De artistieke nalatenschap van boer Marten Groenhof geboekstaafd

Zomaar een boer ergens tussen Friese weilanden en meren. Niet meer dan dat, gewoon, een arbeidsman. Werkend op het land in het hooi en met de koeien. Het wordt ons op deze grond van kindsbeen af aan geleerd jezelf niet meer en beter te achten dan de mensen om je heen. Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. Dus, gewoon boer, niet uit op aards aanzien: “ik stean as boer te boek”. Met die quote begint het boek ‘Marten Groenhof, boer/skilder yn it Heidenskip’ dat onlangs bij Uitgeverij DeRyp is verschenen. Het is het antwoord op de vraag van een journalist wat het beroep van Marten Groenhof is. Wie is die man? Hij is meer dan gewoon boer, zo blijkt al lezende in zijn biografie. Hij is schipper, molenaar, timmerman, maar vooral kunstschilder. Hij staat zich niet voor op zijn kunnen. Krijgt wel opdrachten en laat een groot aantal schilderijen en tekeningen na. Een autodidact die duidelijk meer is dan een zondagsschilder.

Geschiedschrijver met palet en kwasten

Maar weggezakt in de tijd, verloren in de geschiedenis. Bekende naam gebleven in dorp en streek. Het is zoiets als wereldberoemd in Brandeburen ofwel It Heidenskip. Een plek ergens weggestopt langs de Heidenskipsterdyk en de Heidenskipsterfeart die uitmondt op het Hofmeer en even verder in de Fluessen stroomt. Ooit zet cabaretier Freek de Jonge het dorp op de kaart in zijn onvolprezen lied ‘De stem van vader’. Onder de bevolking die meer gewoon is dan bijzonder bevindt zich deze parel, de doodgewone boer Marten Groenhof. Vooral lokaal bekend en beroemd dus, wereldberoemd. Maar verder dan het dorp gaat dit vooralsnog niet. Het levensverhaal van Groenhof klopt en is uiterst interessant, want ieder gewoon mens heeft een bijzonder verhaal. Het is evenwel een te kort verhaal, want Marten sterft op 53-jarige leeftijd veel te vroeg, ernstige buikkrampen zijn hem fataal geworden.

De biografie van Marten Groenhof, en zijn vrouw Itte van der Wal, is in het boek vlot en met kennis van zaken opgeschreven. In de Friese taal weliswaar, wat een wijdere spreiding van Groenhof’s werk mogelijk in de weg kan staan. Hij blijft wereldberoemd in elk geval in Fryslân. Hoewel zijn schilderijen plaats bepalend zijn en gedateerd in de historie, verdienen deze evenwel toch een bredere aandacht en spreiding. Gelukkig is de beeldspraak van alle talen, dat wil zeggen dat beelden overal zonder woorden spreken.

Marten Groenhof, Utjouwerij DeRyp

De schrijver van de biografie, Jan Pieter Dykstra, noemt Groenhof een geschiedschrijver met palet en kwasten. Al op jonge leeftijd heeft Marten plezier in tekenen. Op de lagere school valt het talent op, maar door de crisisjaren zit een studie op het gebied van de kunsten er niet in. Marten leert daarom voor boer om het goed van zijn vader over te nemen. Hij wil echter voor zichzelf beginnen, schippert eerst en belandt dan toch op de boerderij. Doet om zijn schilderkunst technisch op een hoger peil te brengen een schriftelijke cursus. Maar voor die lessen heeft hij naast het werk op het land en in de stal nauwelijks voldoende tijd.

Wereld van Groenhof niet meer de onze

Zijn schetsen en tekeningen getuigen van een scherpe waarneming en goed oog voor detail. Door een uitschietend mes bij het snijden van een klein houten modelschip, Marten is 10 jaar jong, verliest hij een oog en beziet de wereld daarna als een plat vlak, zonder veel diepte. Toch weet hij dit met zijn creatieve talent te omzeilen en valt de handicap nauwelijks op in zijn werk. Groenhof schildert zij omgeving. Weidse landschappen onder hoge luchten, zeilschepen op het water, koeien en paarden in de wei, boerderijen tussen bomen, molens met fiere wieken, de hoofdstraat van Heidenschap. Plaatjes die bekend Fries aandoen, in vroeger dagen, vandaar de karakterisering van biograaf Dykstra. Want de wereld van Marten Groenhof is nu niet meer de onze, hoewel er nog zeker wel overeenkomsten en herkenningspunten zijn aan te geven. Het schijnt een wereld van kalmte en gemoedelijkheid, een sfeer die op het Friese platteland hier en daar nog gevonden kan worden. Zo zoals het vroeger is, toen geluk nog heel gewoon was.

Marten Groenhof, Utjouwerij DeRyp

Groenhof geeft de meren en weilanden echter een dimensie meer. Een intieme zachtaardige stemming, eenvoudig in weergave – meervoudig in uitdrukking. Daardoor vindt zijn werk, deze door de Friezen om utens achtergelaten schoonheid, onder die groep emigranten in binnen- en buitenland veel aftrek. Er hangen dan ook rondom op deze aarde ‘Groenhofs’ op diverse plekken. Zo kan hij dan toch wereldberoemd naar de letter genoemd geworden. Opdrachten komen er onder meer van banken voor muurschilderingen, het dorpshuis voor decorstukken, particulieren voor het schilderen van boerderijen en getuigde paarden. Er komen enkele tentoonstellingen, maar veel verder dan de provincie reikt professioneel de aandacht voor Groenhof niet. Zijn stijl wordt omschreven als impressionistisch, naturalistisch met een scherp oog voor details. Zijn schilderijen van het boerenwerk hebben een lyrische ondertoon. Zoals een dichter het land bezingt, zo schildert Marten zijn wereld. Documenten om zijn tijd en geschiedenis te kunnen begrijpen, te duiden. Die duiding is er voldoende in het boek. Fotograaf Jan Tijsma heeft de schilderijen goed in beeld gezet, terwijl Wilco BV de juiste kleuren wist te drukken. Om de biografische beschrijving te illustreren zijn platen opgenomen van familie, interieur van de boerderij, schilderspullen en foto’s uit de oude doos met de derde liefde van Marten het zeilen. Het is al met al een prachtig document geworden over een landschapschilder waar Friesland trots op mag zijn.

Marten Groenhof, Utjouwerij DeRyp

Naast het boek met levensbeschrijving, een korte beschouwing over zijn werk en een groot aantal voorbeelden van zijn schilderijen en tekeningen, is er een schetsboek-achtige uitgave getiteld “De Krúspôllen”. Het is een document dat de onderzoekers ontdekken bij het speuren naar wel en wee, doen en laten. Zo vormen gebonden boek en schrift in ringband een interessante twee-eenheid. Bij de schetsen en aquarellen, gemaakt tijdens de hooioogst op eilanden in het meer, schrijft Marten Groenhof vierregelige rijmen. Het wordt zo een gedicht in 19 geïllustreerde verzen, die het hooien van begin tot eind volgt. Met prachtige platen die de handelingen beeldend beschrijven. “Dit is het moaiste hwat der wie, / fan hiel de gerskerij / De boaten fol en dan nei hûs. / In moaie wyn en seil en fok der bij.”

Marten Groenhof, boer/skilder yn it Heidenskip. Teksten Jan Pieter Dykstra Hzn. Fotografie schilderijen Jan Tijsma, interieur boerderij Johan Bouwhuis. Uitgeverij DeRyp, 2020.

Marten Groenhof, Utjouwerij DeRyp

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *