Tag: Vincent van Gogh

  • Toorop in voetsporen Van Gogh

    Het uitdrukken van emotie door middel van de werkelijkheid sprak Charley Toorop aan in het werk van Vincent van Gogh. Niet het reproduceren van de zichtbare omgeving, maar de ervaring daarbij geeft beeld in vlak en vorm. Daardoor kunnen kleuren afwijken van de werkelijkheid, omdat een stemming rood kan aanvoelen terwijl de lucht blauw en de sfeer zichtbaar in beweging is en zindert van verrukking. Het is dit basale plezier dat zich laat vertalen in expressieve penseelvoering en intens emotioneel kleurgebruik. Naar deze gecompliceerde eenvoud die uitdrukking geeft aan persoonlijke gedachten bij de algemene waarneming was Toorop op zoek. Deze verbeelding vond ze in de schilderijen en tekeningen van Van Gogh.

    Vooral het beleven en weergeven van de zelfkant van het leven, de eenvoudige mens met pijn en moeite, het bloed zweet en tranen gevoel. Dat is wat Charley Toorop in gedachte en verwerking, idee en uitwerking, overneemt van deze bevlogen schilder. En natuurlijk zijn er meerdere kunstenaars na hem waarop Van Gogh van invloed is geweest, stromingen die zich door zijn expressieve aanpak lieten inspireren. Stijl en vormgeving worden bepaald door en zijn een reactie op wat eerder heeft plaats gevonden en is gebezigd. Het huidige geslacht staat op de schouders van de voorgaande generatie. Sterke schouders die een stijl en beweging kunnen dragen. Slechts enkele figuren in de massa zijn meer dan figurant en steken boven het maaiveld uit. Schudden het speelveld van de kunst op en zetten onbewust en onbedoeld misschien een nieuw isme in gang. Zo iemand is Van Gogh achteraf gezien.

    Donkerte van het leven

    Het Kröller-Müller Museum kan als geen ander museum deze verwantschap laten zien door het werk van beide kunstenaars te tonen. Zowel van Toorop als van Van Gogh bezit het Kröller-Müller de grootste verzameling werken. Daarom kunnen de schilderijen en tekeningen permanent naast elkaar worden getoond en kan studie worden gemaakt naar relaties en parallellen. Beide zielen hebben één gedachte, waarbij Toorop bij wijze van spreken in de voetsporen van Van Gogh is getreden. Niet alleen voor wat betreft de kunst, maar ook het in praktijk brengen van inzicht en opvatting. Denkt Vincent eerst nog prediker onder mijnwerkers te zijn, later laat hij in beeld de armoede en moeite zien waarin en waarmee deze mensen hun leven vullen. Door Van Gogh kregen deze stervelingen een persoonlijk karakter. Keek hij uit over de weidse landschappen en bracht deze tot leven in kleur en penseelvoering. Hij zag de mens en keek in de spiegel, het bracht hem tot negatieve gedachten en grootse werken. Het leed verkorte zijn leven maar maakt zijn nalatenschap duurzaam.

    De donkerte van het leven trok ook Charley Toorop aan. In Vincent van Gogh zag ze haar voorganger, hij wees haar als het ware de weg en met zijn werk kon zij datzelfde pad inslaan. “Van Gogh hielp haar om een weg te vinden naar het visualiseren van een bezielde werkelijkheid”, schrijft Benno Tempel in zijn voorwoord van de catalogus bij een tentoonstelling. Een catalogus die na een studie naar de invloed van het werk van Van Gogh op het kunnen van Toorop is verschenen. Niet alleen door haar krachtige middel om beeld te geven aan deze mensen, ook in de praktijk van het voeren van actie zette zij zich in. De levens van Van Gogh en Toorop sluiten in principe op elkaar aan, kunnen elkaar bedekken. Het is alsof zij zijn jas aan heeft getrokken – een jas vol verfspatten, wanhoop en genade – die hij zelf levensmoe aan de wilgen had gehangen. Ook zij liet zich door diepe dalen leiden, maar de kunst voerde haar naar hoge pieken. In de kunst vond zij zichzelf, als is het schilderen en tekenen een therapie om het leven aan te kunnen.

    Geëngageerd kunstenaarschap

    In het boek wordt Charley Toorops fascinatie voor Vincent van Gogh beschreven. Vooral de intense gewaarwording van het leven als zijn sprak haar aan. Het verbeelden en beschrijven in schilderijen, tekeningen en brieven maakt Van Gogh tot emotioneel chroniqueur van het tragische bestaan. Een geschiedschrijver van de periferie van het wezen. In een korte biografie geeft Renske Cohen Tervaert aan op welke manier deze levenslijnen elkaar kruisen en samen opgaan. In het interbellum van de twintigste eeuw ontdekte Toorop een haar passend geëngageerd kunstenaarschap, waarin haar interesse voor de psyche van de mens en haar zoektocht naar spiritualiteit een plaats konden krijgen. Van Gogh is daarin in eerste instantie haar gids, later zal zij zelf deze reis aan kunnen en worden geroemd om haar uitbeelding van emoties. De uitgave legt beide levens naast elkaar, toont voorbeelden van overeenkomst en navolging. Voor beide schilders was kunst een medicijn, een middel om te overleven. Waarbij in het geval van Vincent de medicatie niet toereikend bleek en bij Charley het haar wezen rechtvaardigde.

    Charley Toorop had een obsessie voor de realiteit en vond in het na zijn dood gecreëerde beeld van Van Gogh als kunstenaar verwikkeld in een persoonlijke strijd met oog voor de harde realiteit en het menselijk leed – “de worstelende mensch die de menschelijke ellende doorvoeld heeft” – een voorbeeld om dat spoor te volgen. Dichterlijk beschreven zou Toorop een reïncarnatie van Van Gogh kunnen zijn. Nog geen jaar na schilders vroegtijdige dood kwam Charley Toorop ter wereld. Terwijl ze opgroeide en zich ontwikkelde was zij getuige van Van Goghs almaar toenemende roem. “In Van Gogh vond Toorop (…) een gelijkgestemde; met hem deelde ze een liefde voor de rauwe realiteit, evenals voor de natuur”, schrijft Franka Blok in haar essay. “Het zien van en lezen over Van Goghs kunst bleek niet langer genoeg, ook de plekken waar hij had gewerkt moesten bezocht worden.” En met Van Gogh en Toorop als leidraad gaat de lezer van de catalogus en de bezoeker van de tentoonstelling op reis langs deze plekken.

    Charley Toorop, liefde voor Van Gogh. Publicatie naar aanleiding tentoonstelling in Kröller-Müller Museum van 24 mei tot 14 september 2025. Teksten Renske Cohen Tervaert, Franka Blok, Merjet Brolsma, Wessel Krul, Benno Tempel. Uitgave Waanders Uitgevers / Kröller-Müller Museum, 2025.

  • Op bedevaart met Jan Mankes naar het Van Goghhuis in Hoogeveen

    Een jarenlang onderzoek resulteert in een standaardwerk en een meer dan interessante tentoonstelling. Hoofdconservator Annemiek Rens dook in memorabilia, brieven en boeken om een onderbelichte periode in het leven van Vincent van Gogh nauwkeurig te kunnen beschrijven. Het Drents Museum daarop laat zien hoe een onderzoek beeld krijgt en levend kan worden. Tot en met 7 januari 2024 is in Assen de tentoonstelling ‘Op reis met Vincent – Van Gogh in Drenthe’ te zien. De publicatie met dezelfde titel is als catalogus en naslagwerk uiteraard langer door te bladeren, te bekijken en kan gelezen worden. Dat is het fijne van een onderzoek, een beschrijving of een catalogus: het houdt de herinnering vast wanneer het museum aan de volgende tentoonstelling toe is. Voor wie de tentoonstelling gemist heeft, het boek blijft. “Gelukkig hebben we de foto’s nog”…

    image

    De periode dat Vincent van Gogh in Drenthe is en werkt krijgt weinig aandacht in de reguliere kunstboeken. Het is een vrijwel onbekend hoofdstuk in de kunstgeschiedenis. Het wordt weggezet als minder belangrijk in vergelijking met zijn Franse tijd en de Nederlandse periode in Den Haag en Nuenen. Toch weegt het verblijf in Hoogeveen en Nieuw Amsterdam-Veenoord zwaar in zijn ontwikkeling als kunstschilder. In Drenthe beseft hij wat hij wil met zijn leven. Daar in de Drentse grond ligt zijn oorsprong als schilder, daar is het zaad van zijn kunstenaarschap ontkiemt. De mannen en vrouwen op het land, zwaar aan de arbeid, wekken zijn interesse en vormen zijn inspiratie. Hij gebruikt ze op afstand als model, want figureren wil de plaatselijke bevolking niet voor die rare man. In deze provincie ligt de basis van de schilderstijl die Vincent niet bij leven, maar later wereldberoemd heeft gemaakt.

    image

    Eigenlijk zal hij zich wel willen vestigen in Drenthe

    Vincent van Gogh is meer dan enthousiast over wat hij ziet wanneer hij in Hoogeveen uit de trein stapt. Door collega kunstenaars was hij op de schoonheid van deze provincie al attent gemaakt. Maar in dat moment zag hij het met eigen ogen. Hier was hij terug naar de natuur en zag hij de pure mens. Eigenlijk zal hij zich wel willen vestigen in Drenthe, omdat dit het mooiste is wat hem is overkomen schrijft hij in geuren en schetst hij in kleuren aan zijn broer. De omgeving tilt op van de inspirerende momenten en gelegenheden. Maar het klimaat zit Vincent tegen. Op 11 september 1883 komt hij aan, de nazomer is mooi maar de herfst is kil. Wanneer de winter invalt is het koud en loopt Vincent op 4 december in een zware storm vanuit Veenoord naar Hoogeveen om de volgende dag naar zijn ouders in Nuenen te reizen. Maar niet enkel de kou noopt hem zijn Drentse avontuur af te breken. Ook is hij eenzaam, voelt zich onbegrepen door de lokale bevolking en heeft geldzorgen.

    image

    In een onderzoek als deze stuit de onderzoeker op feitjes en wetenswaardigheden die anders verstoft in het archief blijven. Een schatkamer aan boeiende vindingen waarin je zoals de archeoloog op zoek in de piramide van Cheops de ene na de andere euforie beleeft. Zo’n aardige ontdekking is  bijvoorbeeld wanneer je leest dat Jan Mankes op huwelijksreis met zijn Annie Zernike in de voetsporen treedt van Vincent van Gogh door Drenthe. Als een soort van pelgrimstocht of bedevaart, want Jan was onder de indruk van het werk en levensverhaal van Vincent. Ook Mankes was op zoek naar een bepaalde bezieling in zijn werk en ook hij vond deze in de natuur en het leven op het land. In het oeuvre van Mankes is de invloed van Van Gogh terug te vinden. Rens noemt het opmerkelijk dat Mankes ervoor koos 30 jaar later de Drentse sporen van Van Gogh te volgen, omdat in de literatuur over de schilder de periode in deze provincie nauwelijks aan bod komt. Er was weinig over bekend, maar aan de hand van de in zijn tijd openbaar gemaakte brieven aan Theo was Mankes in staat een tocht uit te zetten.

    Het landschap bood hem rust en inspiratie

    Deze tocht doet hoofdconservator Annemiek Rens voor haar onderzoek en in haar boek nog eens dunnetjes over. Zij miste, tussen de talloze uitgaven die inmiddels over leven en werken van Vincent van Gogh zijn verschenen, een boek waarin vanuit een kunsthistorische en eigentijdse invalshoek naar de Drentse periode wordt gekeken. “Maar ook een studie waarin de betekenis van dit werk binnen het gehele oeuvre aan bod kwam. Een publicatie die als naslagwerk zou kunnen dienen binnen het internationale Van Gogh-discours, en tegelijkertijd interessant en leesbaar was voor een breder publiek.

    image

    Rens heeft gezorgd dat er nu zo’n standaardwerk voor mij opengeslagen op tafel ligt. Haar diepgaande en dus gedetailleerde onderzoek belicht de maanden waarin de schilder zichzelf opnieuw heeft uitgevonden. Drie maanden in afzondering van de kunstwereld hebben hem ruimte gegeven om na te denken over het kunstenaarschap. “Het landschap bood hem rust en inspiratie om te experimenteren met thema’s en techniek. De periode legde een belangrijke basis in de zoektocht naar zijn lotsbestemming.”

    In Drenthe ging Van Gogh terug naar de natuur en naar het pure individu, want in de stad was de mens volgens hem te veel gericht op uiterlijk in plaats van op hun innerlijk. Hoewel hij in de stad gefascineerd was door de arbeiders in de fabrieken, hij tekende en schilderde hen op allerlei manieren, wilde hij terug naar de basis. De arbeiders op het land werden zijn modellen. Aan zijn broer Theo schreef hij voor zijn vertrek: ‘Ik wou wel eens met de natuur alleen zijn – zonder stad.’

    image

    Het boek zal als reisgids kunnen dienen

    Het boek waarmee ik thuis op de bank in de voetsporen van Vincent kan treden schetst eerst de situatie van de provincie in de tijd dat Van Gogh daar rondzwierf. Het had twee gezichten. Het oude boerenbestaan, de woeste gronden en de pittoreske dorpjes tegenover een provincie die volop in ontwikkeling was. Een provincie die bij veel stadsmensen gevoelens van nostalgie opriep naar een wereld die in hoog tempo verdween. Maar ook een provincie waar kapitaalkrachtige verveners de wereld letterlijk op zijn kop zetten, waar grote infrastructurele werken tot stand werden gebracht en waar het boerenbedrijf zich steeds meer op de internationale markt richtte. “In die veranderende wereld zocht Van Gogh zijn eigen weg.”

    Daarna graaft Annemiek Rens zich diep in het Drentse avontuur van Vincent en ga ik met haar als gids op reis door het Drenthe van Van Gogh. Naast de informatie teksten is er naarstig gezocht naar afbeeldingen van werken die de schilder in de provincie heeft gemaakt. Het meeste daarvan is achterhaald, maar er blijven gaten vallen. Vincent schreef aan broer Theo wel over werk dat hij wilde maken, maar dat niet is terug te vinden. Het boek geeft een overzicht van wat er bekend is en welke omzwervingen deze werken hebben gemaakt om uiteindelijk daar te komen waar ze nu zijn. Het Drents Museum heeft vele daarvan in bruikleen genomen om te kunnen tonen in de tentoonstelling. Net als de publicatie geeft het museum een bijzonder historisch beeld van Drenthe rond 1883. Een interessante ondergrond om vervolgens het pad dat Van Gogh er is gegaan te volgen. Het boek zal als reisgids kunnen dienen voor de eens door Jan Mankes afgelegde bedevaart. Een pelgrimage naar Logement Albertus Hartsuiker, nu in Hoogeveen bekend als het Van Goghhuis. In dat pand heeft Vincent tijdens zijn verblijf in Drenthe een slaapplek op zolder gehad, voor een gulden per nacht. Een plaquette in de voorgevel maakt dit duidelijk.

    Op reis met Vincent – Van Gogh in Drenthe. Tekst en eindredactie Annemiek Rens. Met een bijdrage van Mark Goslinga en Jan van Zijverden. Catalogus bij tentoonstelling in Drents Museum van 11 september 2023 tot en met 7 januari 2024. Uitgave Waanders Uitgevers, 2023.

  • In de voetsporen van Vincent door Brabant

    Hij heeft er nagenoeg een ontelbaar aantal stappen gezet. Vincent van Gogh, in de provincie Brabant. Fysiek heeft de tijd ze wel gewist intussen. Maar mentaal is het spoor nog te volgen. De schilder is er geboren en getogen, woonde daar de helft van zijn leven. Totdat hij ongedurig uitvloog naar plekken elders in Nederland en plaatsen over de grens. Maar altijd kwam hij terug op het nest. Lange tijd stond dat ouderlijk huis in Brabant. Of beter, bevonden zijn ouders zich in deze provincie. Daar waar vader Theodorus als dominee werd beroepen. In Brabant zette Vincent ook zijn eerste stappen op het pad van de kunst. Door zijn omgeving te beschouwen werd hij hier een documentalist van het gewone leven. Vincent had een zwak voor de mens aan de zelfkant van de maatschappij. Vooral de Brabantse werklui, wevers en landarbeiders zette hij met sociaal gevoel op papier. Voor zijn beroemde schilderijen in de bekende post-impressionistische Van Gogh-stijl vorm kregen, maakte hij zichzelf meester van het realisme. Van Gogh schilderde als studiemateriaal werken van anderen na. En hij trok het veld in om zijn onderwerpen live te ontmoeten en de natuur op te snuiven.

    Van Gogh, Brabant

    Om zijn wegen door het leven te volgen in met name de provincie Brabant zijn de auteurs Helewise Berger en Ron Dirven een zoektocht gestart. De wegen zijn door stad en land nagelopen. De plekken van betekenis voor zijn leven en werk werden geïnventariseerd. Het leverde een overzicht op van locaties die het belang van het verhaal van Van Gogh in Brabant benadrukken. Deze beschrijving is de grondslag om dit erfgoed voor de toekomst te beschermen. Want voordat een en ander in kaart is gebracht zijn helaas al belangrijke pleisterplaatsen verdwenen. Ze werden afgebroken en is op die plek een ander project ontstaan. Er is daarom een lijst Van Gogh Monumenten opgesteld om deze voor de lange duur veilig te stellen. Deze kunnen gezien worden als dat ze de status van Rijksmonument bezitten.

    Atlas van het Brabant van Van Gogh

    Plekken waar de schilder woonde en heeft gewerkt. Waar het gezin Van Gogh en waar zijn familie verbleef. Plaatsen die onderdeel werden van zijn kunstuitingen. De omgeving die hem inspireerde. Het overzicht en de inventarisatie hebben uiteindelijk een literaire uitgave tot gevolg gehad. Om de sporen door stad en land, dorp en veld, te kunnen volgen is een zogenoemde atlas van het Brabant van Van Gogh opgesteld. Aan de hand van genummerde plekken bij en in plaatsen van belang zijn een zevental landkaarten getekend. “Diverse locaties dragen de sporen van zijn jeugd en zijn familie, liefdes en vrienden”, lees ik. “De tekeningen en schilderijen die hij er maakte zijn nauw verbonden met het Brabantse land.

    Van Gogh, Brabant, aardappeleters

    De auteurs – Helewise Berger is conservator in Het Noordbrabants Museum, Ron Dirven is directeur-conservator van het Van Goghhuis te Zundert en conservator Van Gogh Brabant – van ‘Atlas van Gogh in Brabant’ hebben gedetailleerd de ontdekte geschiedenis onder woorden gebracht. Er zijn in de loop der tijd al veel boeken geschreven over de figuur Van Gogh. Hij lijkt als vrijwel enige Nederlandse kunstenaar tot op het bot te zijn geanalyseerd, tot op de draad figuurlijk te zijn uitgekleed. Maar toch zijn er nog blinde vlekken. Kan zijn leven van een andere dan de bekende kant worden bekeken. Dat is eigenlijk wat er voor en door deze uitgave is gebeurd. Door zijn handel en wandel in de provincie Brabant na te gaan, zijn doopceel er te lichten, komen er interessante feiten aan het licht. De auteurs zijn niet over één nacht ijs gegaan en hebben zich diep in de materie ingegraven.

    Geïllustreerd met oude afbeeldingen

    Vincent stamt uit een protestantse familie die religieus actief was. In de mannelijke lijn waren er predikanten en godsdienstonderwijzers. Daarom bevat het verhaal veel plaatsen die met kerk en pastorie te maken hebben. Zal het sociale gevoel van de schilder Vincent daar een oorsprong vinden? Je kunt het denken. Vincent wordt geboren in Zundert in 1853, exact een jaar na zijn doodgeboren broertje Vincent. Dit wrange feit ligt als een zwarte deken over zijn leven. Maar het verhaal begint al eerder, in Breda.

    Van Gogh, Brabant

    Niet alleen keren de auteurs de grond van de familie Van Gogh om, ook worden de mensen waarmee zij omgang hebben tot leven gewekt in het boek. Doordat het zo nauwgezet is beschreven, alle gangen minutieus zijn nagegaan, is het een levendige en meer dan interessante uitgave geworden. Geïllustreerd met oude afbeeldingen van hoe de toestand was ongeveer ten tijde van Vincent. Naast door Karin Borghouts gemaakte nieuwe foto’s die tonen hoe de situatie er nu bijligt. Zo kan het ook dienen als routekaart om in de voetsporen van Vincent te treden. Om de historie rond zijn persoon ter plaatse te ontsluiten. De Van Gogh monumenten kunnen daardoor toeristische attracties worden en Brabant nog beter op de kaart zetten.

    Stijl die bij hem past

    Als basis voor antwoorden op vragen kan de correspondentie van Vincent en Theo dienen. Deze briefwisseling tussen de broers is al veel vaker als aanleiding gebruikt om het leven van de kunstenaar Van Gogh te doorgronden. Ook nu geven de brieven welhaast voldoende informatie om het spoor door de provincie te volgen. Maar zeker ook de berichten die de andere Van Gogh leden op schrift stelden. Het was een familie waarin de wederwaardigheden en ervaringen met plezier met elkaar werden gedeeld. En natuurlijk maken daarnaast de documenten die in de archieven van stad en land bewaard zijn gebleven het verhaal compleet.

    Van Gogh, Brabant

    Gaandeweg in het boek ontdek ik tussen de regels door en aan de hand van afbeeldingen de kunstenaar Vincent van Gogh. Eerst gaat hij al tekenend door het leven en schetsend  naar het leven, voordat zijn werk meer expressie krijgt om de impressie te verbeelden. Alles was in aanvang voor hem studiemateriaal om zichzelf te onderrichten in de kunsten. Langzaam vindt hij een stijl uit die bij hem past, waarin hij zichzelf en zijn verhaal het best kan uiten. Hij is veel onderweg, meestal te voet langs ’s heren wegen. Maar ook wel neemt hij de tram of de trein, of een ander vervoermiddel dat in zijn tijd gebruikelijk is. Zo vindt hij zijn weg in de omgeving, met altijd een schetsboek op zak om de zichtbare werkelijkheid vast te leggen. Deze schetsen vormen later de basis voor schilderijen.

    Het boek toont van schetsen, tekeningen en schilderijen veel voorbeelden. Deze tonen de kunstenaar als beschouwer, nauwlettend de omgeving en de mensen daarin in zich opnemend. Bekende en minder bekende plekken worden in het boek bezocht. Plekken die in het verhaal tot op het adres nauwkeurig zijn omschreven. “Het boek volgt Vincent op de voet langs de gebouwen, locaties en landschappen waar hij verbleef of zich liet inspireren.” Wie met het boek in de hand Brabant bezoekt kan dit met eigen ogen beschouwen. Kan als het ware de provincie zien door de ogen van Vincent.

    Atlas Van Gogh in Brabant. Teksten Helewise Berger en Ron Dirven, fotografie Van Gogh Monumenten Karin Borghouts. Uitgave WBOOKS in samenwerking met Van Gogh Brabant en Het Noordbrabants Museum, 2023.

    Van Gogh, Brabant

  • Dode broers leven door in Van Gogh Museum

    Ne crois pas que les morts soient morts / Tant qu’il y aura des vivants / Les morts vivront, les morts vivront’ schreef Vincent van Gogh in een brief aan zijn broer Theo bij de dood van de kunstenaar Anton Mauve. ‘Denk niet dat de doden dood zijn / Zolang er levenden zijn / Zullen de doden leven, zullen de doden leven’. En dat is waarom deze Vincent en zijn broer Theo nog steeds onder ons zijn. Na de tragische dood van de oudste en niet lang daarna het plotselinge sterven van de jongste broer hebben de geleefde levens en de nagelaten werken ervoor gezorgd dat ze nog steeds figuurlijk leven. Want schreef cabaretier Bram Vermeulen ook al eens in zijn gezongen testament ‘dood ben ik pas als jij mij bent vergeten‘…

    Vincent van Gogh, Theo van Gogh, Jo Bonger,  Van Gogh Museum

    Dat de geest van Vincent en daarmee die van Theo nog doorleven is vooral dankzij de inzet van Jo Bonger, getrouwd Van Gogh. De vrouw van Theo kreeg na zijn dood beschikking over de helft van de nalatenschap van Vincent. Hiervan heeft zij delen verkocht, maar het overgrote deel is in een collectie bij elkaar gebleven. Haar zoon Vincent, genoemd naar zijn oom en geboren in hetzelfde jaar dat deze zich van het leven beroofde, kreeg bij het bereiken van de volwassen leeftijd de andere helft van de erfenis. Beide delen zijn samengevoegd en daaruit is, om kort te gaan, het Van Gogh Museum te Amsterdam ontstaan.

    Vincent van Gogh, Theo van Gogh, Jo Bonger,  Van Gogh Museum

    De broers onderhielden voortdurend contact

    In de uitgave ‘Kiezen voor Vincent’ wordt het ontstaan van dit museum belicht. De collectie omvat niet alleen veel werken van Vincent van Gogh en de briefwisseling tussen de broers, maar ook de kunstverzameling die zij aanlegden. Doordat ze beide hun carrière startten in de kunsthandel kwamen er vele kunstwerken voor hun ogen en door hun handen. Ze hadden daarbij een ruime interesse en verzamelden naast schilderijen een groot aantal kunstprenten en illustraties. Deze prenten vormden voor Vincent persoonlijk een bron van inspiratie voor zijn latere eigen werk. Theo kwam door Vincent in de kunsthandel terecht en bleef zijn hele leven daarin werken, klom van loopjongen op tot galeriehouder bij wijze van spreken. Vincent koos uiteindelijk voor het vak van kunstenaar, nadat hij verschillende andere mogelijkheden aan zich voorbij had laten gaan. Het verhaal is bekend.

    Vincent van Gogh, Theo van Gogh, Jo Bonger,  Van Gogh Museum

    De broers onderhielden voortdurend contact en wisselden ervaringen en nieuw verworven kunstwerken uit. Daardoor is het niet eenvoudig na te gaan welke verzameling tot welke persoon behoort en kan de volledige collectie dus als een gezamenlijk bezit worden beschouwd. Het vormt nu de kern van de museumcollectie en zo kan het Van Gogh voor tentoonstellingen niet alleen putten uit het werk van Vincent maar zoveel meer kunstenaars uit de tijd van de broers.

    Belangrijke plaats in de kunstwereld

    De verzameling reproducties en illustraties is een heterogeen geheel. Het heeft geen lijn in stijlen en aan elkaar gerelateerde kunstenaars, er is geen thema in te herkennen. De broers hadden geen uitgesproken smaak, maar volgden het eigen gevoel, lieten hun emotie spreken. Echter vallen er wel verbanden te leggen, omdat Vincent veel van de platen gebruikte voor zijn eigen schilderen. Vooral om er van te leren, zichzelf te onderwijzen en omdat hij bepaalde stijlen en vormen zich eigen wilde maken. Ook door het bezoeken van musea en tentoonstellingen werd langzaamaan zijn latere eigen stijl in de steigers gezet. Al deze invloeden en inspiraties hebben zich in zijn geest uitgekristalliseerd in wat we nu van zijn hand kennen.

    Vincent van Gogh, Theo van Gogh, Jo Bonger,  Van Gogh Museum

    Tijdens zijn leven was voor Vincents werk nauwelijks belangstelling, maar broer Theo bleef hem altijd steunen en stimuleren. Na de dood van de broers maakte Jo van Gogh-Bonger er een opdracht voor het leven van om het werk van haar zwager een belangrijke plaats in de kunstwereld te laten krijgen en onderdeel te maken van de kunstgeschiedenis. Wanneer zij zich daar niet zo daadkrachtig voor had ingezet was de kunst van Van Gogh waarschijnlijk in de vergetelheid geraakt, en was Vincent uiteindelijk werkelijk dood verklaart.

    Brieven bewaard gebleven

    Maar het liep anders, gelukkig maar. Voor het boek schreven diverse auteurs essays over de opbouw van de verzameling, het behoud van de collectie en het stichten van het museum. In het hoofdstuk ‘Met liefde verzameld’ lees ik een korte biografie van de broers die zich onlosmakelijk aan elkaar verbonden voelden als een soort van eeneiige tweeling of twee-eiige eenling. Dat verklaart ook waarom Theo kort na Vincent overleed. Het verdriet werd hem teveel.

    Vincent van Gogh, Theo van Gogh, Jo Bonger,  Van Gogh Museum

    Slechts één enkel jaar in hun leven hadden ze door een misverstand geen contact met elkaar. Maar verder bracht Vincent Theo voortdurend op de hoogte van zijn kijk op kunst en zijn werken in de kunst. Het heeft prachtige uitgeschreven filosofische gedachten opgeleverd geïllustreerd met talloze schetsen van latere schilderijen. Uit de brieven kan een deel van het leven van Vincent worden gereconstrueerd. Vooral de brieven van Vincent aan Theo zijn bewaard gebleven. Van die van Theo aan Vincent is relatief weinig over. Samen stelden zij een grote verzameling aan kunstwerken samen. De prenten en illustraties prikte Vincent aan de wanden van zijn verschillende onderkomen om er voortdurend naar te kunnen kijken, ervan te genieten en inspiratie uit op te doen. Aan de hand van de brieven kon men voor het boek nagaan op welke plek specifieke prenten aan de wand hingen. In het boek zijn deze als illustraties samen gebracht.

    Neef van de schilder

    Dat de verzamelde afbeeldingen van Vincent en Theo als geheel bij elkaar zijn gebleven en dat de kunstwerken van Vincent voor het grootste deel daaraan kon worden toegevoegd is dankzij Jo Bonger. Dat vervolgens deze omvangrijke collectie een permanent onderkomen heeft gevonden komt door de niet aflatende bemoeienis van Vincent van Gogh, de neef van de schilder. Hij zag een museum voor zich waar de werken aangelicht werden door de dag en vrijwel zonder behulp van kunstlicht. Verder wilde hij dat het museum een educatieve inslag zou hebben, dat studenten er aan de slag konden in een werkplaats. Van Gogh wenste een levend en levendig museum. Dat is er gekomen, maar in de loop der jaren is het een eigen leven gaan leiden zonder al te zeer de ideeën van de initiator los te laten.

    Het gebouw aan het Museumplein tussen het Rijksmuseum en het Gemeentelijk Museum is in beginsel ontworpen door architect Rietveld. Echter voor de bouw kon beginnen overleed hij en heeft zijn bureau de klus geklaard. Het is een sober lichtpaleis geworden waarin de kunst van Vincent van Gogh en de verzameling van Vincent en Theo een terecht onderkomen hebben gevonden. De uitgave bij de tentoonstelling ‘Kiezen voor Vincent, Portret van een familiegeschiedenis’ in het Van Gogh Museum toont naast de informatieve teksten vooral veel werk uit de verzameling en in mindere mate reproducties van Vincents werk. Het boek heeft als onderwerp de bemoeienis van de nazaten van de broers Van Gogh om de werken als verzameling bij elkaar te houden en op die manier Vincent en Theo daarin te laten doorleven.

    Kiezen voor Vincent, van familieverzameling tot Van Gogh Museum. Met teksten van Hans Luijten, Fleur Roos Rosa de Carvalho, Lisa Smit, Anita Vriend, Roelie Zwikker. Uitgave Van Gogh Museum / Uitgeverij THOTH, 2023.

    Vincent van Gogh, Theo van Gogh, Jo Bonger,  Van Gogh Museum

  • Alledaagse voorwerpen brengen mij dichter bij Vincent van Gogh

    Om dichter bij de figuur Vincent die Van Gogh was te komen kan ik mij figuurlijk begeven in zijn werk. Aan de hand neemt hij mij mee het veld in, de straat op, bij wijze van spreken. Maar hoewel de schilderijen en tekeningen gelaagd zijn, een dieper zijn in zich hebben, blijven het vlakke dimensies. Het beeld komt er in tot leven, maar de ruimte reikt niet verder dan het perspectief van een pad door het koren, een sterrenhemel boven het landschap en stoelen op het terras. Niet dikker dan een halve centimeter, niet dieper dan de haren van het penseel. De tekening is de suggestie van zijn, de illusie van het wezen in een plat vlak. Het schilderij verbeeldt de werkelijkheid, maar is slechts een verzameling verf op een doek. Modder aan een kwastje. De betovering van het kijken.

    Om dichter bij de persoon Vincent die Van Gogh was te komen kan ik zijn brieven lezen. Brieven die hij stuurde aan zijn broer Theo. De correspondentie met vrienden. Ze geven een ruime blik op de kunstenaar als individu. Hij laat het achterste van zijn tong zien in die schrijfsels, zo zodat ik op het puntje van mijn stoel zit. Door de brieven ken ik de achtergrond van zijn werk. Doorzie ik de schilderijen en begrijp ik de tekeningen. De schetsen tussen de regels door onthullen zijn gedachten, de inspiratie en de emotie. Het is het script van zijn leven, denken en doen. Daarmee kan ik de film op mijn kijken en zien laten projecteren. En natuurlijk kan ik ook zijn wezen puren uit de vele zelfportretten die hij door de jaren van zijn korte leven heen heeft gemaakt.

    Stillevens met alledaagse voorwerpen

    Om dichter bij de mens Vincent die Van Gogh was te komen is kunsthistorica Alexandra van Dongen figuurlijk gaan graven in zijn kunstwerken. Figuurlijk gaan spitten in zijn brieven. Met archeologische precisie heeft ze vondsten bloot gelegd, afgestoft en vervolgens te kijk gezet in het boek en de tentoonstelling “Dichter bij Vincent”. Die alledaagse voorwerpen zeggen veel over Vincent van Gogh zelf en zeker over de tijd en de omgeving waarin hij leefde. Hij zette ze gedetailleerd naar de werkelijkheid in zijn schilderijen en op zijn tekeningen. Zijn werken krijgen er een plaatsbepaling mee, een historische achtergrond. Een punt om in de tijd naar terug te kunnen keren. Voordat Van Gogh zich waagde aan verf en penseel was hij met potlood en krijt een documentalist. Hij hield onbewust het archief van de geschiedenis bij.

    Vincent van Gogh, Alexandra van Dongen, Vincent Van GoghHuis, Sterck & De Vreese

    Vincent had belangstelling voor de lagere kaste, de mindere elite van het voetvolk, of wel de gewone mens die toch betekenis had voor het reilen en zeilen van de maatschappij. De werklieden; boeren en buitenlui, wevers en spinners, de postbode, de werkvrouw. Lui die de samenleving draaiende hielden. In het zweet des aanschijns werkten van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat. Die krachtige karakters stonden model voor het verhaal dat Vincent ons naliet. Nog voordat de korenvelden en de zonnebloemen, cipressen en sterrennachten, het nachtleven en de zaaier op het land zijn doeken bevolkten schilderde Van Gogh stillevens om zich te bekwamen in het vak. Stillevens met alledaagse voorwerpen als model, met bloemen en fruit die het moment van het jaar duiden.

    Huishoudelijke zaken en uitgaansleven

    Van Dongen heeft zich tijdens een curator in residence periode verdiept in onder meer de potten en pannen, weefgetouwen en spoelwielen die Van Gogh heeft vastgelegd in zijn werk. De conservator historische vormgeving van Museum Boijmans van Beuningen was een maand te gast in het atelier van het Vincent van Goghhuis in Zundert. Een plek waar kunstenaars geïnspireerd raken door de omgeving waar Vincent opgroeide. “Vanwege hun creativiteit en sensitiviteit zijn kunstenaars goed in staat de ‘geest van de plek’ te doorgronden en die te vertalen naar krachtige nieuwe werken”, schrijft directeur-conservator Ron Dirven in zijn voorwoord tot het boek.

    Vincent van Gogh, Alexandra van Dongen, Vincent Van GoghHuis, Sterck & De Vreese

    Het onderzoek van Van Dongen is daarom interessant omdat het een inkijk geeft in vooral huishoudelijke zaken en het uitgaansleven van toen weleer. Dat het gekoppeld is aan de schilderijen van Vincent van Gogh geeft het speurwerk extra cachet. Door de kunst van Van Gogh op detail uit te pluizen, elk voorwerp erin afgebeeld te doorgronden, te identificeren en de herkomst ervan te achterhalen, plaatst de kunsthistorica de schilder in zijn tijd. Het onderwijst mij de tijd waarin hij leefde, het dateert zijn werken naar de voorwerpen. Omdat Van Gogh zo precies de vorm en beschildering van de objecten op doek en papier heeft vast gelegd kan de oorsprong ervan grondig worden onderzocht. Zo is een boek ontstaan waarin aan de hand van Van Gogh’s werken teruggegaan kan worden in de tijd.

    Expressie in de impressie

    Van ieder andere schilder kan zo een zelfde queeste worden ondernomen. Dat dit bij Van Dongen Van Gogh is geworden komt doordat ze zich buiten haar comfortzone van Rotterdam in Zundert kon concentreren op die plek. De plek waar Van Gogh als jonge knaap heeft gewandeld en waar zijn geest, voor degene die vatbaar is voor een dergelijke verbeelding, nog steeds ronddwaalt. Leven en werken van Vincent spreken door zijn kunstenaarsmanieren nog voortdurend aan. Zijn invloed op de kunst na hem is groot. De expressie die hij in de impressie wist te brengen is een spiegel van zijn leven. De afgebeelde voorwerpen maken, doordat ze nu een historische duiding hebben gekregen, dat leven evenwel minder mysterieus. De figuur Vincent daalt van zijn voetstuk af en blijkt ook maar een gewoon mens te zijn.

    Vincent van Gogh, Alexandra van Dongen, Vincent Van GoghHuis, Sterck & De Vreese

    “Dichter bij Vincent” is meer een naslagwerk dan dat het een kunstboek is. Het toont de voorwerpen die door Van Gogh in stillevens en op genrestukken werden gebruikt. Niet de schilderijen worden besproken, als wel de materialen die daar op staan afgebeeld. Van Dongen heeft deze dingen diepgaand onderzocht, de oorsprong ervan gevorst. De tentoonstelling onder dezelfde titel is vormgegeven door de kunstenaars André Smits en Monika Dahlberg. Het is geen opsomming en rangschikking van de onderzochte voorwerpen geworden, maar laat op een kunstzinnige manier de originele voorwerpen zien die Van Gogh daadwerkelijk als model heeft gebruikt. Het onderzoek is vertaalt naar een expositie met teksten, tekeningen en collages om de getoonde voorwerpen te ondersteunen. Objecten uit zijn nalatenschap die worden beheerd door het Van Gogh Museum Amsterdam en Musée d’Orsay Parijs. En archeologische vondsten uit de tuin van de pastorie in Nuenen. Deze voorwerpen dragen het DNA van de kunstenaar, de scherven de grond waar hij ooit heeft gestaan.

    Dichter bij Vincent, alledaagse voorwerpen in het werk van Vincent van Gogh. Teksten Alexandra van Dongen. Uitgave Sterck & De Vreese, 2022. Tentoonstelling in Vincent Van GoghHuis Zundert, samenstelling André Smits en Monika Dahlberg – gastcurator Alexandra van Dongen, 30 juli t/m 30 oktober 2022.

    Vincent van Gogh, Alexandra van Dongen, Vincent Van GoghHuis, Sterck & De Vreese
  • Vincent van Gogh inspireert Rainer Fetting

    Hij is niet geïnspireerd door geboortegrond, omgeving of kerkbank. Niet zoals de andere kunstenaars die tijdens een korte periode in VanGoghAiR verblijven. Hij zoekt de geest van Vincent niet in Brabant wanneer hij er in december is, maar vond de figuur al veel eerder denkbeeldig in Berlijn en New York. Daar te zijn in Zundert bevestigt zijn eerdere gevoel, de fascinatie die thuis ontstond bij de reproducties aan de wand van vaders werkkamer. Al vroeg in zijn wezen als artiest raakt Rainer Fetting geobsedeerd door de persoon en de kunstenaar Vincent van Gogh. Het gedachtengoed van de bevlogen schilder spreekt Fetting aan.

    Als ‘nieuwe wilde’ voelt hij zich verwant met de kracht van Vincent. Vastgelegd in Van Gogh’s kenmerkende en baanbrekende schilderstijl, die navolging krijgt in latere tijden. In zijn tijd is het te opschuddend om aan te slaan, de monden vallen niet open van verbazing maar van afgrijzen. Slechts enkele tijdgenoten onderkennen de expressie van de geboren Brabander. Na zijn zelf gekozen dood raakt de zeggingskracht meer in de smaak en blijkt dat Vincent geschiedenis heeft geschreven. Door tekeningen, schilderijen en brieven kennen we het verhaal. Dat is de buitenkant. Tussen de geschreven regels door, figuurlijk achter de woorden en om de doeken heen, leren wij de mens Van Gogh kennen. De kunstenaars in VanGoghAiR proeven de sfeer van de omgeving, voelen de geest van de schilder – de bodem ademt nog de voetsporen. Terwijl Van Gogh toch veel van zijn beroemde werken elders heeft gemaakt, is deze grond in de kunst heilig verklaart.

    Een stad in de achtergrond

    Vincent van Gogh was een verlegen jongen, maar kon zich later vol overgave uiten in zijn werk dat wordt gerekend tot het postimpressionisme. Rainer Fetting voert hem op als hoofdrolspeler in zijn expressieve werken. De schuchtere figuur treedt uit de schaduw en is nadrukkelijk aanwezig. Schildervriend Paul Gauguin blijft in de schaduw, op de achtergrond, maar als steun in de rug aanwezig. Fetting plaatst Vincent met grote gebaren voor de Berlijnse muur, die in de periode dat het werk tot stand komt nog niet gevallen is. Vincent draagt de kleding en heeft de houding van de schilder op weg naar Tarascon, een schilderij dat helaas in de Tweede Wereldoorlog verloren is gegaan. De ferme pas, de grote gele hoed schuin op het hoofd, het schildermateriaal op de rug en onder de arm. Op weg langs de rietvelden, een lange schaduw valt naast hem door een lage niet zichtbare zon. Twee ongelijksoortige bomen en een stad in de achtergrond. Diezelfde Vincent vinden we terug in Berlijn, nog steeds onderweg. Gezien door Rainer Fetting in zijn eigen realiteit.

    Rainer Fetting

    In het boek “Rainer Fetting ziet Van Gogh”, dat ter gelegenheid van de gelijknamige tentoonstelling in het Vincent van GoghHuis te Zundert drietalig is verschenen, maak ik kennis met de Duitse kunstenaar die de Nederlandse schilder als kunstanalist ziet. Hij verondersteld in een gesprek met Ron Dirven van het huis dat het tekenen en schilderen van Vincent niet alleen gebaseerd was op intuïtie maar ook op zijn kennis van de ontwikkeling van de kunstgeschiedenis. Omdat Van Gogh autodidact is volgde hij in zijn werk niet de academische regels of de dogma’s van zijn tijd. Hij kon er juist spontaan tegen ageren. Zijn manier van schilderen is heel duidelijk, puur en krachtig. In de uitgave plaatst Fetting zichzelf met hoed voor de muur in zwartwit fotografie. Als kruipt hij in de huid van zijn inspirator. Het heeft te maken met zijn idee in eerste instantie filmregisseur te worden. Vandaar ook dat er in het boek snapshots uit een underground film zijn afgedrukt die hem laat zien in de rol van Vincent schilderend op de muur. De 19e eeuwse schilder met spuitbus in de weer om een 20e eeuwse graffiti piece te zetten.

    In zijn tijd een nieuwe wilde

    Het impressionisme van Van Gogh vindt een gevoelsmatige weg in het expressionisme van Fetting. Het is een voortzetting van de stijl waaraan Vincent nooit is toegekomen, maar die hij ergens wel heeft voorvoelt, doorvoelt. De eerste sporen daarvan zijn in zijn werk al te vinden. Vincent drukt gevoelens uit, zijn onderbewuste reactie bij de zichtbare werkelijkheid vervormt deze tot emotionele platen. Niet wat hij zag schilderde hij, maar de ervaring bij dat zichtbare. Zo zodat andere vormen in zijn werk door kunnen dringen. Nog voor de term was bedacht voelde Van Gogh zich al een expressionist, in zijn tijd een nieuwe wilde.

    Rainer Fetting

    Niet alleen loopt Vincent langs de muur, ook plaatst Rainer hem in de metro van New York. Of bij een vrachtwagen. Een entourage waarin Van Gogh zich nooit heeft kunnen begeven, maar waar hij volgens de maker wel past. “Hij is voor mij geen historisch figuur”, zegt Fetting daarover, “maar juist heel modern. Ook in zijn werk. Zijn beelden zijn vandaag de dag nog steeds van grote betekenis en daardoor zeer aanwezig.” En ter plaatse laat Fetting Van Gogh zijn in het veelkleurige werk. Even levendig en buitensporig spontaan. Ook wanneer hij zichzelf afbeeldt is het als Van Gogh. Het zelfportret in die sfeer, die herkenbare stijl. Later maakt de kunstenaar bronzen beelden met Van Gogh en Gauguin in plastische houding met de cynische titel “Rückkehr der Giganten”.

    Krachtige penseelvoering

    De plaatsing voor de muur kan een symbolische zijn, want Van Gogh liep in zijn leven tegen hindernissen aan door zijn manier van leven en met het bedrijven van de kunst. Pas na dat leven, in de dood dus over het graf heen, breekt zijn werk die kunst af. Net zoals de Berlijnse muur ook niet veel later dan dat Fetting de schilder er voor heeft gezet wordt afgebroken. Een schilder onderweg. In de kunst en in de tijd. Onderweg voor de kunst uit, zijn tijd ver vooruit door veel stappen meer te zetten. Het aan te durven tegen de stroom in te lopen, zich niet te conformeren aan heersende voorschriften. Rainer Fetting tot voorbeeld. In krachtige penseelvoering zet hij de houding van de schilder in uitdrukking steeds meer vooruit. Voorwaarts met ferme stappen, zo lijkt het. Met zevenmijlslaarzen door de porseleinkast. De lijdende figuur die de geschiedenis van hem heeft gemaakt, wordt in het werk van Fetting een krachtdadig persoon.

    Rainer Fetting

    Het boek waarin wordt beschreven hoe Fetting Van Gogh ziet en ontmoet heeft ten eerste een inleiding van de eerder genoemde directeur-conservator Ron Dirven. Als voorbereiding op de expositie sprak Dirven in september 2020 met Fetting over zijn levenslange fascinatie voor Van Gogh. Sir Norman Rosenthal schreef een essay over de bijzondere relatie en toont de verwantschap met Francis Bacon, een kunstenaar die ook door Van Gogh werd geboeid. Niet dat hun kunst gevangen zit, dat de stijl van werken gefixeerd is door de idee iets te moeten met de beelding van Van Gogh. Maar het vormt een inspiratie voor het eigen werk. Om de emotie die al jarenlang besloten ligt in onder meer de sterrennacht, de zonnebloemen, het nachtcafé en het korenveld los te laten in de eigen expressieve uitingen. Niet in de voetsporen, maar naast het pad lopend. Met hulp van Van Gogh de essentie van de dingen in verf uitvoeren. De gedachte wordt tot beeld.

    Rainer Fetting ziet / sees / sieht Van Gogh. Teksten Ron Dirven en Norman Rosenthal. Uitgave bij tentoonstelling in Vincent van GoghHuis, Zundert. Uitgeverij WBOOKS, 2021.

    Rainer Fetting, Vincent van Gogh, WBOOKS
  • Essays over het leven als Vincent in Zundert

    Hij staat in een traditie. Voor hem en na hem werken kunstenaars in het geboortehuis van Vincent van Gogh. Of eigenlijk op de geboortegrond van de beroemde schilder, want het originele huis is afgebroken en opnieuw gebouwd. En aanpalend aan het kostershuis naast de kerk is een eigentijds atelier gebouwd, dat “maandelijks aan een kunstenaar ter beschikking wordt gesteld, uit binnen- of buitenland, die in de voetsporen van Van Gogh treedt en daardoor geïnspireerd op deze locatie werk maakt”. Artist in residence dus, lees ik in het boek ‘Vanwege Vincent’; maar daarover in een later Kunst-stukje meer wanneer die uitgave ter sprake komt.

    De kunstenaars voor hem en na hem laten zich dus inspireren door Vincent, Vincent van Gogh – één van de weinige kunstenaars waarvan je alleen de voornaam maar hoeft te noemen. Zijn geest dwaalt er als het ware nog rond, daar in Zundert waar Vincent is geboren en getogen totdat hij op 17-jarige leeftijd verder de wereld in trekt. Hij spookt ’s nachts door de tuin en knielt op het grafje van zijn doodgeboren broer met dezelfde voornaam.

    Brieven aan Theo

    Het resultaat van werken van de tijdelijk ingetrokken kunstenaars is geen replica van een Van Gogh, de zonnebloemen en de korenvelden, de sterrennacht en de aardappeleters worden niet na- en overgeschilderd. Want het kunstje waarmee Vincent zo wereldbekend is hoeft niet opnieuw te worden uitgevonden. De hedendaagse kunstenaars laten zich leiden in en door zijn gedachten, die na sudderen op deze grond en vallen door te lezen in de brieven gestuurd aan broer Theo. Het is dat wat Jonah Falke daar op die plek ook poogt te doen. In het Vincent van Goghhuis te Zundert probeert hij in de geest en in het zijn van de illustere schilder te komen.

    Falke is eerst en vooral een schrijver, daarnaast lijkt hij een minder begaafd schilder. Zijn werkwijze lijkt wat onbeholpen in weergave. Waar ik een gelijkenis in voorkomen wil zien merk ik een evenbeeld in karakter, het zijn achter de grimas – de mimiek van de emotie. Het is niet de herkenning van gezicht, lijf en leden die er voor Falke toe doet maar een weten van gevoel: het innerlijk portret. Wanneer hij het schilderen moe is schrijft hij, net als Vincent. Geen brieven, maar notities in het dagboek. “Om het leven te begrijpen dient het goed verteld of verzonnen te worden”, lees ik op een dag. Maar ik ga ervan uit dat alles wat Jonah heeft opgetekend op waarheid berust en dus geen verzonnen vertelsels zijn.

    Jonah Falke, dagboek, Zundert

    In het speciaal voor de kunstenaars gebouwde atelier kan de kunst, waar Van Gogh een voorbeeld aan is, in de juiste sfeer opbloeien. Vooral dus het gedachtegoed is daarbij belangrijk. Falke werkt in de ruimte aan diverse schilderijen tijdens zijn korte verblijf aldaar. “Schilderen blijkt raadselachtig”, merkt hij op. “Voor het denken uit. Meer geluk dan wijsheid.

    Dagboek uit Zundert

    Zijn indrukken en handelingen tekent hij zwart op wit aan in een dagboek. Netjes uitgewerkt halen deze notities een gedrukte uitgave als ‘Dagboek uit Zundert’. Daarin valt de worsteling te lezen, de moeite die Falke zich getroost om het penseel ter hand te nemen en het doek te bekladden. Hij neemt zich voor mensen te portretteren die in zijn werken iets voor hem hebben betekent. Dat zijn dan naast Vincent, waaraan hij zich in doen en laten spiegelt op deze plek, vooral bekende schrijvers als Arnon Grunberg en H.J.A. Hofland. Want Falke is rapper met de pen dan dat hij vingervlug is met verf en kwast. Falke denkt te weten hoe zijn vriend en adviseur Joris Geurts dan ook staat tegenover zijn werk: “…dat hij de schilderijen inhoudelijk wel goed vindt, maar technisch belabberd. Op de kunstacademie noemde hij me eens ‘visueel gehandicapt’. De anatomie van mijn figuren deed hem aan de Paralympische Spelen denken.

    Jonah Falke, dagboek, Zundert

    Het schilderen wil maar niet vlotten. “In mij zit de onrust dat het niet goed is, beter moet en anders kan.” Het vreet hem op, hij ligt er ’s nachts van wakker. Probeert zijn zinnen te verzetten door te schrijven, of de deur uit te gaan om mensen te ontmoeten. “Wakker liggen: Malen over niets is het ergste malen, omdat het geen begin, eind of reden kent.” Hij heeft als een monnik de afzondering nodig om tot iets te komen, om iets te kunnen maken. Toch komt hij tot het maken van voldoende werken om later, na zijn vertrek uit Zundert, te laten zien in een tentoonstelling bij de Van GoghGalerie. Hij schat zichzelf op waarde en maakt een prijslijst bij de werken. “Morgen trekt er een nieuwe kunstenaar in het atelier en de kosterswoning. Vol goede moed en ideeën, maar helemaal te plannen valt een verblijf in Zundert volgens mij nooit. (…) Ik zie het doel van het schilderen niet meer. Misschien ben ik meer preker, schrijver, iets wat niet meer los te zingen valt van het dagelijks leven.

    Kracht van Van Gogh

    In zijn dagelijkse bevindingen maakt Falke mij deelgenoot met zijn wederwaardigheden. Sec wat hij meemaakt en ervaart, maar daarnaast ook zijn strijd om tot in zijn ogen volwaardig schilderwerk te komen. “De ochtenden zijn eigenlijk het beste om te werken. Dan is het alsof je zelfkritiek nog deels slaapt, waardoor het gemakkelijker is om ‘het’ te laten gebeuren.” Hij bekijkt alles als zijnde een studie tot een hoger doel, en minder als een schilderij zoals Vincent ook naar zijn werk keek destijds. “De kracht van Van Gogh is misschien dat ook mensen die weinig tot niks met kunst hebben, hem kunnen waarderen.

    Jonah Falke, dagboek, Zundert

    Het is alsof de schrijver al geweten heeft dat het dagboek een uitgave zou gaan worden. Hij spreekt er op een dag over met de uitgever. De notities zijn dan ook geen studie naar de waarheid van dat moment, maar korte verhalen – essays over het leven als Vincent in Zundert. Er komen diverse mensen langs in het atelier of hij ontmoet personen in het dorp. Mensen die hem iets doen, onbedoeld vooruit helpen of juist afremmen. De werkzaamheden aan weg en riolering buiten houden hem van werken af, deze storen zijn rust. De vrijwilligers die huis, galerie en inrichting bestieren zijn tevens stoorzender. Want hij is daar toch en vooral om te werken in afzondering en stilte. De stilte van het alleen zijn, als monnik in de cel van een klooster. De rust van het plattelandsdorp Zundert staat buiten het rumoer van de wereld er omheen. De pandemie vanwege het virus klinkt er wel door, maar de grote problemen zijn (te) ver weg en liggen er minder op het bordje.

    Diepere gedachten

    De maand juni van 2020 leest dag na dag intrigerend aan de hand van Jonah Falke’s aantekeningen. Een inzage in leven en werken op dat moment van deze kunstenaar. Hoe hij het zijn daar op die plek doorvoelt en naleeft. Het bezoek van zijn vriendin. De gedachten aan thuis. De ontmoeting met een dame die een zwervend bestaan voorstaat. Het overleg met conservator Ron Dirven over wat en hoe, en vooral waarom van het verblijf in Zundert. Het leidt af van zijn doel, maar brengt hem wel op het spoor van het noteren van de dagelijkse beslommeringen en de diepere gedachten die opkomen naast kosterswoning en kerkgebouw. Hij schrijft minder over het schilderen, meer over wat hem allemaal overkomt en wat een onbekommerd schilderen juist in de weg staat.

    Jonah Falke, dagboek, Zundert

    Het bezoek van monnik Thomas Quartier is heilzaam. Quartier probeert tot de ziel, het wezen van de schilder door te dringen. “In Jonah’s werken lijkt de verhouding tussen werkelijkheid en schilderij te variëren – soms overheerst de werkelijkheid, soms de imaginatie.” In een opgenomen tweespraak binnen het dagboek lees ik die vriendschap in woorden. Aan het eind van de uitgave gaat de monnik nog in op de ontmoeting, schrijft over de kunstenaar en zijn overeenkomst met het leven als kloosterling. “De dialoog van het kunstwerk omvat niet alleen de schilder en de kijker, maar ook de vorm waartoe de schilder zich op de een of andere manier verhoudt. En ook al lijkt de schilder iets nieuws te maken, hij zal altijd in relatie staan tot een grotere beweging, de kunst en het open einde van de werkelijkheid. Recht doen aan die relatie zonder erin te verdwijnen. (…) Maar doe het nooit om effect na te jagen of om een boodschap over te brengen. Dan doe je immers het open einde van je werkelijkheid teniet.”

    Zo heeft het Dagboek uit Zundert diepgang. Schoorvoetend heeft Jonah Falke iets proberen toe te voegen aan de plek die al alles heeft en ademt. Hij komt tot peinzende denkbeelden, gedachte filosofieën en enkele zonderlinge schilderijen. “Creatieve mensen kunnen niet anders dan iets voortbrengen wat zij zelf zijn, hoe onherkenbaar dat ‘iets’ ook is.

    Dagboek uit Zundert, Jonah Falke. Uitgeverij Fagus, 2020.

    Jonah Falke, dagboek, Uitgeverij Fagus
  • Ruud van Empel heeft Vincent van Gogh uitgevonden

    Om iemand te kennen zal je deze mens eigenlijk in de ogen moeten kunnen zien. Vandaar dat de mogelijkheid van videobellen zo bij de tijd is, en het sociale groepscontact door de videoconferentie. Want vooral in deze periode is het aangezicht van mensen zo belangrijk. Om ze te kennen, te weten wie je voor je hebt. Slechts de stem van een mens horen, dan blijft het toch een iemand. Weet je soms zelfs niet eens of het een man, vrouw of iets daartussen in is.

    Om een kunstenaar te kennen moet je het werk bekijken, en hoef je eigenlijk geen gezicht te zien. Spitten en graven in de composities die uit het leven voor de wereld zijn nagelaten. Door achter het beeld de geest te ontdekken. Ondanks dat, die mogelijkheid tot onderzoek, blijft de kijker subjectief benieuwd naar het hoe en waarom, om daarna objectief te oordelen. Het beschikbare beeld is niet genoeg, de beschouwer wil de achtergrond weten om te kennen. Anders blijft het teveel een mysterie waar geen vinger achter te krijgen is. Niemand weet wie de kunstenaar Banksy is, hoe hij er uitziet. Maar we willen het allemaal wel graag weten, hoewel zijn werk voldoende zou moeten zijn hem te kennen. Om het tastbaar te maken en te laten zijn wil ik weten wie deze mens is, hoe de gelaatstrekken zijn, waar de blik kijkt om het werk te doorgronden. Kennen is weten – thuisbrengen is verstaan. Vaak is toch ook die ballast wel een last om onbevooroordeeld te beoordelen. Maar het is uit nieuwsgierigheid dat je het aangezicht van de mens wilt zien.

    Afdruk figuurlijk kleuren

    Tegenwoordig kun je naar een fotografisch beeld kijken. Voor nu was het de mogelijkheid een geschilderd zelfportret te beschouwen of het gecomponeerde portret dat een ander van de persoon maakte. Het zelfportret is de eigen kijk van de persoon op zichzelf. De ander heeft een ander beeld, een verschillende kijk. Deze ziet en bekijkt de geportretteerde anders dan hij of zij zichzelf ziet. Ook het oog van de fotograaf kijkt anders. Hoe vaak hoor je niet: oh, wat sta ik dom op die foto! Het oordeel over jezelf is meestal meedogenloos en ongevoelig. Want het is maar net de vraag in welke stemming je zat en wat voor houding je aannam. De professie van de beeldmaker kan om dat eigen vooroordeel heen kijken en de afdruk figuurlijk kleuren.

    Het is misschien daarom dat van Vincent van Gogh geen goed beeld te krijgen is. En toch willen we weten welk voorkomen de kunstenaar had. Hij is een karikatuur in de kunst, die helemaal voldoet aan het begrip en zijn van de kunstenaar. Van Gogh heeft wel zelfportretten gemaakt, maar deze zijn alle verschillend aan elkaar. Vincent was geen realist en bekeek zichzelf vanuit zijn gevoel. Het beeld neemt de stemming aan waarin hij op het moment van schilderen was. En de portretten die anderen van hem maakten tonen ook verschillen. Er is slechts één foto van hem toen hij een 19-jarige jongeman was. Maar deze lijkt nauwelijks op de mens die wij als Vincent denken te kennen, en komt qua uiterlijk ook niet terug in de portretten.

    Ruud van Empel, Vincent van Gogh

    Maar waarom willen we een gelijkende indruk hebben, zoals van bijvoorbeeld Rembrandt van Rijn wel te maken is. Rembrandt beschouwde zichzelf nauwlettend en zag iedere rimpel en elke haar in het eigen gezicht. Wij kunnen ervan uitgaan dat hij er zo dus uit heeft gezien en anderen hem zagen. Toch willen we graag de mens Van Gogh in de ogen kijken. Willen we hem kennen zoals hij was. Uitgaande van de bestaande portretten is dat nauwelijks mogelijk.

    Een wonderlijk effect

    De fotokunstenaar Ruud van Empel heeft ervoor zichzelf een project van gemaakt om het gezicht van Vincent van Gogh tot leven te wekken. Om hem uit het verleden naar het heden te halen. Hij heeft Vincent als het ware uitgevonden. Zijn toch al uitgebreide database van beeldfragmenten heeft hij nog aangevuld met foto’s van Vincent look-a-likes. Mannen die eenzelfde soort gelaatstrekken hebben als die Vincent had. Met die beelden en met de bestaande geschilderde portretten is Van Empel in zijn bekende techniek van knippen en plakken aan het werk gegaan. De fotograaf schildert achter het beeldscherm. De database is zijn palet. Door samen te voegen, over elkaar te trekken en weg te snijden is hij in staat nieuwe beelden en omgevingen te scheppen. Met een wonderlijk effect.

    Ruud van Empel, Vincent van Gogh

    Zo heeft hij in een serie van portretten de gelijkenis van het gezicht van Vincent van Gogh gecomponeerd. Zo zag de schilder eruit naar het idee van Van Empel. De archival pigment prints worden op dit moment in het Vincent van Gogh huis te Zundert tentoongesteld. In de catalogus bij die tentoonstelling, “Inventing Van Gogh”, wordt ook nog eens getoond hoe de fotoportretten tot stand zijn gekomen. In enkele gevallen worden een paar stappen in het proces bij de teksten van Ron Dirven en Hans November afgedrukt. De deur van de keuken van Ruud van Empel gaat op een kier en ik kan een enkele glimp opvangen van de kok en zijn pannen op het vuur. Maar het recept, daarin krijg ik geen inzage. Het mysterie wordt niet ontrafeld.

    Geslaagde poging

    In de samengestelde portretten die naar aanleiding van de bestaande schilderijen zijn gemaakt, kijkt Vincent mij nooit recht aan. Van Gogh heeft zichzelf telkens van half opzij, driekwart, te kijk gezet. Anderen zagen hem wel recht aan of in profiel. Van Empel heeft ook een poging gedaan een pasfoto-pose te maken. Het is niet alleen een foto voor in zijn paspoort geworden, maar geeft ook zijn professie weer. De persoon kijkt me recht aan, confronteert mij met zijn blik. Verfspatten en een achtergrond met veldbloemen completeren het beeld. Maar meestal is de man op de foto een dromer, lijkt dwars door me heen te kijken of zelfs langs me heen. De blik op de foto is meer indringend dan deze op de schilderijen al was. Het hoekige gezicht, de getekende trekken, dit moet Vincent zijn. Werkelijk zullen we het niet weten, maar Ruud van Empel heeft een geslaagde poging gedaan het tot realiteit te maken.

    Ruud van Empel, Vincent van Gogh, Vincent van Gogh Huis

    Ook nam de fotokunstenaar andere schilderijen van Van Gogh onderhanden, zoals “Wilde rozen met kever”, “Vlinders en klaprozen” en “Bloeiende perzikboom”. Het zijn welhaast exacte kopieën geworden. Maar wel in de stijl van de één op de techniek van de ander. ‘Van Gogh #8’, naar “Grasgrond”, past naadloos in zijn serie Voyage Pittoresque. Het is geen afgeleide, zoals vooral de portretten dat wel zijn, maar het is een uitwerking met het karakter van Van Empel zelf. En dan zijn er uiteraard de zonnebloemen, om dat onderwerp kan Ruud van Empel niet heen, wanneer hij zich door het werk van Vincent van Gogh laat inspireren. Het zijn allemaal smaakvolle en vaak wonderlijke vertalingen geworden. Een reis door de tijd, van eind 19e eeuw toen tot onze 21e eeuw nu. “Portretten zonder gezicht” noemt Hans November zijn tekstuele bijdrage, maar van dat gezicht zijn wel degelijk portretten. De persoon zelf is niet meer in leven, maar komt in ‘Inventing Van Gogh’ tot leven.

    Het Vincent van Gogh Huis toont deze nieuwe werken van Ruud van Empel, waarin de kunst van de beroemde schilder dichter naar de realiteit komen, maar dromerig blijven. De boekuitgave daarbij toont die nieuwe composities op oude werken in lichtechte kleuren. De reproducties van de schilderijen zijn al goed en realistisch van tint, de fotoprints doen daar niet bij onder. Er is veel zorg aan de kleurechtheid besteedt bij het drukken van het boek. Achterin zijn dan de series Van Gogh en Vincent nog eens kleurloos op pasfoto formaat afgedrukt, zodat de lezer in een enkele oogopslag een compleet overzicht krijgt. De catalogus completeert met een biografie en een overzicht van tentoonstellingen van het werk van Van Empel. Met afbeeldingen van inrichtingen, waaronder die in Museum Belvédère, Making Nature van 2019.

    Tentoonstelling en catalogus “Inventing Van Gogh”, fotowerken van Ruud van Empel. Uitgave Vincent Van Gogh Huis, Zundert, 2021.

    Ruud van Empel, Vincent van Gogh, Vincent van Gogh Huis
  • Buiten de tijd om leven in de voetsporen van het verleden

    Deze werkperiode heeft me de vrijheid gegeven om mijn comfortzone te verlaten. Dat wil niet zeggen dat ik geen keuzes heb gemaakt. Ik wilde geen gezellig werk maken en ging uit van Vincent zijn zelfportretten, zijn achterdochtige blik om te proberen de moeilijk te duiden stemming neer te zetten. (…) Vincents rotsvaste overtuiging, zijn innerlijke drijfveer, zijn allesoverheersende intrinsieke werkethos, dat kom je niet vaak meer tegen. Dat werd mijn innerlijke drijfveer.

    Zich spiegelend aan Vincent, althans Van Gogh zijn inspiratiebron laten zijn in de coronawinter van 2021. In de tijd dat sociale omgang op een laag pitje staat kan Matijs van de Kerkhof koortsachtig werken aan een reeks schilderijen. Met dus Vincent als bron om uit te putten. In zijn werk ziet hij aanknopingspunten om verder te gaan in die reis, op de trip in de kunst. Als Vincent die op het eind van zijn leven overmatig productief is. Alsof de dood hem op de hielen zit, Vincent. Alsof de tijd hem opjaagt, Matijs. Bekende werken als sterrennacht, cipressen, zonnebloemen, zaaiers en spitters. En meerdere portretten. Voor Vincent zelfportretten, voor Matijs portretten van Vincent.

    Van Gogh schildert zichzelf als introvert, de blik is naar binnen gericht. Er blijft afstand tussen maker en kijker. We zullen nooit weten wat er in hem omging, kunnen er alleen naar gissen door zijn brieven aan broer Theo. Matijs opent deze gesloten blik, pelt de huid eraf en toont wat er achter die ondoorgrondelijke oogopslag schuilt. Hij doet dat in zijn persoonlijk krachtige stijl, zo eigen aan Van de Kerkhof, daarin de streken van zijn inspirator volgend. Ook in het landschap en het stilleven legt Van de Kerkhof de emotie van Van Gogh bloot. Vincent schilderde wat hij zag, zette daar zijn gevoel tegenaan. Het werd geen realiteit, maar een expressieve impressie, een vertaling van de werkelijkheid. Zijn werkelijkheid die boven de zichtbare waarheid ligt. Matijs geeft daar een eigenzinnige draai aan. Maakt de kleuren complementair alsof ik naar een negatief beeld kijk.

    Artist-in-residence

    Van de Kerkhof komt van Nuenen waar Van Gogh na zijn verblijf in Drenthe op 30 jarige leeftijd opnieuw voor korte tijd bij zijn ouders intrekt. Het is een belangrijke en productieve periode voor hem, een kwart van zijn oeuvre ontstaat in de velden rond Nuenen en in het washok achter de pastorie waar zijn vader een atelier voor hem had ingericht. Maar het botert niet tussen Van Gogh senior en junior, Vincent zoekt een eigen onderkomen. Na de dood van zijn vader vertrekt hij naar Frankrijk. In Zundert, waar het geboortehuis tegenwoordig een museum is, ligt de jeugd van de kunstenaar. Van de Kerkhof is daar artist-in-residence, gast in het atelier van het Van GoghHuis. De schilder van nu treedt daar in de voetsporen van de schilder van toen. Er is een boek van gemaakt, van een deel van die productie want veel heeft ook niet de zichtbaarheid gehaald. Een onderdeel van het proces die andere dingen kunnen opleveren. Deze dienen dus als vingeroefeningen, schetsen om de manier waarop Vincent de verf in de vingers heeft gekregen te doorgronden. Niet dat Matijs op eenzelfde manier te werk is gegaan, maar hij is erop door gegaan.

    Matijs van de Kerkhof, Uitgeverij De Zwaluw

    Door de verf te empateren, de kleurvlakken steeds aandikkend zodat een overvloed aan kleur het doek dekt, schildert hij net als Vincent helderheid, spontaniteit en levendigheid. De doeken spreken door de verflaag en weten te ontroeren door expressieve schoonheid. Het resultaat lijkt zo gemakkelijk ontstaan, maar de werkwijze is een uitputtingsslag. Want al snel kan door het schijnbaar overmatig gebruik van verf het beeld worden dood geschilderd, dat de heldere kleuren vervagen in een mistige grauwheid. Het gevaar ligt op de loer niet het juiste moment te kennen om te stoppen – niet te weten dat het genoeg is, en af is.

    Zelf opgelegde test in de kunst

    In het boek “Buiten de tijd om leven” is ook oud materiaal opgenomen. Werk van voor de aanraking door Vincent. Daarin is een andere verfbehandeling gebruikt, in sfeer tegengesteld aan het empateren. Bij glaceren namelijk worden de kleuren dun over de drager uitgespreid. Er ontstaat een enigszins dromerige stemming. Het is niet de realiteit die in abstracte kleurvlakken is weergegeven, maar de werkelijkheid achter het zichtbare beeld. In eerder werk komt dit sprekend tot uiting. Het heeft al wel de kracht, maar heeft meer van de grens tussen toegelaten experiment en een negatieve droom. Zo zoals het beeld aangeeft waarmee het boek aanvangt. De kunstenaar gaat op de knieën voor de beproeving, zijn zelf opgelegde test in de kunst. Wat kan ik en welke stijl kan mijn denken aan. Een archaïsch landschap, een extatische filmstill, een dansfeest. Matijs wil zich de dingen herinneren op zijn eigen manier. In een serie zie ik de beweging in zijn geheugen. De lichaamstaal zonder persoonlijkheid. De mimiek is er, de actie, maar de gelaatsuitdrukking is weg gelaten. Zo zoals ik me uit mijn droombeeld van vannacht een voor mij bekend mens kan halen, aan het individu weet ik waaraan ik slapend dacht maar een gezicht zag ik niet. In houding en het gedrag schuilt het bekende. De dingen die Matijs zich herinnert lijken beelden van een trouwfeest te zijn.

    Matijs van de Kerkhof, Uitgeverij De Zwaluw

    En dan halverwege het boek is er de bos bloemen in vaas, de schilder herinnert zich zo de zonnebloemen van Vincent. Pasteus geschilderd in weelderige kleuren. De afgebeelde bloemen kunnen van elke origine zijn, maar ik zie er geen enkele helianthus in. Dat hoeft ook niet, Matijs hoeft de uitdrukking van Vincent niet te herhalen, domweg na te schilderen. Het is een aanleiding voor nieuw werk. De schaduw van Vincent waart door de verf, maar het is in positieve zin bij lange na geen Vincent. Zo lijken de portretten van Vincent op Van Gogh’s zelfportretten. Maar hebben het eigen expressieve karakter van Van de Kerkhof. Daarmee legt hij een verband in de tijd door de tijd heen, maar eigenlijk een relatie buiten de tijd.

    Onvervalst

    Dat glaceren en empateren gebruikt Van de Kerkhof ook wel samen in enkele doeken, vooral de portretten om er de dualiteit van Vincent in uit te drukken. De doeken met werkers op het veld – zaaiers, spitters, poters – zijn puur abstracte schilderijen. Een sterke versimpeling van het krachtige beeld van Vincent. In de eigen stevige zeggingskracht van Matijs. De sterrennacht heeft alleen in titel betrekking op dat beroemde schilderij, het is een pure persoonlijke interpretatie en heeft niets meer van doen met het voorbeeld. Dat zijn eigenlijk de meest tot de verbeelding sprekende werken van Matijs van de Kerkhof. Dat er geen lijn kan worden getrokken met bekend werk, maar dat het louter op zichzelf staat, onvervalst.

    Tekstuele bijdragen in het boek zijn er van Ron Dirven, de directeur-conservator van het Vincent van GoghHuis in Zundert. Hij vergelijkt de verfbehandeling en de krachtige streken van Vincent en Matijs. “Het is niet in veel verf gebruiken gelegen dat men goed schildert”, citeert Ron Vincent, “maar om een grond goed krachtig te maken – om een lucht blank te krijgen moet men soms niet op een tube zien.” Van de Kerkhof was te gast in het Van GoghHuis en Dirven prijst zijn prachtige reeks schilderijen die in Zundert zijn ontstaan.

    Eigenlijk te ijverig

    Auteur online platform voor onderzoek, talentontwikkeling en inspiratie Witte Rook Esther van Rosmalen tipt de koortsachtige drift van Van de Kerkhof aan. De lust om te schilderen, te scheppen, te componeren. Ze laat Matijs het zelf vertellen. Dat hij buiten de tijd om leeft tijdens het schilderen in de bewuste afzondering. Alleen met zichzelf als gezelschap kan hij met onverdeelde aandacht dagen en nachten door schilderen. Fanatiek en maniakaal. Eigenlijk te ijverig. De creatieve explosie kost frustratie. Het vastleggen van de bezigheid van Vincent is niet de stijl van Matijs. Maar het is dat heilig moeten wat hem brengt tot een buiten hemzelf persoonsgebonden verzameling werken. In wezen is het Vincent, in zijn is het Matijs. Deze tweeslachtigheid maakt het werk zo interessant. Is Vincent bezig met een expressieve impressie, Matijs zoekt naar de grens van de zichtbaarheid, in hoeverre te abstraheren – wat heeft de toeschouwer nodig voor herkenning.

    Matijs van de Kerkhof, Uitgeverij De Zwaluw

    Kunstliefhebber, boekenmaker en schrijver Alex de Vries liet een korte biografie in het boek plaatsen. Door zelfstudie maakt Van de Kerkhof zich het schildersvak eigen. Wat hij schildert hoeft niet een prettig beeld op te leveren, vindt hij. Het moet uitdrukking geven aan zijn ego in combinatie met de omgeving waarin hij is. Hij werkt met het gegeven dat er veel in de wereld is waarvan we liever wegkijken. Matijs kiest ervoor om in het domein van de figuratieve kunst te werken, maar laat daarin beeld en kleur niet samenvallen met de werkelijkheid. Zijn werk vervreemdt het zichtbare beeld, spreekt mijn onderbewuste aan meer dan dat ik direct begrijp wat ik zie. Ook gaat De Vries, naast een levensbeschrijving, in op de manier van schilderen. De stijl en de werkwijze in de gebruikte techniek. In dat schilderen probeert hij volgens Alex een omgang met het leven te vinden. Het zijn aan te kunnen. Het leven te leven. Zo zoals voor Vincent het schilderen de drijfveer was om te leven. Totdat het omgaan met het leven niet meer ging. Toen was het punt, op het hoogtepunt. Van de Kerkhof zet deze punt niet, nog niet. Hij kan voort, lustig. Elk van zijn schilderijen is een bloem in een veld vol wilde planten. Ik mag er één plukken, maar zou een hele bos mee willen nemen. Het boek “Buiten de tijd om leven” illustreert hoe een eigenzinnig kunstenaar treedt in de voetsporen van het verleden. De confrontatie aangaat met een revolutionaire voorganger en zichzelf daardoor van binnenuit vernieuwd.

     “Buiten de tijd om leven”, Matijs van de Kerkhof. Uitgeverij De Zwaluw, 2021.