Tag: liedjes

  • Adri de Boer is de Fryske Stef Bos

    Meer nog dan liedjeszanger is hij een verhalenverteller. Natuurlijk, de zang neemt het grootste deel van zijn repertoire in, maar wie eens een optreden van Adri de Boer heeft meegemaakt weet dat de man goed van de tongriem gesneden is. Een kort verhaal leidt ieder lied in. Een autobiografische anekdote met meestal een kwinkslag om zijn optreden op te vrolijken. Hoewel Adri graag liedjes brengt die mensen in het hart raken, doet hij dat opgewekt en welgemoed. Aardigheden over zijn jeugd bijvoorbeeld. Over wat hij heeft meegemaakt in leven en werk. Natuurlijk is altijd het verleden onderwerp, de reden waarom het lied dat gezongen wordt er is. Het verleden, daar groeit het heden op naar de toekomst. Wat gister was weet je vandaag, morgen is aanstaande.

    Die vermakelijke verhalen, om gezang af te wisselen met gesproken woord en in het optreden een doorgaande lijn te bewaren, gaan natuurlijk niet mee op cd. Jammer eigenlijk, want deze achtergronden geven de songs meer sfeer. Dan weet je wat de inspiratie is voor de liedtekst. Eigenlijk kan De Boer niet zonder optreden en is de opname bijzaak. Als archivering van zijn kunsten. Het podiumvirus en de plankenkoorts houden hem scherp. Het contact met zijn publiek is van belang voor inhoud en boodschap. Adri verkoopt de cd’s na afloop van een optreden, zodat de bezoeker het verhaal dan al mee gekregen heeft. In gedachten heeft, terugdenkend aan dat concert. Zich eraan herinnert wanneer de schijf in de speler gaat en de titels één voor één of random worden gespeeld. Het optreden is daarmee onlosmakelijk verbonden met de geluidsdrager.

    Vol vuur brengt hij zijn repertoire ten gehore

    Maar Adri de Boer is geen podiumbeest, hij springt niet als Mick Jagger over de bühne. Hij zit rustig achter het keyboard of staat met een gitaar om de nek. Van huis uit is Adri organist, maar omdat hij het op den duur lastig begon te vinden om statisch zittend achter de toetsen te zingen leerde hij zichzelf het gitaarspel. Dat geeft hem meer vrijheid, hoewel hij nog regelmatig achter het keyboard kruipt. Vol vuur brengt hij zijn repertoire ten gehore. Dat vuur van de liedjessmid smeult van binnen en geeft hem elan als zanger en muzikant. De Boer heeft zichtbaar en hoorbaar plezier in zijn werk dat voor hem een hobby is.

    In het Friese muziekland heeft hij met zijn eigen repertoire en vertaald werk van over de grens zijn naam wel gevestigd. Het bracht hem prijzen en opdrachten. Komend vanuit de gospelhoek via hardrock werd hij troubadour. Hij ging toeren met een eigen Friestalige band: Adri en Sa. En zo rolde hij als vanzelf in het Friese circuit, in het Friestalige lied. Hij vond zichzelf in die taal, want de liedjes konden nu zo uit het hart komen, zijn hart. Melancholische luisterliedjes, maar ook luchtig en vrolijk.

    Bos en De Boer gaven elkaar de hand

    De vertaalslag van memmetaal naar moerstaal hoeft niet meer te worden gemaakt. Zo blijft het gevoel, de emotie, in de oorsprong behouden. En legt deze intuïtie naast liedjes van anderen, door dezelfde golflengte vertalen deze zich als vanzelf naar de taal waarin De Boer zichzelf is. Eenzelfde sfeer waarin hij zich thuis voelt. Daarom past het werk van Stef Bos hem ook zo goed. Als een warme jas trekt hij deze aan. Het straalt eenzelfde gemoedelijke stemming uit, weemoedig bijna. Maar gelaagd in duiding met een sociale moraal. Niet om stichtelijk te zijn, geen heilige boodschap maar wel diepzinniger dan het 13 in een dozijn liefdesliedje. Stef Bos heeft ook die inslag van verhalenverteller. Meer willen zeggen dan de woorden uitdrukken, meer brengen dan gehoord is. Tussen de regels door, in het ritme en de rijm, is de kerngedachte van het lied te vinden. Het is een opdracht die hij zichzelf heeft opgelegd om zijn steen bij te dragen aan een meer leefbare wereld. Ook Adri de Boer heeft die zendingsdrang om de harten van zijn toehoorders te raken.

    Bos en De Boer gaven elkaar de hand. Vriendelijk en eensgezind. Adri zoekt uit het omvangrijke oeuvre van Stef de voor hem meest aansprekende verzen om te vertalen. Dat levert een beluisterbaar repertoire op om ermee langs uitverkochte zalen in Friesland en daarbuiten te trekken. En het betekent een bijzonder album, een muzikaal opgeruimde cd waar De Kast-basgitarist Sytse Broersma voor de productie tekent en -drummer Nico Outhuijse de mastering doet. Ook verzorgt Broersma samen met slagwerker Richard Veltman de ritmesectie. Terwijl Sido Post de nummers muzikaal versiert met diverse instrumenten. Dochter Lotte Broersma vult de zang in het slotnummer op, waar Stef Bos zelf het eerste nummer mee inzingt. Daarvoor leerde hij fonetisch een Fryske zin en sluit de song af in zijn moedertaal. Zoiets als Bløf en The Counting Crows, maar dan heel anders.

    Goedgehumeurde liederen

    De Nederlandse teksten laten zich goed overzetten in het Frysk. Waar Bos zingt over de taal van mijn hart kan De Boer dat, in dit geval met hulp van Andries Jelle de Jong, best zingen als de taal fan myn hert. En natuurlijk vind ik de hit van Stef Bos ook op dit album terug. De vertaling Papa is geen Heitie geworden, want dat riep Adri naar zijn vader wanneer hem iets niet zinde. Dus is het gewoon Heit geworden, maar heeft het verder dezelfde woorden en de eendere tendens gehouden. En natuurlijk is “Is dit nu later” landelijk net zo’n succesnummer als “Is dit no letter” in de provincie zal worden.

    Adri de Boer brengt het werk van Bos in eigen arrangementen. Wanneer ik zijn cd beluister en een optreden bijwoon hoor ik niet Stef Bos die in de Friese taal zingt, maar ik beluister Adri de Boer die de woorden van Bos in het Frysk zingt. Op de bestaande melodie is een nieuwe instrumentatie gezet. Het maakt de liedjes tot vrolijke provinciale versies. De Fryske taal leent zich voor goedgehumeurde liederen. Droefgeestig verandert in die volksmond tot vrolijkheid. De Fries is geen zwartkijker, maar ziet de zonnige kant van het leven, de ljochte kant fan it libben, the bright side of life. Achter iedere wolk die over Friesland trekt ziet men de zon oplichten. In dat stralende humeur zingt Adri de Boer zijn liedjes. Hij heeft die verzen van Bos gekozen die deze stemming hebben. En in vertaling zelfs beter uit de verf komen. Want ook Bos vindt het een prachtige taal, die hij wel verstaat maar niet spreekt.

    De instrumentatie sluit naadloos op de zang aan, is een perfecte ondersteuning. De arrangementen zijn even opgeruimd als de zang die daar overheen is gezet. Blijmoedig dartelt De Boer door het repertoire. Hij is een opgewekte zanger, die hoorbaar muzikant is in hart en nieren, yn hert en siel. Stef Bos is content met de vertaling van zijn liedjes, zelfs positief jaloers. “Niets mooier voor een liedjesschrijver dan wanneer een ander in een andere taal een lied een ander leven geeft.” Hij houdt van de vrije vertalingen, laat hij zijn mening afdrukken op de hoes van de cd, en houdt van de stijlvolle muzikale invulling. Het gaat niet om de zanger maar om het lied. “Het is een eer voor mij om met deze songs ook een beetje in het Fries te bestaan.

    LETTER. De Boer sjongt Bos. Adri de Boer zingt werk van Stef Bos in het Frysk. Uitgave in eigen beheer, 2023.

  • Woorden bloeien in de tuin van Rikkert Zuiderveld

    Elke dag vers, iedere dag een nieuw gedicht, een liedje of een drietal oneliners. Om te lezen, te beleven, te overdenken. Voor Rikkert Zuiderveld betekent dat ook iedere dag een nieuw idee, een andere gedachte. Om te schrijven, te dichten, te bepeinzen. En na lezing te zien dat het goed is. Elke dag is ook hij weer fris en fruitig uitgeslapen taalvaardig, zoals ik, iedere morgen gezond weer op. In de nacht dient de muze zich als een donderslag aan. Altijd in de stilte van de duisternis, want dan is er ruimte vrij gemaakt en staat het leven een paar uur in de wacht. In een flits verschijnt de inspiratie en kunnen de ogen beter niet meer gesloten, stel je voor dat de ingeving vervaagt met de slaap. Echter prent de gedachte zich stevig in en heeft geen houdbaarheidsmoment. Elke morgen blijft het vers, een appeltje voor de dorst.

    Schrikkeljaar: 1 dag om op adem te komen

    De poëzie van Rikkert heeft geen tijd nodig om in te dalen, maar verdient de aandacht wel. De woorden schijnen makkelijk op papier te zijn gekomen, maar eenvoud kent een meervoudig voorwerk. Tijd te bespiegelen, aandacht te filosoferen. Woorden doorstrepen, opnieuw beginnen. Eigenlijk zou ik, zoals geschreven in het voorwoord tot de bundel, een enkel vers per dag moeten lezen. Zo zoals het dichtwerk is ontstaan, iedere dag een vers vers. De bundel heet per slot ‘Elke dag vers’. Maar dan ben ik er het hele jaar 2024 zoet mee. En kan pas in januari 2025 met een beschouwing van de gehele bundel komen. Dus heb ik er bij wijze van spreken een haastklus van gemaakt om veel eerder dan pas na 365 dagen met een bespreking te komen. O, ik bedenk me iets: dit jaar heeft een dag meer. Ach, dan neem ik dus die dag maar even rust om op adem te komen.

    De verzen liggen makkelijk in de gedachte, blijven eenvoudig hangen waardoor ik er meerdere op een dag kan lezen en verwerken. Rikkert Zuiderveld is vanaf zijn begin als artiest een liedjesschrijver. Heeft in de jaren 60 van de vorige eeuw meerdere diepzinnige teksten op papier en de plaat gezet. Dat zijn songs die welhaast meteen zouden moeten kunnen beklijven. Je kunt ze nog eens weer beluisteren, maar daarna zullen ze meegezongen moeten kunnen worden. De cabaret- en kinderliedjes, de liedteksten en plezierdichten in de bundel ‘Elke dag vers’ hebben nog dat vluchtige karakter. Lekker in het gehoor liggend met een kwinkslag, een diepere betekenis. Deze zelfde aanpak van toen hebben de teksten van nu, die dan gedichten worden genoemd, het sonnet, de sonnettine en de sonnettette. In de inleiding worden deze vormen keurig uitgelegd. 

    Hij gluurde door elk sleutelgat / naar alles wat bewoog. / Men vond hem bloedend op de mat, / een sleutel in zijn oog.” en “Wij wassen onze koning graag de oren, / voor heel wat mannen doet hij weinig goeds. / ‘Neem toch de tram, of huur een houten koets, / of blijf maar thuis in uw ivoren toren.’/  / ’t Zijn krokodillentranen die zij huilen: / als zij z’n vrouw zien, willen ze wel ruilen.”

    Nieuwe handzame Bijbelvertaling

    Zuiderveld heeft geen vast publiek, hij schrijft voor iedereen. Alhoewel hij wel met een schuin oog wordt bekeken, want hij zit toch in die besmette christelijke hoek. Wordt daardoor minder serieus genomen, schijnt. Maar wie tijd neemt voor en aandacht schenkt aan zijn werk komt van een koude kermis thuis. Hij heeft voor elk mens die dat nodig heeft een stichtend woord, een fundering om de dag op te bouwen. Hij baseert zijn manier van leven en denken op de Bijbel, maar eigenlijk zouden wij dat allen moeten doen. Het zou de wereld leefbaarder maken, ook wanneer we dat boek niet van kaft tot kaft voor waarheid aannemen. Er staan goede dingen in geschreven, die Zuiderveld in begrijpelijke taal voor ons nu leesbaar maakt. Mijn woorden overdenkend meen ik dat Rikkert een nieuwe handzame Bijbelvertaling heeft gemaakt. De oude teksten die naar onze tijd hertaald en vernieuwd zijn onder de loep genomen en er een eigentijdse draai aan gegeven. Een draai waardoor de boodschap overhoop is gehaald en van meerdere kanten kan worden bekeken. Zo gedraaid dat alle mensen er iets aan hebben, ongeacht waar men in gelooft en voor waarheid aanneemt.

    Al lezend werd ik slimmer dan Poirot, / met Marco Polo vond ik nieuwe landen, / ik reisde met een spannend boek in handen / naar Mars of naar de grotten van Lascaux. /  / En dan het Boek: een glimpje van Gods luister / waardoor ik licht ontdekte. En mijn duister.

    Trekt een glimlach rond mijn mond

    Het is net geen light verse, hoewel Rikkert daarvoor ook zijn hand niet omdraait. Hoewel ze wel aan de lichte kant zijn, zonder drempel voor iedereen te begrijpen, verdienen ze een geconcentreerde overdenking. Mijmerend kan ik er een deel van de dag op kauwen, in mijn hoofd herhalen – van gene en de andere kant bekijken. Al heb ik bij lezen de inhoud en de strekking meteen begrepen, toch liggen ze nog na te smeulen door de dag en vlamt het vuurtje eens in de middag weer op. Trekt een glimlach rond mijn mond. Zoals je eigenlijk soms een grap pas na meerdere ogenblikken begrijpt, na een paar uur de clou invalt en je in lachen uitbarst terwijl er op dat moment niets te lachen valt. Rikkerts’ poëzie bezorgt mij binnenpretjes, zo kom ik de dag wel door. 

    Hier proef je zomerwijn, je hoort cicaden, / de bakker bakt croissants en dagvers brood. / Wij komen er wat graag, om half ontbloot / en half verbrand aan zee te liggen braden. /  / Daar wordt gezonnebaad en luigelakt. / Vive la France! Waar heel Holland bakt.”

    Zuiderveld schrijft voor alle mensen

    De teksten maken het leven lichter, omdat de dichter op dat leven en die wereld een prettige blik en liefdevolle kijk heeft. Hij neemt dingen met een korreltje zout en brengt zo smaak aan zijn teksten. Weleens sterk gekruid, maar nooit flauw en smakeloos. Zuiderveld schrijft voor alle mensen, iedereen kan zich wel ergens in een gedicht of liedje vinden. Hij spreekt alle mensen aan op een vriendelijke toon, maar wel met een scherpe tong. Zijn potlood heeft altijd een geslepen punt, zodat hij in duidelijk schrift zijn visie op de wereld kenbaar kan maken. 

    Het midden van ons land kent vele lagen. / Zo kent de ‘Biblebelt’ zijn eigen sfeer / van recht en tucht, gestrengheid in de leer. / Die kan ik – met wat moeite – wel verdragen, /  / behalve als men stug en onverdroten / de halve waarheid zingt op hele noten.”

    Cultiveert de taal tot nieuwe dichtvormen

    Rikkert Zuiderveld is een tuinman, een hovenier. Hij tuiniert in letters. Hij is de gaardenier van de taal. Hij harkt de taaltuin aan, wiedt de woordpercelen en plet de letterzetters. Alles om de taal mooier te maken, de uitspraak weelderig te laten klinken. Hij schoont de taal op, als het ware. Speelt met woorden en geeft een speelse betekenis aan het dichten als spelvorm met letters en leestekens. Hij spit en keert de grondtaal om, hij graaft en legt nieuwe woordbedden aan. Hij cultiveert de taal tot nieuwe dichtvormen. Voor hem bestaat er geen onkruid, alle woorden en uitdrukkingen zijn welkom. Wanneer het maar kracht geeft aan de opbrengst. 

    De wijzen komen veelal uit het oosten, / Tibet en China, India, Japan. / Hun wijsheid tilt ons op een hoger plan, / met woorden die bemoedigen of troosten. /  / De Dalai Lama, Lao-Tse en zo. / En Herman Finkers. Ja, oet Almelo.”

    De ollebollekes staan er fleurig bij

    Het is vruchtbare grond in de tuin van Zuiderveld, daar kweekt de letterman exuberante sonnetten die geuren met kleurrijke sonnettettes. De ollebollekes staan er fleurig bij. De liedteksten laten van zich horen en in de takken van het cabaretgewas kwinkeleren de kinderversjes. En Rikkert ziet dat alles goed is, leunend op zijn hark. Hij beziet zijn werk en weet dat morgen de nieuwe dag zich aandient met oneliners, die hun kopjes uit de koude grond omhoogsteken. De tuinman is tevreden, hij heeft weer een herbarium vol teksten. De woorden liggen te drogen tussen de pagina’s, maar blijven elke dag vers.

    Ik was weer bezig onkruid uit te roeien / en knielde op een bed violen neer. / Door alle distels zag ik nergens meer / de schoonheid die een hart doet openbloeien. /  / Vergeet een mens algauw wat hem bezielt / en zegt geen dank meer, zelfs wanneer hij knielt?

    Zijn werk is poëtisch verantwoord

    Rikkert Zuiderveld is een poëet die een prozaïsch verhaal verkort dichterlijk kan laten klinken. En houdt hij zich dan vast aan rijm en ritme, een rots in de branding zoals God dat ook voor hem is, dan dansen de verzen over de bladzijden en door het boek. Hoor ik hem de liederen zingen zichzelf begeleidend op gitaar, zoals David de psalmen zong onderwijl de lier bespelend. Ik schrijf hier ‘liederen’, want ‘liedjes’ klinkt zo denigrerend. Alsof het meer kitsch is dan kunst wat Zuiderveld doet. In vrijwel elk gedicht gaat hij als een voetballer recht op het doel af zonder de bal af of over te spelen. De aanval is de beste verdediging. Dat is nodig daar hij zichzelf weinig zinnen geeft om de puntjes op de i te zetten, er een puntje aan te zuigen en een punt te maken. Geen vraagtekens, maar uitroeptekens. 

    In deze bundel, die eigenlijk een verzameling van ingevingen en uitdrukkingen is, bedient hij zich niet van het lichte vers. Hij giet zijn gedichten in de vaste vormen die gangbaar zijn in de poëzie. Zijn werk is poëtisch verantwoord. Schijnen uit de losse pols geschud en opgeschreven, maar hebben altijd een diepere gedachte, een filosofisch mijmeren. Zuiderveld gaat niet over één nacht ijs en dicht niet voor de vuist weg. Er zitten wel addertjes onder het gras. Maar hij of zij die op zijn of haar tellen past, met zorg en aandacht de verzen leest, vindt de grond waarop de teksten wortel hebben geschoten.

    Elke dag vers. 365 liedjes, gedichten en meer. Rikkert Zuiderveld. Uitgave Ark Media, 2023.