Tag: Ralph Keuning

  • Jasper Krabbé legt momenten voor de eeuwigheid vast

    In “Super Saturation” lijkt Jasper Krabbé in de voetsporen van zijn alter-ego JAZ te treden. Zo zoals hij aan het begin van zijn carrière als kunstenaar deed, schrijven van graffiti op Amsterdamse muren en schuttingen. Het beste vlak zoeken en mee te bewegen met de structuur van hout en steen. Die streetdance om de schildering het best tot uiting te laten komen neemt hij later mee zijn atelier in, wanneer hij academisch is opgeleid en afgestudeerd als schilder en graficus. Nu zoekt hij weer die juiste ondergrond waarop zijn snelle verfschetsen het meest goed tot recht komen. Dat is dan oud gebruikt linnen of tweedehands karton in plaats van beton en baksteen. De stroken textiel stikt hij aan elkaar en de platen hard papier plakt hij tot collage. Het is de drager, de ondergrond om daarop zijn pieces te zetten.

    Jasper Krabbé, WBOOKS

    Vastleggen van ervaringen en herinneringen die hij opdeed langs straten en pleinen, voordat ze vervagen en wegzakken in vergetelheid. Mensen die voor hem belangrijk zijn, levende helden of zij die al uit de tijd gingen. In snelle lijnen en trage vlakken legt hij deze momenten van de tijd in de tijd vast. In verzadigde kleuren om de herinnering zuiver te houden. Het denken aan het moment of de figuur moet zo duidelijk mogelijk worden neergezet, maar raakt toch beneveld door de voortgaande tijd. Het staat niet allemaal meer zo duidelijk op het netvlies. De realiteit raakt abstract, voor de maker meer duidelijk dan voor de kijker.

    Snelle schetsen met potlood om het moment vast te houden

    Krabbé heeft een snelle hand van werken. In grote halen lijkt hij vroeg thuis te willen zijn. Ook dat is terug te rekenen op het tekenen aan straatmeubilair. Over het algemeen is die actie niet legaal en dient de schilder in de illegaliteit snel te werken om niet betrapt en ingerekend te worden. Een stuk moet in kort tijdsbestek tot een afronding komen. Maar al te vaak wordt de maker daarbij gestoord in het proces.

    Jasper Krabbé

    Dat verleden van gejaagd moeten werken tekent zich nog duidelijk af in de stijl van Jasper Krabbé. Vooral de straatscènes waarbij hij scherp de situatie beschouwt en in het meest sprekende moment de essentie pikt en opzet. Snelle schetsen met potlood om het moment vast te houden, haastig ingekleurd met kleurpotlood om de sfeer vast te leggen. De kladjes die later in het atelier met verf op doek worden uitgewerkt. De scherpe blik neemt waar, maar mist een fotografisch geheugen zodat de schets als ijkpunt dient. Met dit vastgelegde punt van herinnering kan Krabbé dan thuis aan de slag. Het resultaat heeft de sfeer van het moment behouden, omdat het schetsmatige karakter van de eerste opzet in de uitwerking is gebleven. De rumoer van het leven op straat is te vinden in de vlekken kleur en de onduidelijke gestalten. De mensen die je in het voorbijgaan ontmoet beklijven niet, maar vervagen in de tijd.

    Door te dringen tot het onzichtbare wezen achter het zichtbare uiterlijk

    Wanneer Krabbé dan voor hem bekende mensen in verf wil vastleggen neemt hij meer de tijd zich te realiseren. Hij beschouwt de figuur nauwlettend om het karakter te pakken. Maar nog altijd verwezenlijkt in de gauwigheid lijkt het. In een enkelvoudige lijnvoering spreekt hij meervoudig aan. Een gezicht heeft niet zoveel nodig om de aard van de mens vast te leggen. Al snel is de unieke persoonlijkheid in enkele rake lijnen en vlakken te herkennen. Bovenal is Jasper Krabbé een begenadigd portrettist. Hij weet in essentie de eigenheid te pakken en vast te leggen. Door te dringen tot het onzichtbare wezen achter het zichtbare uiterlijk. De transparante mens.

    Jasper Krabbé, WBOOKS

    De tentoonstelling in Slot Zeist toont een overzicht van Krabbés meest recente verslaglegging. Het heeft de titel “Super Saturation” gekregen. Vrij vertaald is dat een hoge graad van verzadiging, dus schilderijen verwerkt in de meest zuivere kleuren. Maar vooral in het meest zuivere moment van de herinnering. Die onzekere verstandelijke tel die in tastbare vorm zeker is en blijft. De situaties vervliegen in de tijd, maar op papier en doek liggen deze vast voor eeuwig, onbesmet. Wel in de vormgeving van de gedachte aan die ongrijpbare tel, waardoor de situatie vereenvoudigd is weergegeven. Het vastleggen op gebruikt materiaal geeft nog beter het benutte moment weer. De tijd is gebruikt voor die handeling en door die mens. Het beeld daarvan is dus eigenlijk tweedehands op versleten doek en oud papier.

    “Alsof je naar beschilderde grotwanden van de prehistorische mens kijkt”

    Super Saturation” is ook de titel van de publicatie die als catalogus ter gelegenheid van de tentoonstelling is verschenen. Daarin zijn de werken opgenomen die in Slot Zeist live te zien zijn. Het boek heeft een voorwoord van de kunstenaar zelf en een essay van de hand van Ralph Keuning. Hij memoreert zijn eerste ontmoeting met Krabbé en zijn werk in het atelier. Niet lang daarna zet Keuning een overzichtstentoonstelling van dat werk op in Museum de Fundatie. De kunsthistoricus roemt de kunstenaar om zijn originaliteit. Het werken op oude lappen textiel, verkleurd en met naden, in een expressionistische stijl ziet hij als kunst voor de eeuwigheid, “alsof je naar beschilderde grotwanden van de prehistorische mens kijkt”. De geportretteerden van Jasper Krabbé krijgen het doorleefde karakter van de drager mee, merkt Keuning verder op. Er gebeurt iets wonderlijks. “In de strakke gezichten van krachtige jonge mensen dienen zich de rimpels van de sterfelijkheid onder het verfoppervlak aan. Daardoor worden interessant genoeg de vitale kracht van de verfstreek en het leven van nu benadrukt.”

    Jasper Krabbé, WBOOKS

    In zijn voorwoord stelt Jasper zelf “alles wordt voortdurend afgebroken en weer opgebouwd. Niets kan de tijd weerstaan. Ook de restanten van een leven zijn slechts fragmenten in de passage van tijd.” Die beweging wil hij vastleggen. In zijn werken moet hij echter voor hem vaststaande patronen doorbreken wil hij naar het nieuwe toe bewegen, wil hij groeien, zich vernieuwen. De zintuigen op scherp om de dingen echt te zien, de ware aard. Geschilderd op een gebroken achtergrond. De oude muurtjes van eerder. “Gebroken grond. Verval. Vernieuwing. Een projectiescherm voor de gebeurtenissen die mijn leven bepalen.

    Uit dat projecteren, dit laten zien van wat voor deze kunstenaar belangrijk is, zal ik en met mij de bezoeker van de tentoonstelling en de lezer van het boek de persoon Krabbé kunnen doorzien en leren kennen. Want zijn geest waart door het werk. Deze fragmenten van leven zijn bouwstenen die deze mens Jasper vormen. Een dagboek van gebeurtenissen en voorvallen die hij belangrijk genoeg acht te vereeuwigen in beeld. Een agenda waarin hij bij de gegevens van voor hem belangrijke personen het portret heeft geplakt. Zo heeft hij ze gezien, dit is de beeltenis van deze personen zoals hij ze in zijn gedachten tot beeld heeft gevormd. Dat hoeft dus niet de ware identiteit te zijn, maar de idee die voor hem de figuur heeft aangenomen. Zo zijn ook die andere afbeeldingen van onder meer de straatscènes te beschouwen. Het is zijn gevoel bij dat voorval, zijn herinnering als getuigenis.

    Jasper Krabbé, WBOOKS

    In het hart van het boek vind ik nog fotografie van de hand van de schilder. Fragmenten van de stad, details uit de omgeving. Dat is alles wat hem opvalt en binnen het kader van de foto opvallend genoeg is. Structuren. Schaduwen. Bewerkte platen. Met de blik en de aandacht waarmee Krabbé ook het doek en het papier te lijf gaat. Dingen die mij allang niet meer opvallen, omdat mijn kijk te zeer gewend is aan het zien van het grote geheel. Daardoor vallen mij die kleinere dingen, delen uit het geheel, nog nauwelijks meer op. Krabbé wijst mij daarop in zijn fotografie, maakt mij erop attent. Beschouwt die zaken zoals hij de vervagende herinneringen bekijkt en vastlegt. Momenten voor de eeuwigheid.

    Super Saturation. Schilderijen en tekeningen van Jasper Krabbé. Met een essay over de kunstenaar door Ralph Keuning. Catalogus bij tentoonstelling in Slot Zeist. Uitgave WBOOKS, 2023.

  • Krabbé overwint opgelegde beperking

    Gewend aan reizen om daardoor geïnspireerd te worden, landschappen ver weg en dichtbij. Verwend zijn eigenlijk om in de wereld beelden te mogen en kunnen ontdekken, in gedachten of bij schets te bewaren en thuis deze herinneringen uit te werken. Dat stopt opeens en hij valt uit zijn ritme van schilderen en van leven. Hij is uit zijn doen. Op het toneel en voor de film kan de veelzijdige kunstenaar als acteur in een rol onderduiken, niet zichzelf zijn maar de ander. Thuis in het atelier is Jeroen Krabbé nooit de ander, heeft alleen met zijn gedachten van het eigen doen en laten te stellen. Door dat vervelende virus echter, dat de wereld stil zet en het leven op de kop, is hij werkelijk teruggeworpen op zichzelf. Hij kan niet meer stiekem vanaf een script leven of zich verschuilen in filmische zoektochten naar collega’s in de kunst. Eenzaam en alleen zit hij er, fysiek afgesloten van de buitenwereld. Daar gaat dit verhaal over dat is ingegeven door het lezen en bekijken van de uitgave “Stilte, mijn atelier in lockdown”. Die van bovenaf opgelegde beperking steekt en wringt, het schuurt het vermogen te creëren.

    Giorgio Morandi

    Hoe zal de Italiaanse schilder Giorgio Morandi dat ervaren hebben, denk ik bij het bladeren door de uitgave en het lezen van de teksten daarin. Morandi legde zichzelf een quarantaine op, kwam zelden de deur uit en ging al helemaal niet op reis. Hij had genoeg aan en nam genoegen met de beschermde omgeving van zijn atelier. Daar was zijn inspiratie voorhanden in de schappen vol verzamelde potten, borden en vazen. Hij schilderde vrijwel alleen stillevens met over het algemeen dezelfde potjes, bordjes en vaasjes. Steeds opnieuw van een andere kant of met gewijzigd invallend licht. Door die beperktheid echter is zijn werk wel tot grote hoogte in kwaliteit en uitstraling gekomen, wereldberoemd. Maar Jeroen Krabbé ervaart de beperking als een handicap. Hij moet zijn vleugels kunnen uitstrekken om de wereld te verkennen, en daaruit inspiratie opdoen om de werken te maken die hij voorheen deed.

    Jeroen Krabbé

    Opnieuw op oude eerder beschilderde doeken

    Bij jezelf zijn maar wel weg kunnen is een ander ding dan op jezelf zijn en nergens naartoe mogen. De opgelegde gebondenheid, de voorgeschreven beknotting weegt zwaarder dan een zelf in alle vrijheid opgedragen begrenzing. Krabbé werkt alleen op zichzelf in zijn atelier maar kan uitvliegen wanneer hij wil, met anderen spreken en overleggen zonder maat. Maar nu het niet anders kan en de deur gesloten moet blijven voelt het als een dwangbuis, een keurslijf en dat werkt nooit prettig, in geen enkel geval. In deze inperking beseft Krabbé des te beter de essentie van het leven. Want wat moet hij nu? Hij loopt stuk, maar raapt toch vol goede moed zijn delen bij elkaar.

    Hij begint opnieuw op oude eerder door hem beschilderde doeken. Zijn vroegere gedachten krijgen een nieuwe betekenis. Hij recyclet als het ware zijn eigen kunst. Noodgedwongen, want in de lockdown kan Krabbé geen nieuwe doeken aanschaffen want alles zit immers op slot. Gelukkig heeft hij nog een voorraad door hemzelf afgekeurde doeken. Hij likt zijn wonden en gaat min of meer opgewekt door. Want eigenlijk betekent de lockdown dus een nieuw begin, een geluk bij een ongeluk. Zijn toets wordt losser, het verhaal gaat dieper. Raakt de kern van zijn wezen op dat moment. Ik zie de man in zijn werkplaats, veelal met lege doeken op statische ezels. De doeken smeken erom beschildert te worden lijkt het wel. De sfeer is geladen, want de zin is opeens verdwenen. Nieuwe moed moet in stilte worden gevonden. Gaandeweg wordt het grijze bestaan ingekleurd. Krijgen de doeken kleur, wordt de spanning doorbroken. Want je kunt wel bij de pakken blijven neerzetten, maar daar schiet geen mens iets mee op.

    Jeroen Krabbé

    Krabbé schildert met realistische toets

    In de beperking, wanneer deze eenmaal is geaccepteerd als kwade noodzaak, vindt Krabbé voldoende vrijheid om in de kunst bij zichzelf te blijven. Op zelf onderzoek te gaan en te ontdekken wat de betekenis van deze periode voor zijn werk kan zijn. Hij kan en durft meer van zichzelf te laten zien, de beteugelde schilderijen hebben diepgang. In werkelijkheid een dubbele laag, want geschilderd over oude doeken. En in sommige composities is die geschiedenis en zijn die gedachten van toen nog zichtbaar in de schildering van nu. Maar ook in de abstractie is er een gelaagdheid. Krabbé schildert nog wel met een realistische toets, maar met een expressionistische ondertoon. Zijn werken komen dichter bij de mens, het ik, want de invloeden van buitenaf zijn verdwenen. Hier en nu kan hij zichzelf zijn. Voordien zou hem dat nooit gelukt zijn, maar in de lockdown moet hij wel wil hij verder en voort. In de stilte van het atelier en zijn omgeving kan hij bij zichzelf blijven, dat moet wel want er is niets anders. Het atelier is zijn landschap, de natuur van dat leven, de essentie van dit zijn.

    Jeroen Krabbé

    Vader Jeroen en zoon Jasper

    Voor de uitgave, de catalogus bij de tentoonstelling in Museum de Fundatie, is zoon Jasper met vader Jeroen in gesprek gegaan. Zij delen de smart. Beide zijn mensenmensen, altijd onder de mensen. Het leven wordt bepaald door de ander, want de kunst is voor de massa. De zoektocht naar bepaalde kunstenaars moet uitgedragen. De gescripte rolprenten moeten de filmzalen in. De eigen communicatie, de pr, dient mensen te trekken. Het ego verdient applaus. Dus laten ze zich zien daar waar mensen zijn of toegang toe hebben. In het bevragen van zoon tot vader komt naar voren dat beide het er moeilijk mee hebben. Het is lastig zo niet onwerkbaar om in de verplichte stilte, de gedwongen afzondering, tot een toppunt te geraken. Maar niets is minder waar blijkt uit de afgedrukte werken in het boek. Het zijn veelzeggende composities waarvan de beelden zich afspelen binnen de muren van het atelier. Dat is zijn omgeving, door de kier van de deur kan hij nog de buitenwereld beschouwen maar dat is het dan.

    Jeroen Krabbé, Jasper Krabbé

    De mannen hebben het over hun kunst in het algemeen, maar in het bijzonder over wat nog werkbaar is tijdens de lockdown. Het is een wonderlijke gave, dat schilderen in de kunst, want ondanks dat Krabbé niet meer weet wat hij moet en zal doen, komt hij tot emotioneel werk. We zien de man die het niet meer zo denkt te zien zitten in zijn atelier. Zeulend met, kijkend naar en voortdurend met een penseel in de hand. Wie is die figuur. Is het Krabbé zelf of is het zijn alter ego, de figurant in de film die “mijn atelier in lockdown” heet. Met dit werk doorbreekt hij zijn eigen stilte. Het kon weleens een breekpunt in zijn oeuvre zijn. Met de beperkte middelen en nauwelijks onderwerp komt hij tot een veelzeggende productie. Zoals Morandi zich door eigen toedoen liet beperken tot steeds dezelfde stillevens in een ander licht te zetten, zo heeft Krabbé zich moeten laten beperken tot de attributen in zijn atelier. Daarmee maakte hij stillevens, experimenteerde hij met vorm en kleur, lichtval en schaduwwerking.

    De magie van kunst

    Het boek is een document van een periode in veelzeggende beelden. Een documentaire met stille momenten, het ondergaan van een beperking. Maar je daar bovenuit werken met het enige wat voorhanden is als beeldend kunstenaar. Jouw gedachten vorm geven in verf op doek. De beperking heeft Krabbé goede dingen gebracht, zijn uitingen ogen wel opgeruimd en geven beeld aan op welke manier beperkt onbeperkt kan werken. Het portret dat zoon Jasper van zijn vader Jeroen maakte schetst het beeld van de man die volgens mij aan het begin van zijn opsluiting staat. Hij is zichtbaar verbolgen en overdenkt het doel en wat nog mogelijk is. De ernst is moedeloosheid. Maar eenmaal aan het werk komt de kleur in het leven terug. Daar getuigen de platen in het boek van. De magie van kunst.

    Jeroen Krabbé. Stilte. Mijn atelier in Lockdown. Teksten Ralph Keuning en Jasper Krabbé. Fotografie Annemarieke van Drimmelen. Waanders Uitgevers / Museum de Fundatie, 2021.

    Jeroen Krabbé