over het waarom en hoe van haar tegendraadse tekenstijl en handschrift. Het is zonder schaamte dat zij mij deelgenoot maakt van haar lichaam, haar ik en ego. En mij nodigt in haar zijn, in haar gedachtewereld.

    Eliane Gerrits

    De deur van de kamer, toch een vertrek waar je niet een ieder zomaar toelaat, staat bij Eliane wagenwijd open. Die kamer noem ik niet voor niets vertrek, want veelal wenst het gastmens dat het bezoek vertrekt omdat hij/zij het liefst op zichzelf is, bij haar eigenste ik. Me, myself and I. Maar Eliane gooit alles open en ik mag zolang blijven als ik wil. Althans voor zolang ik blader door haar nieuwste uitgave: Eliane gaat door. Haar levensverhaal in beeld te boek gesteld. Ze tekent haar leven uit middels haar lijf – van voor naar achter en van links naar rechts, van boven tot onder.

    Unieke eigen stijl

    Een vorige uitgave, de vrije Eliane, kreeg ik ook al om niet toegestuurd en besprak ik na inzage ervan te hebben gehad. Door kenners werd ik daarna terecht terechtgewezen op mijn kortzichtige kijk. Namelijk struikelde ik over haar techniek waarin ze in mijn ogen tekort schoot. Maar dat schijnbaar onbeholpen gekrabbel is haar unieke eigen stijl en daarin uit ze zich letterlijk naar de figuur. Met die duidelijke lijn haalt ze het karakter en de inborst van het menszijn pijnlijk onderuit waar zij dat noodzakelijk acht.

    Eliane Gerrits

    Ik reageerde toen dan ook enigszins onnodig verbolgen op de geuite kritiek: ’…even voorlezen en doorlezen, niet uit de context halen: “Ze lijkt geen moeite te hebben een goeie tekening te maken. Ik kom ze in het boekje meerdere keren tegen. Hoewel ze in technisch opzicht tekortschiet, overtreft de kunst om verhalen te zien in alles en het verbeelden daarvan dit ruimschoots.” ‘(einde citaat). Maar het stond er wel en wat had ik er eigenlijk mee willen bedoelen was de berisping. Daarom bond ik snel in en doorzag op tijd dat het technische aspect een stijl is. Niet een niet kunnen, maar een aangemeten handschrift. Een manier van tekenen waar zij heer en meester over is, las ik nog in een reactie, technische perfectie zelfs in de ‘mindere’ tekeningen. Dus riep ik op papier vertwijfeld uit: Misschien stuurt Eliane Gerrits me nog eens een nieuwe gebundelde uitgave van haar tekeningen, dan kan ik ze weer waarderen met ander inzicht. En zo is dus gebeurd.

    Kijkplaten

    Haar variant van de klare lijn zet tegen de zakelijk reine tekening van de bedenker van die stijl, Joost Swarte, een speels levendige schets neer. De platen zijn uiterst gedetailleerd, vooral waar het de eigen woonruimte of de buitenruimte in haar binnenstad betreft. Zij geeft zich letterlijk bloot in haar werk, en figuurlijk gezien is zij zeker naakt. De tekeningen lijken rap schetsmatig opgezet, dat is de stijl die ze hanteert. Maar er is veel te zien binnen de kaders. Het zijn kijkplaten. Zoekplaten om het zijn achter het wezen te herkennen. Maar het is niet altijd dat wat ik denk te zien. De tekeningen hebben een dubbele bodem. In die gelaagdheid zet ze mij dan graag op het verkeerde been.

    Eliane Gerrits

    Het is er altijd vrolijkheid en plezier tussen de vier muren waarin ik een inkijk krijg. De naakte figuurtjes, alle kleine Eliane’s, dansen en springen door de kamer. Het is alsof haar gedachten beeld hebben gekregen. Niet de gedachte van één enkel moment, maar opeenvolgende en navolgende momenten. De tekeningen zijn geen bevroren ogenblikken, er is beweging, het leven en zijn binnen de kaders is dynamisch. Ieder figuurtje heeft een eigen houding en uitdrukking. Ook langs de wanden zie ik ze verschijnen in lijsten en op getekende foto’s.

    De wereld beschouwen

    Het is sowieso een tumultueus geheel, die binnenruimte van Eliane. Zo zal het in haar bovenkamer ook een drukte van belang zijn neem ik aan, gedachten schieten heen en weer en af en aan, af en toe. Er hangt langs de wanden in een galeriepresentatie een overvloed aan kunstwerken. Van plint tot plafond is de muur bedekt in de hoge kamer van het herenhuis dat met de bewoning van Eliane een damesdomein is geworden. Door grote ramen heeft ze zicht op de buitenruimte die ze met levend verkeer al meerdere malen heeft vastgelegd. Een enkele keer portretteert ze zichzelf dan gekleed, al werkende aan een tekening, maar meestal zit ze bloot de wereld te beschouwen.

    Wanneer ze werkt is ze minder in zichzelf gekeerd en buigt ze zich over inspiraties die beeld zullen hebben. Is ze vrij van dat heilig moeten gooit ze alles van zich af om verlost van iedere storing in de eigen fantasie op te gaan. Dan kan ze peinzen, het zijn overdenken. Die filosofie omzetten in speelse tekeningen. Ze tekent wat ze allemaal meemaakt en wat er in haar gedachten omgaat. Ze maakt mij deelgenoot daarvan door in realisme de abstracte denkwijze voor mij uit te tekenen.

    Eliane Gerrits

    Cartoons van haar leven waarin en waarmee ze zichzelf meermalen op de hak neemt. Ze heeft haarzelf niet zo hoog zitten en kan daardoor bloot door het stripschap gaan. Ze heeft geen gene, haar lichaam is haar tempel, haar lijf het hoogste goed. Hoewel de tekeningen vermakelijk zijn is er ook nog iets van te leren. Eliane houdt mij een spiegel voor. In haar tekeningen kijk ik eigenlijk naar mezelf. Hoewel ze zich als vrouw afbeeldt is ze in uitdrukking onzijdig en kan ik mezelf vinden in haar doen en laten.

    Ook ik heb weleens van die vunzige gedachten of gewoon ingevingen die eigenlijk niet horen. Dat doe je niet, fluistert het engeltje op mijn schouder. Maar het duiveltje op de andere schouder roept: ja natuurlijk doen, wat geeft het. Het geeft ruimte, opluchting. Eliane leeft mij die ruimte in haar werk voor. In dit vrije werk gaat ze door met de doldrieste kijk op het leven, dat zijn neemt ze niet zo nauw en met een korrel zout. Haar werk in opdracht is minder uit de losse pols, maar in dit vrije werk is ze haar eigen opdrachtgever en kan ze mij alle hoeken van haar kamer laten zien. Wanneer ik het boekje dicht doe zijn mijn gedachten dan ook beurs geslagen.

    Eliane gaat door. Tekeningen van Eliane Gerrits. Met een tekst van Kie Ellens. Uitgeverij de Zwaluw, 2022.

  • Eliane Gerrits vliegt als een vrije vogel door haar wereld

    Ze heeft een lange staat van dienst. Al. Wanneer ik haar werk online ontdek. Ze duikt op bij mijn vrienden op Facebook. En krijg ik daar geen genoeg van het werk, bezoek ik haar website voor een uitgebreide portfolio. “I draw” is haar enige biografie. Eliane Gerrits is illustrator. Academisch geschoold. Tekent onder meer voor NRC, heeft een lange lijst aan opdrachtgevers, illustreert boeken, geeft workshops tekenen en tekent live cartoons tijdens bedrijfsevenementen. Allemaal op bestelling, tekenen naar de lijnen van een ander.

    Nog, na al die jaren van het hanteren van potlood en pen – maar vooral het gum, schrijft ze vertwijfeld: “wat is goeie tekeningen maken moeilijk!”. Je weet het als je er één ziet, geeft ze zelf het antwoord. Want ik reageer op haar wanhoop met de vraag wat een goede tekening is. Het contact is gelegd.

    Schetsen van het leven

    Haar uitgave bij De Zwaluw is niet voor niets getiteld “de Vrije Eliane”. In dit rijk geïllustreerde boekje is ze haar eigen opdrachtgever. Kan te werk gaan zoals zij zelf wil. Er zijn geen richtlijnen of kaders meer, er is alleen haar eigen kritisch oog.

    De tekeningen van Gerrits zijn schetsen van het leven. Zijn telkens treffende registraties van haar omgeving, die daardoor de mijne is geworden. Zij opent deuren die ik gesloten wil houden, om het muffe eens lekker te laten doortochten. Het privédomein, mijn ik, het haar, ze laat binnen kijken. Waarom zo angstvallig, gooi die deuren open lijkt ze te zeggen. Laat de wereld binnen, er is zoveel te bekijken want dit ben ik.

    In dit werk, naar eigen maatstaf en goeddunken opgezet, geeft Eliane zich letterlijk bloot. Haar getekende alter ego is niet gekleed en beschouwt de wereld zonder gêne. Ze is niet zo bescheiden zichzelf te becommentariëren. Haalt haar ik niet omhoog, geen op de borstklopperij, maar juist rekenschap gevend van eigen tekortkomingen. In een wereld die uitkijkt op de krioelende mierenhoop van de grote stad die Amsterdam is, haar woonplaats. De metropool waar alles schijnt te gebeuren en waar dat alles vastgelegd moet worden.

    Eliane Gerrits, De Zwaluw

    Geen klare lijn maar wel duidelijke taal

    Met zelfspot toont ze haar eigen wereld, een hoge kamer met kasten vol boeken, huizenhoge ramen en legio kunst aan de muur. Een badkamer vol was, spuitbussen en opmaakpotjes, waar zij vol vermoeide moed is neergestreken op het toilet – een slipje op de enkels. Dat is een uitzonderlijk detail, want overal op elke tekening zie ik geen kledingstuk aan haar naakte figuur. Hoewel ze in een enkel werk, waar ze spiegelt in een raam tegen een duistere stad, in trui achter haar laptop zit. Ik vraag mezelf af: ben ik binnen en zie haar spiegelbeeld als het mijne of sta ik buiten en gluur haar kamer in – Eliane kijkt verstoord op van haar werk.

    Uiterst gedetailleerd schetst ze de gebeurtenis. Kijkplaten zijn het, er valt veel te zien. Het is er druk tussen de kaders, geen klare lijn maar wel duidelijke taal. Wanneer ik met het boek op de knieën de tijd neem de bladzijden door te bladeren, de pennenstreken te volgen, de situatie in ogenschouw te nemen, ontdek ik een wereld van herkenning. Een overvolle winkelstraat, de zwijgende meerderheid in de bus, een overmatig groen en vrolijk park. En overal verschijnt haar figuur bloot in beeld. Ze legt de onnodige ballast af en blijft bij haar basis. Op platen is haar ego zelfs in duplo, triplo, quadrupel of zelfs multipel. In het park verschijnt de blote Eliane overal waar je ze niet verwacht: tel eens hoeveel lijfjes je ziet.

    Eliane Gerrits

    De vrije Eliane is niets verhullend, alles komt open en bloot voor de dag en het voetlicht. Met een glimlach, een grimlach en hier en daar hoor ik een schaterlach. Ze lijkt geen moeite te hebben een goeie tekening te maken. Ik kom ze in het boekje meerdere keren tegen. Hoewel ze in technisch opzicht tekortschiet overtreft de kunst om verhalen te zien in alles en het verbeelden daarvan dit ruimschoots. De ingekleurde zelfportretten in het hart stralen me toe. Door het kaft kan ik haar trekken volop leren kennen. Een ironische blik, de wereld vrolijk inkijkend. De Vrije Eliane, vrij als een vogel in haar eigen opdrachten.

    Monografie “De Vrije Eliane”, tekeningen van Eliane Gerrits met een voorwoord van Alex de Vries. Uitgeverij De Zwaluw, 2020.

    Eliane Gerrits, De Zwaluw