Tag: verbeelding

  • Van kunstadviseur tot kunstenaar

    ‘Met minimale middelen verbeeldt zij haar gevoel bij de werkelijkheid. Ze pakt het wezen van het gezichtsveld op, de begrenzing van dat wat het menselijk oog kan zien. (…) Het is de gestileerde verbeelding van het landschap dat eigenzinnig tegen de cultiverende mens aan een eigen evolutie inzet. In diverse op het oog aan elkaar verschillende uitingen laat de kunstenaar dat landschap leven. De weidse horizon, de verre einder, de hoge wolkenluchten worden op de laagste waarde van uitbeelding gezet. Aan het begin van hun wording. Een abstract gegeven in den beginne werkelijkheid. Als op de eerste drie scheppingsdagen. Want meer dan licht, een hemel met wolken en een land met zeeën, heeft de aarde niet nodig. Althans voor Nanky de Vreeze gezien vanuit welhaast het slot van de evolutie, het eind van haar leven.’

    Zo zag ik onlangs haar werk in Kunstlokaal No.8 in Jubbega. Recente objecten van haar hand, waarin ik – nu ik de uitgave in eigen beheer van Nanky de Vreeze beschouw – groei ontdek. De uitdrukkingen kunnen almaar met minder gegevens toe. Het verhaal is groots, maar de woorden worden schaarser. De beschouwer heeft aan een half woord genoeg waar de kunstenaar een duidelijke taal weet te spreken. Het is niet zomaar dat De Vreeze met weinig middelen in abstractie concreet kan zijn. Een leven lang heeft ze kunst door de handen gehad en onder ogen gezien, dus weet ze van de hoed en de rand. Heeft kennis van zaken en je er zeker verstand van waar anderen soms met de kind vol tanden staan. Wanneer je dan zelf aan de slag gaat bestaat de kans dat van al die indrukken iets in je eigen creaties sluipt. De beelden die je hebt gezien en met je mee draagt zijn legio. Daar een mengvorm uit vinden lijkt onbegonnen werk, maar toch moeten die inspiraties een uitweg vinden. Deze willen verteld worden, gezien zijn. Handelen in kunst wil nog niet zeggen dat je het zelf kunt maken. Bezig zijn met kunst betekent niet dat je gaandeweg zelf kunstenaar wordt.

    Nanky de Vreeze

    Kijken heeft mij gevormd

    Mogelijk heeft dat bij Nanky de Vreeze met zekerheid andersom gewerkt. Was zij al een creator, evenwel een slapende schepper, die deze gave heeft kunnen inzetten om de kunst te promoten zonder het zelf te creëren. Met een neus voor goed werk kon zij dit aan de man brengen. Zij zag nieuw talent en liet dit de wereld weten. Doorgrondde de werken die ze in handen kreeg door te KIJKEN, met hoofdletters, schrijft Ingrid Blans in de inleiding van het boekje ‘VER-BEELDING’. In die gebonden uitgave wordt bondig uit de doeken gedaan hoe De Vreeze uiteindelijk zelf ging scheppen. “Kijken heeft mij gevormd”, zegt de galeriehouder en kunstadviseur die kunstenaar werd daar zelf over. “Het verleden is voorbij. Wat ik nu doe is een optelsom van mijn leven.”

    Dat wil niet zeggen dat ze in het maken van kunst een laatbloeier is. Letterlijk wel, maar het creëren heeft aldoor achter de schermen mee geleefd. Ik kan me zo voorstellen dat de beelden zich in haar achterhoofd lieten opslaan om daar te worden tot eigen scheppingen. Een opslag van wat bekeken is, indrukken die zich vormen tot nieuwe uitingen. Maar ze blijven in depot, in gedachten hangen. Haar handen zullen jarenlang gejeukt hebben om zelf aan de slag te gaan, maar de drukte van het aan de zijlijn staan als coach, curator en gastdocent naast alle andere bezigheden die de kunsthandel met zich meebrengt stond dat in de weg. Er zal denkelijk vast weleens een krabbeltje hier en een schetsje daar uit haar vingers gekomen zijn, want het talent moet toch ergens een uitweg vinden, maar een professionele baan is het nooit geworden.

    Nanky de Vreeze

    Het straalt vernieuwingsdrang uit

    Tot het jaar 2017 wanneer Nanky de Vreeze huistentoonstellingen op verschillende locaties gaat geven van haar eigen creaties. Ze is dan al enkele jaren kunstzinnig bezig nadat ze in 2012 als kunsthandelaar min of meer met pensioen is gegaan. Door het immense netwerk dat zij opbouwde wordt haar kunst vrijwel meteen opgepakt en uitgerold. Eerst in haar woonplaats Middelburg maar al snel krijgt het vleugels en vliegt haar werk op eigen kracht uit. En net als zij zelf een neus voor talent heeft en dit in het verleden al op een afstand kon waarnemen, wordt haar werk nu gezien en opgemerkt door kenners, kunstruimtes en galeries. Zo heeft Kunstlokaal No.8 het werk naar Noord-Nederland gebracht. Eerst via de kunstbeurs Art Noord in Museum Belvédère en niet veel later in de eigen expositieruimte te Jubbega, waar ik het dus heb kunnen zien.

    Zou je denken dat de kunst van Nanky de Vreeze raakvlakken en overeenkomsten heeft met kunstwerken die al gemaakt zijn, ook al omdat ze zovele heeft gezien en als het ware de kunst heeft kunnen afkijken, is dat niet het geval. Natuurlijk vallen er lijnen te trekken en relaties te leggen, maar het werk van De Vreeze heeft desondanks een unieke eigenheid. Het straalt vernieuwingsdrang uit en heeft, afgezien van het feit dat zij van lijf en leden op leeftijd is, een jong karakter. Je kunt wel denken dat dit komt omdat ze nu pas een jaar of tien zelf met de handen bezig is, dat daardoor haar kunst jong en fris oogt. Maar door de jarenlange ervaring in de kunst kan zij door al die indrukken een uitroepteken achter haar werkbare leven zetten. Uit die mengelmoes als resultaat van kijken, beschouwen en bezinnen is een verbeelding ontstaan die met minder meer heeft.

    Nanky de Vreeze

    Stemming heeft weinig uitdrukking nodig om het zijn te bepalen

    De kunst van De Vreeze heeft weinig omhaal nodig, een enkele lijn op een gevonden plankje kan voldoende zijn een heel landschap te verbeelden. Het materiaal waarmee ze werkt is leidend. Daarvan gaat ze uit, maar vooral het onderwerp landschap is het uitgangspunt. De lijn aan de horizon heeft genoeg stof tot nadenken en is het begin van een volgende beelding. Niet altijd herkenbaar, maar in het werk van De Vreeze draait het vooral om de beleving, het gevoel. De emotie die zij heeft of had in en met een bepaalde omgeving maakt het verhaal dat in enkele beeldende woorden op de drager komt. Nanky de Vreeze heeft weinig woorden en minder uitdrukking nodig om het werk neer te zetten. Doet de leeftijd dat? Alles gezien hebbende blijft het simpele beeld over? Staat dit op haar netvlies na alle kunst waarnaar ze heeft gekeken?

    Feit is dat al dat eerdere voelende en nieuwsgierige kijken, dat hele verhaal een slotzin moet krijgen. De Vreeze zet er slechts een punt achter, een enkele stip beperkt tot een lijn, een horizon, een minimale expressie. Het meervoudige van het landschap en de natuur versimpelt ze enkelvoudig in haar abstracte werk. Daarvoor gebruikt zij als dragers gaandeweg gevonden en door het leven gebruikte en afgedankte voorwerpen, als doosjes en oud karton, kistjes, lood en papier. Dat materiaal heeft al een geschiedenis, dus in die sporen van het verleden kan ze kort en krachtig, strak en beknopt verder. De stemming heeft weinig uitdrukking nodig om het zijn te bepalen. Ingrid Blans omschrijft het werk van Nanky de Vreeze als ‘visuele poëzie met minimale ingrepen’. Abstracte gedichten zonder woorden, het materiaal is als vanzelf het uitdrukkingsvolle vers. Om tot kunst te worden heeft het een weinig aanpassing nodig. In die beperking weet De Vreeze het beeld tot een hoogtepunt te brengen.

    VER-BEELDING / I-Magination. Nanky de Vreeze, objecten 2019 – 2022. Met tekst van Ingrid Blans, Harriet Ramakers, Leon Riekwell, Ineke Spaander, George Verberg. Tweetalige uitgave in eigen beheer, 2022.

    Nanky de Vreeze
    Nanky de Vreeze
  • Een boek dat verleidt te kijken, opnieuw kijken en nog eens kijken

    Een schilderij van een huis onder een boom voor een horizon laat me denken dat ik een landschap zie. Terwijl het natuurlijk alleen maar wat verf in diverse kleuren aan een stuk linnen geplakt is. Een schilder werkt met modder aan een kwastje en vormt daarmee in de tweede dimensie een schijnbaar ruimtelijk werk. Mijn ogen worden bedrogen. De kunstenaar is een genie dat hij dat bij mij voor elkaar krijgt, dat ik in de vlakken en lijnen een figuratie zie. Kan ik mijn fantasie gebruiken of heb ik verbeelding nodig. Het zijn verschillende dingen. Omdat mijn ogen zo getraind zijn door mijn verstand zie ik niet de verf, maar begrijp ik het beeld. In principe heb ik aan een half woord genoeg. Maar wanneer ik niets in de kleuren en vlakken aan figuratie kan ontdekken, het beeld abstract is, moet ik moeite doen voor de compositie. Me meer inleven, een groter beroep doen het werk te beleven. Ik spreek dan mijn gevoel aan meer dan mijn verstand.

    Wat neem ik waar

    Filosoof Onno Zijlstra weet dat beeldend te omschrijven in zijn boek “Verbeelding Over waarneming en kunst”. Want wat neem ik waar wanneer ik een kunstwerk zie. Wat wil de kunstenaar dat ik waarneem. Gaat deze in beeld met mijn zien aan de haal of laat hij of zij mij anders kijken. De schilder voegt iets toe aan de werkelijkheid. Voor die realiteit spreek ik mijn verbeelding aan. Volgens Zijlstra, die zich verdiepte in de gedachten van Immanuel Kant en na hem meerdere denkers wat kunst en waarneming betreft, kan de mens zonder verbeelding niet door het leven. Kant omschrijft de verbeelding als een in de diepten van de menselijke ziel verborgen kunst. Het speelt een belangrijke rol tussen zintuigen en verstand. De verbeelding schept actief een eerste beeld uit de chaos aan indrukken. Het is geen fantasie, het is de werkelijkheid doorzien en overdenken. In een kunstwerk, zelfs een abstract, zie ik altijd iets – is er een vorm van herkenning. Maar daarenboven merk ik ook een gevoel op, de emotie van rust, vrolijkheid, ruimte en beklemming bijvoorbeeld. Het is onaanraakbaar maar wel tastbaar in het schilderij mee gekomen, in een extra laag. De manier waarop de kunstenaar het heeft vormgegeven, het gevoel versterkt heeft verbeeld, roept deze emotie onbewust bij mij op. Het werk heeft betekenis gekregen, een ziel.

    Onno Zijlstra, ArtEZ Press, verbeelding

    Het kunstwerk is er door de persoonlijke verbeeldingskracht van de kunstenaar gekomen, is daar nu los van en moet door mij opnieuw tot leven worden gewekt. Het werk blijft om verbeelding vragen en de verbeelding voeden. Meer dan een lijn op papier moet ik zien. Uit het niets een beeld laten ontstaan. “Zet een lijn op papier, maak een deuk in klei en wij zien al betekenis”, schrijft Zijlstra, “een berg, een peer, een gezicht: een vrolijk gezicht of een treurig, vriendelijk of vijandig, een steile berg of een die goed te doen is.”

    Mijn verbeelding wordt gestimuleerd

    De 18e eeuwse filosoof Kant spreekt over esprit, dat aanzet tot denken en voelen en verbeelden zonder beredenering. Denker Sartre vindt het scheppen van orde waar chaos heerst een belangrijke reden om kunst te maken. Volgens Scruton dan sluit verbeelding aan op de realiteit, het werpt een nieuw licht op de werkelijkheid, vormt en vernieuwt gevoelens. Fantasie daarentegen leidt gevoelens af met werkelijkheidsvreemde dingen. “De ideale fantasie is volmaakt gerealiseerd en volkomen irreëel, een fantasievoorwerp dat niets aan de verbeelding overlaat.” “Wanneer je uit jezelf iets maakt, leg je je ziel daarin”, vindt Hegel, “dat gebeurt heel bewust in de kunst. Kunst is geobjectiveerde vrijheid, zelfontplooiing via veruiterlijking.” Zo haalt Onno Zijlstra meerdere filosofen aan om zijn idee te staven en te onderstrepen. Het is een leerzaam boek, dat je met aandacht leest om de kunstige intermezzo’s te begrijpen. Beeldessays genoemd, ter ondersteuning van de teksten. Want in een boek over de relatie tussen verbeelding, waarneming en kunst kunnen inspirerende kunstwerken niet ontbreken. Zo zodat mijn verbeelding wordt gestimuleerd. Ik zie de geschreven woorden als het ware terug in de vormgeving van de uitgezochte illustraties. Met dit boek wil Onno Zijlstra mij verleiden tot kijken, opnieuw kijken en nog eens kijken.

    Onno Zijlstra, ArtEZ Press, verbeelding

    Als rode draad door het boek heen rijgt Zijlstra de noodzaak van kunst in ons leven. Het is geen voorgeschreven wet die mij dwingt op een bepaalde manier naar kunst te kijken. Ik mag het op mijn manier beleven, en het mooi vinden of lelijk. Het kan me een goed gevoel geven, dat ik besef dat mijn bestaan zin heeft binnen het grote geheel van natuur en geschiedenis. Het is kortom een verrijking. Er zijn geen regels hoe een kunstwerk te zien, begrijpen en waarderen. De schoonheid ervan is een product van de verbeelding. Kunst hoeft zich niets te laten gezeggen door kennis of door moraal. In het kunstwerk is dat zichtbaar, wat ik niet in begrippen kan vatten en wat niet meteen voor ogen is. Kunst maakt het onzichtbare en onzegbare zichtbaar, schrijf ik Zijlstra na. Want zo is het en aldus voel ik het, beleef ik het. Verbeelding laat mij anders kijken. Het kunstwerk heeft een eigen werkelijkheid, daarin kan ik voor een tijdje zijn zolang ik ernaar kijk. Ik kan er mijn eigen werkelijkheid tegenaan zetten, me bezinnen. Kunst is een spiegel door middel waarvan ik mezelf leer kennen, schrijft Zijlstra mij verder voor.

    Boek is kunstwerk op zichzelf

    Het boek “Verbeelding” heeft een bijzonder uiterlijk gekregen. Op de omslag staat een gefragmenteerde illustratie van een paard en door het hele boek zijn snippers van die illustratie te vinden. Op de achterkant staat de hele tekening, een vloeiende lijn en een cirkel en een paar rechte lijnen en daarna een kromme. Verbeelding. Waarom het een paard is wordt in het eerste verhaal van het boek duidelijk. Verder heeft het boek nog letterlijk een kop en een staart door twee omgevouwen flappen. De kunstige intermezzo’s worden aangegeven met ezelsoren, een omgevouwen hoekje aan de pagina. Het boek is zo, door het Arnhemse De Vormforensen vorm gegeven, een kunstwerk op zichzelf geworden.

    Boek “Verbeelding. Over waarneming en kunst.” door Onno Zijlstra. Uitgave ArtEZ Press. Deel 25 in de serie ArtEZ Academia. 2020.

    Onno Zijlstra, ArtEZ Press, verbeelding